Zestien maanden strijd tegen Arizona: de kracht van het aantal

Zestien maanden strijd tegen Arizona: de kracht van het aantal

Op 12 maart kwamen meer dan honderdduizend mensen in Brussel op straat. Ze beantwoordden de oproep van vakbonden en verenigingen voor de veertiende nationale mobilisatie in slechts zestien maanden tegen de sociale dumping van de regering De Wever-Rousseau. De uitzonderlijke sociale beweging lijkt niet van ophouden te willen weten.

Het aantal deelnemers aan de betoging op 12 maart mag niet worden onderschat. In totaal hebben de laatste maanden honderdduizenden werknemers uit de publieke en private sector, uit het noorden en het zuiden van het land, uit de commerciële en niet-commerciële sector deelgenomen aan algemene stakingen, betogingen en acties.

Benjamin Pestieau, adjunct-algemeen secretaris van de PVDA: “Een beweging op deze schaal, die zo lang duurt, is ongekend. De jongeren namen de kop van de grote betoging op 14 oktober 2025, waaraan 140.000 mensen deelnamen. Op 12 maart liepen de vrouwen voorop. De bevolkingsgroepen die het meest aangevallen worden door De Wever en Rousseau lopen vooraan in de strijd. Deze honderdduizenden mensen vertolken de verzuchtingen van de meerderheid van de bevolking. Die verwerpt de verhoging van de pensioenleeftijd tot 67 jaar, de bezuinigingen op de sociale zekerheid, de aanvallen op de loonindexering en de verhoging van de btw. Tegelijk eist ze een miljonairstaks.”

Sociale geschiedenis wordt geschreven in de tegenwoordige tijd

“Deze feiten en cijfers zijn niet onbelangrijk”, zegt Pestieau. “Als we midden in de actie zitten, is het soms moeilijk te zien, maar we schrijven vandaag de sociale geschiedenis van ons land. Zelden is een sociale beweging erin geslaagd zich zo lang uit te breiden, de verzuchtingen van zoveel mensen te vertegenwoordigen en zoveel op een regering te wegen.”

Karl Marx zei in 1852 niets anders: “De mensen maken hun eigen geschiedenis, maar ze maken die niet uit vrije wil, niet onder zelfgekozen, maar onder rechtstreeks aangetroffen, gegeven en overgeleverde omstandigheden. De traditie van alle dode geslachten drukt als een zware last op de hersenen van de levenden.” (Karl Marx, De 18e Brumaire van Louis Bonaparte, 1852)

“Met andere woorden, de mensen maken de geschiedenis, maar altijd op basis van omstandigheden die ze niet zelf hebben gekozen”, zegt de adjunct- algemeen secretaris van de PVDA. Deze omstandigheden omzetten, is niet vanzelfsprekend of verloopt niet automatisch. Precies daarom is optimisme een gevecht. De meest gevestigde systemen vallen uiteindelijk onder het gewicht van hun tegenstellingen en de klassenstrijd.”

In de kapitalistische maatschappij is macht gestructureerd rond twee polen: die van het kapitaal – dat de media en de instellingen bezit, de economie runt, … – en die van de massa van de werkende klasse – zelfstandigen, jongeren, landbouwers, … Die massa vormt niet spontaan een homogene groep, maar moet nauwgezet werken om zich kwantitatief en kwalitatief op te bouwen, om zo de meest talrijke en best georganiseerde groep te worden.

“De tegenstanders zijn zich hier terdege van bewust”, zegt Pestieau. “Ze proberen ons op duizend en een manieren te verdelen en te isoleren, te zorgen dat we elkaar beconcurreren. Het doel is altijd hetzelfde: een potentieel machtige en bewuste sociale meerderheid te veranderen in een aaneenschakeling van zwakke, geïsoleerde, verdeelde en soms tegen elkaar opgezette individuen. Heersen over een optelsom van individuen, dat is de ultieme droom van het kapitalisme. In de begindagen werden fabrieksarbeiders aangenomen aan zeer verschillende lonen en arbeidsomstandigheden, met systematische concurrentie tussen categorieën.”

Of, zoals Marx het zegt: “Het kapitaal is een geconcentreerde maatschappelijke kracht, terwijl de arbeider slechts beschikt over zijn eigen werkkracht. De sociale kracht van de arbeiders berust alleen in hun aantal. Maar de kracht van hun aantal wordt teniet gedaan door hun versnippering.” (Karl Marx, Instructies voor de afgevaardigden van de Voorlopige Centrale Raad van de IAA, augustus 1866). Het huidige verzet bewijst dat we deze verdeeldheid door collectieve actie overwinnen.

