by admin | apr 6, 2026 | Sectoren
Sinds de start van de Iranoorlog zijn de prijzen voor kerosine al minstens verdubbeld. Luchtvaartmaatschappijen snoeien in hun capaciteit. Vooral Azië is getroffen. Op de korte termijn staat België er beter voor, nuanceert Wouter Dewulf, transporteconoom aan de Universiteit van Antwerpen.
De gevolgen van de Iranoorlog deinen verder uit. Ook de burgerluchtvaart komt nu in het vizier. Wouter Dewulf, transporteconoom aan de Universiteit van Antwerpen, ziet diverse bewegingen in de markt.
“De kern van het probleem is dat de schok niet alleen over ruwe olie gaat, maar ook over geraffineerde producten, waaronder kerosine. Dit is blijkbaar de grootste verstoring in de geschiedenis van de mondiale oliemarkt: de stromen door Hormuz zijn teruggevallen van zowat 20 miljoen vaten per dag naar bijna niets. De export van geraffineerde producten uit de Golfregio is nagenoeg stilgevallen en meer dan drie miljoen vaten per dag aan raffinagecapaciteit in de regio liggen stil. Reuters meldde dat ongeveer 15 procent van de Europese kerosinebevoorrading uit het Midden-Oosten komt, waardoor Europa bij een langere crisis vooral kwetsbaar wordt in vliegtuigbrandstof en diesel, eerder dan in ruwe olie op zich. Het Verenigd Koninkrijk is bijzonder kwetsbaar, aangezien bijna 70 procent van hun kerosine uit het Midden-Oosten komt, voornamelijk uit Koeweit”.
Hoe staat België ervoor?
WOUTER DEWULF. “Voor België is het risico sterk afgezwakt door de structuur van de nationale olie-infrastructuur. Die is goed ontwikkeld, met een grote importterminal in Antwerpen, meerdere raffinaderijen, aanzienlijke opslagcapaciteit en een uitgebreid pijpleidingennetwerk. De Antwerpse cluster blijft centraal, met het gros van de Belgische raffinagecapaciteit en een groot deel van de opslag. Daarnaast is er de federale instelling ASEVA, die de Belgische veiligheidsvoorraden beheert. Die bevatten expliciet ook kerosine. De Europese Unie verplicht de lidstaten om noodvoorraden aan te houden van minstens 90 dagen netto-invoer of 61 dagen verbruik. Dat alles maakt België op korte termijn robuuster”.
Welke luchthaven scoort het best?
DEWULF. “Het onderscheid tussen Brussels Airport en Liège Airport is belangrijk. Brussels Airport wordt volledig met kerosine via de NAVO-pijpleiding CEPS bevoorraad. Die CEPS verbindt civiele en militaire luchthavens met raffinaderijen, depots en zeehavens en biedt daardoor een relatief sterke fysieke aanvoerstructuur. Liège Airport beschikt eveneens over het CEPS-netwerk, maar commerciële brandstofleveranciers leveren ook per vrachtwagen. Het toont dat Luik in operationele zin waarschijnlijk afhankelijker is van commerciële leverancierscoördinatie, terwijl Brussels Airport structureel sterker leunt op een vaste pijpleidingbevoorrading. Charleroi Airport is niet aangesloten op de NAVO pijplijn, en is volledig afhankelijk van commerciële brandstofleveranciers”.
Wat zijn de gevolgen voor de vliegticketprijzen?
DEWULF. “Er zijn drie mogelijke scenario’s. Het eerste is een korte oorlog of verstoring van enkele weken. In dat geval is het meest waarschijnlijke effect voor België hogere brandstofprijzen, mogelijk stijgende ticketprijzen en druk op marges van luchtvaartmaatschappijen, maar zonder een algemene fysieke schaarste. Dat sluit aan bij de huidige lijn van de Europese Commissie en bij de gecoördineerde vrijgave van meer dan 400 miljoen vaten uit noodvoorraden door het Internationaal Energie Agentschap (IEA). In het tweede scenario is er een verstoring van één tot drie maanden. Dan wordt het risico op echte productkrapte veel serieuzer. Europa zal weliswaar niet “zonder olie” vallen, maar kerosine wordt krapper. Met dus als gevolg sterk volatiele spotmarkten, selectieve allocaties door leveranciers en mogelijke operationele aanpassingen bij luchtvaartmaatschappijen. Dat is precies het type risico waarvoor de Europese Commissie en het IEA vandaag waarschuwen”.
