by admin | feb 1, 2025 | Antipestteam
“Dringend hulp nodig”
Kurt Gommers, directeur van de middelbare school ZAVO in Zaventem, heeft samen met een groep leerkrachten, directeurs, zorgcoördinatoren en leerlingenbegeleiders een open brief geschreven aan Vlaams minister van Onderwijs Zuhal Demir (N-VA). Ze maken zich grote zorgen over de vele gedragsproblemen en het mentale welzijn van hun leerlingen, en vragen hulp.
De afgelopen jaren zag directeur Kurt Gommers hoe leerlingen het steeds moeilijker krijgen, maar ook dat scholen weinig kunnen doen. Daarom schreef hij samen met collega’s van andere scholen een open brief aan Vlaams minister van Onderwijs Zuhal Demir. “We vragen aandacht, ondersteuning en onderzoek naar het moeilijke gedrag en de extreme psychologische stress bij leerlingen”, schrijft hij. “We hebben in ons normale onderwijssysteem heel veel moeite om de kinderen te blijven ondersteunen. Dat weegt enorm op leerkrachten, en daarom vragen we om samen te werken.”
Ook op zijn eigen school ziet directeur Gommers soms onmogelijke situaties. “Het gebeurt niet altijd, maar soms komen we in een heel moeilijk parket waarbij we met leerlingen echt niet meer aan de slag kunnen. Daar zitten we met ons hart voor onze leerlingen heel gewrongen. Eigenlijk kunnen zulke leerlingen niet meer op de school functioneren. Maar toch blijven we met hen verder gaan, omdat er geen alternatief is. Want er is geen opvang, geen plaats in de psychiatrie of wat ze ook nodig hebben. Maar eigenlijk kunnen we hen niet genoeg helpen, omdat we simpelweg die ervaring of competenties niet hebben.”
En net die hulp vraagt de directeur met zijn collega’s in de open brief. “We willen experten uit het werkveld van het onderwijs samenbrengen, maar ook breder kijken, naar justitie, welzijn en jeugdwerk. Zo kunnen we de ondersteuning op elkaar afstemmen.”
Bron: vrt.nws
by admin | feb 1, 2025 | Onderwijs
8,5 procent van jongeren verlaat school zonder diploma, ver boven Vlaams gemiddelde
Vandaag hielden alle scholen, de welzijnsorganisaties een studiedag in Tienen met als thema: schooluitstroom. Die uitstroom ligt in Tienen hoger dan in de rest van Vlaanderen. 18,5 procent van de jongeren in de stad verlaat zijn of haar school zonder diploma. In Vlaanderen ligt dat aandeel gemiddeld op 14 procent.
Schepen van Onderwijs Gijsbrecht Huts (N-VA Plus) kan er de vinger niet helemaal op leggen. “We weten dat taal, de thuissituatie en de omgeving zeker invloed hebben. Maar waarom en welke groep het specifiek is die meer dan in de rest van Vlaanderen vroegtijdig stopt met school in Tienen, dat is niet eenduidig.”
“De scholen hebben vandaag heel wat tips gekregen om leerlingen die dreigen te stoppen met school toch gemotiveerd te houden. Het is duidelijk dat straffen of negatieve reacties net zorgen voor meer uitval. Scholen moeten focussen op het positieve en motiveren”, aldus de schepen.
De stad Tienen helpt de scholen nu al met 2 halftijdse brugfiguren. Schepen Huts wil bekijken of ze daar meer mensen op kunnen inzetten. Temeer omdat de Vlaamse subsidies voor die 2 brugfiguren wegvallen.
“Ze helpen de leerlingen en ouders ter plaatse thuis. Dat kunnen we onmogelijk van de scholen en leerkrachten zelf vragen. Dat helpt echt. Als stad is dat iets waar we willen in investeren. Op welke manier en hoeveel brugpersonen, dat is nog niet duidelijk.”
