Het parlement heeft de centenindex van de regering-De Wever goedgekeurd. Hoe werkt die centenindex concreet? Wat is het effect op je loon, pensioen of uitkering? En hoeveel mensen worden getroffen?

Hoe werkt de centenindex?

Er komt geen indexsprong, maar wel een zogenoemde ‘centenindex’. Dat betekent dat de lonen nog wel meestijgen met de levensduurte, maar niet voor iedereen even hard. Er komt een plafond.

Dat plafond ligt op 4.000 euro voor het bruto maandloon en op 2.000 euro bruto voor halftijdse brutolonen en uitkeringen zoals pensioenen. Boven dat plafond komt er ook nog een indexering, maar pas na aftrek van 2 procentpunt.

Voor iemand met een brutoloon tot 4.000 euro verandert er dus niets. Maar stel nu dat je een brutoloon hebt van 5.000 euro. Dan krijg je tot 4.000 euro de volledige indexering. Alles daarboven wordt geïndexeerd na een aftrek van 2 procentpunt.

Concreet: is er een indexering van 2 procent, krijg je boven 4.000 euro niets. 80 euro dus. Is er een indexering van bijvoorbeeld 6 procent, dan krijg je 6 procent op 4.000 euro en 4 procent op 1.000 euro. 

Belangrijk om te weten, is dat deze maatregel maximaal 2 keer kan worden ingeroepen tijdens deze regeerperiode: een keer nu in 2026 en een keer in 2028.

De maatregel zal al snel te merken zijn in een aantal sectoren. Zo zullen arbeiders in de cementfabrieken en petroleumnijverheid, net als arbeiders, uitkeringstrekkers en bedienden in gas- en energiebedrijven, als eersten de impact van de centenindex voelen.

Toch zal er voor pakweg de helft van de sectoren pas in 2027 iets veranderen. Heel wat sectoren werken immers met een jaarlijkse indexering in januari. En de overheid zelf werkt voor de lonen van het overheidspersoneel en uitkeringen met een spilindex. Die zou naar verwachting in juni opnieuw worden overschreden. Zij zullen 3 maanden later, in september dus, de index voelen.

Hoe groot is de impact op je portefeuille?

Ongeveer de helft van alle mensen die werken, zal dit voelen. Het mediaanloon in België bedroeg in 2022 (het meest recente cijfer van statistiekbureau Statbel) 3.728 euro bruto per maand. Dat betekent dat de helft van de werknemers toen minder dan 3.728 euro bruto per maand verdiende, de helft verdiende meer. Het gemiddelde maandloon bedroeg 4.078 euro bruto in 2022. Belangrijk: het mediaanloon ligt intussen – door verschillende indexeringen – hoger dan in 2022. 

“Wie niet zo heel veel meer dan 4.000 euro verdient, zal die indexering in centen niet echt voelen. Het vaste bedrag zal dicht bij het bedrag liggen dat ze normaal zouden hebben gekregen”, zegt professor arbeidseconomie Stijn Baert (UGent). “Maar wie aan de lonen raakt, raakt natuurlijk ook de mensen.”

Pensioenen

“Als het gaat om de pensioenen, zullen vooral vastbenoemde ambtenaren deze maatregel voelen. In de privésector ligt het gemiddelde pensioen nog steeds onder de 2.000 euro bruto. De pensioenen van vastbenoemde ambtenaren liggen een stuk hoger, gemiddeld boven de 3.000 euro.”

Weinig impact op promoties

Volgens professor Baert zal de centenindex werknemers niet beletten om promotie te willen maken. “Er is nu al een zogenoemde promotieval in België, waardoor sommige mensen netto maar weinig overhouden van een loonsopslag van het brutoloon. Die is er nu vooral omdat de federale werkbonus en Vlaamse jobbonus wegvallen boven de 3.000 euro bruto, en je in hogere belastingschijven terechtkomt. Van het extra brutoloon van je baas blijft netto dan weinig over.”

“Wat besloten is, heeft daar niet zo heel veel mee te maken. Dat gaat immers om de automatische indexering van je huidige loon. Al kan het natuurlijk zo zijn dat bepaalde goedbetaalde jobs net iets minder aantrekkelijk zullen worden, omdat ze de komende jaren iets minder zullen toenemen qua brutoloon.”

Wat vinden de vakbonden en werkgevers?

De vakbonden gingen vanaf dag 1 niet akkoord met het idee van een centenindex. “Meer dan de helft van de werknemers zal door de indexhervorming 2 keer moeten inleveren”, zei Ann Vermorgen van het ACV. “Daarnaast wordt gas ook duurder, en het remgeld. Dus er wordt onevenwichtig in de richting van de werknemers gekeken.”

Het ABVV sloot zich daarbij aan: “Het begrotingsakkoord legt de rekening bij wie werkt en ziek is, terwijl grote vermogens zich er opnieuw makkelijk van afmaken.” De socialistische vakbond klaagde aan dat er voor het eerst aan het mechanisme van de automatische loonindexering wordt geraakt. “Zo zet de regering de deur op een kier voor verdere afbouw. De index is voor ons echt een rode lijn.”

De liberale vakbond ACLVB noemde de centenindex “onaanvaardbaar en ongezien”. “Dat de niet-indexering voor de helft terechtkomt in de zakken van ondernemingen, zogezegd om de competitiviteit te versterken, versterkt het gevoel dat werknemers opnieuw de rekening betalen.”

Bron: VRT.nws