En wat met het slechtste scenario, nummer drie?
DEWULF. “Dat is een langdurige oorlog van meer dan drie maanden of een verdere militaire escalatie. Dan wordt ook voor België fysieke schaarste een reëler scenario. In dat geval kunnen bijkomende vrijmaking van voorraden, vraagbeperkende maatregelen en prioritering van essentiële gebruikers nodig worden. Voor Brussels Airport komt daar nog een specifieke kwetsbaarheid bij: CEPS is weliswaar een sterke aanvoerstructuur, maar onder alle omstandigheden geldt binnen dat systeem een Military Priority Clause, waardoor militaire bevoorrading voorrang krijgt indien de crisis een uitgesproken veiligheidsdimensie krijgt”.
Bron: Trends.be
by admin | apr 6, 2026 | Economie
Premier De Wever reduceerde onlangs officiële armoedecijfers tot een geloof, en dat is hoogst problematisch.
We moeten het even hebben over statistiek. Mijn excuses. Bij veel mensen breekt dan het angstzweet uit. Dat is jammer, want statistieken, indicatoren en cijfers zijn onontbeerlijk om een wereld in verandering beter te begrijpen, om de gevolgen van beleidskeuzes in kaart te brengen en om alternatieve keuzes te onderbouwen. Maar: dat kan enkel als de statistieken door beleidsmakers correct gebruikt en geïnterpreteerd worden, en als het brede publiek er vertrouwen in heeft. Op dat vlak is er zwaar weer op komst.
Volgt u even met mij mee. Mensen zijn over het algemeen geneigd om de cijfers te geloven die hun eigen ideologische vooringenomenheid bevestigen en de cijfers die dat tegenspreken te verwerpen. Een klassieker in het genre is dat mensen die tegen migratie zijn, het aantal migranten in de samenleving sterk overschatten, waarin ze dan weer een bevestiging van hun politieke standpunt vinden. Wars van de feiten. Maar ongecijferdheid is niet louter een rechtse hobby. Wie ongelijkheid een probleem vindt, zal geneigd zijn om overal toenemende ongelijkheid te zien. En daarin de bevestiging te zien van het probleem. Gemotiveerd redeneren, heet dat.
Sommige politici spelen daar gretig op in door cijfers selectief of ronduit foutief te gebruiken. En dat blijft niet zonder gevolgen. Want één van de remedies tegen het gemotiveerd redeneren zijn goede, betrouwbare statistieken en indicatoren die een onafhankelijke inkijk bieden in de wereld rondom ons. Cijfers waarin het brede publiek vertrouwen kan hebben, omdat ze niet politiek gemanipuleerd worden. En die zo ook toelaten om de gevolgen van beleidskeuzes zichtbaar te maken, en politici erop af te rekenen.
Dat is helaas geen garantie meer. Van India tot Argentinië, overal neemt de politieke controle op openbare cijfers toe. In de VS ontsloeg president Trump doodleuk het hoofd van de dienst arbeidsmarktstatistieken omdat de cijfers over jobgroei (in dit geval: jobverlies) zijn politiek project niet ondersteunden. In het wetenschappelijke toptijdschrift Nature werd deze maand nog aan de alarmbel getrokken omdat meer en meer landen geen betrouwbare data meer aanleveren, en de organisatie van Amerikaanse statistici publiceerde eind 2025 een rapport met de veelzeggende titel The Nation’s Data at Risk.