Bron: VRT.nws
by admin | feb 1, 2025 | Verkiezingen 2024
De Vlaamse regering wil in 2027 een begrotingsevenwicht voorleggen, maar volgens de oppositiepartij Open Vld is het verre van zeker dat ze dat doel haalt. De uitgaven zouden te sterk stijgen om dat mogelijk te maken. Ondertussen blijft de regionale schuld sterk omhooggaan tot 95 procent van de inkomsten, waardoor de Vlaamse overheidsfinanciën in zwaar weer komen.
Dat de federale, Brusselse en Waalse begrotingen een probleem hebben, is allang bekend. Volgens de recentste ramingen van de Nationale Bank stijgt het federale begrotingstekort van 4,6 procent van het bruto binnenlands product in 2024 naar 6,1 procent in 2026. Wallonië streeft naar een begrotingsevenwicht tegen 2029, maar niemand neemt die belofte ernstig. Brussel kampt met een dramatisch deficit van 1,3 miljard euro op 7,9 miljard euro inkomsten. Wat een verschil met de Vlaamse regering-Diependaele, die het tekort van 2,9 miljard euro al in 2027 wil wegwerken.
Een Vlaams begrotingsevenwicht halverwege de legislatuur was een eis van N-VA. Maar minister van Financiën en Begroting Ben Weyts (N-VA) blaast al een tijd warm en koud over de Vlaamse budgettaire toestand. De ene dag verzekert hij dat het evenwicht zal worden bereikt, de andere dag zaait hij daar twijfel over.
Voor de oppositiepartij Open Vld is een begrotingsevenwicht tegen 2027 een utopie. De toestand van de Vlaamse overheidsfinanciën is veel problematischer dan de regering-Diependaele laat uitschijnen. Naar aanleiding van de het begrotingsdebat in het Vlaams Parlement hebben de Vlaamse liberalen een kritisch rapport opgesteld.
Geen respect voor uitgavennorm
Om te beginnen zijn de begrotingstekorten van de Vlaamse regering veel hoger dan verwacht. Open Vld heeft het over een deficit van 4,1 miljard euro in plaats van de officiële 2,9 miljard euro. Dat tekort stijgt volgend jaar naar 4,7 miljard en zal in 2027 nog altijd 890 miljoen euro bedragen. Het tekort blijft in 2029, aan het einde van de legislatuur, hangen op 1,2 miljard euro. Het cijfer is wel voer voor discussie. Immers, de oppositie voegt de uitgaven voor de Oosterweelverbinding en het relanceplan toe, terwijl die evengoed als investeringen buiten de begroting kunnen worden gehouden.
Waar volgens Vlaams Parlementslid Maurits Vande Reyde (Open Vld) echter geen twijfel over bestaat, is dat de Vlaamse regering kiest voor “meer uitgaven, nog meer schulden, nog meer tekorten, nog meer overheid”.
‘De Vlaamse regering kiest voor meer uitgaven, nog meer schulden, nog meer tekorten, nog meer overheid’
Maurits Vande Reyde, Vlaams Parlementslid Open Vld
Het eerste probleem is dat de uitgaven niet onder controle raken. Aan het einde van de vorige legislatuur werd een uitgavennorm ingevoerd. Die moest ervoor zorgen dat het uitgavenniveau gezond blijft en leidt tot een structureel evenwicht. “Maar volgens berekeningen van het Rekenhof overschrijdt het uitgavenniveau in 2025 het pad van de vorige regering met 1,5 miljard euro”, stelt Vande Reyde. “Tegelijk is voor 2025 een belastingverlaging van 190 miljoen euro gepland, door de daling van de registratierechten. Dat laatste is op zich een goede zaak. Alleen: volgens het huidige beleid zullen de totale belastingverlagingen tegen 2029 met ook de lagere erfbelasting slechts 540 miljoen euro bedragen. Amper de helft dus van de geplande belastingverhogingen van 849 miljoen euro. De fiscale druk op mensen die werken, sparen en ondernemen is in Vlaanderen al ontzettend hoog en stijgt door het huidige beleid van de Vlaamse regering dus nog verder. Dat kan en moet anders.”
