Actiedagen 23/24/25/26 november

De grote vakbonden organiseren 4 actiedagen in november.

Staken is een krachtig democratisch recht. Het is de stem van mensen die samen zeggen: zo kan het niet verder. Wanneer we staken, tonen we dat werk meer is dan winst, en dat solidariteit sterker is dan stilte.

Wat is staken?

Staken betekent: we leggen het werk neer. We stoppen tijdelijk met onze dagelijkse professionele taken. Even geen mails, vergaderingen of deadlines — maar tijd om stil te staan bij wat echt telt.

Hoe je die tijd invult, kies je zelf. Je kan thuisblijven. Je kan samenkomen met collega’s om te praten over waarom we staken, informatie te delen en elkaar te versterken. Soms wordt er aan een bedrijf of instelling een stakingspost opgezet. Je kan ook zichtbaar maken dat je staakt door een mail te sturen, een sjaal of symbool te dragen, of online te delen waarom je meedoet.

Waarom we staken

Staken doen we niet zomaar. Het is een belangrijke manier om gehoord te worden. Wanneer mensen staken, zeggen ze samen: genoeg.

Staken is geen doel op zich, maar een laatste middel — wanneer praten, onderhandelen en redelijke argumenten niet meer baten. Als werknemers hun werk neerleggen, tonen ze hoe onmisbaar hun arbeid is. Dat scholen, zorginstellingen, bedrijven, transport en diensten — onze hele samenleving — draait op mensen van vlees en bloed. En dat die mensen recht hebben op respect.

Soms gaat een staking over een concreet conflict: over loon, werkdruk of veiligheid. Soms is ze breder: een protest tegen besparingen, ongelijkheid of onrecht. In alle gevallen is staken een collectieve stem die zegt: het kan anders. Het móét anders.

Vandaag beleven we een historische stakingsgolf tegen de asociale besparingen, het onmenselijke migratiebeleid en de oorlogskoorts van de Arizona-regering. Sinds december 2024 vonden al zes grote stakingen plaats om de beleidsmaatregelen tegen te houden. De laatste, op 14 oktober 2025, bracht 140.000 betogers op de been in Brussel — de grootste betoging in België van de 21e eeuw, en de zesde grootste ooit.

De volgende grote stap is de nationale actieweek van 23 tot 26 november 2025:

23/11: Actiedag tegen gendergerelateerd geweld

24/11: Staking bij het openbaar vervoer

25/11: Staking bij de openbare diensten

26/11: Nationale interprofessionele staking

Samen maken we duidelijk: solidariteit is geen verleden tijd — het is de motor van verandering.

Wil je mee weten over waarom we staken tegen de beleidsmaatregelen van de Arizonaregering? Lees hier onze analyse.

Mag je staken?

Ja. Elke werknemer heeft het recht om te staken. Tijdens een nationale staking mag iedereen die werkt, het werk neerleggen. Gaat de staking enkel over een bepaalde sector — bijvoorbeeld het openbaar vervoer of de zorg — dan geldt het recht om te staken voor wie in die sector werkt.  Lees verder via deze link.

Wat is staken? En mag je meedoen?

Het recht op staken

Staken is een krachtig democratisch recht. Het is de stem van mensen die samen zeggen: zo kan het niet verder. Wanneer we staken, tonen we dat werk meer is dan winst, en dat solidariteit sterker is dan stilte.

Wat is staken?

Staken betekent: we leggen het werk neer. We stoppen tijdelijk met onze dagelijkse professionele taken. Even geen mails, vergaderingen of deadlines — maar tijd om stil te staan bij wat echt telt.

Hoe je die tijd invult, kies je zelf. Je kan thuisblijven. Je kan samenkomen met collega’s om te praten over waarom we staken, informatie te delen en elkaar te versterken. Soms wordt er aan een bedrijf of instelling een stakingspost opgezet. Je kan ook zichtbaar maken dat je staakt door een mail te sturen, een sjaal of symbool te dragen, of online te delen waarom je meedoet.