Bij ons zijn de openbare statistieken gelukkig nog niet in gevaar. Maar toch is er reden tot ongerustheid. Laat me dat illustreren met de armoedecijfers. De armoedecijfers worden onafhankelijk verzameld door het Belgische statistiekbureau Statbel en zijn gebaseerd op een Europese definitie van het armoederisico, waarbij voor elk land een armoedegrens wordt vastgelegd. Wat je minimaal nodig hebt om uit de armoede te blijven verschilt van land tot land, dat is logisch. De armoedecijfers tonen dan het percentage van de bevolking dat met te weinig moet rondkomen. Ze laten toe om de veranderingen in de armoede betrouwbaar te vergelijken tussen landen en over de tijd, en je kan er de effecten van het beleid uit aflezen. Noodzakelijke info.
Dankzij de armoedestatistieken weten we bijvoorbeeld dat de armoede in België tijdens de voorbije regeerperiode van Vivaldi gedaald is. Dat is een belangrijke ommekeer en in Europees verband een behoorlijk unieke prestatie. De cijfers helpen ons ook begrijpen hoe dat komt: de armoededaling is vooral het gevolg geweest van het verhogen van de uitkeringen bovenop de index, in de nasleep van de coronacrisis toen er plots een politiek en maatschappelijk draagvlak ontstond om de sociale zekerheid te versterken. Leve de onafhankelijke statistiek! Toch?
De reactie van premier Bart De Wever in De Standaard was echter even laconiek als veelzeggend: “geloof je echt dat de armoede is gedaald door Vivaldi?” De officiële armoedecijfers worden gereduceerd tot een geloof. Het doet denken aan partijgenoot Jan Jambon die in 2019 als Vlaamse minister-president liet optekenen dat “we ook eens [moeten] kijken naar de definitie van armoede. Als we ons daarop baseren, zijn we ons zelf iets aan het wijsmaken.” Toen ging het armoederisico namelijk nog in stijgende lijn. Als de resultaten ons niet gunstig zijn, dan veranderen we toch gewoon de definitie? Statistieken zijn alleen maar nuttig als ze het eigen gelijk bevestigen.
Cijfers zijn politiek. Wie geen zin heeft in een stevig armoedebeleid, heeft baat bij een definitie die zo weinig mogelijk mensen als arm beschouwt. Of zaait twijfel over de betrouwbaarheid van de statistieken. Maar de gevolgen kunnen verstrekkend zijn. Het beleid dat voor de armoededaling heeft gezorgd, wordt nu teruggedraaid door de Arizonaregering. Maar als dalende armoedecijfers een kwestie van geloof zijn, wie kan dan nog de politici ter verantwoording roepen als ze opnieuw gaan stijgen?
Volgens de Eurobarometer van de Europese Commissie is het vertrouwen van de Belg in de openbare statistieken nu al laag in vergelijking met andere Europese landen. Wanneer politici vanuit een gezagspositie zelf bijdragen aan het ondermijnen van die gegevens, dan dreigt een spiraal van wantrouwen te ontstaan. Een samenleving zonder betrouwbare statistieken is een stuurloze samenleving waar ongecijferdheid de plak zwaait. Het is aan politici om hierin hun verantwoordelijkheid te nemen. Want als zij zelf vrolijk de overheidsstatistieken in vraag blijven stellen, moeten we niet verbaasd zijn als uiteindelijk niemand hén nog zal geloven.
Bron: sampol.be
by admin | apr 6, 2026 | Varia
België is nog steeds een robuuste democratie, maar de eerste barstjes worden zichtbaar.
Het is toch slikken om te lezen: “De VS zijn vergleden tot een autocratie” en “Trump streeft een dictatuur na”. Dat zijn de conclusies uit het recente rapport, Unraveling the Democratic Era, van het Zweedse V-Dem Institute, de geloofwaardigste democratiewaakhond ter wereld. Het is niet eens een verrassing. Normale midterms zijn straks hoogst twijfelachtig.
Het Zweedse onderzoeksinstituut waarschuwt dat autocratie ook elders aan terrein wint. In Europa zijn zeven EU-lidstaten – Hongarije, Griekenland, Kroatië, Slovenië, Slovakije, Italië en Roemenië – “aangetast door autocratisering”, met Portugal en Bulgarije op de watch list. Andere Europese landen staan dan weer bovenaan de wereldwijde democratie-index, zoals Denemarken, Zweden, Noorwegen, Zwitserland, Estland en Ierland. Ook de inspanningen van Polen worden benadrukt, al blijkt herstel na acht jaar afbraak van de rechtsstaat door de PiS-partij niet zo evident.
