De laatste decennia ligt het Belgische kerk-staatsysteem geregeld onder vuur. Toch is het systeem, dat onder meer teruggaat op de Grondwet (1831) en het Schoolpact (1958), principieel ongewijzigd gebleven. Hierdoor betaalt elke belastingbetaler – of hij nu gelovig is of niet – nog steeds voor de subsidiĆ«ring van door de overheid erkende levensbeschouwingen, levensbeschouwelijke vakken en confessionele scholen.

In ‘Geld voor je god?’ worden deze vormen van financiering kritisch onder de loep genomen. Hoe zou het Belgische kerk-staatmodel verbeterd kunnen worden?

Waarom zou een actief ondersteuningsbeleid van levensbeschouwingen (nog) wenselijk kunnen zijn in een context van toenemende secularisering en

levensbeschouwelijke diversiteit? Het zijn enkele vragen waarop de auteur ingaat.