3 miljoen voor ondersteuning schooldirecteurs

Vlaams minister van Onderwijs Ben Weyts (N-VA) maakt 3 miljoen euro vrij om schooldirecteurs meer te ondersteunen en beter te begeleiden bij de uitvoering van hun zeer gevarieerde job.

Er worden experts en organisaties gezocht om de directeurs ‘beter te wapenen voor de uitdagingen die steeds vaker op hen afkomen’, zegt Weyts.

Binnen een school is de directeur het aanspreekpunt voor alle mogelijke problemen. ‘Tijdens de coronacrisis moesten schooldirecteurs bijvoorbeeld niet alleen maar bezig zijn met hygiëne- en veiligheidsmaatregelen, maar ook met leerachterstand, moeilijk te bereiken leerlingen of de beperkingen van afstandsonderwijs’, zegt Weyts. ‘Leerkrachten leggen pedagogische en didactische problemen vaak voor aan hun directeur. Dat geldt trouwens nog meer in scholen met veel kwetsbare leerlingen, want daar werken vaker minder ervaren leerkrachten.’

‘Hoe sterker de directeur, hoe beter voor de hele school’

Om extra begeleiding en ondersteuning voor de directeurs te voorzien, maakt Weyts nu 3 miljoen euro uit de relancemiddelen vrij. Er wordt een open oproep aan experts en organisaties gericht die gerichte trajecten kunnen aanbieden aan scholen en scholengemeenschappen. ‘Zo zullen schoolleiders beter kunnen omgaan met de vele vragen van leerkrachten, zullen ze een beter personeelsbeleid kunnen voeren en worden ze beter opgewassen tegen fenomenen zoals diversiteit in de leerlingenpopulatie’, aldus de minister. Hij ziet bovendien een rechtstreeks verband tussen de onderwijskwaliteit en de kwaliteit van de directeur: ‘Hoe sterker de directeur, hoe beter voor de hele school’.

In de loop van de maand mei worden de begeleidings- en ondersteuningsprojecten geselecteerd. Begin volgend schooljaar moeten de eerste trajecten van start kunnen gaan.

CD&V-parlementslid Loes Vandromme is tevreden met de steun aan de schooldirecteurs, maar ze vraagt om ook voldoende middelen te voorzien voor de scholen zelf. ‘Zo kunnen die scholen zelf, conform het regeerakkoord, keuzes maken die het professionaliseringstraject van schoolleiders verder richting geven. Het zijn immers de schoolbesturen zelf die het beste de noden kennen naar ondersteuning, die zijn niet voor elke school of directeur hetzelfde.’ Vandromme vraagt daarnaast ook administratieve en beleidsondersteuning voor de directeurs.  Bron:  Knack

Volgens Neutr-On moet er een aparte opleiding komen voor schooldirecteurs, want nu is die onbestaande. Daardoor is de aanstelling van directeurs te politiek gekleurd is en laat de bekwaamheid te wensen over. 

10 jaar na de Tunesische revolutie

Tien jaar geleden werd Tunesië het beginpunt van een keten van historische gebeurtenissen die oorspronkelijk tot de verbeelding van het volk spraken over de hele wereld en die sindsdien een ingrijpende verandering teweegbracht in Noord-Afrika en het Midden-Oosten.

De lucifer die de Tunesische straatverkoper Mohamed Bouazizi gebruikte om zichzelf op een winterdag in 2010 in brand te steken, zette de hele regio in vuur en vlam. Binnen enkele weken beefden de heersende Arabische families, generaals, zakenmagnaten, machthebbers en dictators, sjeiks en monarchen en hun machtige internationale aanhangers van angst toen miljoenen uitgebuite mensen de straat op trokken, van Tunis tot Sana’a, van Manama tot Caïro. De slogan “Ash-sha’b yurid isqat an-nidham” (Het volk wil dat het systeem valt) weerspiegelde de wanhopige dorst naar een fundamentele breuk met de oude orde. Gebukt onder ondraaglijke ellende, corruptie, alomtegenwoordige werkloosheid, voortdurende vernedering door repressieve staatsapparaten, konden de massa’s niet meer leven zoals voorheen. De oude manier waarop de heersende elites hun systeem in stand hielden, werkte niet meer. De omstandigheden waren rijp voor een massale confrontatie tussen de klassen.