België staat netjes op plaats 10 van deze index. Dat is al jaren zo. Niets aan de hand, dus?
Helaas zijn ook wij niet immuun voor autocratisering. Vlaams Belang neemt het Trumpiaanse draaiboek gretig over. De partij imiteert Trump waar dat werkt en negeert wat hier niet past. Laura Jacobs noemde het eerder in dit blad “Trumpisme zonder Trump“: een gedoseerde Vlaamse variant die dezelfde strategieën inzet, maar net genoeg afstand bewaart om salonfähig te blijven.
Ook bij beleidspartijen zien we Trumpisme. Zo mag artikel 23 van de Grondwet, dat een aantal sociale grondrechten beschermt, voor N-VA op de schop. Het standstill-beginsel van dat artikel zou ‘hervormingen’ in de sociale zekerheid onmogelijk maken. Nochtans hield het Grondwettelijk Hof in de afgelopen 25 jaar slechts 20 keer de wetgever tegen vanwege dat beginsel en vraagt het enkel een minimale zorg voor kwetsbare personen met een verantwoord beleid dat steunt op feiten en cijfers.
Ook aan het strafrecht wordt gemorreld. In 2023 al wilde minister van Justitie, Vincent Van Quickenborne (Anders), een gerechtelijk betogingsverbod als nieuwe sanctie introduceren. Dat lukt toen niet, maar vandaag staat het opnieuw in het regeringsakkoord van Arizona. Minister van Binnenlandse Zaken, Bernard Quintin (MR), kreeg vorig jaar ook de goedkeuring van de ministerraad om ‘radicale organisaties’ administratief te verbieden zonder dat er een rechter aan te pas komt. Het recht op protest wordt stap voor stap ingeperkt.
De rechtspraak zelf wordt ook niet altijd meer gerespecteerd. De Belgische staat is al tig keer veroordeeld voor haar asiel- en opvangbeleid. Anneleen Van Bossuyt (N-VA) reageert laconiek: ze zegt dat ze haar opvangstop “gewoon verderzet”. Wellicht zal het haar geen stem minder opleveren. Uit politicologisch onderzoek blijkt dat burgers weliswaar overduidelijk democratie verkiezen boven systemen met sterke leiders, maar dat ze het minder erg vinden wanneer de controlerende functie van de rechterlijke macht wordt ingeperkt.
Onderzoeksinstellingen en openbare statistieken worden gediscrediteerd. Recent stelde Bart De Wever (N-VA) zich vragen bij de officiële armoedecijfers, verzameld door Statbel en gebaseerd op een Europese definitie van het armoederisico. “Geloof je echt dat de armoede is gedaald door Vivaldi?”. Officiële armoedecijfers reduceren tot een geloof, zover zijn we dus al.
Ook de media komen, in goede autocratische traditie, in het vizier. Onlangs kelderde Jan Jambon (N-VA) eigenhandig 40.000 euro aan subsidiesteun van de Nationale Loterij voor Apache. Een hoogst ongebruikelijke demarche voor een minister. In Franstalig België ligt de openbare omroep onder vuur. Georges-Louis Bouchez (MR) voert niet minder dan een cultuuroorlog tegen de RTBF.
Nogmaals, België is geen autocratie. We zijn nog steeds een robuuste democratie. Maar de eerste barstjes worden zichtbaar. Ook hier speelt de autocratische verleiding van de daadkrachtige bestuurder. Ook hier zien we Trumpiaanse maniertjes, hopend om electoraal wat te kunnen ritselen.
bron: sampol.be
by admin | apr 6, 2026 | Economie
COLUMN
Niemand staat boven de wet, ook degenen niet die regeren. Wanneer alles goed gaat, lijkt die eis abstract. Wanneer alles misgaat, wordt ze van levensbelang.
