Wat verandert er in mei 2026?

Wat verandert er in mei 2026?

Een nieuwe maand, nieuwe maatregelen, wijzigingen van de wetgeving, enz.
Hierbij een kort overzicht.


• Rente op spaarboekjes
De rente op de e-DEPO-rekening van de overheid stijgt op 1 mei van 2,3% naar 2,5% bruto, met een netto rendement van 1,75% na roerende voorheffing van 30%. High Fidelity van Keytrade Bank biedt 1,9% zonder beperkingen.


• Meerwaardebelasting
Mei is de laatste maand van de overgangsregeling; vanaf 1 juni kunnen banken de belasting automatisch inhouden bij verkoop van aandelen.


• Belastingdienst
Vanaf 1 mei 2026 gebruikt de Belastingdienst nieuwe Rabobank-rekeningnummers in plaats van ING, wat van invloed is op betalingen en terugbetalingen.


• Energieprijzen
De referentieprijs voor gas stijgt gemiddeld met 15,4%, wat neerkomt op ongeveer €6,19 extra per maand voor huishoudens. De overheid compenseert tijdelijk extra woon-werkverkeer via belastingvoordeel als werkgevers de kilometervergoeding verhogen.


Studentenvoorzieningen
1 euro-maaltijd: Vanaf 4 mei 2026 wordt de regeling uitgebreid naar vrijwel alle studenten in het hoger onderwijs, inclusief houders van reguliere studentenkaarten, leerling-werknemers en doctorandi. De maaltijden zijn gezond, biologisch en lokaal geproduceerd.

Gaan  schooldirecteurs staken?

Gaan  schooldirecteurs staken?

“Ik ben tegen staken, maar deze keer doe ik mee”: directeurs slaken noodkreet over besparingen in secundair onderwijs.
Directeurs van het secundair onderwijs trekken aan de alarmbel. De aangekondigde besparing van 63,4 miljoen euro snijdt diep. Zo diep dat ze op 12 mei meedoen aan de algemene staking, sommigen voor de eerste keer. “Natuurlijk moet de kwaliteit van het onderwijs beter, maar hoe kunnen we dat realiseren als we op zo veel vlakken moeten besparen?”

In maart kondigde Vlaams minister van Onderwijs Zuhal Demir (N-VA) aan dat de geplande besparing van 159 miljoen in het schooljaar 2026-2027 in het secundair onderwijs door budgettaire meevallers wordt teruggeschroefd tot 63,4 miljoen.

“63,4 miljoen is nog altijd zeer veel”, zegt Karin Heremans, directeur van GO! Koninklijk Atheneum Antwerpen. “Voor onze school betekent dat 255 lesuren of twaalf voltijdse leerkrachten minder. Dat is een ramp, ik ben wanhopig. Dit is mijn 25ste jaar als directeur van deze school, maar dit heb ik nog nooit meegemaakt. De snelheid waarmee deze besparing wordt doorgedrukt in combinatie met de vele nieuwe beleidsacties die ons worden opgelegd, is ongezien. Daarbovenop is de communicatie slecht, de timing is slecht. We moeten nu bezig zijn met de voorbereidingen van het volgende schooljaar, maar we wachten nog steeds op duidelijke informatie. Ik heb nooit gestaakt, ik ben ertegen, maar op 12 mei staak ik mee. Mijn team zit op zijn tandvlees, ik moet een signaal geven dat het te veel is.
Met nieuwe beleidsacties bovenop de besparingen doelt Karin Heremans op de plannen van minister Demir om de kwaliteit van het onderwijs op te krikken. “Wat nodig is en waar alle directeuren volledig achterstaan”, zegt Karin Heremans. “Maar er ligt zeer veel op ons bord. We zijn bezig met de modernisering van het secundair onderwijs en met het evalueren en professionaliseren van leerkrachten in de uitrol van de nieuwe minimumdoelen en eindtermen. Het taalbeleid moet worden versterkt, onder meer met de inrichting van taalheldklassen in het eerste jaar. We moeten taalexperten hebben, maar ook gedragscoaches voor meer tucht en discipline. En volgend schooljaar wordt ook het inductiejaar voor startende leerkrachten ingevoerd.”
“Hoe gaan we dat doen, als we tegelijk worden geconfronteerd met zulke grote besparingen? De kwaliteit van het onderwijs moet beter, het taalniveau en het gedrag van de leerlingen moeten beter, de job van leerkracht moet worden opgewaardeerd. In plaats van extra middelen om dit te kunnen doen, krimpt ons budget. Dat zorgt voor onrust en onzekerheid. Veel leerkrachten hebben me al gevraagd of ze een andere job moeten gaan zoeken.”