Op de ochtend van 15 januari 2011, toen de Tunesische despoot Zine El Abidine Ben Ali de dag ervoor het land was ontvlucht nadat een krachtige staking hem geen andere keuze had gelaten, trok ik met mijn haastig gepakte rugzak naar de luchthaven van Londen Heathrow. De medewerker van British Airways vroeg me waar mijn vlucht heen ging. “Tunesië,” zei ik hem. “Is dat niet waar er een oorlog is of zo?” vroeg hij, een beetje verrast door mijn antwoord. “Het is geen oorlog, het is een revolutie,” probeerde ik hem uit te leggen. Toen de oorlogen in Libië, Syrië en Jemen later de krantenkoppen haalden, werden de begrippen oorlog en revolutie enigszins samengesmolten. De internationale luchthaven Tripoli waar ik doorheen reisde, werd toen nog gedomineerd door de welwillende blik op de grote portretten van Muammar Kadhafi aan de muren. Sindsdien is deze luchthaven vernietigd door bombardementen in confrontaties tussen rivaliserende milities. Revolutionaire herinneringen aan de slecht benoemde ‘Arabische Lente’ werden nadien overspoeld door beelden van militaire belegeringen, sektarisch geweld, massale uittocht van vluchtelingen, uitgehongerde kinderen en de afschuwelijke acties van Daesh (ISIS). In een artikel dat in december 2016 werd gepubliceerd onder de titel “Syrische tragedie betekent het einde van de Arabische revoluties,” schreef de doorgaans bijzonder alerte journalist wijlen Robert Fisk: “Net zoals de rampzalige Anglo-Amerikaanse invasie van Irak een einde maakte aan het Westerse epos van militaire avonturen in het Midden-Oosten, garandeert de Syrische tragedie dat er geen Arabische revoluties meer zullen plaatsvinden.”

Lees verder via: “Het volk wil de val van het systeem”. Inleiding op nieuw boek over Tunesische revolutie – nl.socialisme.be

Dit verandert vanaf 1 februari 2021

  • Duurder bij De Lijn en NMBS

Bij De Lijn worden het m-ticket, de tienrittenkaart m-card en de Omnipas, het abonnement voor reizigers van 25 tot 64 jaar, duurder. De prijs van het m-ticket, dat je koopt via de app of de website van De Lijn, stijgt bijvoorbeeld van 1,80 naar 2 euro, een stijging van 11%. De tienrittenkaart m-card zal niet langer 15, maar wel 16 euro kosten. De Omnipas wordt 3% duurder (132 euro voor drie maanden of 399 voor twaalf maanden).

Bij de spoorwegmaatschappij NMBS wordt een standaardticket gemiddeld 0,65% duurder. De woon-werkabonnementen en de schoolabonnementen worden 1,95% duurder. Forsere prijsstijgingen zijn er bij de speciale Youth Holidays-passen, waarmee jongeren tot 26 jaar tijdens de schoolvakanties een week of een maand

onbeperkt met de trein kunnen reizen.

  • Eén ticket in Brussel

In Brussel en de omliggende gemeenten komt één ticket voor het openbaar vervoer. Zo’n Brupass XL-ticket kost 3 euro voor één rit en 20 euro voor een tienrittenkaart. Er zijn ook abonnementsformules.

De tickets zijn geldig bij de verschillende openbaarvervoermaatschappijen (NMBS, De Lijn, MIVB en TEC) in Brussel en een zone van 11,5 kilometer rond het Hoofdstedelijk Gewest. Daarin liggen 52 stations en ruim 2.800 bus-, tram- en metrohaltes. Alleen voor ritten van en naar Brussels Airport is er nog een speciaal tarief.

Er bestonden al tickets voor de verschillende openbaarvervoermaatschappijen (MTB- en Jump-tickets), maar die waren alleen geldig binnen het Brussels gewest. Deze formule krijgt voortaan de naam Brupass, en kost 2,4 euro voor een rit, 7,5 euro voor een dag of 15 euro voor tien ritten. Ook hier zijn er abonnementsformules.

  • Energietarieven

Vanaf 1 februari hebben veel meer gezinnen recht op het sociaal tarief voor gas en elektriciteit, het laagste tarief op de markt. Tot nu toe hebben 450.000 gezinnen voor elektriciteit en 270.000 gezinnen voor gas recht op het sociaal tarief.

De regering breidt die doelgroep nu uit naar iedereen die recht heeft op een verhoogde tegemoetkoming. Dat zijn ongeveer 447.000 extra gezinnen. De uitbreiding zou onder meer eenoudergezinnen en alleenstaanden ten goede komen.

