Wat verandert er in juni 2026?

Wat verandert er in juni 2026?

Een nieuwe maand, nieuwe maatregelen, wijzigingen van de wetgeving, enz.
Hierbij een kort overzicht.

• Vanaf 1 juni worden die dienstencheques automatisch terugbetaald.
Gebruikers van dienstencheques hoeven niet langer zelf in de gaten te houden of hun ongebruikte cheques dreigen te vervallen. Dienstencheques zijn twaalf maanden geldig. Voor cheques die vóór 1 juni vervallen, geldt nog de oude regeling: gebruikers moeten voor de vervaldatum zelf de terug-betaling aanvragen. Gebeurt dat niet, dan zijn de cheques definitief verloren. Voor de automatische terugbetaling is het wel belangrijk dat persoonlijke gegevens, zoals het rekeningnummer, correct zijn ingevoerd in ‘Mijn Burgerprofiel’.
• Meer producten met ecocheques
Behalve voor dienstencheques wordt per 1 juni ook de regeling voor ecocheques op enkele punten aangepast. Het gaat vooral om een uitbreiding van de lijst met producten die consumenten met de cheques kunnen aankopen. Daarop prijken voortaan ook voedings- en textielproducten met een fair-tradelabel, net als producten uit de zee met een ASC-label – dat wijst op duurzame kweek.
Daarnaast worden de voorwaarden voor elektroproducten aangepast. Onder de ‘energievriendelijke elektro’ die met ecocheques betaald kan worden, vallen vanaf juni huishoudelijke koelapparaten met energielabel A, B of C, vaatwassers van klasse A en was-droogcombinaties met label A, B of C
• Geen nieuwe instroom ziektepensioen meer
Vanaf 1 juni 2026 vallen ambtenaren niet langer onder het systeem van het ziektepensioen, maar onder de ziekte- en invaliditeitsverzekering. De stopzetting van de nieuwe instroom komt er in navolging van een beslissing van de vorige federale regering. Die zorgde ervoor dat vast benoemde ambtenaren die langdurig ziek uitvielen niet langer definitief – alleen nog tijdelijk – op medisch pensioen gestuurd konden worden.
Het ging jaarlijks om twee- à vierduizend mensen, van wie ongeveer duizend jonger dan vijftig jaar. Zij vielen terug op een beperkt ziektepensioen en wilden in veel gevallen het werk wel nog deels hervatten, maar mochten dat niet. Door de nieuwe instroom stop te zetten, wil de regering het stelsel op termijn volledig laten uitdoven.
Voor federale ambtenaren komt er nu een regeling vergelijkbaar met die in de privésector, via een verzekering tegen arbeidsongeschiktheid en invaliditeit. Volgens cijfers van cd&v-parlementslid Nahima Lanjri zitten momenteel 86.911 ambtenaren in definitief ziektepensioen. Vorig jaar ging het om 87.806 ambtenaren, met een kostprijs van 2,5 miljard euro per jaar. In 2024 stroomden nog 2.881 mensen in het systeem, onder wie ook jonge ambtenaren.
• HPV-vaccin langer terugbetaald
Ook de terugbetaling van het HPV-vaccin Gardasil9, dat kan beschermen tegen onder meer baarmoederhalskanker, wordt uitgebreid. Vanaf juni geldt de terugbetaling tot dertig jaar.
Het besmettelijke humaan papillomavirus (HPV), overgedragen via seksueel contact, wordt door bijna iedereen opgelopen. Hoewel het lichaam het virus meestal zelf opruimt, kan een langdurige infectie leiden tot zes soorten kanker, waaronder baarmoederhals- en keelkanker. Naar schatting is HPV verantwoordelijk voor ongeveer vijf procent van alle kankers.
Het vaccin Gardasil9 wordt vandaag al terugbetaald voor jongeren van 12 tot 18 jaar. Vanaf juni komen daar jongvolwassenen tussen 19 en 30 jaar bij die nog niet eerder werden gevaccineerd. Voor hoogrisicogroepen geldt de terugbetaling tot 45 jaar. Het vaccin kost ruim 120 euro en er zijn drie dosissen van nodig. Dankzij de terugbetaling betaalt de patiënt slechts 12,80 euro per prik.
Vandenbroucke verwacht dat door de uitbreiding er elk jaar zowat 60.000 bijkomende vaccins gezet zullen worden. Hij voorziet daarvoor ongeveer 6 miljoen euro.
• ‘Recht op vergeten’ verder uitgebreid
Vanaf 1 juni wordt het zogeheten recht om vergeten te worden verder uitgebreid. Ex-kanker-patiënten hoeven bij bepaalde verzekeringen niet langer spontaan te melden dat ze ooit kanker hadden, en ook reisannulatieverzekeringen zullen voortaan onder de regeling vallen.
Het systeem bestaat al sinds 2019 voor het afsluiten van schuldsaldoverzekeringen: mensen met een chronische aandoening of ex-kankerpatiënten ondervonden grote moeite om zo’n verzekering af te sluiten of moesten hoge premies betalen, maar inmiddels mag de verzekeraar geen rekening meer houden met succesvol behandelde aandoeningen. Afhankelijk van de ziekte gaat het recht in vanaf tien, vijf of één jaar na de behandeling.
Maar ex-patiënten moesten in de verzekeringsaanvraag wel nog altijd vermelden dat ze in het verleden aan kanker hebben geleden. Die meldingsplicht wordt nu geschrapt. Daarnaast wordt de regeling uitgebreid naar de reisannulatieverzekering. Sinds 2022 is het recht om vergeten te worden ook al van toepassing bij het afsluiten van een verzekering gewaarborgd inkomen.
• Alle tabakswaren voortaan neutraal verpakt
Tenslotte moeten vanaf maandag 1 juni alle tabakswaren en kruidenrookproducten in een neutrale verpakking worden verkocht. Dat maatregel moet roken minder aantrekkelijk maken, vooral voor kinderen en jongeren.
De regels golden al voor sigaretten, roltabak en waterpijptabak: de verpakking moet een neutrale achtergrondkleur hebben en er mogen geen logo’s, opvallende kleuren of merksymbolen op staan.
Vanaf juni gelden die strenge regels ook voor onder meer sigaren, cigarillo’s, pijptabak, vloeitjes, filters en hulzen, en rooktoestellen. Handelaars krijgen wel nog een beperkte overgangsperiode om oude verpakkingen uit te verkopen.