De voorbije weken hebben twee gebeurtenissen, op duizenden kilometers van elkaar, nochtans dezelfde boodschap uitgedragen. De VS besloten Iran aan te vallen buiten elk kader van het internationaal recht, zonder mandaat van de VN en met miskenning van de principes die het gebruik van geweld tussen staten regelen. In België verklaarde de minister van Asiel en Migratie, Anneleen Van Bossuyt (N-VA), dat zij een arrest van het Grondwettelijk Hof over het opvangbeleid naast zich neer zal leggen. In een open brief uit het personeel van Fedasil nu scherpe kritiek op het beleid: “we zien dagelijkse schendingen van rechtsstaat”.
In beide gevallen is de boodschap dezelfde: wanneer het recht beperkend wordt, vinden sommigen dat men zich er maar van moet kunnen losmaken. Dat is nooit een louter institutioneel detail. Het is altijd een signaal, een gevaarlijke verschuiving. Het idee dat het recht een obstakel zou zijn, dat regels de daadkracht van beleid afremmen, dat rechters politieke beslissingen bemoeilijken. En dat men uiteindelijk, in bepaalde omstandigheden, de regels maar moet kunnen omzeilen. En daar begint de glijdende helling.
De rechtsstaat is geen luxe voor rustige tijden. Hij is een baken in tijden van storm. Het principe is eenvoudig: niemand staat boven de wet, ook degenen niet die regeren, en de uitoefening van macht moet altijd binnen regels blijven en gecontroleerd worden door onafhankelijke rechters. Wanneer alles goed gaat, lijkt die eis abstract. Wanneer alles misgaat, wordt ze van levensbelang. Want net in periodes van angst, spanning of conflict wordt de verleiding van willekeur het grootst. Dan hoor je stemmen die zeggen dat regels tijdelijk moeten worden opgeschort, dat rechterlijke uitspraken genegeerd kunnen worden, dat het internationaal recht kan worden omzeild, in naam van efficiëntie of veiligheid.
Maar dat is een val. Als we aanvaarden dat het recht alleen nog ‘à la carte‘ wordt toegepast, volgens politieke voorkeuren, emoties of belangen, dan houdt het op recht te zijn. Het wordt een instrument van macht. En vanaf dat moment is niemand nog beschermd.
Dit principe geldt op alle niveaus. Het geldt binnen onze staten, wanneer een regering ervoor kiest een rechterlijke beslissing niet te respecteren. Het geldt ook op het internationale toneel, wanneer een macht meent militair of politiek te kunnen ingrijpen zonder juridisch kader, simpelweg omdat zij daartoe de middelen heeft. In beide gevallen is de logica dezelfde: de kracht in de plaats stellen van de regel.
De rechtsstaat is precies ontstaan om dat te voorkomen. Hij is voortgekomen uit de geschiedenis, uit machtsmisbruik, uit willekeurig geweld, uit regimes die op een dag besloten dat de wet niet langer voor hen gold. Democratieën hebben daaruit een eenvoudige les getrokken: macht moet worden beperkt, omkaderd en gecontroleerd. Het is die institutionele architectuur die onze vrijheden beschermt. Het verschil tussen barbarij en beschaving is niet altijd spectaculair. Soms ligt het in een zeer dunne lijn: die van het recht. Wanneer die lijn verdwijnt, wordt alles mogelijk: willekeur, wraak, het recht van de sterkste. En eenmaal die grens is overschreden, is het bijzonder moeilijk om terug te keren.
Daarom is het verdedigen van de rechtsstaat geen morele houding of politieke naïviteit. Het is een beschavingskeuze. Het betekent dat we, zelfs tegenover de ergste misdaden, zelfs tegenover de ergste regimes, zelfs in de meest gespannen momenten, weigeren afstand te doen van wat ons definieert. Want uiteindelijk is de vraag eenvoudig: als wij onze eigen principes opgeven, wat onderscheidt ons dan nog van datgene wat wij beweren te bestrijden?