De plannen voor onze pensioenen ontmaskerd

De kern van de huidige confrontatie? De pensioenhervorming. Minister Jan Jambon (N-VA) doet een reeks provocerende uitspraken en zegt dat vrouwen zich “zullen moeten aanpassen” en langer zullen moeten werken, waarbij hij minachtend vergeet dat ze nu al het grootste deel van het huishoudelijk werk en de zorg op zich nemen.

De cijfers zijn onmiskenbaar, merkt Benjamin Pestieau op: “De malus alleen al kost gepensioneerden, vooral vrouwen, tussen nu en 2030 1,5 miljard euro. Dit bestraffende systeem kan ertoe leiden dat veel vrouwen 25% van hun pensioen verliezen, waardoor loopbaankeuzes die ze twee decennia geleden hebben gemaakt (deeltijds werk, zorgonderbreking) met terugwerkende kracht worden bestraft. Dat verklaart waarom de regering koortsachtig een snelle stemming wil. Hoe meer hierover wordt gediscussieerd, hoe meer de woede toeneemt en hoe groter de kans is dat ze moet terugkrabbelen.”

Wat de strijd al heeft opgeleverd

In tegenstelling tot de fatalistische retoriek spelen de krachtsverhoudingen wel degelijk een rol. Het sociale verzet heeft de regering al tot een aantal toegevingen gedwongen:

• Uitstel van de pensioenmalus. Onder druk van onder meer de 140.000 betogers op 14 oktober 2025 werd de hervorming uitgesteld van 2026 naar 1 januari 2027. Door dit eenvoudige uitstel kunnen 20.000 werknemers dit jaar ontsnappen aan de pensioenmalus.

• Gelijkstelling van niet-gewerkte periodes. Aanvankelijk wilde Arizona voor de berekening van de malus vrijwel geen gelijkgestelde perioden erkennen. Dankzij de mobilisaties in maart, april en juni 2025 werd de regering gedwongen terug te krabbelen. De volgende periodes zijn nu gelijkgesteld: tijdelijke werkloosheid, legerdienst, korte periodes van ziekte en langdurige ziekte. Zonder deze strijd zou 30% van de vervroegd gepensioneerden de malus hebben gekregen. Dankzij deze toegevingen is dat cijfer gedaald tot 23%.

• Bescherming van vrouwen en zware beroepen. Na de protesten in september werd moederschapsverlof opnieuw opgenomen in het systeem van vervroegd pensioen. Bovendien blijven landingsbanen (tijdskrediet) vanaf 55 jaar beschikbaar voor zware jobs of bedrijven in herstructurering, terwijl de regering ze wilde afschaffen voor wie jonger is dan 60 jaar.

• Een stap terug op nachtwerk en vrijheden. Het plan om nachtpremies te beperken van middernacht tot 5 uur is opgegeven. Nachtwerk geldt nu van 23 tot 6 uur

• Tot slot werd de “wet Quintin”, die tot doel had organisaties die als “radicaal” werden beschouwd via een eenvoudig ministerieel besluit te verbieden, gewijzigd. De regering moest afzien van de bevoegdheid tot definitieve ontbinding zonder dat er een rechter aan te pas komt, hoewel de tekst problematisch blijft met betrekking tot tijdelijke opschortingen.

Het effect van de belangrijkste maatregelen (de pensioenmalus en de strengere loopbaanvoorwaarde voor vervroegd pensioen) is dankzij de druk van onderuit met ongeveer een kwart ingeperkt.

Wij betalen niet de prijs voor hun oorlogen

De strijd gaat ook over koopkracht en vrede. Nu de energieprijzen de pan uit rijzen, is de Arizona-regering van plan om de accijnzen op gas en brandstof te verhogen. Tegelijkertijd pleiten minister Theo Francken en Georges-Louis Bouchez voor steun aan de oorlogspolitiek van Trump tegen Iran, die de economie verder zal destabiliseren en de militaire uitgaven verhogen (34 miljard euro voor bewapening).

