Doe de multimiljonairs betalen! Wij willen ons geld terug!

Doe de multimiljonairs betalen! Wij willen ons geld terug!

“Tax the rich!” Deze slogan siert t-shirts, petjes en protestborden over de hele wereld. En met goede reden. Terwijl de elite ons telkens weer probeert wijs te maken dat wij ‘boven onze stand leven’, stapelt zij ongekende rijkdom op. De concentratie van haar decadente rijkdom is verbijsterend en blijft toenemen. Dit is kapitalisme, waar de rijken telkens opnieuw zichzelf bedienen. De recente cijfers zijn adembenemend. Van alle nieuwe rijkdom die sinds 2020 is gecreëerd, ging twee derde naar de rijkste 1% van de wereldbevolking. Tegelijkertijd lijdt onze samenleving onder tekorten, wachtlijsten, armoede, schulden en krimpende budgetten. 

Een echte rijkentaks nu, zonder achterpoortjes en met een stok achter de deur! 

De rijkentaks is geen kwestie van afgunst, zoals liberalen graag verkondigen, maar van gerechtigheid. De rijke elite vergaart haar geld op het hard labeur van de werkende klasse. Ze verbergt haar geld in belastingparadijzen en laat de lasten rusten op de schouders van de werkende klasse. Het is genoeg geweest! Maar hoe kunnen we dit veranderen? Stemmen voor een partij, de PVDA die consequent een miljonairstaks verdedigt, is één stap. Maar uiteindelijk hebben we nood aan een strijd van onderuit om zo’n taks af te dwingen. 

De miljonairstaks die de PVDA voorstelt zou de overheid 8 miljard euro opbrengen. Het belast de rijkste 1% van de bevolking, met 2% op hun vermogen boven de 5 miljoen en 3% op het vermogen boven de 10 miljoen. Dit bescheiden voorstel zou een stap in de goede richting zijn. Maar om echt budget te creëren voor de massale publieke investeringen die ons onderwijs, gezondheidszorg, openbaar vervoer, betaalbaar wonen, …. nodig heeft, is meer nodig, een grotere vermogensbelasting en meer radicale maatregelen die komaf maken met de kapitalistische samenleving.  

—> Wij eisen een belasting van 5% op het volledige vermogen van de rijkste 1% van de gezinnen. Deze hebben een gemiddeld vermogen van 11 miljoen 830 duizend euro. Zo’n belasting zou ons jaarlijks 30 miljard euro opbrengen. 

Kapitalisten zijn er meester in om achterpoortjes te vinden en belastingen te ontduiken. Daarom hebben we een strakke controle en een stok of twee achter de deur nodig. 

Stok 1 – Verhoog de exit-taks 

Er bestaat in België al een exit-taks voor kapitaal dat het land ontvlucht. Die bedraagt 16.5% op de fictieve opbrengst van dat kapitaal in het buitenland. Deze exit-taks zou op het vermogen zelf moeten worden gehoffen.  En moet zo hoog zijn dat het een sterk afradend effect heeft. Bijvoorbeeld, een belasting van 40% op het kapitaal dat het land verlaat, zoals Bernie Sanders in de VS voorstelde. 

Stok 2 – Onteigening

Probeert een kapitalist toch ongemerkt z’n kapitaal te versluizen en dus deze exit-taks te ontlopen? Dan hebben we als gemeenschap argumenten te over om zo’n asociaal gedrag niet te tolereren, dat vermogen aan te slaan en ten dienste te stellen van de gemeenschap. Elke financiële instelling die zo’n gedrag faciliteert moet ook in publieke handen worden genomen. 

Compleet scheefgetrokken belastingsysteem

Er worden in ons land veel belastingen betaald. Maar niet door iedereen! Voor de grote vermogens is België een belastingparadijs. 

Voor elke 100 euro aan belastingen aan de overheid, komen er 42 euro van consumptietaksen (BTW en accijnzen) en 38 euro uit belasting op onze lonen en uitkeringen. Dus 80% van alle belastingen komt hoofdzakelijk van de werkende klasse. Uit bedrijfswinsten komt 13% en daarnaast komt 6,8% van belasting op voertuigen, woningen en gronden, ook in meerderheid betaald door de werkende klasse. Slechts 0.25% komt uit belastingen op grote vermogens. Nochtans leveren die grote vermogens heel veel inkomsten op voor hun bezitters.