Bron: sampol.be
by admin | apr 6, 2026 | Antipestteam
Wie alleenstaand is en geen kinderen heeft, zit in de fiscaal slechtst mogelijke situatie. Dat vertelt VRT NWS-journalist Michaël Van Droogenbroeck in het consumentenprogramma WinWin. Het is niet zo dat alleenstaanden méér belast worden, maar singles lopen wel een aantal handige voordelen mis.
“We genieten als alleenstaanden gewoonweg minder belastingsvoordelen.” Dat vertelt Charlotte Wilmssen, zelf al enkele jaren single en host van de podcast ‘How to be Single’ in WinWin op Radio 2. “Wanneer je huwt of kinderen krijgt, bekom je allerlei fiscale voordelen die je als alleenstaande jammer genoeg misloopt.”
Men zegt wel vaker dat de alleenstaande Belg de zwaarst belaste Europeanen zijn, maar klopt dat ook? En klopt het gevoel van Wilmssen?
Fiscale ‘nadelen’
“De belastingsdruk is ons land, en op zich voor iedereen, erg hoog en in het algemeen hoger dan in onze buurlanden”, vertelt Michaël Van Droogenbroeck, economisch journalist en lid van Team WinWin. “Daar heeft het vooral mee te maken. Maar inderdaad: er zijn bepaalde fiscale voordelen die alleenstaanden niet krijgen, en dat maakt van hen ‘de meest belaste groep’. Maar het is niet zo dat alleenstaanden extra belast worden.”
“Zo is er een bijzondere bijdrage voor de sociale zekerheid, waar gehuwden altijd een voordeel hebben”, haalt Van Droogenbroeck aan. Die bijdrage wordt namelijk berekend op het totale gezinsinkomen en niet op het individuele inkomen.
Een ander belangrijk fiscaal voordeel is de huwelijksquotiënt. “In ons land word je progressief belast. Dat betekent dat hoe meer je verdient, je in een hogere belastingschijf terechtkomt en dus meer belastingen betaalt.”
“Als je nu gehuwd bent of wettelijk samenwoont met iemand die niet werkt of een heel laag inkomen heeft, dan kan je als het ware een stukje van jouw loon bij je partner zetten. Je wordt daardoor allebei aan een lager tarief belast, waardoor je minder belastingen moet betalen dan een alleenstaande.”
Op fiscaal vlak zit daar het grootste onevenwicht, vindt Van Droogenbroeck: “Maar deze regering heeft wel beslist dat die huwelijksquotiënt stilaan zal uitdoven, want de schatkist loopt daar erg veel geld mis.”
Er is, fiscaal gezien, ook een onderscheid tussen alleenstaanden met of zonder kinderen. “Ouders met kinderen hebben recht op een hogere belastingsvrije som (het gedeelte van je jaarlijkse inkomen waar je dus géén personenbelasting op betaalt, red.) en bij alleenstaande ouders ligt dat bedrag nog een beetje hoger”, klinkt het.
Wie dus single is zonder kinderen, heeft dat voordeel óók niet. “Single zijn zonder kinderen is fiscaal gezien dus het slechtst.”
Ook postuum de pineut
“Singles die geen kinderen hebben, worden zelfs na hun dood gediscrimineerd”, stelt hij. “Andere familieleden betalen een pak meer erfbelasting dan wanneer je kinderen hebt die erven. Die betalen ook al wel wat aan erfbelasting, maar de tarieven zijn veel hoger voor nabestaanden die niet in de rechte lijn zitten. Wie dus erft van een alleenstaande, houdt veel minder over.”
Maar er is een ‘maar’.
“Vanuit de politiek begint men wel te beseffen dat alleenstaande Vlamingen een steeds grotere groep vormen”, zegt Van Droogenbroeck. “Recent is er zo de singlevermindering ingevoerd. Als je geen partner, kinderen of kleinkinderen hebt, dan mag je 100.000 euro nalaten aan anderen aan een verminderde erfbelasting.”
“Zo wordt dat een beetje gelijk getrokken met wat je kinderen zouden betalen. Je kan die 100.000 euro verdelen onder zoveel personen als je wil, maar je moet die dan wel in je testament aanduiden.”
Bron: vrt.nws