In de belastingverhogingen zitten onder meer een hogere verkeersbelasting en het schrappen van de jobbonus. Wat die laatste maatregel betreft, verdedigt de regering-Diependaele zich: die wordt pas echt afgeschaft als de federale regering in wording kiest voor lagere lasten op arbeid.
Hogere kosten voor Oosterweel
Die belofte maakt weinig indruk op Vande Reyde, die benadrukt dat de huidige begrotingscijfers niet het volledige verhaal vertellen: “Er zijn fouten gemaakt met de cijfers van de federale doorstortingen en de geplande verhoging van de verkeersbelasting. Maar vooral door Oosterweel dreigen de kosten veel hoger uit te vallen. Het Rekenhof gaf aan dat er nu al 2,36 miljard euro extra kosten zijn voor Oosterweel, waar nergens in de begroting rekening mee is gehouden. Die kosten zullen de schuldgraad en de bijbehorende rentelasten nog verder doen toenemen.”
Dat is ook de scherpste kritiek van de oppositie: dat het huidige begrotingsbeleid de Vlaamse schuldgraad doet exploderen. De Vlaamse schuld bedraagt zo’n 35 miljard euro of 72 procent van de ontvangsten. Die schuldgraad stijgt volgend jaar tot 79 procent en tegen 2029 bedraagt de schuld 95 procent van de inkomsten (zie grafiek Vlaamse schuldgraad explodeert). Dat is ver boven de veilige grens van 65 procent die de Vlaamse regering zichzelf in haar schuldnorm oplegt. Gevolg: de rentelasten die volgend jaar 1,1 miljard euro bedragen, zullen de komende jaren ontsporen tot 1,7 miljard euro.
Niet-indexatie werkingsmiddelen
“Wij hebben een alternatief klaar”, zegt Vande Reyde. “Het begrotingstekort voor 2025 wordt teruggedrongen naar het niveau dat de vorige regering voorzien had in haar pad naar een evenwicht en schuldafbouw. Dat wordt bereikt door in te grijpen op het stijgende uitgavenniveau, dat te verminderen met 1 miljard euro en de geplande belastingverhogingen voor 2025 te schrappen.” De uitgaven kunnen worden beperkt door de werkingsmiddelen van departementen niet te indexeren, de lonen van ambtenaren uitgezonderd, te besparen op de overheadkosten, de overlegorganen in de zorg en in het onderwijs, en de subsidies te beperken.
Concreet zouden de overheidsuitgaven in dat traject in 2025 geen 65,2 maar 64 miljard euro bedragen. De schuld zou op die manier minder snel stijgen: naar 46,9 in plaats van 47,7 miljard euro.
Bron: Trends
by admin | feb 1, 2025 | Varia
‘De situatie in Brussel vraagt om urgente actie’, schrijft Hildegard Laporte van Vista naar aanleiding van de recente cijfers over dakloosheid in het gewest.
Door de eerste vrieskou besliste Brussel deze week 160 extra opvangplaatsen te openen voor daklozen. Op dezelfde dag bestormden Anderlechtse OCMW medewerkers het bureau van hun burgemeester. De mediastorm rond de Pano-reportage is gaan liggen maar voor de hulpverleners en vooral de hulpzoekenden is er weinig of niks veranderd.
De cijfers spreken boekdelen en tonen een schrijnend contrast tussen Vlaanderen en Brussel. In Vlaanderen stagneert het armoedecijfer op 7,8%, maar de armoedekloof is sterk gedaald van 18,2% in 2022 naar 12,2% in 2023. Dit wijst op een verbetering van de inkomens van mensen onder de armoededrempel. De Vlaamse statistieken geven echter ook een vertekend beeld, omdat de grootstad Brussel niet in die statistiek is opgenomen, terwijl het toch ook de hoofdstad van Vlaanderen is. Zoals over ter wereld is deze problematiek het meest prangend in de grootsteden.