Waarom we staken

Staken doen we niet zomaar. Het is een belangrijke manier om gehoord te worden. Wanneer mensen staken, zeggen ze samen: genoeg.

Staken is geen doel op zich, maar een laatste middel — wanneer praten, onderhandelen en redelijke argumenten niet meer baten. Als werknemers hun werk neerleggen, tonen ze hoe onmisbaar hun arbeid is. Dat scholen, zorginstellingen, bedrijven, transport en diensten — onze hele samenleving — draait op mensen van vlees en bloed. En dat die mensen recht hebben op respect.

Soms gaat een staking over een concreet conflict: over loon, werkdruk of veiligheid. Soms is ze breder: een protest tegen besparingen, ongelijkheid of onrecht. In alle gevallen is staken een collectieve stem die zegt: het kan anders. Het móét anders.

Vandaag beleven we een historische stakingsgolf tegen de asociale besparingen, het onmenselijke migratiebeleid en de oorlogskoorts van de Arizona-regering. Sinds december 2024 vonden al zes grote stakingen plaats om de beleidsmaatregelen tegen te houden. De laatste, op 14 oktober 2025, bracht 140.000 betogers op de been in Brussel — de grootste betoging in België van de 21e eeuw, en de zesde grootste ooit.

De volgende grote stap is de nationale actieweek van 23 tot 26 november 2025:

  • 23/11: Actiedag tegen gendergerelateerd geweld
  • 24/11: Staking bij het openbaar vervoer
  • 25/11: Staking bij de openbare diensten
  • 26/11: Nationale interprofessionele staking

Samen maken we duidelijk: solidariteit is geen verleden tijd — het is de motor van verandering.

Wil je mee weten over waarom we staken tegen de beleidsmaatregelen van de Arizonaregering? Lees hier onze analyse.

Mag je staken?

Ja. Elke werknemer heeft het recht om te staken.

Tijdens een nationale staking mag iedereen die werkt, het werk neerleggen. Gaat de staking enkel over een bepaalde sector — bijvoorbeeld het openbaar vervoer of de zorg — dan geldt het recht om te staken voor wie in die sector werkt. Voor meer info contacteer je best je lokale vakbond.

Je hoeft je staking niet lang op voorhand aan te kondigen: je mag het ook de dag zelf nog laten weten aan je werkgever.

Als je lid bent van een vakbond, heb je recht op stakingsgeld (ook wel stakingspremie genoemd). Dat bedrag compenseert het loon dat je misloopt op de stakingsdag. Je vraagt het aan via je vakbond.

Ook wie geen lid is van een vakbond mag staken, maar verliest dan een dag loon.

Staken is een fundamenteel sociaal recht — een vrijheid waarvoor generaties vóór ons hebben gevochten. Het is een manier om samen te zeggen: onze stem telt, ons werk telt, en onze toekomst telt.

👉 Doe mee. Laat je horen.

Sluit je aan bij de actieweek van 23 tot 26 november — op je werk, op straat, of online.

Samen tonen we dat verandering mogelijk is, als we niet zwijgen maar samen spreken.

Bron: hartbovenhard.be

Advies: Kwaliteitsvol onderwijs

Advies: Kwaliteitsvol onderwijs

Experts waarschuwen: de kwaliteit van het Vlaamse onderwijs staat onder druk. Iedereen heeft er een mening over, maar waar blijft de stem van scholieren? Wij bundelden de mening van 10.000 scholieren. Ontdek wat zij ervan vinden!

Het debat over dalende onderwijskwaliteit komt weer stilaan op gang. De minister kijkt naar Engeland en pleit voor meer orde, structuur en discipline. Ouders, leerkrachten, schooldirecties en politici mengen zich volop in het debat. De stem van scholieren bleef tot nu toe onderbelicht. De Vlaamse Scholierenkoepel brengt daar verandering in en bundelt de mening van bijna 10.000 jongeren. 