“Het sociaal verzet verwerpt deze logica”, zegt Benjamin Pestieau. “De meerderheid van de Belgen wil deze oorlog niet. De werkende mensen willen geen bloedbaden of torenhoge prijzen aan de pomp. Het is niet onvermijdelijk dat onze regering zich aansluit bij de oorlogen van de VS. Spanje kiest om daarmee te breken, veroordeelt de illegale oorlogen en staat niet toe dat zijn infrastructuur wordt gebruikt voor militaire transporten van de VS. Laten we de belasting op energie verlagen in plaats van imperialistische conflicten te financieren.”

Optimisme is een strijd

Tegen deze achtergrond van grote spanningen is het moreel van de troepen belangrijk, aldus de adjunct-algemeen secretaris van de PVDA. “Sommige mensen zeggen: ik ben geen optimist, ik ben een realist. Maar wat betekent dat woord precies? En waar leidt het eigenlijk toe, met betrekking tot actie en ambitie?

Heel vaak is dit zogenaamde realisme geen kille beschrijving van de wereld maar een vluchtplaats. Het is een uitleg voor passiviteit, een rechtvaardiging voor fatalisme en machteloosheid – het idee dat wat we ook doen, er niets wezenlijks zal veranderen, het gevoel veroordeeld te zijn tot het verdragen van een systeem dat zowel mensen als natuur uitbuit, onderdrukt en vernietigt.

Dit fatalisme komt niet zomaar uit de lucht vallen: het wordt binnengebracht in de maatschappij en in de hoofden van de mensen omdat het belangen dient. Het doet mensen terugplooien, zich afzonderen en terugtrekken. Het vernauwt de blik en maakt hen ongevaarlijk: ‘Ik ga proberen te veranderen wat mij omringt.’ De grote vraagstukken veranderen in dingen die onmogelijk zijn: ‘De hele maatschappij veranderen? Onmogelijk’, zeggen de ‘realisten’. En wat zij realisme noemen, wordt vooral pessimisme, een manier om vrede te sluiten met de bestaande orde door haar onaantastbaar te verklaren. Optimisme en pessimisme zijn dus geen neutrale gevoelens. Het ene voedt de bevrijdende beweging, het andere dient objectief de belangen van wie overheerst, omdat het leidt tot passiviteit.”

We kunnen winnen

De krachtsverhouding is een concrete realiteit. Bart De Wever heeft zelf toegegeven dat dit een moeilijk jaar wordt voor zijn hervormingen. “Laten we hem helpen”, lacht Pestieau. “Laten we het hem dit jaar zo moeilijk mogelijk maken. De kracht van de beweging ligt in haar vermogen om duurzaam te zijn en het bewustzijn te verhogen.” In deze strijd is organisatie de sleutel. Bovenal vreest de regering een groeiend bewustzijn en collectieve organisatie.

Conclusie? “Een actor zijn, vrij en machtig zijn, deel uitmaken van een gemeenschap en op de gebeurtenissen wegen: dat is het mooiste wat je in je leven kunt doen. Lid worden van een vakbond en je politiek organiseren, vooral in de PVDA, zijn de noodzakelijke stappen om verzet om te zetten in overwinning. We kunnen winnen.”

Bron: solidair.org

Wat verandert er in juni 2026?

Wat verandert er in juni 2026?

Een nieuwe maand, nieuwe maatregelen, wijzigingen van de wetgeving, enz.
Hierbij een kort overzicht.