Op bedrijfswinsten dalen de belastingen al lang! 

Pas in 1956 werd een vennootschapsbelasting ingevoerd, afgedwongen door intense strijd van onderuit. Met een tarief van 45% werden vanaf toen de bedrijfswinsten belast. De inkomsten hieruit waren essentieel in de opbouw van onze sociale zekerheid, zorg, onderwijs en openbare diensten. In de jaren ‘70 bedroeg deze bron van inkomsten voor de overheid nog tot 30% van haar totale inkomsten uit belastingen. Vandaag is dit gedaald tot 13%. Het officiële tarief daalde stelselmatig tot slechts 25% vandaag. Door een enorme koterij aan aftrekposten is de gemiddelde reële belastingvoet een pak minder dan 20% en voor sommige bedrijven quasi nul. Alle partijen, behalve de PVDA, willen het officiële tarief van vennootschapsbelasting nog verder naar beneden halen. Het resultaat kunnen we nu al voorspellen: een verdere concentratie van rijkdom en vermogens in handen van een kleine groep. Het zijn de enorme bedrijfswinsten, die alsmaar minder worden belast, die aan de oorsprong liggen van de decadente opstapeling van rijkdom. 

De stroom geld naar de rijkste 1% moet worden ingedamd. Als eerste stap moet de vennootschapsbelasting terug naar haar hoogste punt, zoals in de jaren 70, naar 50%. Daarmee verhogen we de inkomsten van de overheid met minstens 20 miljard euro.

Waarvoor dienen inkomsten uit belastingen? 

België heeft nu al de laagste pensioenen van West-Europa, tot 49% lager dan in onze buurlanden en nog beweren ze dat we deze niet meer kunnen veroorloven. We werken ons te pletter. Nergens in Europa zijn zoveel mensen langdurig arbeidsongeschikt: 7,2% van de beroepsbevolking. We dragen extreem veel af aan de overheid. Daartegenover staan nog steeds enkele pilaren van onze welvaartsstaat overeind, maar ze wankelen. We hebben een degelijke maar kreunende gezondheidszorg, een automatische indexering van onze lonen en pensioenen die onder druk staat, een potentieel sterk en emancipatorisch onderwijs maar dat dringend veel investeringen nodig heeft, het meest fijnmazige openbaar vervoer netwerk in de wereld maar het is in tragisch verval. Deze pilaren van onze welvaartsstaat staan onder druk vanwege de hebzucht van de superrijken.

Geen geschenken aan de kapitalisten. We want our money back!

België is in Europa de kampioen in het uitdelen van bedrijfssubsidies, 18 miljard euro per jaar. Bijna hetzelfde bedrag wordt jaarlijks via de vennootschapsbelasting betaald. Voor elke euro belasting die betaald wordt op de bedrijfswinsten vloeit er een euro via de goocheltruc van de bedrijfssubsidies terug naar de kapitalistische klasse. Deze vestzak-broekzakoperatie moet stoppen. 

Wij pleiten voor: 

  • een echte rijkentaks nu, 5% op het volledige vermogen van de rijkste 1%
  • de onteigening van de kapitalisten die gaan lopen met het geld
  • de vennootschapsbelasting terug op 50% 
  • een afschaffing van BTW op levensnoodzakelijke producten en 21% op echte luxeproducten 
  • een strakke controle op de kapitalisten door de vakbonden in de bedrijven met inzage in de volledige boekhouding 
  • inbeslagname wanneer kapitalisten bij aankondiging van deze maatregelen dreigen hun productie te verhuizen en verderzetting van de productie onder beheer en controle van de werknemers 
  • voor een massaal programma van publieke investeringen in zorg, onderwijs, sociale zekerheid, betaalbaar wonen en infrastructuur

VB laat zijn ware gelaat zien, onze rijken eerst 

In een kopstukkendebat was voorzitter Van Grieken heel duidelijk. ‘Mijn partij verzet zich tegen een vermogensbelasting’. Bart De Wever noemde het een ‘nachtmerrie’. Rechts en extreem-rechts laten hier opnieuw hun ware gelaat zien. Het VB werpt zich op als anti-establishment, speelt in op het ongenoegen om stemmen te ronselen. Haar racisme heeft als uiteindelijk doel om de elite uit de wind te zetten. Eigen multimiljonairs eerst is de echte slogan van het Vals Belang. 