“De communicatie is slecht, de timing is slecht. We moeten nu bezig zijn met de voorbereidingen van het volgende schooljaar, maar er is geen duidelijke informatie. Mijn team zit op zijn tandvlees”, zegt Karin Heremans, directeur GO! Koninklijk Atheneum Antwerpen
Ook Christine Hannes, directeur van GO! Spectrumschool in Antwerpen, moet het volgend jaar met 230 lesuren of twaalf voltijdse krachten minder stellen. “Door de besparing op de levens-beschouwelijke vakken verlies ik 100 van de 200 lesuren, dat zijn vijf jobs minder. Die leerkrachten moet ik elders inschakelen, wat een gigantische domino op gang zal brengen en waardoor ik hoogstwaarschijnlijk tijdelijke leerkrachten geen uren meer kan geven. De organisatorische impact van deze besparing is enorm. Ik verlies ook 100 uren voor de vervolgcoaches die anderstalige leerlingen begeleiden. Ook dat heeft een grote impact.”
“Bovendien wacht ik nog altijd op duidelijke richtlijnen”, zegt Christine Hannes, die op 12 mei symbolisch staakt. “Ik kan de puzzel voor het nieuwe schooljaar niet leggen, terwijl dat normaal wel al gebeurd zou zijn. Dat is ook nodig, want als je wil dat lessen kwalitatief worden ingevuld, moeten onze leerkrachten in juni weten wat van hen verwacht wordt, zodat ze zich kunnen voorbereiden. Onze mensen, en ik als directeur zeker ook, hebben slapeloze nachten. Ze zijn ongerust over hun toekomst. Ik kan hen niet geruststellen. Over enkele weken zijn het examens, daarna deliberaties met veel moeilijke gesprekken die moeten worden gevoerd. Dit is niet het moment om in overdrive te gaan.”

Dat vindt ook Ann Paeschhuyzen, directeur van het Scheppersinstituut in Deurne en Antwerpen. “Behalve de besparing op de uren godsdienst moeten we ook 10 procent besparen op het volledige pakket lesuren. Hoeveel dat exact zal zijn, weten we nog steeds niet. We wachten nog altijd op een berekeningstool.”

“Ook de timing van de communicatie over het reduceren van het aantal evaluatiedagen is rijkelijk laat gebeurd. Het komende schooljaar staat voor ons al in de steigers, nu moeten we nog uitzoeken hoe we ons evaluatiebeleid kunnen aanpassen. Door geen paasexamens in te richten in de tweede graad bijvoorbeeld? En door klassen twee examens op een dag te laten doen?”

Meer schooluitval
“Dan is er ook het inductiejaar voor startende leerkrachten vanaf volgend schooljaar. Hierdoor staat een beginnende leerkracht 20 procent minder voor de klas. Hoe moet ik dat organiseren? Met een krachtige vorm van nascholing ga ik akkoord, maar niet gedurende een heel schooljaar. We hebben al zo veel geïnvesteerd in aanvangsbegeleiding voor starters. Ondertussen worden de uitdagingen steeds groter. Al die maatregelen zijn veel te laat gecommuniceerd, we hadden dit al in januari moeten weten.”
“Behalve de besparing op de uren godsdienst wordt er ook 10 procent bespaard op het volledige pakket lesuren. Hoeveel dat exact zal zijn, weten we nog steeds niet. We wachten nog altijd op een berekeningstool”
Dimitri Meurrens, directeur van het IMS in Borgerhout, verliest ongeveer 200 lesuren of tien voltijdse leerkrachten. “Vooral de besparing op de uren voor vervolgcoaches heeft serieuze gevolgen. Die leerkrachten begeleiden de OKAN-leerlingen in hun studiekeuze, maar ondersteunen ook de leerkrachten in de school naar waar die leerlingen doorstromen. Als een leerling sterk is in wiskunde of mechanica, maar het Nederlands nog niet goed beheerst, zijn zij degenen die de nieuwe school informeert over welke taalhulpmiddelen er zijn, bijvoorbeeld. Op dit budget twee derde besparen, zal op termijn meer kosten, want er zal meer schooluitval zijn. Ik ben geen staker, maar deze keer denk ik het wel te doen.”

Bron: GVA

Inkomensgarantie voor ouderen

Inkomensgarantie voor ouderen

Ruim 53.000 personen ontvangen inkomensgarantie voor ouderen (IGO) of gewaarborgd inkomen voor bejaarden (GIB)
Personen van 65 jaar en ouder die niet over voldoende bestaansmiddelen beschikken kunnen beroep doen op de inkomensgarantie voor ouderen (IGO), die sinds 2002 geleidelijk in de plaats kwam van het gewaarborgd inkomen voor bejaarden (GIB). Het gaat om een aanvulling op het pensioen, zodat men een bedrag bekomt dat vergelijkbaar is met het leefloon.
Begin 2025 ontvingen 52.800 inwoners van het Vlaamse Gewest een inkomensgarantie voor ouderen en 674 personen een gewaarborgd inkomen voor bejaarden. De som van beide aantallen bleef de voorbije jaren min of meer stabiel.
Afgezet ten opzichte van de totale bevolking van 65 jaar en ouder ging het in 2025 om 3,5%.

