De blokkade van de Straat van Hormuz treft niet alle Europese landen even hard. Vooral België, Italië en het Verenigd Koninkrijk voelen de gevolgen op het oude continent. Voor België heeft dat te maken met de belangrijke lng-terminal in de haven van Zeebrugge. Dat leert een rapport van de Oostenrijkse instituten Supply Chain Intelligence Institute Austria en Complexity Science Hub (CSH) en de Technische Universiteit Delft uit Nederland.
De nauwe zeestraat ten zuiden van Iran vormt de toegangspoort tot de Perzische Golf en de olie- en gashavens van de verschillende Golfstaten. Door de oorlog in het Midden-Oosten is de scheepvaart er zeer zwaar verstoord, een wapen waar Iran ook op inzet. De blokkade blijft de olie-en gasprijzen, in samenspel met aanvallen op olie- en gasinstallaties, de hoogte indrijven.
Voor Europa zijn de risico’s sterk geconcentreerd op enkele landen. Volgens auteur Stefan Thurner zal de duur van de blokkade de economische gevolgen bepalen. Duurt het langer dan vier weken, dan zouden er disproportionele grotere gevolgen zijn, door opstapelende vertragingen in de mondiale toeleveringsketen. In de EU is Italië het sterkst getroffen. Het land voert jaarlijks voor 9,8 miljard euro in uit de geblokkeerde golfstaten. Het gaat vooral om handel met Qatar, met zowat 4,4 miljard dollar aan vloeibaar gemaakt aardgas (lng) en zowat 3,2 miljard dollar propaan.
Diamanthandel
Ook België is “stevig blootgesteld”. Ons land voert jaarlijks voor zowat 5,8 miljard dollar aan lng uit Qatar in. Bovendien is er via Antwerpen veel handel in diamant uit de Verenigde Arabische Emiraten. De Emiraten vertegenwoordigen 2,1 miljard dollar, al is dat door de diamanten eerder een financiële stroom, en geen kritieke globale toeleveringsketen, en die handelsstromen kunnen gemakkelijker aangepast worden. In totaal gaat het om 8,2 miljard dollar.
Het Verenigd Koninkrijk kent de grootste blootstelling in heel Europa, met een handel van 12,9 miljard dollar, waarvan ongeveer 5,9 miljard dollar aan Qatarese gasproducten. EU-zwaargewichten Duitsland en Frankrijk hebben het voordeel van een “bredere diversificatie”, al zijn de cijfers wel groot. Voor Duitsland is sprake van een jaarlijkse import van 5,7 miljard dollar. Voor Frankrijk gaat het om 8,1 miljard dollar. Voor de hele EU is er sprake van ongeveer 47 miljard dollar per jaar.
De studie keek naar de handelsstromen uit Iran, de VAE, Qatar, Koeweit en Bahrein. De maritieme handel van die landen verloopt volledig via de Straat van Hormuz. Saoedi-Arabië en Oman zijn niet opgenomen omdat ze niet volledig afhankelijk zijn van de zeestraat: zij kunnen goederen omleiden naar andere havens of via pijpleidingen. Idem voor Irak, dat een pijpleiding naar Turkije heeft. De inschattingen zijn conservatief door enkel te focussen op landen die volledig afhankelijk zijn van de zeestraat voor hun maritieme export, aldus het rapport. De cijfers zijn afkomstig uit een database over bilaterale handel over de jaren 2022-2023.
Bron: Trends.be