De ‘tegen’argumenten ontkracht 

Of het nu de bazen van VOKA en het VBO, hun ‘economen’ als Stijn Baert, kranten of partijen zijn. Altijd horen we hetzelfde liedje. Jamaar, jamaar, dat gaat niet, het is niet realistisch, het zal ons meer kosten dan het zal opbrengen.  

Lukt dit wel? 

‘Een miljonairstaks is compleet onwerkbaar’, zegt Melissa Depraetere van Vooruit. En ze somt alle klassieke vooroordelen op. We kennen het vermogen niet, beweert ze. Dat klopt niet. Alle info met betrekking tot het vermogen van de gezinnen is potentieel beschikbaar. Het is maar een kwestie van het bij elkaar te voegen. 

De middenklasse zal weer moeten betalen. 

Typisch een argument dat je bij ‘Open VLD’ zal horen. Zij beweren dat via een miljonairstaks het zuur verdiende spaargeld zal worden belast. De 1% rijksten, of 50.000 gezinnen, hebben een gemiddeld vermogen van een kleine 12 miljoen euro. Dat is geen spaargeld. Om 12 miljoen euro bij elkaar te ‘sparen’ moet je 1.000 jaar lang 1.000 euro per maand sparen. In een mensenleven moet je op 25 jaar 40.000 euro per maand opzij leggen. Geen enkele werkmens kan dit. Iemand met een vermogen van 12 miljoen heeft geprofiteerd van het werk van een ander, heeft zich de vrucht van iemand anders arbeid toegeëigend. 

Het kapitaal zal vluchten. 

Als je aan ons geld durft te raken dan gaan we lopen met ons geld. Tegen kapitaalvlucht kan worden opgetreden. We hebben een stok achter de deur nodig, een exit-taks en de inbeslagname. Ook de middelen van financiële instellingen die deze vlucht faciliteren, moeten in beslag genomen worden. 

Er is daar geen meerderheid voor.

Er is heel duidelijk een meerderheid in de publieke opinie. Acht op tien Belgen is gewonnen voor een vermogensbelasting. Dit aantal zou nog kunnen stijgen wanneer deze expliciet enkel voor de 1% rijksten geldt. Zoals vaak zal de publieke opinie zich niet uitdrukken in parlementaire zetels. Er is slechts één partij die resoluut voor een miljonairstaks pleit en dat is de PVDA. Wachten tot er een meerderheid in het parlement is, is een slechte strategie. De geschiedenis leert dat enkel een volgehouden en massale strijd van onderuit zo’n eis kan realiseren. 

Oproep aan de PVDA → lanceer een echte strijd voor de miljonairstaks. We want our money back!

De strijd voor een echte miljonairstaks moet meer zijn dan een interessant verkiezingsthema. De PS pleit ondertussen ook voor een vermogensbelasting, maar dan op het Europese niveau. Daar kan je niet tegen zijn, maar het mag geen argument zijn om niet in België van start te gaan. Ook Groen en Vooruit sprongen op de kar en pleiten nu plots ook voor een miljonairstaks. Weliswaar in een heel sterk verwaterde vorm. Deze zou slechts één miljard euro opbrengen, peanuts dus. Wij pleiten om in het kieshokje voor het sterkste voorstel te opteren en roepen daarom ook op om voor de PVDA te stemmen. 

Verandering afdwingen via strijd!

Om een echte rijkentaks te realiseren hebben we nood aan een mobiliserende strijdcampagne, waar iedereen die voor deze eis wil strijden wordt samengebracht. Waarom maakt de PVDA niet van deze verkiezingscampagne gebruik om zo’n brede campagne op poten te zetten? Een echte rijkentaks afdwingen, geen flauw afkooksel, zal jaren van volgehouden strijd vergen. Wij roepen de PVDA en de vakbonden op om alle organisaties, groot en klein, uit te nodigen om de handen in elkaar te slaan. Zo’n campagne ‘We want our money back’ zou een brede infocampagne op poten kunnen zetten, hoorzittingen en meetings kunnen organiseren, kunnen spreken op personeelsvergaderingen in werkplaatsen, acties op poten zetten op publieke plaatsen en ten slotte grote manifestaties kunnen organiseren om de maatschappelijke steun op de been te brengen en zichtbaar te maken.