IGO of GIB vooral voor vrouwen, jongere gepensioneerden en gescheiden personen
Begin 2025 was 65% van de personen met een IGO of GIB vrouw.
De grootste groepen bij de personen met een IGO of GIB zijn te vinden bij de jongere leeftijdsgroepen. 27% van de personen met een IGO of GIB zijn tussen 65 en 69 jaar, 22% tussen 70 en 74 jaar. Vooral jongere gepensioneerden ontvangen een IGO of GIB: het aandeel neemt af bij de oudere gepensioneerden.
Uit de verdeling naar burgerlijke staat blijkt dat van de personen met een IGO of GIB ruim 38% gescheiden is, 33% is gehuwd.

Hoogste aandeel met IGO of GIB in Antwerpen
De hoogste aandelen van personen met een IGO of GIB in de bevolking van 65 jaar en ouder waren begin 2025 te vinden in Antwerpen (10%), Gent (7%), Mechelen (7%) en Oostende (6%), alsook in de gemeenten Ronse (7%) en Drogenbos (7%). De laagste aandelen zijn te vinden in Oud-Heverlee, Glabbeek en Lubbeek (telkens 1%).

Aandeel met IGO of GIB in Vlaams Gewest lager dan in andere gewesten
Begin 2025 ontving in het Vlaamse Gewest 3,5% van de bevolking van 65 jaar en ouder een IGO of GIB. In het Waalse Gewest ging het om 5,7%, in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest om 14,5% en in België als geheel om 5,0% van de bevolking van 65 jaar en ouder.

Bron:
Sociale bijstand – Inkomensgarantie voor ouderen/gewaarborgd inkomen voor bejaarden | Vlaanderen.be

Ziekenfondsen geviseerd

Ziekenfondsen geviseerd

Ziekenfondsen moeten zich totaal heruitvinden, zegt minister Vandenbroucke
De ziekenfondsen moeten zich totaal heruitvinden. Dat zegt minister van Volksgezondheid Frank Vandenbroucke (Vooruit) zaterdag in een interview met De Standaard. ‘Als ze dat nu niet doen, dan is er voor hen geen toekomst meer.’

“We zullen ze om te beginnen nog veel harder financieel afrekenen op de vraag of ze langdurig zieken wel voldoende helpen om weer werk te vinden”, antwoordt de minister op de vraag hoe de ziekenfondsen zich dan moeten aanpassen. “Ze krijgen nu meer dan een miljard euro werkingsmiddelen. Voor mijn part wordt dat straks volledig afhankelijk van de resultaten die ze boeken, en niet alleen op basis van de langdurig zieken.”

Vandenbroucke is bereid zowel de verplichte aanvullende verzekeringen als de vrije, optionele hospitalisatieverzekeringen kritisch tegen het licht te houden. Ook de verhoogde tegemoetkoming wil hij “kritisch bekijken”. “Ik wil voortaan rekening houden met het inkomen uit flexi-jobs en het roerend inkomen.”

De minister verzet zich wel tegen het N-VA-voorstel om de ziekenfondsen af te schaffen. “Zeggen dat je ze wilt afschaffen is makkelijk. Ik klop hier elke week op hun kop omdat ik wil dat ze zich aanpassen.”

Bron: De Morgen

15 jarige jobstudenten

15 jarige jobstudenten

Alle jongeren vanaf 15 jaar kunnen voortaan als jobstudent aan de slag. Maar ze mogen alleen “niet-industriële arbeid van lichte aard” uitvoeren. Dat staat in een koninklijk besluit dat deze week werd gepubliceerd in het Staatsblad, meldt de federale overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg.

Het was wachten op het koninklijk besluit alvorens jongeren vanaf 15 jaar – ook zij die nog voltijds naar school gaan, wat tot nu niet het geval was – studentenarbeid kunnen verrichten. Het KB verduidelijkt welke taken zij mogen uitvoeren.

Het gaat dus om “niet-industriële arbeid van lichte aard”, of een aantal werkzaamheden “die geen specifieke scholing vergen en die niet worden verricht met of aan mechanische arbeidsmiddelen”.

Om welke jobs gaat het?
Concreet kunnen 15-jarigen ingezet worden als hulp aan het onthaal of vestiairemedewerker, werken als vakkenvuller of als verkoopassistent in de kleinhandel, of maaltijden en dranken bedelen en afruimen in de zorgsector.

Ook logistieke activiteiten zijn mogelijk, zoals bestellingen ontvangen, verpakken en verzenden, en voorraden beheren.

De 15-jarige jobstudenten mogen ook “lichte schoonmaaktaken” uitvoeren: “taken die een lage fysieke belasting met zich meebrengen, weinig kracht vereisen en van korte duur zijn waaronder afstoffen, afwassen, stofzuigen of dweilen van kleine ruimtes, prullenbak legen, ramen wassen op handhoogte, sanitair licht reinigen”, staat in het KB.   Wanneer en hoeveel? De jongeren mogen niet tijdens de lesuren werken. Op schooldagen mogen ze maximaal 2 uur werken, anders hoogstens 8 uur per dag. Ze mogen ook niet werken tussen 20 uur en 6 uur.  

De federale regering heeft studentenarbeid al op verschillende vlakken versoepeld. Zo mogen jongeren tot 650 uren werken aan verminderde sociale bijdragen. 

Bron: vrt nws