Belastingbrief invullen

Belastingbrief invullen

In België is iedereen die belastbaar inkomen heeft genoten en in het Rijksregister staat ingeschreven, in principe verplicht om aangifte te doen. Concreet:

• Werknemers (loontrekkenden)
• Zelfstandigen en bedrijfsleiders
• Gepensioneerden met pensioen of aanvullend inkomen
• Werkzoekenden met werkloosheidsuitkering
• Studenten boven een bepaald jobinkomen
• Verhuurders van tweede woningen of investeringsgoederen
• Belgen met buitenlands inkomen
Krijg je een voorstel van vereenvoudigde aangifte (VVA)? Dan heeft de FOD je aangifte al ingevuld op basis van bekende gegevens. Klopt alles, dan hoef je niets te doen. Klopt iets niet, dan moet je het wél corrigeren via Tax-on-web of een papieren wijzigingsformulier.

Deadlines aangifte personenbelasting 2026
De FOD Financiën hanteert verschillende deadlines, afhankelijk van het type aangifte en je situatie:
• Papieren aangifte: indienen vóór 30 juni 2026 (per post terugsturen)
• Tax-on-web standaard: indienen vóór 15 juli 2026
• Tax-on-web met specifieke inkomsten: indienen vóór 16 oktober 2026
• Mandataris (boekhouder): indient namens jou, ook deadline 16 oktober 2026
• Voorstel vereenvoudigde aangifte (VVA): corrigeren vóór 30 juni 2026 (papier) of 15 juli 2026 (digitaal)
Specifieke inkomsten zijn onder andere: winsten en baten als zelfstandige, bezoldigingen van bedrijfsleiders, buitenlandse beroepsinkomsten en bepaalde diverse inkomsten. Heb je daar een van? Dan krijg je automatisch tot 16 oktober 2026.

Wat als je te laat bent?
Een te late aangifte leidt tot een belastingverhoging tussen 10% en 200%, afhankelijk van of het de eerste keer is en of er sprake is van opzet. Bij een eerste vergetelheid zonder kwade trouw bedraagt de verhoging meestal 10%. Hardnekkige laatkomers krijgen een ambtshalve aanslag op basis van geschatte gegevens — vaak hoger dan de werkelijke belasting.

Stap 1: voorgevulde gegevens controleren
De FOD haalt automatisch gegevens op van werkgevers, banken, verzekeraars en pensioenkassen:

• Lonen en wedden uit fiche 281.10
• Pensioenen uit fiche 281.11
• Werkloosheids- en ziekte-uitkeringen
• Belastingvoordelen voor pensioensparen (lees ook onze handleiding pensioensparen België)
• Hypothecaire leningen en gewestelijke fiscale gunstregelingen
• Energiebesparende investeringen
• Giften aan erkende instellingen
Ga elk vak na en vergelijk met je eigen documenten. Klopt iets niet, dan kun je het bedrag aanpassen of een ontbrekend bedrag toevoegen.