Zo brengen we deze eis in het centrum van het politieke debat. Zo’n strijdcampagne zou kunnen werken op basis van actieve lokale comités met een stuurgroep op een nationale conferentie verkozen. Om dat te realiseren moet de PVDA het geweer van schouder veranderen en strijd centraal plaatsen, niet verkiezingen. Ze zou bereid moeten zijn met anderen samen te werken zonder deze samenwerking te willen controleren. Logischerwijs zou ze electoraal voordeel halen wanneer zo’n strijd tot een echte overwinning leidt. 

Bron: socialisme.be

Doe de multimiljonairs betalen! Wij willen ons geld terug!

N-VA wil de armen, werklozen en zieken doen betalen

Volgens de Nationale Bank zijn de 10% rijkste Belgen goed voor 55% van het vermogen in dit land. De 50% armsten moeten het doen met 8,4% van dat vermogen. Dergelijke cijfers versterken de roep naar een vermogensbelasting, een voorstel dat brede steun onder de publieke opinie geniet. De rechterzijde wil echter niet daar het geld halen. Het zoekt het integendeel bij de armsten, werklozen en de sociale zekerheid. Terwijl de zorgsector kreunt onder de tekorten, wil rechts daar verder op besparen.

De N-VA is erg openlijk over het neoliberale Thatcheriaanse beleid dat het wil voeren. Harde besparingen op de uitgaven in de gezondheidszorg worden gekoppeld aan draconische aanvallen op werklozen, leefloners en armen in het algemeen. Volgens N-VA moet werken meer lonen dan niet werken. Om het verschil groter te maken, wil het niet dat de lonen stijgen. Neen, dat zou de winstbelangen van de bevriende superrijken raken. De N-VA wil integendeel de leeflonen en werkloosheidsuitkeringen naar beneden trekken.

De werkloosheidsuitkering in de tijd beperken, zou volgens rechts aanzetten om sneller aan het werk te gaan en niet in de ‘hangmat’ van de uitkering te blijven. In werkelijkheid zal het vooral de stap richting leefloon versnellen. Ook daar heeft de N-VA een oplossing voor: het leefloon laten dalen door opeenvolgende indexsprongen. Werkenden zijn best op hun hoede: een indexsprong voor de lonen was één van de gehate en asociale maatregelen van de regering-Michel toen N-VA mee aan het stuur zat. Na de uitkeringen dreigen ook de lonen te volgen. Een indexsprong is erg asociaal. Het betekent dat de uitkering of het loon niet aangepast wordt aan de stijgende prijzen en dus eigenlijk minder waard is. Het is een regelrechte aanval op de koopkracht. Een leefloon van 858,97 euro per maand voor een samenwonende omschrijven als een ‘hangmat’ getuigt overigens van erg weinig realiteitszin.

Een besparing van 10 miljard op de sociale zekerheid zal de ongelijkheid vergroten en de crisis in onder meer de zorgsector verdiepen. De zorgsector zit al op zijn tandvlees en kent veel gelijkenissen met het onderwijs, waar er momenteel opmerkelijk grote protestacties zijn tegen een beleid van jarenlange tekorten. Het personeel trekt het niet meer en de kwaliteit van de dienstverlening gaat daaronder gebukt. Dat oplossen gebeurt niet door te schuiven met tekorten, maar net door massaal te investeren. Rechts wil daar niet van weten, het wil integendeel nogmaals de hakbijl in de zorg zetten!  

