‘Hopelijk kan je in 2022 beter luisteren naar de mensen die dagelijks voor de klas staan’

‘De hervorming van het secundair onderwijs rolt intussen gestaag verder, als een rijdende trein waarvan de noodrem op onverklaarbare wijze zoek geraakt is. De precieze bestemming lijkt momenteel niemand te kennen’, schrijft Pieter Van den Bossche.

Geachte meneer Boeve,

Beste Lieven,

Alweer een (kalender)jaar voorbij. Wat vliegt de tijd toch als een mens zich amuseert. Een uitgelezen moment dus om enkele wensen en grieven mee te geven, heet van de naald en rechtstreeks vanuit de leraarskamer. Met de glimlach geschreven en enkel goedbedoeld bij elkaar gepend.

Ik ben, zoals je misschien al gedacht had, leraar in een vrije school in het Vlaamse ondermaanse. Een katholieke dialoogschool, zoals jij dat graag zegt. Met bijna twintig jaren op de teller kan ik je alvast meegeven dat ik geen zij-instromer ben, op wie onze minister schijnbaar al zijn hoop ingezet heeft om het nijpende lerarentekort aan te pakken. Ik ben één van die vreemde snuiters die direct na afstuderen gekozen heeft voor een job vooraan in de klas. Een beetje tegen beter weten in, eerlijk gezegd. Want toen was er hoegenaamd geen sprake van een lerarentekort. Ze plaveiden de straat met onderwijzers in die dagen. Bovendien koos ik (ja, dat gold toen ook al) voor een vlakke en een bijgevolg, in de ogen van sommigen, minderwaardige loopbaan.

Het was de tijd van ‘de lerarenpool’, een schimmige oplossing om leerkrachten die nergens aan de bak raakten toch een beetje geld te laten verdienen. Het was ook de tijd waarin voor het eerst opnieuw werd gesproken over een hervorming van het onderwijs. Een thema dat, zoals jij zeker en vast wel weet, lange tijd taboe was geweest. Een gevolg van de totale ontsporing die het VSO veroorzaakt had. Het VSO was de weinig inspirerende afkorting van Vernieuwd Secundair Onderwijs. VSO stond dan ook voor een vernieuwde structuur en een uiterst verfrissende didactische aanpak. Geen vroege opdeling in studierichtingen meer en een uitgekiend uitstel van studiekeuze voor de jonge en dus per definitie onwetende scholieren.

Kennis viel van zijn arrogante voetstuk en vaardigheden en attitudes kwamen in de plaats. Als dit bij jou ergens een belletje doet rinkelen, beste Lieven, hoef je niet ongerust te zijn. Onderwijs is namelijk al decennialang een trage tanker die steevast in abstracte rondjes vaart.

Want wat bleek enkele jaren na de invoering van dat vermaledijde Vernieuwd Secundair Onderwijs? Dat de slaagcijfers van de leerlingen in dit systeem schril afstaken tegenover die van leerlingen die op een ‘klassieke’ manier les kregen. Voornaamste oorzaak van dit ronduit beschamende debacle? Het verschil tussen theorie en praktijk. Tussen ideologie en leraarskamer. Want, beste Lieven, kwalitatieve lessen staan of vallen altijd met de leraar vooraan in de klas. Wanneer die zich niet gehoord of begrepen voelt, loopt het mis.

Een paar weken geleden had ik nog eens de eer en het genoegen een uitleg bij te wonen van enkele mensen uit jouw team. Op de agenda de hervorming van het secundair onderwijs, toegespitst op de derde graad. Rode draad van deze vermakelijke infosessie? Stadhuiswoorden en onzekerheid. Dat laatste is volgens jouw medewerkers de fout van de politiek. We kregen een matrix te zien (helaas zonder blauwe of rode pil) die alle mogelijke studierichtingen liet zien, gekoppeld aan wazig klinkende domeinnamen. Met daaronder telkens de oude benamingen ASO, TSO, BSO en KSO. Voor de duidelijkheid. Iemand uit het publiek vroeg of we die matrix mochten gebruiken om ouders en leerlingen wegwijs te maken in de gruwelijk ingewikkelde structuur. Het antwoord luidde ondubbelzinnig ‘neen’. Wegens te ondoorzichtig. Zucht.

De hervorming rolt intussen gestaag verder, als een rijdende trein waarvan de noodrem op onverklaarbare wijze zoek geraakt is. De precieze bestemming lijkt momenteel niemand te kennen. Misschien richting dezelfde afgrond als die waarin het VSO terechtgekomen is. Wat evenwel als een paal boven water staat, is dat het uitgangspunt van heel deze herziening volledig verdampt is. Het wegwerken van de beruchte schotten tussen onderwijsvormen is tot jammerlijk mislukken gedoemd. Ook het spreekwoordelijke watervalsysteem blijft bestaan in de geesten van mensen die neerkijken op praktisch-technische richtingen.

Misschien schud je nu driftig met je hoofd, beste Lieven, en zeg je luidop dat de schuld voor een haast onvermijdelijk nieuw falen bij het beleid ligt. Opeenvolgende ministers van een andere kleur en met een andere visie hebben hun stempel proberen drukken zonder rekening te houden met de effecten op lange termijn. Misschien heb je zelfs gelijk. Het rapport van de commissie-Brinckman met aanbevelingen voor onze zwart bebrilde minister rept ook met geen enkel woord over de hervorming. Allicht omdat het in twijfel trekken van iets wat zoveel bloed, zweet en vooral geld gekost heeft, politiek dynamiet is. Zeker met de volgende verkiezingen in zicht.

Toch blijf ik, samen met heel wat collega-leerkrachten, met een uiterst wrang gevoel achter. Omdat jij jouw werk als vertegenwoordiger van het leeuwendeel van Vlaamse scholen, leraars en scholieren niet naar behoren hebt gedaan. Je was erbij toen de krijtlijnen getrokken werden van iets waar weinig mensen in de leraarskamer zitten op te wachten. Je was erbij toen de eigenheid van scholen op de helling werd gezet door het schrappen van lesuren Nederlands en praktijk. Je was erbij toen de eindtermen geschreven, gestemd en afgeschoten werden. Je was erbij en je keek ernaar.

Ik wens je in 2023 een scherper gehoor zodat je beter kan luisteren naar de verzuchtingen van je mensen op het terrein.

Je kleine kapoen

Pieter Van den Bossche is Leraar Latijn, Grieks en filosofie in Gijsegem.

Bron: Knack