Beleidsaanbevelingen 

De signalen over de kwaliteit van ons onderwijs zijn duidelijk en vragen om actie. De onderwijskwaliteit verbeteren is geen taak van één speler. Het is een gedeelde verantwoordelijkheid, waarbij de minister, onderwijspartners en schoolteams elk een cruciale rol spelen. Daarom delen we onze aanbevelingen niet per doelgroep, maar bundelen we ze thematisch. Want alleen als iedereen samen verantwoordelijkheid opneemt, kunnen we bouwen aan het kwaliteitsvolle onderwijs dat scholieren vandaag nodig hebben en verdienen.

Als Scholierenkoepel vragen we…

  • Evenveel oog voor welbevinden als voor toetsresultaten. Volgens scholieren zijn die namelijk gelinkt met elkaar. Koppel welzijnsindicatoren aan onderwijskwaliteit. Zet in in op het meten en opvolgen van mentaal welbevinden in monitoring en inspectie. 
  • Streef naar een combinatie van kwaliteitsvol onderwijs en welzijn. Kwaliteitsvol onderwijs betekent niet kiezen tussen welzijn en leren, maar investeren in beiden. Want leerlingen leren beter als ze zich goed voelen.
  • Maak blijvend werk van een sterke en aantrekkelijke lerarenopleiding. 27% van de scholieren vindt dit cruciaal voor kwaliteitsvol onderwijs.
  • Zet in op een klas- en schoolcultuur die ruimte maakt voor fouten en groei. 26% van de scholieren vindt dit cruciaal voor kwaliteitsvol onderwijs.
  • Zorg ervoor dat scholen de nodige financiering hebben om hun welzijnsbeleid uit te werken en uit te voeren.
  • Wapen scholieren tegen schoolstress, faalangst en prestatiedruk door het een plaats te geven in de minimumdoelen secundair onderwijs én basisonderwijs.
  • Zet extra in op laagdrempelige vertrouwensleerlingen. Maak middelen vrij voor de uitbouw van bijvoorbeeld de Conflixers-werking.
  • Pak het lerarentekort aan, zoals ook opgenomen in de beleidsnota. Scholieren signaleren dat ze vaak vele uren in de studie doorbrengen door gebrek aan leerkrachten.
    • Blijf investeren in het versterken van de instroom en de zij-instroom in het lerarenberoep, met aandacht voor passie, opleiding en begeleiding.
    • Versterk Leerpunt als motor van professionalisering, zodat leerkrachten vlot toegang hebben tot wetenschappelijke inzichten en goede praktijkvoorbeelden die hen helpen groeien in hun job.
  • Differentieer sterker naar prestatiedruk en behoefte aan uitdaging. Niet elke leerling ervaart dezelfde druk of uitdaging. Stem het onderwijsaanbod flexibeler af op deze verschillen, zowel binnen als tussen de richtingen.
  • Investeer in stressreductie, vooral in doorstroom- en dubbele finaliteiten. Begeleid leerlingen actief in omgaan met prestatiedruk via studiecoaching, welzijnsbeleid en groeigerichte evaluaties.
  • Verhoog de uitdaging in praktijkgerichte en arbeidsmarktgerichte opleidingen. Bied meer uitdagende opdrachten en trajecten aan om ook deze leerlingen maximaal uit te dagen en te motiveren.
  • Investeer in sterke taalvaardigheid bij alle leerlingen. Scholieren erkennen zelf dat goed Nederlands cruciaal is om te kunnen leren. Zorg daarom voor taalondersteuning op maat, in alle richtingen en graden, zodat elke leerling actief kan deelnemen.

Respect op school 

  • Werk aan een schoolcultuur van wederzijds respect. Zet in op schoolbrede projecten, peer support (Conflixers) en trainingen rond verbindende communicatie. 
  • Herstel het respect voor leerkrachten, samen met scholieren. Scholieren erkennen dat leerkrachten meer respect verdienen, maar dat lukt alleen als ook zij ernstig genomen worden. Combineer gezag met wederzijds vertrouwen en samenwerking.
  • Zorg voor inspraak van scholieren in afspraken en sancties. Betrek leerlingen actief bij het opstellen en evalueren van schoolregels. Wat je mee bepaalt, voel je je ook mee verantwoordelijk voor.
  • Investeer in een warme en positieve schoolcultuur. Maak van sfeer, groepsgevoel en open communicatie een prioriteit. Want waar leerlingen zich goed voelen, groeit ook het respect. Voorzie tijd en ruimte voor klaswerking, verbindende momenten en zorgzame relaties.
  • Voorzie op school duidelijke afspraken in combinatie met een zorgzame opvolging voor zowel leerlingen als leerkrachten.
  • Zorg voor professionalisering van leerkrachten rond leerlingenparticipatie in de klas, zoals het ontvangen van feedback over het lesgeven en het betrekken van leerlingen bij evaluatiemomenten. 