Naar de superrijken kijken om hen te laten bijdragen, is volgens de N-VA niet haalbaar. 2,5 miljard euro bij de werklozen halen, 500 miljoen bij de leefloners, 800 miljoen op de ambtenarenpensioenen en 4,5 miljard in de gezondheidszorg, vindt de partij van De Wever dan weer perfect haalbaar. Het stopt daar niet, zo wil de N-VA onder meer besparen op de dotatie voor de NMBS, op opvang voor vluchtelingen … Sociale huisvesting hoeft niet, de resterende publieke participatie in onder meer Bpost moet weg … De lijst van asociale maatregelen die alle werkenden en hun gezinnen treffen, is lang.

Waarom wil rechts zo hard besparen? De andere kant van dezelfde medaille bestaat uit historisch hoge bedrijfswinsten, miljarden aan bedrijfssubsidies, ‘lastenverlagingen’ voor bedrijven … Wat uit de zakken van de werklozen, leefloners en werkenden gehaald wordt, verdwijnt zo in die van de superrijken. Terwijl de N-VA meer dan 10 miljard op sociale uitgaven wil besparen, voorziet het nu al een cadeau van bijna 1 miljard nieuwe lastenverlagingen voor de bedrijven. Dat is wat de N-VA en de rechterzijde onder ‘evenwicht’ verstaan.

In De Standaard van vandaag stelt Marc Reynebeau dat N-VA voor een “een omgekeerde klassenstrijd” staat. Hij gebruikt de term ‘omgekeerd’ omdat het gericht is tegen de armsten, maar eigenlijk gaat het om gewone klassenstrijd. N-VA stond in die strijd immers altijd aan de kant van de superrijken. Daar tegenover moet de linkerzijde stoutmoedig voor de belangen van de werkende klasse opkomen. Reynebeau stelt ook nog: “Anders dan wat de rechterzijde doorgaans vreest, lijken de aanstaande verkiezingen het linkse discours eerder te temperen dan te radicaliseren. Beloften moeten immers concreet en geloofwaardig zijn en een indruk van realisme wekken.” Er is nood aan eisen die concreet en geloofwaardig zijn, niet voor de besparingsinstanties die de winsten van de grote bedrijven en hun aandeelhouders voor ogen hebben maar voor de vele werkenden en mensen die uit de boot vallen. Hen perspectief geven om doorheen collectieve strijd sociale vooruitgang te bekomen, is nodig.

Delen: 

Bron: socialisme.be

Steeds meer leerlingen problematisch afwezig op school

Meer leerlingen hebben vorig schooljaar aangeklopt bij het CLB dan voor de coronapandemie. Dat blijkt uit het jaarverslag van de Centra voor Leerlingenbegeleiding. De CLB’s begeleidden ook opvallend meer leerlingen die problematisch afwezig zijn op school. Daarnaast is er een duidelijke stijging van het aantal geschorste leerlingen.

In het school jaar 2022-2023 waren 30.254 leerlingen ongewettigd afwezig, of frequent of langdurig ziek, ofwel 2,46 procent van de hele leerlingenpopulatie. Dat zijn er 27 procent meer dan voor de pandemie. “Afwezigheden zijn een sterke voorspeller van vroegtijdig schoolverlaten”, stelt Lotte Meulewater van CLB GO!. “Het is dan ook niet verrassend dat steeds meer leerlingen het onderwijs verlaten zonder voldoende kwalificaties.” Nog blijkt dat 4.457 leerlingen in contact kwamen met het CLB vanwege een (mogelijke) schorsing. De afgelopen vier schooljaren nam dat aantal sterk toe.

Vorig schooljaar ging het om 0,37 procent van alle Vlaamse leerlingen. Dat percentage ligt bovendien hoger in het buitengewoon onderwijs dan in het reguliere onderwijs.

De CLB’s wijzen erop dat het recht op onderwijs van deze leerlingen in gevaar komt. Verder kwam vorig schooljaar meer dan de helft van alle leerlingen in Vlaanderen en Brussel in contact met een CLB (691.238 leerlingen, oftewel 56 procent).

Over de jaren heen blijft dat percentage stabiel, maar het aantal interventies per leerling neemt wel toe. De begeleiding door de CLB’s wordt dus intensiever.

Voor de aanpak van complexere problemen, zoals verslavingsproblematieken en kwetsbare- en multiprobleemgezinnen, werken de CLB’s samen met organisaties die instaan voor intensievere en specifiekere jeugdhulpverlening.