  • GAS-boetes voor snelheid

Vlaamse steden en gemeenten krijgen vanaf 1 februari de mogelijkheid om GAS-boetes uit te schrijven voor lichte snelheidsovertredingen in zones 30 en 50.

Er zijn enkele voorwaarden aan verbonden. Zo kunnen de Gemeentelijke Administratieve Sancties (GAS-boetes) enkel in zones met maximale snelheid van 30 of 50 kilometer per uur, en de bestuurder mag maximaal 20 kilometer per uur te snel gereden hebben. De steden en gemeenten die er gebruik van willen maken, moeten ook hun GAS-boetereglement aanpassen.

IMF verlaagt groeiprognoses eurozone

Het Internationaal Monetair Fonds (IMF) heeft de groeiprognoses voor 2021 voor de eurozone naar beneden bijgesteld, een gevolg van de heropflakkering van de coronapandemie en de daaruit voortkomende inperkingsmaatregelen.

Het IMF gaat nu voor de eurozone voor 2021 uit van een toename van het bruto binnenlands product (bbp) met 4,2 procent, of 1 procentpunt minder dan bij een eerdere raming in oktober en ver verwijderd van de 5,1 procent die verwacht wordt voor de Verenigde Staten.

Voor Duitsland wordt een groei verwacht van 3,5 procent (-0,7 punt), voor Frankrijk +5,5 procent (-0,5 punt), voor Italië +3 procent (-2,2 punten) en voor Spanje +5,9 procent (-1,3 punt).

Voor de wereldeconomie trekt het IMF dan weer de prognoses op, al blijven ze erg onzeker. De wereldeconomie zou dit jaar met 5,5 procent kunnen groeien. Bij een vorige raming in oktober werd nog uitgegaan van een groei met 5,2 procent.

De coronapandemie zadelt het wereldwijde bruto binnenlands product op met een verlies van 22.000 miljard dollar in de periode tussen 2020 en 2025, zei IMF-hoofdeconome Gita Gopinath dinsdag tijdens een persconferentie. ‘Het gaat om een gecumuleerd verlies. De impact is substantieel’, klinkt het. 

Bron: Trends

Zwarte lijst van belastingparadijzen

EU-parlement eist herziening zwarte lijst van belastingparadijzen.

Het Europees Parlement wil dat de EU haar zwarte lijst van belastingparadijzen aanscherpt en ook EU-landen die belastingontwijking mogelijk maken erop zet. Een overgrote meerderheid (587 voor, 50 tegen en 46 onthoudingen) stemt voor een resolutie van Paul Tang (PvdA) om het “verwarrende en inefficiënte” systeem te herzien. Er moeten transparante, duidelijke criteria komen om landen op de lijst te zetten en bovendien harde maatregelen worden genomen tegen belastingparadijzen.

Voor de zwarte lijst, die in december 2017 voor het eerst door de EU-ministers van Financiën werd opgesteld, komen nu alleen landen en gebieden buiten de Europese Unie in aanmerking. Het gaat om landen en regio’s waar de autoriteiten (bijna) geen vennootschapsbelasting heffen, niet transparant zijn en onwelwillend staan tegenover de strijd tegen belastingontwijking. De twaalf die momenteel op de lijst staan zijn volgens het parlement verantwoordelijk voor slechts 2 procent van de totale inkomsten die de maatschappij misloopt door fiscale constructies en trucjes.

“Achter gesloten deuren bepalen de Europese landen wie er wel en niet op deze lijst terechtkomt”, zegt Tang, voorzitter van de belastingcommissie. “En ze komen tot de raarste beslissingen, zonder dat iemand weet hoe.”

Hij wijst erop dat beruchte belastingparadijzen als Guernsey, de Bahama’s en de Kaaimaneilanden van de lijst zijn gehaald. De parlementsleden vinden bovendien dat ook EU-lidstaten op de lijst moeten kunnen worden gezet. “Als we andere landen beschuldigen, moeten we ook in de spiegel kijken,” vindt Tang. “En dan komt Nederland er niet goed vanaf. Door ons lopen andere landen 30 miljard euro mis aan belastinginkomsten. Een enorm bedrag dat zeker nu hard nodig is.” 

Bron:  EU-parlement eist herziening zwarte lijst van belastingparadijzen – Europa Nu (europa-nu.nl)