• Vanaf 1 juni worden die dienstencheques automatisch terugbetaald.
Gebruikers van dienstencheques hoeven niet langer zelf in de gaten te houden of hun ongebruikte cheques dreigen te vervallen. Dienstencheques zijn twaalf maanden geldig. Voor cheques die vóór 1 juni vervallen, geldt nog de oude regeling: gebruikers moeten voor de vervaldatum zelf de terug-betaling aanvragen. Gebeurt dat niet, dan zijn de cheques definitief verloren. Voor de automatische terugbetaling is het wel belangrijk dat persoonlijke gegevens, zoals het rekeningnummer, correct zijn ingevoerd in ‘Mijn Burgerprofiel’.
• Meer producten met ecocheques
Behalve voor dienstencheques wordt per 1 juni ook de regeling voor ecocheques op enkele punten aangepast. Het gaat vooral om een uitbreiding van de lijst met producten die consumenten met de cheques kunnen aankopen. Daarop prijken voortaan ook voedings- en textielproducten met een fair-tradelabel, net als producten uit de zee met een ASC-label – dat wijst op duurzame kweek.
Daarnaast worden de voorwaarden voor elektroproducten aangepast. Onder de ‘energievriendelijke elektro’ die met ecocheques betaald kan worden, vallen vanaf juni huishoudelijke koelapparaten met energielabel A, B of C, vaatwassers van klasse A en was-droogcombinaties met label A, B of C
• Geen nieuwe instroom ziektepensioen meer
Vanaf 1 juni 2026 vallen ambtenaren niet langer onder het systeem van het ziektepensioen, maar onder de ziekte- en invaliditeitsverzekering. De stopzetting van de nieuwe instroom komt er in navolging van een beslissing van de vorige federale regering. Die zorgde ervoor dat vast benoemde ambtenaren die langdurig ziek uitvielen niet langer definitief – alleen nog tijdelijk – op medisch pensioen gestuurd konden worden.
Het ging jaarlijks om twee- à vierduizend mensen, van wie ongeveer duizend jonger dan vijftig jaar. Zij vielen terug op een beperkt ziektepensioen en wilden in veel gevallen het werk wel nog deels hervatten, maar mochten dat niet. Door de nieuwe instroom stop te zetten, wil de regering het stelsel op termijn volledig laten uitdoven.
Voor federale ambtenaren komt er nu een regeling vergelijkbaar met die in de privésector, via een verzekering tegen arbeidsongeschiktheid en invaliditeit. Volgens cijfers van cd&v-parlementslid Nahima Lanjri zitten momenteel 86.911 ambtenaren in definitief ziektepensioen. Vorig jaar ging het om 87.806 ambtenaren, met een kostprijs van 2,5 miljard euro per jaar. In 2024 stroomden nog 2.881 mensen in het systeem, onder wie ook jonge ambtenaren.
• HPV-vaccin langer terugbetaald
Ook de terugbetaling van het HPV-vaccin Gardasil9, dat kan beschermen tegen onder meer baarmoederhalskanker, wordt uitgebreid. Vanaf juni geldt de terugbetaling tot dertig jaar.
Het besmettelijke humaan papillomavirus (HPV), overgedragen via seksueel contact, wordt door bijna iedereen opgelopen. Hoewel het lichaam het virus meestal zelf opruimt, kan een langdurige infectie leiden tot zes soorten kanker, waaronder baarmoederhals- en keelkanker. Naar schatting is HPV verantwoordelijk voor ongeveer vijf procent van alle kankers.
Het vaccin Gardasil9 wordt vandaag al terugbetaald voor jongeren van 12 tot 18 jaar. Vanaf juni komen daar jongvolwassenen tussen 19 en 30 jaar bij die nog niet eerder werden gevaccineerd. Voor hoogrisicogroepen geldt de terugbetaling tot 45 jaar. Het vaccin kost ruim 120 euro en er zijn drie dosissen van nodig. Dankzij de terugbetaling betaalt de patiënt slechts 12,80 euro per prik.
Vandenbroucke verwacht dat door de uitbreiding er elk jaar zowat 60.000 bijkomende vaccins gezet zullen worden. Hij voorziet daarvoor ongeveer 6 miljoen euro.
• ‘Recht op vergeten’ verder uitgebreid
Vanaf 1 juni wordt het zogeheten recht om vergeten te worden verder uitgebreid. Ex-kanker-patiënten hoeven bij bepaalde verzekeringen niet langer spontaan te melden dat ze ooit kanker hadden, en ook reisannulatieverzekeringen zullen voortaan onder de regeling vallen.
Het systeem bestaat al sinds 2019 voor het afsluiten van schuldsaldoverzekeringen: mensen met een chronische aandoening of ex-kankerpatiënten ondervonden grote moeite om zo’n verzekering af te sluiten of moesten hoge premies betalen, maar inmiddels mag de verzekeraar geen rekening meer houden met succesvol behandelde aandoeningen. Afhankelijk van de ziekte gaat het recht in vanaf tien, vijf of één jaar na de behandeling.
Maar ex-patiënten moesten in de verzekeringsaanvraag wel nog altijd vermelden dat ze in het verleden aan kanker hebben geleden. Die meldingsplicht wordt nu geschrapt. Daarnaast wordt de regeling uitgebreid naar de reisannulatieverzekering. Sinds 2022 is het recht om vergeten te worden ook al van toepassing bij het afsluiten van een verzekering gewaarborgd inkomen.
• Alle tabakswaren voortaan neutraal verpakt
Tenslotte moeten vanaf maandag 1 juni alle tabakswaren en kruidenrookproducten in een neutrale verpakking worden verkocht. Dat maatregel moet roken minder aantrekkelijk maken, vooral voor kinderen en jongeren.
De regels golden al voor sigaretten, roltabak en waterpijptabak: de verpakking moet een neutrale achtergrondkleur hebben en er mogen geen logo’s, opvallende kleuren of merksymbolen op staan.
Vanaf juni gelden die strenge regels ook voor onder meer sigaren, cigarillo’s, pijptabak, vloeitjes, filters en hulzen, en rooktoestellen. Handelaars krijgen wel nog een beperkte overgangsperiode om oude verpakkingen uit te verkopen.