Tevreden? Klik op “Aangifte ondertekenen”. Je krijgt direct een ontvangstbewijs met datum en uniek nummer. Bewaar dit ontvangstbewijs minimaal zeven jaar.

Wijzigen na verzending
Heb je je aangifte al ingestuurd en kom je er achter dat je iets bent vergeten? Geen paniek: zolang de officiële deadline nog niet verstreken is, kun je een aangepaste aangifte indienen. Tax-on-web vervangt dan de eerste versie. Na de deadline kun je nog tot drie jaar een bezwaar indienen tegen je aanslagbiljet.

Voorstel vereenvoudigde aangifte (VVA)
Sinds enkele jaren stuurt de FOD aan miljoenen Belgen automatisch een voorstel van vereenvoudigde aangifte. Dat is een voor-ingevulde aangifte met alle bekende gegevens. Komt jouw situatie overeen, dan hoef je niets te doen.

Aanslagbiljet: wanneer krijg je het?
Na verwerking van je aangifte stuurt de FOD een aanslagbiljet (officieel “aanslagbiljet personenbelasting”). Dit kan een paar weken tot een paar maanden duren, afhankelijk van wanneer je hebt ingediend.

Wat doen als ik geen voorstel vereenvoudigde aangifte krijg?
Dan moet je zelf de volledige aangifte invullen via Tax-on-web of via het papieren formulier dat in mei 2026 in de bus valt. Een VVA wordt alleen verstuurd als je situatie vorig jaar onveranderd was.

Tax-on-web | FOD Financiën

Staat mag stakingen niet belemmeren

Staat mag stakingen niet belemmeren

Hier is een heldere samenvatting van het arrest Trade Union of Social Sector Workers Hongarije en de belangrijkste gevolgen ervan.
De zaak gaat over een Hongaarse vakbond die in 2020 verschillende stakingsdagen wilde organiseren. Volgens de Hongaarse wet moest vooraf worden vastgelegd welke minimale dienstverlening tijdens de staking verzekerd moest blijven.
De vakbond deed hiervoor een voorstel, maar de regering wees dit af. Daarom werd een verplichte arbitrageprocedure opgestart om de minimale dienstverlening vast te leggen. Die procedure liep echter ernstige vertraging op door administratieve fouten, bevoegdheidsdiscussies tussen rechtbanken en een trage behandeling door de hoogste rechter (de Kúria).
Het definitieve oordeel over de minimale dienstverlening kwam pas eind december 2020, terwijl de laatste geplande stakingsdag al voorbij was. Daardoor konden de aangekondigde stakingen in de praktijk niet meer plaatsvinden zoals bedoeld.
De vakbond en enkele leden stapten naar het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) en voerden aan dat hun stakingsrecht feitelijk onmogelijk was gemaakt.
Het Hof gaf hen gelijk.
Oordeel van het EHRM
Het Hof vertrekt van het principe dat het stakingsrecht een essentieel onderdeel vormt van de vrijheid van vereniging beschermd door artikel 11 EVRM.
Het Hof aanvaardt dat staten regels mogen opleggen over minimale dienstverlening, vooral in essentiële openbare diensten. Dergelijke regels mogen echter niet zo worden toegepast dat het stakingsrecht illusoir wordt.

Volgens het Hof:
• heeft de langdurige arbitrageprocedure de uitoefening van het stakingsrecht daadwerkelijk verhinderd;
• waren de vertragingen grotendeels toe te schrijven aan de nationale autoriteiten;
• gaf de Hongaarse regering geen overtuigende verklaring voor die vertragingen;
• verloor de staking haar betekenis omdat de beslissing pas kwam nadat alle aangekondigde stakingsdagen waren verstreken.
Het gevolg was dat de beperking van het stakingsrecht niet proportioneel was.
Daarom besloot het Hof dat artikel 11 EVRM was geschonden.
Kernboodschap van het arrest
Het arrest zegt niet dat minimale dienstverlening strijdig is met het EVRM.
Het Hof zegt wel dat:
Een procedure om minimale dienstverlening vast te leggen moet snel en effectief verlopen. Als de overheid door vertragingen verhindert dat een staking nog zinvol kan plaatsvinden, kan dat een schending van artikel 11 EVRM opleveren.