Vlaamse toetsen

  • Gebruik de Vlaamse toetsen doelmatig. Zorg dat de Vlaamse toetsen ingezet worden om de onderwijskwaliteit in Vlaanderen te verbeteren en breng leerlingen daar beter van op de hoogte. 
  • Voorzie in het onderwijs meer ruimte voor levensvaardigheden en een brede voorbereiding op de toekomst. Maak werk van een vakoverschrijdende aanpak om scholieren in het onderwijs beter voor te bereiden op het latere volwassen leven (bv. koken, belastingsbrief invullen, solliciteren, …).

Digitaal Onderwijs

  • School leerkrachten secundair onderwijs en scholieren grondig bij op vlak van digitale vaardigheden. Digitale vaardigheden worden alleen maar belangrijker. 
  • Zorg dat digitale middelen gelijke kansen versterken, niet verzwakken. Blijf investeren in degelijk materiaal, begeleiding en ondersteuning – zeker voor kwetsbare scholieren. Zorg voor vangnetten bij het wegvallen van subsidies.
  • Verbeter de digitale infrastructuur op school. Investeer in de verbetering van wifi-infrastructuren en technische ondersteuning op scholen om een vlotte toegang tot digitale hulpmiddelen mogelijk te maken.
  • Blijf inzetten op het Kenniscentrum Digisprong. Ondersteun het Kenniscentrum in zijn rol als motor voor digitale transformatie in het onderwijs. Zorg dat scholen en leerkrachten er terechtkunnen voor inspiratie, begeleiding, kennisdeling  en concrete praktijkvoorbeelden.

Bijles:

  • Investeer in sterk lesgeven op school, zodat bijles de uitzondering wordt en niet de norm. 
  • Breng de bijlesmarkt in kaart en bewaak de kwaliteit en toegankelijkheid. Waak over gelijke onderwijskansen en voorkom privatisering van onderwijs. 

Bron: scholierenkoepel.be

Vlaamse regering bespaart op armoedebestrijding in het onderwijs

Minister van Onderwijs Zuhal Demir (N-VA) wil alle subsidies van vzw Krijt en Stichting Robin schrappen, in totaal zo’n 400.000 euro. “Vzw Krijt en Stichting Robin leveren essentieel werk om kansarmoede op school aan te pakken. Dat is een groot probleem in het onderwijs, zeker nu de schoolfactuur steeds duurder wordt door de hoge kosten voor schoolboeken en laptops”, reageert Line De Witte, volksvertegenwoordiger van de PVDA in het Vlaams Parlement. “In plaats van de hoge ongelijkheid en dure schoolfacturen aan te pakken, bespaart de Vlaamse Regering liever op de organisaties die daar iets aan doen. Dat is de wereld op zijn kop. Wij dienen met de PVDA een voorstel in om deze asociale besparingen niet door te voeren.” 

Vzw Krijt helpt scholen om kostenbewust te werken. Stichting Robin is de organisatie achter de Robin-pas, die kortingen regelt en gespreide betaling van schoolkosten mogelijk maakt voor ouders in armoede. “Dat is belangrijk, omdat de ongelijkheid in ons onderwijs enorm hoog is. Uit de resultaten van de laatste Gezinsbarometer van de Gezinsbond blijkt dat een op de zeven gezinnen de schoolkosten niet kan betalen”, weet Line De Witte. “En ook voor vele andere is school echt een serieuze hap uit het budget: schoolboeken kosten al gauw 300 euro, een laptop 600 euro. Gelukkig zijn er nog organisaties als Krijt vzw en Stichting Robin die gezinnen helpen met de hoge facturen.” 