Het beeld in Brussel is dan ook heel grimmig: 28% van de bevolking leeft onder de armoederisicogrens. De kloof tussen arm en rijk groeit, met de 10% armste Brusselaars die moeten rondkomen met minder dan €985 per maand, terwijl de 10% rijksten meer dan € 4.120 per maand verdienen. Toch slaagden de reacties op Pano er ironisch genoeg in om de Brusselse problematiek te reduceren tot een probleem van cliëntelisme en misbruik. Het verhaal van overbelasting, territoriale versnippering en een systeem dat kreunt onder zijn eigen gewicht was slechts een lastig detail. Volgens cijfers van het Brussels Platform Armoede neemt 40 tot 50% van de rechthebbenden zijn leefloon niet eens op. Vaak omdat ze de weg niet vinden in een steeds complexere bureaucratie. Een schril contrast met de geschatte 4,5% misbruiken.
Maar de problematiek is nog veel schrijnender. In november 2024 ging Bruss’Help weer op pad voor zijn tweejaarlijkse daklozentelling. In 2022 werden er 7.134 dak- en thuislozen geteld en men vreesde dit jaar de kaap van de 10 000 te overschrijden. Dit zijn mensen zonder adres die in de meeste gevallen nergens recht op hebben. Voor hen is een opvangnet voorzien van 2600 bedden waar er nu dus nog een 160 bovenop komen. Daarnaast openen ook de NMBS en de Brusselse vervoersmaatschappij MIVB een deel van hun stations en metrohaltes voor overnachtingen bij nachtelijke temperaturen onder het vriespunt. Voor Brusselse pendelaars is het een vertrouwd beeld, daklozen die hun bedje spreiden in de metrostations bij gebrek aan opvang.
In een context waarbij de hulp ontoereikend is, is het logische dat de roep om een fusie van de 19 Brusselse OCMW’s steeds luider weerklinkt. Voorstanders zien hierin een kans om de efficiëntie te verhogen, gelijke behandeling te garanderen, meer hulpbehoevenden te helpen én fraude beter te bestrijden. Het zou ook een einde kunnen maken aan het ‘OCMW-shoppen’ en de absurde situatie waarbij een dakloze moet bewijzen in welke gemeente hij het vaakst slaapt (op straat!) om hulp te krijgen. Tegenstanders vrezen echter voor het verlies van lokale kennis en maatwerk.
Daarnaast heb je ook nog de briljante ideeën die de ronde doen. Leeflonen verlagen en deels uitbetalen in voedselcheques? Alsof we teruggaan naar de middeleeuwen, waar de armen kruimels toegeworpen kregen. Het doel van de huidige maatregelen is activering op de arbeidsmarkt, maar laten we eerlijk zijn: mensen die een beroep doen op een leefloon zitten vaak in de overlevingsmodus. Mensen die opgroeiden in gebroken gezinnen met financiële problemen of huiselijk geweld, doen er vaak jaren of zelfs decennia over om die problemen een plek te geven. In geval van ernstig misbruik blijft de verwerking zelfs een levenslange strijd. Een job alleen kan dat niet oplossen.
In bepaalde gemeenten is het voorgestelde leefloon bovendien niet eens genoeg om de huur van een studio te betalen. De renovatieverplichting in Vlaanderen jaagt bovendien niet alleen de huurprijzen de hoogte in, maar geeft nieuwe eigenaars ook een stok achter de deur om slecht betalende huurders buiten te zetten. Bijgevolg surfen heel wat noodlijdende jongeren van sofa naar sofa, zonder enige stabiele basis of geldig domicilie. Geen sinecure om vanuit zo´n precaire situatie een werkgever te overtuigen van je kwaliteiten.