Juridische consequenties

  1. Positieve verplichting voor staten
    Lidstaten moeten niet alleen afzien van onrechtmatige beperkingen van het stakingsrecht, maar ook zorgen voor een procedure die tijdig werkt.
    Een procedure die zo lang duurt dat een staking onmogelijk wordt, kan op zichzelf een schending van artikel 11 EVRM vormen.
  2. Snelle geschillenbeslechting wordt essentieel
    Wanneer een staking afhankelijk is van een voorafgaande beslissing over minimale dienstverlening, moeten rechtbanken en overheden bijzonder snel handelen.
    Het arrest legt dus sterk de nadruk op spoedprocedures.
  3. Feitelijke verhindering telt evenzeer als een juridisch verbod
    Het Hof maakt duidelijk dat een overheid het stakingsrecht niet enkel kan schenden door een staking formeel te verbieden.
    Ook een procedurele vertraging die een staking praktisch onmogelijk maakt, kan een ontoelaatbare beperking vormen.
  4. Belang voor landen met regels over minimale dienstverlening
    Het arrest is relevant voor alle landen waar minimale dienstverlening geldt, waaronder ook België.
    Wanneer vakbonden afhankelijk zijn van administratieve of gerechtelijke procedures voordat zij effectief kunnen staken, moeten die procedures voldoende snel zijn om de actualiteitswaarde van de staking te behouden.
  5. Belang van de “relevantie” van een staking
    Een opvallend element in dit arrest is dat het Hof uitdrukkelijk kijkt naar de relevantie en actualiteit van de staking.

Een staking is meestal verbonden aan een concreet sociaal conflict of een bepaalde onderhandelingsfase. Als een beslissing pas komt nadat dat conflict voorbij is, wordt het stakingsrecht grotendeels uitgehold.

Het EHRM oordeelde in Trade Union of Social Sector Workers e.a. t. Hongarije (12 mei 2026) dat buitensporige vertragingen in een verplichte arbitrageprocedure over minimale dienstverlening tijdens een staking een schending kunnen vormen van artikel 11 EVRM.

Hoewel staten minimale dienstverlening mogen organiseren, moeten de procedures daarvoor tijdig en effectief verlopen. Omdat de Hongaarse autoriteiten de beslissing pas namen nadat alle geplande stakingsdagen waren verstreken, verloor de staking haar relevantie en werd het stakingsrecht op disproportionele wijze beperkt. Hierdoor stelde het Hof een schending van de vrijheid van vereniging vast.

Ook blauwe vakbond verandert van naam

Ook blauwe vakbond verandert van naam

Recent maakte ook de blauwe vakbond bekend dat ze zich niet meer ACLVB wil noemen. Sinds mei 2026 heeft de vakbond officieel een nieuwe naam: Synova.
met als slogan: “de vrije vakbond”.
Waarom zijn ze van naam veranderd?
De belangrijkste reden is dat de vakbond zich niet langer wilde vereenzelvigen met de politieke betekenis van het woord “liberaal”. Volgens voorzitter Gert Truyens vonden veel leden dat de naam niet meer overeenkwam met hoe de organisatie vandaag werkt.
De vakbond benadrukte daarbij verschillende punten:
• ze wil zich duidelijker profileren als politiek onafhankelijk;
• ze wil niet automatisch geassocieerd worden met partijen zoals Ander of MR.
• ze wil een moderner imago uitstralen en zich onderscheiden van het klassieke vakbondswerk dat vaak sterk focust op stakingen en confrontatie.
Volgens de vakbond zelf vonden veel leden dat de term “liberale vakbond” de lading niet meer dekte. Een ledenbevraging zou hebben uitgewezen dat een grote meerderheid het woord “liberaal” niet langer passend vond.
Waarom de naam Synova?
De naam zou samengesteld zijn uit:
• “syn” (Grieks voor samen);
• “nova” (Latijn voor nieuw).
Daarmee wil de vakbond aangeven dat ze kiest voor een nieuwe, meer onafhankelijke en toekomstgerichte koers.
Wat verandert er inhoudelijk?
Volgens de leiding blijft de vakbond werknemers verdedigen, maar met meer nadruk op:
• overleg;
• gerichte acties;
• minder algemene stakingen;
• oplossingen zoeken naast protest voeren.
De bekende blauwe kleur blijft wel behouden.