“Maar voor de Vlaamse Regering is betaalbaar onderwijs blijkbaar geen prioriteit”, gaat Line De Witte verder. “Eerder besloten ze al om de schoolbonus, een deel van het kindergeld dat ouders helpt om de dure septembermaand door te komen, af te schaffen voor de meeste gezinnen. Ze bespaarden bovendien op de laptops voor elk kind en nemen geen maatregelen tegen de commercie die schoolboeken aan peperdure prijzen verkoopt”, zegt Line De Witte. “En nu besluit de Vlaamse Regering ook nog om de subsidies af te pakken van de organisaties die ouders helpen met die hoge schoolfacturen.” 

De PVDA vraagt om de besparingen niet door te voeren. “Wij gaan een amendement op de begroting indienen om niet te besparen op vzw Krijt en Stichting Robin”, kondigt Line De Witte aan. “Daarnaast vragen we de regering om iets te doen aan de hoge schoolfacturen door een maximumfactuur in het secundair onderwijs in te voeren, in plaats van te besparen op de organisaties die ouders helpen met de hoge schoolkosten.” 

Minister Demir (N-VA) bespaart overigens niet enkel op armoedebestrijding. Ook subsidies voor onder andere studiebegeleiding, lesmateriaal voor leerlingen met een leer- of ontwikkelingsstoornis en voor het Steunpunt Inclusief Onderwijs worden verminderd of geschrapt. “De minister gaat met een grove borstel door alle mooie organisaties en initiatieven die mensen ondersteunen in het onderwijs. Op deze manier gaat ze ons onderwijs alleen maar verder kapot maken.” 

Bron: pvda.be

Nationale manifestatie tegen geweld tegen vrouwen: 3 redenen om mee op te stappen

Zondag 23 november trekt de nationale manifestatie tegen geweld tegen vrouwen door de straten van Brussel. Deze jaarlijkse manifestatie, georganiseerd door het Mirabal-platform, brengt duizenden mensen op de been om het vele geweld tegen vrouwen aan te kaarten én om een daadkrachtige aanpak te eisen. Met de PVDA en onze vrouwenorganisatie Zelle stappen we mee op. 

“Wij roepen iedereen op om mee te betogen want geweld tegen vrouwen is een structureel probleem in onze samenleving. Bovendien zullen de geplande maatregelen van de regering-De Wever-Rousseau de kwetsbaarheid van vrouwen, ook voor geweld, verder vergroten. Daarnaast blijft het wachten op een echte daadkrachtige aanpak van geweld voorzien van voldoende middelen en handen”, zegt Maartje De Vries, voorzitster van Zelle. 

1. Geweld tegen vrouwen zit diep ingebed in de samenleving

Elke dag opnieuw worden vrouwen geconfronteerd met geweld: in hun relaties, op straat, in de sportclub, op school, op het werk. Een op de drie vrouwen wordt in haar leven slachtoffer van seksueel geweld. In België wordt elke twee weken een vrouw het slachtoffer van femicide. 

De cijfers zijn alarmerend maar tegelijk slechts het topje van de ijsberg, want de meerderheid van de slachtoffers doet geen aangifte en komt dus niet officieel in de cijfers.

De onveiligheid voor vrouwen neemt toe. Een factor die daaraan bijdraagt, is de invloed van extreem- en conservatief rechts, die traditionele rollen benadrukken. Denk maar aan sommige populaire influencers zoals Andrew Tate. Dat versterkt seksisme en haat tegenover vrouwen.

Geweld tegen vrouwen is geen individueel probleem, het is een maatschappelijk probleem. Het zit in het DNA van onze samenleving. Het houdt de ongelijkheid tussen vrouwen en mannen in stand en verdiept ze. Dat heeft verontrustende gevolgen voor de gelijkheid, veiligheid, gezondheid en kansen van vrouwen en meisjes. Er is dan ook een maatschappijbrede aanpak nodig om dit geweld aan te pakken.