Toch worden CLB’s maar al te vaak geconfronteerd met wachtlijsten en aanmeldstops bij de welzijnspartners. “Daardoor moeten onze CLB’ers veel meer tijd investeren in overbruggingshulp om jongeren te helpen”, legt Karen Dobbelaere van onderwijskoepel OVSG uit. “Dat zet druk op de werking van de CLB’s, waardoor we niet voldoende kunnen inzetten op preventieve maatregelen. En net die zijn nodig om onder meer definitieve uitsluitingen te vermijden.”

De CLB’s doen daarom een “dringende oproep” aan de welzijnspartners voor een meer gecoördineerde aanpak om samen de versnippering in het hulpverleningslandschap voor jongeren tegen te gaan.

Bron: Knack.be

Doe de multimiljonairs betalen! Wij willen ons geld terug!

Dit zeggen partijen over onderwijs

Leerlingen presteren steeds slechter en er zijn te weinig leerkrachten: hoe lossen we dat op?

Hoe moet het verder met ons onderwijs? Het is een vraag die de laatste jaren veel gesteld is. Lees hier de standpunten van de partijen.  

In Vlaanderen gaan elke dag 1,2 miljoen kinderen naar het lager en het secundair onderwijs. Meer dan 160.000 leerkrachten staan in voor hun onderwijs. Dat waren er nooit zoveel en toch zijn er te kort. Het gevolg: scholen vinden voor sommige lessen helemaal geen leerkracht. 

Wat experts nog grotere zorgen baart dan het lerarentekort is de kwaliteit van ons onderwijs. Die gaat er al jaren op achteruit. De tijd dat het Vlaamse onderwijs bij de beste ter wereld hoorde, ligt definitief achter ons. Enkel voor wiskunde zitten we nog in de subtop. 

Het niveau daalt en het daalt snel. 20 procent van de 15-jarigen haalt het basisniveau wiskunde, lezen en wetenschappen niet. De impact daarvan is niet te onderschatten. Experts benadrukken steeds dat er een sterk verband is tussen het onderwijsniveau en de welvaart van een regio.

Onderwijs is daarom een van de prioriteiten van de Vlaamse regering. Meer dan een kwart van het totale budget gaat er naartoe. De grote uitdaging is om alle onderdelen van de tanker die onderwijs is op elkaar af te stemmen. Niet alleen de politiek heeft het voor het zeggen. De koepels en de scholen bepalen grotendeels zelf hoe het onderwijs er uitziet.

De standpunten

Vooruit wil scholen en leerkrachten meer autonomie geven. Op die manier willen ze ook de befaamde ‘planlast’ aanpakken. Daarnaast moet de lerarenopleiding grondig hervormd worden. 

De socialisten zetten ook in op eerlijke kansen in het onderwijs. Dat vertaalt zich concreet in een pleidooi voor lagere schoolfacturen, inzetten op het Nederlands – ook bij de ouders – en gratis maaltijden op school voor elk kind. Vooruit wil ook de leerplicht vervangen door schoolplicht en starten vanaf drie jaar in plaats van vijf.

De 3 belangrijkste standpunten

  • Een gratis gezonde maaltijd op school voor elk kind. Op een lege maag kun je niet leren. Dat is een zaak van gelijkheid, preventie en gezondheid voor elk kind.
  • Snel en goed Nederlands leren. Nederlands is de basis voor alle andere vakken op school. Kinderen die achterstand hebben op het gebied van Nederlands helpen we meteen met de juiste ondersteuning. Ouders die het Nederlands niet voldoende meester zijn, helpen we met extra taallessen, via de crèche of via de school.
  • Net zoals dat voor basisscholen al het geval is, moeten middelbare scholen de nodige boeken en materialen voorzien om goed te kunnen leren en studeren. Extra kosten (bv. uitstappen) voor ouders worden begrensd door een maximumfactuur. Dat betekent dat de schoolfactuur nooit hoger mag oplopen dan een vooraf afgesproken bedrag.

Ook de christendemocraten willen meer vrijheid voor scholen. Ze moeten meer zelf kunnen bepalen in plaats van een “staatspedagogie”, klinkt het in hun programma.

