Wonen er weinig leerkrachten in de buurt? Dan kampen scholen met een groter lerarentekort. Dat blijkt uit onderzoek van de KU Leuven en UAntwerpen. In Brussel kunnen ze daarover meespreken.

Het is een bekend en gevreesd scenario onder directeurs: leerkracht x of y vertrekt omdat die op een school dichter bij huis gaat werken. Zeker nu zowat overal in Vlaanderen scholen op zoek zijn naar leerkrachten, is ‘jobhoppen’ onder leerkrachten geen uitzondering meer. Maar speelt de afstand tot de klasvloer daadwerkelijk een rol voor leerkrachten in hun keuze voor een school?

Onderzoekers van de KU Leuven en UAntwerpen brachten dat voor het eerst in kaart. Wat blijkt? De afstand tot de school bepaalt wel degelijk of leraren hun job blijven doen. Hoe langer het pendeltraject, hoe groter de kans dat een leerkracht vroeg of laat zijn school inruilt voor eentje dichter bij huis. De kans dat een leerkracht het onderwijs helemaal verlaat, neemt slechts licht toe als de afstand groter wordt. Andere factoren, zoals de duur en voorwaarden van het contract, spelen in beide gevallen nog altijd sterker mee.

“Het is een troef van het lerarenberoep dat je dichter bij huis werk kan vinden”, zegt onderwijseconoom en een van de onderzoekers Kristof De Witte (KU Leuven). “Maar scholen in gemeenten waar er weinig leerkrachten wonen, zullen dus meer worstelen om leerkrachten te vinden, en daardoor kampen met een groter lerarentekort.”

Brussel is het voorbeeld bij uitstek. Gemiddeld reist een startende leerkracht die in Brussel werkt 31 kilometer naar de school. Het Vlaamse gemiddelde is 13,9 kilometer. Ter vergelijking: de gemiddelde Vlaming reist 3 kilometer verder naar het werk, 17,1 kilometer.

Vorig schooljaar moesten sommige Brusselse scholen nog klassen sluiten omdat ze geen leerkrachten vonden. Het specifieke leerlingenpubliek in de hoofdstad – met een kwetsbare sociaal-economische achtergrond – speelt een rol. Maar daarnaast wonen er in verhouding tot het aantal scholen gewoonweg weinig gediplomeerde, Vlaamse leerkrachten.

De Witte en zijn collega’s pleiten daarom voor extra maatregelen voor regio’s waar het lerarentekort het grootst is. “Zoals een premie voor wie in die regio’s gaat werken, of gerichte, lokale campagnes om mensen te overtuigen”, aldus De Witte.

Ook Katholiek Onderwijs Vlaanderen vraagt al langer om een financiële bonus voor leerkrachten die in Brussel werken, in de vorm van sneller opgebouwde anciënniteit. Het GO! wil een ‘financiële incentive’ voor leerkrachten die in scholen werken met een groot aantal kwetsbare leerlingen, ook buiten Brussel.

Minister van Onderwijs Zuhal Demir (N-VA) is geen voorstander van extra cheques. “Dit is al jaren een vraag vanuit Brussel, maar ze werd nooit uitgerold omdat je dan een ongelijke behandeling creëert tussen leerkrachten. Wat we wel doen zijn proefprojecten, zoals scholen die een voltijds lessenrooster over vier dagen uitrollen. We hebben onlangs ook de voordelige fietslease ingevoerd.”

Bron: DeMorgen.be