2. De Arizona-regering vergroot de kwetsbaarheid

De plannen die de regering-De Wever-Rousseau op tafel heeft liggen, zullen een grote impact hebben op de sociaal-economische situatie van vrouwen. 

De pensioenmalus zal een op de twee vrouwen treffen die met vervroegd pensioen gaan. Pensioenhervormingen, zoals het snijden in het aantal gelijkgestelde periodes of het hervormen van het overlevingspensioen, treffen voornamelijk vrouwen. 

Er is ook een loonkloof van bijna twintig procent. Omdat vrouwen vaker deeltijds werken én omdat sectoren waar voornamelijk vrouwen werken, vaak lage lonen hebben. Als de Arizona-regering beslist om te snoeien in de premies, om de loonblokkering aan te houden enz. dan zullen vrouwen dit hard in hun portemonnee voelen. 

Dat is nog niet alles. De Wever en Rousseau openen de jacht op werklozen en langdurig zieken. Van die laatste groep is 60 procent vrouw.

Al deze maatregelen hakken in op de economische onafhankelijkheid van een grote groep vrouwen die meer en meer afhankelijk zullen worden van anderen. Dit alleen al is een vorm van economisch geweld. Tegelijk maakt het vrouwen kwetsbaarder, ook voor fysiek geweld.

Diezelfde regering duwt vrouwen niet enkel in de armoede door te snoeien in het inkomen, ze maakt het hen ook moeilijker op de arbeidsmarkt. Tal van maatregelen moeten de arbeidsmarkt ‘versoepelen’: meer ‘vrijwillige’ overuren, de annualisatie van de arbeidstijd, een toename van de flexi-contracten en zelfs contracten van minder dan een derde van een voltijdse betrekking. 

Vrouwen werken nu al vaker in onzekere, zeer flexibele, laagbetaalde jobs — in de zorg, schoonmaak of de verkoop. Door nog meer flexibiliteit te eisen, wordt het nóg moeilijker voor vrouwen om werk en privé te combineren. 

Bovendien verzwakt de toename van precaire contracten en arbeidsomstandigheden vrouwen op de arbeidsmarkt waardoor ze meer risico lopen op mistoestanden en op grensoverschrijdend gedrag. Wie afhankelijk is van een tijdelijk contract of onregelmatige uren, heeft minder verweer. 

3. We willen een echt plan tegen geweld

Geweld tegen vrouwen zit diepgeworteld in onze samenleving. Tegelijkertijd blijft het wachten op een brede, structurele aanpak vanuit het beleid, voorzien van voldoende middelen én handen. 

Zo’n brede aanpak betekent investeren in opvang voor en bescherming van slachtoffers, een betere opvolging van daders, meer én gespecialiseerd personeel bij politie en justitie, in preventie. Het betekent justitie en politie versterken zodat slachtoffers gehoord en klachten snel behandeld kunnen worden. En het betekent een beleid voeren dat economische ongelijkheid en onzekerheid terugdringt.

We hebben nood aan een nationaal actieplan tegen geweld op vrouwen met concrete doelstellingen, budgetten en verantwoordelijkheden. Niet enkel op papier, maar beleid dat vrouwen effectief beschermt — thuis, op het werk en op straat.

Samen op straat op 23 november

Zelle en de PVDA sluiten zich aan bij de oproep van het Mirabalplatform voor een nationale manifestatie tegen geweld tegen vrouwen. 

Wij zeggen ‘stop’ tegen de afbraakmaatregelen van de regering-De Wever-Rousseau die vrouwen kwetsbaarder maken. Wij komen op straat voor een daadkrachtige aanpak van geweld voorzien van voldoende budget en handen. Wij komen op straat omdat geweld tegen vrouwen geen natuurwet is. De aanpak of het uitblijven ervan is het gevolg van politieke keuzes.

Loop daarom mee in het blok van Zelle en de PVDA:
➡️ Zaterdag 23 november, om 14 uur, Poelaertplein, Brussel
➡️ Betoging tegen geweld op vrouwen, georganiseerd door het Mirabalplatform.

Bron: pvda.be