CD&V pleit ook voor een allesomvattend “lerarenloopbaanpact”. De grote hervorming moet het beroep van leraar heropwaarderen en topprofielen aantrekken. 

De 3 belangrijkste standpunten

  • Een echt lerarenloopbaanpact in het onderwijs om het lerarentekort aan te pakken. Daarbij willen we onder andere meer ondersteuning voor zij-instromers en meer ancienniteit laten meenemen vanuit de privé (20 jaar). Startende leerkrachten moeten de garantie krijgen op een voltijdse tewerkstelling.
  • We zorgen voor voldoende werkingsmiddelen, maar minder gekleurde middelen. Schoolbesturen moeten meer zelf kunnen bepalen hoe ze de middelen het best inzetten. We beschermen de vrijheid van onderwijs tegen alle vormen van staatspedagogie.
  • De onderwijskwaliteit moet een boost krijgen: we bestrijden de planlast en verwachten leerplannen die ambitieuzere doelen omvatten dan de minimumdoelen. Kennisoverdracht is daarbij belangrijk.

Groen zet net als Vooruit in op de kostprijs van het onderwijs. De partij pleit voor gratis schoolmateriaal voor elk kind en kostendekkende schooltoelages voor gezinnen met lage inkomens.

Ook Groen legt een plan op tafel om het lerarentekort aan te pakken. Onder meer met een specifiek startersstatuut voor beginnende leerkrachten.

De 3 belangrijkste standpunten

  • Lerarentekort aanpakken, onder meer via een startersstatuut voor beginnende leerkrachten.
  • Elk kind gratis naar school dankzij gratis schoolmateriaal en kostendekkende schooltoelages voor gezinnen met een laag inkomen. Elke school biedt een voedzame maaltijd aan, gratis voor gezinnen die moeilijk rondkomen.
  • Toegankelijk hoger onderwijs door voldoende hoge studiebeurzen en betaalbare studentenwoningen.

De liberalen stellen voor om de leerplicht te verlagen tot 3 jaar. Het onderwijs moet meer aansluiten bij de noden op de arbeidsmarkt. Daarom vindt de Open VLD dat er meer ingezet moet worden op STEM-richtingen. In het algemeen moet de lat hoger gelegd worden en moet er meer ingezet worden op kennis, vindt de partij. 

Ook de Open VLD wil de lerarenopleiding hervormen. Om de job aantrekkelijker te maken moeten leerkrachten ook een mobiliteitsbudget krijgen.

De 3 belangrijkste standpunten

  • We pakken het lerarentekort aan door de lerarenopleiding te versterken met nog meer praktijkervaring en extra uren voor de klas, maar ook door de uitstroom aan te pakken door de planlast naar beneden te halen en er zo voor te zorgen dat leerkrachten weer kunnen focussen op lesgeven.
  • Verlaging van de leerplicht naar 3 jaar. Het zijn net vaak die leerlingen die het het meeste nodig hebben, die niet vanaf het begin naar de kleuterschool gaan. We willen iedereen sterke start geven.
  • We zetten in op de essentie in het basisonderwijs: Nederlands en wiskunde. Daarom stellen we een Vlaams plan voor Nederlands en wiskunde voor, dat opnieuw de aandacht vestigt op basiskennis van beide. Kunnen is niet voldoende. Kennen is ook nodig.

De PVDA wil het onderwijsbudget optrekken. Met dat extra geld moeten de lonen van leerkrachten omhoog en moet pensioen op 65 mogelijk zijn. Het maakt onderdeel uit van een breder plan dat het beroep aantrekkelijker moet maken om het lerarentekort weg te werken.

Een opvallend voorstel van de PVDA: klassen mogen nog maar maximaal uit 20 leerlingen bestaan. Het is hun oplossing om de kwaliteit van het onderwijs op te krikken.