Kort gezegd: De blauwe vakbond ACLVB heeft zichzelf omgedoopt tot Synova omdat ze zich minder wil identificeren met het politieke liberalisme en sterker wil uitdragen dat ze een onafhankelijke, “vrije” vakbond wil zijn.   Volgens Neutr-On is de blauwe vakbond al jaren nutteloos en liepen ze er alleen maar voor “spek en bonen” bij, een soort “soepkiekens” zou je kunnen zeggen. Volgens Neutr-On zal de blauwe vakbond op  korte termijn teniet gaan, net zoals de blauwe politieke partij die op sterven na dood is. De familie De Gucht had er een klucht van gemaakt. Neutr-On nodigt alle verdwaalde  leden uit om over te stappen naar Neutr-On.   Vlaamse liberalen onderuit in nieuwe peiling | De Tijd Anders blijft net boven kiesdrempel in peiling, PVDA veruit grootste in Brussel | Nieuwsblad
Blauwe partij blijft zakken in de peilingen

Blauwe partij blijft zakken in de peilingen

Anders (vroeger Open-VLD) blijft zakken in de peilingen
Hoe Open-VLD de energiesector verkocht.
De regering van Guy Verhofstadt was politiek betrokken in de periode waarin Electrabel volledig in Franse handen kwam.
Hoe kwam Electrabel in Franse handen?
Electrabel was oorspronkelijk een Belgisch energiebedrijf, maar zat al decennialang in een ingewikkelde aandeelhoudersstructuur rond de Société Générale de Belgique (Generale Maatschappij). In de jaren 80 en 90 kreeg de Franse groep Suez steeds meer controle over die Belgische holdings.
Belangrijke stappen:
• 1998: Suez neemt de Generale Maatschappij volledig over. Daardoor krijgt Suez indirect controle over Electrabel.
• 2005-2007: Suez koopt ook de resterende aandelen van Electrabel op en wordt volledig eigenaar. Electrabel verdwijnt van de beurs.
• 2008: Suez fuseert met Gaz de France tot GDF Suez, het latere Engie. Daardoor wordt Electrabel uiteindelijk onderdeel van Engie.
Welke rol speelde Verhofstadt?
Guy Verhofstadt was premier van 1999 tot 2008. Dat betekent dat hij aan het roer stond tijdens de cruciale periode waarin Suez de laatste aandelen van Electrabel verwierf.
Maar:
• Electrabel was toen geen staatsbedrijf dat de regering rechtstreeks kon verkopen.
• Het bedrijf was al grotendeels gecontroleerd door Suez vóór Verhofstadt premier werd.
• De echte machtsverschuiving naar Franse controle begon al onder eerdere regeringen, vooral in de jaren 80 en 90.
• de Belgische overheid juridisch beperkte mogelijkheden had om een private overname tegen te houden.
Samengevat
Een vaak gehoorde uitspraak is:
“Verhofstadt heeft Electrabel aan de Fransen verkocht.
Electrabel kwam geleidelijk in Franse handen via de overname van de Generale Maatschappij en de opbouw van Suez als meerderheidsaandeelhouder. Onder de regering-Verhofstadt werd dat proces voltooid doordat Suez de resterende aandelen van Electrabel verwierf en het bedrijf van de beurs haalde.

Een andere frats van Verhofstadt is de verkoop van het Belgisch goud.
De Belgische goudverkopen gebeurden vooral in de jaren 90 en begin jaren 2000. Een groot deel van de verkopen gebeurde tijdens de regering Guy Verhofstadt.
Historische gegevens:
• toen had België ongeveer 1.000 ton goud;
• werden in 1989, 1992, 1995 en 1996 grote hoeveelheden verkocht;
• daalde de voorraad uiteindelijk tot ongeveer 300 ton en later tot ongeveer 227 ton
In de jaren 90 noteerde goud vaak rond 250 à 400 dollar per ounce. Ondertussen bereikte goud de prijs van 5500 dollars per ounce. Goud is vooral belangrijk in tijden van geopolitieke spanningen, oorlog, en oplopende inflatie.
Hoeveel zou dat goud vandaag waard zijn?
Een ruwe schatting:
• België verkocht sinds eind jaren 80 ongeveer 700 à 800 ton goud.
• Tegen de huidige goudprijs vertegenwoordigt 1 ton goud ruwweg 90 à 120 miljoen euro.
• Dat betekent dat die verkochte hoeveelheid vandaag ongeveer 120 miljard euro waard zou geweest zijn.
Waarom blijft dit politiek gevoelig?
Omdat veel mensen kijken naar het verschil tussen:
• de relatief lage verkoopprijzen toen;
• en de enorme goudwaarde vandaag.
Daardoor ontstaat de indruk dat België een strategische reserve heeft weggegeven net vóór goud opnieuw een belangrijk financieel en geopolitiek actief werd.

Ondertussen hebben de Open-VLD-kiezers wel begrepen dat het “Anders” moet en ze keren massaal de rug naar die blauwe partij die alleen maar aan eigenbelang en winst denkt. Anders blijft dalen in de peilingen.