Belastingbrief invullen

Belastingbrief invullen

In België is iedereen die belastbaar inkomen heeft genoten en in het Rijksregister staat ingeschreven, in principe verplicht om aangifte te doen. Concreet:

• Werknemers (loontrekkenden)
• Zelfstandigen en bedrijfsleiders
• Gepensioneerden met pensioen of aanvullend inkomen
• Werkzoekenden met werkloosheidsuitkering
• Studenten boven een bepaald jobinkomen
• Verhuurders van tweede woningen of investeringsgoederen
• Belgen met buitenlands inkomen
Krijg je een voorstel van vereenvoudigde aangifte (VVA)? Dan heeft de FOD je aangifte al ingevuld op basis van bekende gegevens. Klopt alles, dan hoef je niets te doen. Klopt iets niet, dan moet je het wél corrigeren via Tax-on-web of een papieren wijzigingsformulier.

Deadlines aangifte personenbelasting 2026
De FOD Financiën hanteert verschillende deadlines, afhankelijk van het type aangifte en je situatie:
• Papieren aangifte: indienen vóór 30 juni 2026 (per post terugsturen)
• Tax-on-web standaard: indienen vóór 15 juli 2026
• Tax-on-web met specifieke inkomsten: indienen vóór 16 oktober 2026
• Mandataris (boekhouder): indient namens jou, ook deadline 16 oktober 2026
• Voorstel vereenvoudigde aangifte (VVA): corrigeren vóór 30 juni 2026 (papier) of 15 juli 2026 (digitaal)
Specifieke inkomsten zijn onder andere: winsten en baten als zelfstandige, bezoldigingen van bedrijfsleiders, buitenlandse beroepsinkomsten en bepaalde diverse inkomsten. Heb je daar een van? Dan krijg je automatisch tot 16 oktober 2026.

Wat als je te laat bent?
Een te late aangifte leidt tot een belastingverhoging tussen 10% en 200%, afhankelijk van of het de eerste keer is en of er sprake is van opzet. Bij een eerste vergetelheid zonder kwade trouw bedraagt de verhoging meestal 10%. Hardnekkige laatkomers krijgen een ambtshalve aanslag op basis van geschatte gegevens — vaak hoger dan de werkelijke belasting.

Stap 1: voorgevulde gegevens controleren
De FOD haalt automatisch gegevens op van werkgevers, banken, verzekeraars en pensioenkassen:

• Lonen en wedden uit fiche 281.10
• Pensioenen uit fiche 281.11
• Werkloosheids- en ziekte-uitkeringen
• Belastingvoordelen voor pensioensparen (lees ook onze handleiding pensioensparen België)
• Hypothecaire leningen en gewestelijke fiscale gunstregelingen
• Energiebesparende investeringen
• Giften aan erkende instellingen
Ga elk vak na en vergelijk met je eigen documenten. Klopt iets niet, dan kun je het bedrag aanpassen of een ontbrekend bedrag toevoegen.

Tevreden? Klik op “Aangifte ondertekenen”. Je krijgt direct een ontvangstbewijs met datum en uniek nummer. Bewaar dit ontvangstbewijs minimaal zeven jaar.

Wijzigen na verzending
Heb je je aangifte al ingestuurd en kom je er achter dat je iets bent vergeten? Geen paniek: zolang de officiële deadline nog niet verstreken is, kun je een aangepaste aangifte indienen. Tax-on-web vervangt dan de eerste versie. Na de deadline kun je nog tot drie jaar een bezwaar indienen tegen je aanslagbiljet.