Misschien moeten we ons licht opsteken in Finland, waar een radicaal andere aanpak indrukwekkende resultaten heeft geleverd. Met hun ‘Housing First’ beleid is de langdurige dakloosheid er met 68% gedaald tussen 2008 en 2022. Het principe is eenvoudig: bied daklozen eerst een stabiele woonst, zonder voorwaarden, en bied dan ondersteuning. Dit heeft niet alleen geleid tot een drastische daling van het aantal daklozen, maar blijkt ook veel kosteneffectiever dan de traditionele aanpak.
Het is cruciaal dat we een systeem ontwikkelen dat openstaat voor wie écht in nood verkeert. We moeten streven naar een aanpak die niet alleen onderdak biedt, maar ook kansen op een beter leven via intensieve, persoonlijke begeleiding. Dit vereist een fundamentele herziening van ons sociaal beleid, met als doel een samenleving waarin niemand in de kou blijft staan.
De situatie in Brussel vraagt om urgente actie. We moeten ons afvragen of we onze meest kwetsbaren werkelijk de ondersteuning bieden die ze nodig hebben, of dat we ze slechts minimale, ontoereikende hulp bieden. Het is tijd voor een radicale hervorming van ons sociaal systeem, gericht op echte inclusie en kansen voor iedereen, vooral voor de meest kwetsbaren onder ons.
Hildegard Laporte is kernlid van Vista, een politieke beweging die een Vlaams, sociaal en progressief alternatief voorstaat, dat de particratie doorbreekt.
Bron: Knack
by admin | feb 1, 2025 | Verkiezingen 2024
Dit staat in pensioenplannen van De Wever
Militairen, luchtverkeersleiders, brandweerlui en politieagenten zullen nog altijd een dikke twee jaar vroeger met pensioen mogen gaan. Agenten mogen zelfs nog altijd vanaf 59 jaar stoppen met werken. Dat staat in de pensioenplannen van formateur Bart De Wever. Die zijn een stukje minder streng dan de supernota’s die de N-VA’er de voorbije maanden bij elkaar schreef.
Nog geen minuut hebben de vijf Arizonapartijen (N-VA, Vooruit, CD&V, MR en Les Engagés) onderhandeld over de hervorming van de pensioenen en de arbeidsmarkt. Die twee moeten nochtans miljarden euro’s in het laatje brengen en zo de budgettaire reddingsboei worden voor de toekomstige federale regering. Om de kosten van de vergrijzing niet te laten ontsporen, moesten de pensioenen volgens De Wevers supernota’s van de voorbije weken voor 3 miljard euro besparingen zorgen. Die teksten zijn ondertussen wel van tafel, maar het laatste plan van de formateur – een nota van 19 november waar de redactie de hand op kon leggen – stoelt grotendeels op die eerdere voorstellen.
De voorbije dagen en weken ontstond er grote bezorgdheid over de plannen. Bij de politie, die vreesde dat veel toplui vroeger dan voorzien zouden stoppen uit schrik voor een lager pensioen. En afgelopen weekend nog bij de overheidsvakbonden, die de pensioenplannen door een rekenmachine gooiden en tot de conclusie kwamen dat ambtenaren tienduizenden euro’s gaan verliezen door de plannen van De Wever.
Koen Van Kerkhoven, topman van de christelijke onderwijsvakbond, waarschuwde afgelopen weekend dat leraars door de pensioenhervorming van Bart De Wevers tienduizenden euro’s dreigen te verliezen.
De ingrepen uit de supernota’s blijven ook grotendeels overeind in de laatste versie van de pensioenplannen. Denk maar aan het schrappen van de zogenaamde perequatie van de ambtenarenpensioenen, een systeem waardoor die los van de indexering stijgen wanneer ook de ambtenarenlonen stijgen. De Wever wil ook komaf maken met de voordelige pensioenberekening van de ambtenaren. Dat is nu gebaseerd op de wedde van de laatste 10 jaar, terwijl dat voor werknemers een gemiddelde is van de hele loopbaan. Stap voor stap en tegen 2050 worden de twee systemen nu gelijkgeschakeld. Ook de berekening zelf – volgens de zogenaamde tantièmes – wordt minder voordelig voor ambtenaren. De voordelige pensioensystemen van NMBS-personeel en militairen, die respectievelijk op 55 en 56 jaar met pensioen kunnen, worden ook geschrapt.
Niet alleen ambtenaren moeten echter veranderingen slikken. Om een minimumpensioen te krijgen, moet je straks 35 jaar gewerkt hebben. Periodes dat je niet hebt gewerkt – zoals voor brugpensioen of langdurige werkloosheid – tellen niet meer mee. En er komt ook een pensioenmalus: per jaar dat je vroeger stopt met werken, vermindert het pensioen met een nog te bepalen bedrag.
Over de pensioenplannen van formateur Bart De Wever werd binnen Arizona nog niet onderhandeld. Maar de hervorming moet voor de begroting wel miljarden opleveren.
Maar de nieuwe voorstellen bevatten toch ook een reeks bepalingen die het voor sommige groepen ietwat verteerbaarder maken, bepalingen die in de supernota’s niet stonden. Zoals voor de zogenaamde “actieve diensten”. Het gaat dan over militairen, luchtverkeersleiders en het operationeel kader van de brandweer en politie. Zij mogen ook nu al vroeger met pensioen, maar daar wordt in tegenstelling tot andere stelsels niet aan geraakt. Hun voordelige berekening van de pensioenleeftijd – elk gewerkt jaar telt voor 1,05 in plaats van 1 – zorgt ervoor dat ze een dikke twee jaar vroeger mogen stoppen met werken. Het moet dan wel over “werkelijk gepresteerde diensten” gaan.
Het doet wat denken aan de discussie rond de zware beroepen waar de vorige regeringen de tanden stuk op beten en die een gunstigere pensioenregeling moest voorzien voor personen met een zwaar beroep. De vraag wie nu al dan niet een zwaar beroep uitoefent, zorgde echter voor onoplosbare hoofdbrekens. De regeling die nu voorligt, moet zo’n discussie vermijden, valt bij de Arizona-partijen te horen.
Onder meer brandweermannen mogen vroeger stoppen met werken. Formateur De Wever wil dat zo houden.
Een stelsel dat De Wever ook overeind laat – toch voorlopig – is de Navap-regeling die politieagenten toelaat op hun 59ste vervroegd uit te treden. Vivaldi, en vooral Open VLD, wilde dat stelsel schrappen, maar botste daarbij op hevig protest van de politiebonden. Zij kregen ook gelijk van de Raad van State. In de nota-De Wever staat wel dat het systeem op termijn uitdooft, maar toch blijft het voorlopig wel bestaan. De periode van inactiviteit mag wel maar maximaal twee jaar duren en moet aansluiten op een vervroegd pensioen. Binnen Arizona valt te horen dat het ook niet uitgesloten is dat de regeling finaal niet op de schop gaat.
De Wever vijlde dus aan een paar scherpe randjes van zijn pensioenvoorstellen. “Je ziet in de verschillende nota’s en in de begrotingstabel die dit weekend op tafel lagen dat het team van de formateur niet ongevoelig is voor misnoegde reacties op gelekte nota’s”, zegt een insider daarover.
De Wever houdt in zijn nota overigens rekening met een inwerkingtreding van de hervorming op 1 januari 2025. Wie op een paar jaar van zijn pensioen staat, behoudt minstens tot dat moment ook alle verworven rechten. Enkel de jaren die nadien nog worden gepresteerd, zullen voor sommigen aan een minder voordelige berekening opleveren.
Bron:GVA