Voorstel vereenvoudigde aangifte (VVA)
Sinds enkele jaren stuurt de FOD aan miljoenen Belgen automatisch een voorstel van vereenvoudigde aangifte. Dat is een voor-ingevulde aangifte met alle bekende gegevens. Komt jouw situatie overeen, dan hoef je niets te doen.

Aanslagbiljet: wanneer krijg je het?
Na verwerking van je aangifte stuurt de FOD een aanslagbiljet (officieel “aanslagbiljet personenbelasting”). Dit kan een paar weken tot een paar maanden duren, afhankelijk van wanneer je hebt ingediend.

Wat doen als ik geen voorstel vereenvoudigde aangifte krijg?
Dan moet je zelf de volledige aangifte invullen via Tax-on-web of via het papieren formulier dat in mei 2026 in de bus valt. Een VVA wordt alleen verstuurd als je situatie vorig jaar onveranderd was.

Tax-on-web | FOD Financiën

Staat mag stakingen niet belemmeren

Staat mag stakingen niet belemmeren

Hier is een heldere samenvatting van het arrest Trade Union of Social Sector Workers Hongarije en de belangrijkste gevolgen ervan.
De zaak gaat over een Hongaarse vakbond die in 2020 verschillende stakingsdagen wilde organiseren. Volgens de Hongaarse wet moest vooraf worden vastgelegd welke minimale dienstverlening tijdens de staking verzekerd moest blijven.
De vakbond deed hiervoor een voorstel, maar de regering wees dit af. Daarom werd een verplichte arbitrageprocedure opgestart om de minimale dienstverlening vast te leggen. Die procedure liep echter ernstige vertraging op door administratieve fouten, bevoegdheidsdiscussies tussen rechtbanken en een trage behandeling door de hoogste rechter (de Kúria).
Het definitieve oordeel over de minimale dienstverlening kwam pas eind december 2020, terwijl de laatste geplande stakingsdag al voorbij was. Daardoor konden de aangekondigde stakingen in de praktijk niet meer plaatsvinden zoals bedoeld.
De vakbond en enkele leden stapten naar het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) en voerden aan dat hun stakingsrecht feitelijk onmogelijk was gemaakt.
Het Hof gaf hen gelijk.
Oordeel van het EHRM
Het Hof vertrekt van het principe dat het stakingsrecht een essentieel onderdeel vormt van de vrijheid van vereniging beschermd door artikel 11 EVRM.
Het Hof aanvaardt dat staten regels mogen opleggen over minimale dienstverlening, vooral in essentiële openbare diensten. Dergelijke regels mogen echter niet zo worden toegepast dat het stakingsrecht illusoir wordt.

Volgens het Hof:
• heeft de langdurige arbitrageprocedure de uitoefening van het stakingsrecht daadwerkelijk verhinderd;
• waren de vertragingen grotendeels toe te schrijven aan de nationale autoriteiten;
• gaf de Hongaarse regering geen overtuigende verklaring voor die vertragingen;
• verloor de staking haar betekenis omdat de beslissing pas kwam nadat alle aangekondigde stakingsdagen waren verstreken.
Het gevolg was dat de beperking van het stakingsrecht niet proportioneel was.
Daarom besloot het Hof dat artikel 11 EVRM was geschonden.
Kernboodschap van het arrest
Het arrest zegt niet dat minimale dienstverlening strijdig is met het EVRM.
Het Hof zegt wel dat:
Een procedure om minimale dienstverlening vast te leggen moet snel en effectief verlopen. Als de overheid door vertragingen verhindert dat een staking nog zinvol kan plaatsvinden, kan dat een schending van artikel 11 EVRM opleveren.

Juridische consequenties

  1. Positieve verplichting voor staten
    Lidstaten moeten niet alleen afzien van onrechtmatige beperkingen van het stakingsrecht, maar ook zorgen voor een procedure die tijdig werkt.
    Een procedure die zo lang duurt dat een staking onmogelijk wordt, kan op zichzelf een schending van artikel 11 EVRM vormen.
  2. Snelle geschillenbeslechting wordt essentieel
    Wanneer een staking afhankelijk is van een voorafgaande beslissing over minimale dienstverlening, moeten rechtbanken en overheden bijzonder snel handelen.
    Het arrest legt dus sterk de nadruk op spoedprocedures.
  3. Feitelijke verhindering telt evenzeer als een juridisch verbod
    Het Hof maakt duidelijk dat een overheid het stakingsrecht niet enkel kan schenden door een staking formeel te verbieden.
    Ook een procedurele vertraging die een staking praktisch onmogelijk maakt, kan een ontoelaatbare beperking vormen.
  4. Belang voor landen met regels over minimale dienstverlening
    Het arrest is relevant voor alle landen waar minimale dienstverlening geldt, waaronder ook België.
    Wanneer vakbonden afhankelijk zijn van administratieve of gerechtelijke procedures voordat zij effectief kunnen staken, moeten die procedures voldoende snel zijn om de actualiteitswaarde van de staking te behouden.
  5. Belang van de “relevantie” van een staking
    Een opvallend element in dit arrest is dat het Hof uitdrukkelijk kijkt naar de relevantie en actualiteit van de staking.

Een staking is meestal verbonden aan een concreet sociaal conflict of een bepaalde onderhandelingsfase. Als een beslissing pas komt nadat dat conflict voorbij is, wordt het stakingsrecht grotendeels uitgehold.

Het EHRM oordeelde in Trade Union of Social Sector Workers e.a. t. Hongarije (12 mei 2026) dat buitensporige vertragingen in een verplichte arbitrageprocedure over minimale dienstverlening tijdens een staking een schending kunnen vormen van artikel 11 EVRM.

Hoewel staten minimale dienstverlening mogen organiseren, moeten de procedures daarvoor tijdig en effectief verlopen. Omdat de Hongaarse autoriteiten de beslissing pas namen nadat alle geplande stakingsdagen waren verstreken, verloor de staking haar relevantie en werd het stakingsrecht op disproportionele wijze beperkt. Hierdoor stelde het Hof een schending van de vrijheid van vereniging vast.

Ook blauwe vakbond verandert van naam

Ook blauwe vakbond verandert van naam

Recent maakte ook de blauwe vakbond bekend dat ze zich niet meer ACLVB wil noemen. Sinds mei 2026 heeft de vakbond officieel een nieuwe naam: Synova.
met als slogan: “de vrije vakbond”.
Waarom zijn ze van naam veranderd?
De belangrijkste reden is dat de vakbond zich niet langer wilde vereenzelvigen met de politieke betekenis van het woord “liberaal”. Volgens voorzitter Gert Truyens vonden veel leden dat de naam niet meer overeenkwam met hoe de organisatie vandaag werkt.
De vakbond benadrukte daarbij verschillende punten:
• ze wil zich duidelijker profileren als politiek onafhankelijk;
• ze wil niet automatisch geassocieerd worden met partijen zoals Ander of MR.
• ze wil een moderner imago uitstralen en zich onderscheiden van het klassieke vakbondswerk dat vaak sterk focust op stakingen en confrontatie.
Volgens de vakbond zelf vonden veel leden dat de term “liberale vakbond” de lading niet meer dekte. Een ledenbevraging zou hebben uitgewezen dat een grote meerderheid het woord “liberaal” niet langer passend vond.
Waarom de naam Synova?
De naam zou samengesteld zijn uit:
• “syn” (Grieks voor samen);
• “nova” (Latijn voor nieuw).
Daarmee wil de vakbond aangeven dat ze kiest voor een nieuwe, meer onafhankelijke en toekomstgerichte koers.
Wat verandert er inhoudelijk?
Volgens de leiding blijft de vakbond werknemers verdedigen, maar met meer nadruk op:
• overleg;
• gerichte acties;
• minder algemene stakingen;
• oplossingen zoeken naast protest voeren.
De bekende blauwe kleur blijft wel behouden.

Kort gezegd: De blauwe vakbond ACLVB heeft zichzelf omgedoopt tot Synova omdat ze zich minder wil identificeren met het politieke liberalisme en sterker wil uitdragen dat ze een onafhankelijke, “vrije” vakbond wil zijn.   Volgens Neutr-On is de blauwe vakbond al jaren nutteloos en liepen ze er alleen maar voor “spek en bonen” bij, een soort “soepkiekens” zou je kunnen zeggen. Volgens Neutr-On zal de blauwe vakbond op  korte termijn teniet gaan, net zoals de blauwe politieke partij die op sterven na dood is. De familie De Gucht had er een klucht van gemaakt. Neutr-On nodigt alle verdwaalde  leden uit om over te stappen naar Neutr-On.   Vlaamse liberalen onderuit in nieuwe peiling | De Tijd Anders blijft net boven kiesdrempel in peiling, PVDA veruit grootste in Brussel | Nieuwsblad