De 3 belangrijkste standpunten

  • We werken het lerarentekort weg met onze drietrapsraket om het beroep aantrekkelijker te maken. Ten eerste geven we startende leerkrachten een inwerkjaar waarin ze extra begeleiding krijgen met meer tijd om voor te bereiden, aan hetzelfde loon als gewone leerkrachten. Ten tweede verhogen we het loon voor zij-instromers en de bachelors en verlagen we de planlast. Ten derde bieden we oudere leerkrachten loopbaanperspectieven met pensioen op 65, landingsbanen en mentorrollen waarbij ze startende leraars begeleiden.
  • We kiezen voor kleinere klassen. We tekenen een pad uit voor klassen van maximaal 15 leerlingen tot het tweede leerjaar en maximaal 20 leerlingen vanaf het derde leerjaar tot het zesde middelbaar. Zo kunnen we tegelijk de kwaliteit van het onderwijs verbeteren, ongelijkheden bestrijden en betere werkomstandigheden aanbieden aan de leerkrachten.
  • We verhogen de structurele middelen voor onderwijs. Of het nu gaat over meer handen in de klas, gratis schoolmaaltijden, lager inschrijvingsgeld in het hoger onderwijs of een maximumfactuur in het middelbaar: er is geld nodig om ons onderwijs zowel te laten excelleren als gelijker te maken.

“Ons onderwijs terug naar de wereldtop brengen.” Dat is het doel van het onderwijsprogramma van de N-VA

De partij zet daarvoor in op de recepten die ook Ben Weyts als bevoegd minister naar voren schoof afgelopen jaren. De focus moet liggen op Nederlands en wiskunde. Ook het niveau van de lerarenopleiding moet omhoog. Het is tijd voor een toelatingsexamen voor mensen die voor leerkracht willen studeren, vindt de N-VA. 

De 3 belangrijkste standpunten

  • We zorgen dat kinderen een sterke basis krijgen van de kernvakken, wiskunde en Nederlands. Dit doen we door bindende minimumdoelen op te leggen, minstens 50% van de lestijd in het basisonderwijs voor te behouden voor deze twee vakken en de leerplichtleeftijd te verlagen van vijf naar drie jaar.
  • We zorgen voor een afslanking van de structuren en maken dat zoveel mogelijk mensen die in het onderwijs werken, ook effectief voor de klas staan. We investeren in bekwame leerkrachten door de lerarenopleidingen sterker te maken. We leggen daarvoor minimumdoelen op in de lerarenopleiding en voeren een toelatingsexamen in (behalve voor zij-instromers met een hoger onderwijsdiploma) om de maatschappelijke status van het beroep verder op te drijven.
  • Voor het hoger onderwijs optimaliseren we de studieoriëntering door de (niet-bindende) starttoetsen uit te breiden. We geven ook voldoende aandacht aan het Nederlands als onderwijstaal in het Hoger onderwijs.

“De focus moet terug naar kennisoverdracht en excellentie”, klinkt het bij Vlaams Belang. Ze benadrukken daarbij het belang van kennis van het Nederlands. Ze pleiten zelfs voor een bindende taaltest voor kleuters. Slagen ze niet, dan mogen ze niet beginnen aan het basisonderwijs.  

Vlaams Belang schuift niet echt een concreet plan naar voren om het lerarentekort aan te pakken. Wel in het programma: een pleidooi voor “een onafhankelijk onderzoek naar de aanwezigheid van de woke-ideologie in het hele Vlaamse onderwijs.”

De 3 belangrijkste standpunten

  • De neergang van het onderwijs is te wijten aan de nivelleringsdrang en de linkse pretpedagogiek in ons onderwijs. Daarenboven moeten leerkrachten steeds meer ouderlijke taken op zich nemen, dat is nefast voor de onderwijskwaliteit. Vlaams Belang wil de focus terug naar kennisoverdracht en excellentie. Het beleid moet ervoor zorgen dat leerkrachten zich maximaal kunnen richten op lesgeven.
  • Het watervaleffect blijft een acuut probleem in ons onderwijs. Het Vlaams Belang wil onze scholieren beter sensibiliseren over hun studiekeuze. Technisch -en beroepsonderwijs, maar ook STEM-richtingen mogen we in dit geval niet verwaarlozen.
  • Het Vlaams Belang wil studenten in het hoger onderwijs stimuleren om sneller hun diploma te behalen en door te stromen naar de arbeidsmarkt. Slechts 30% van de bachelorstudenten behaalt zijn of haar bachelordiploma binnen de voorziene periode van drie jaar, de rest doet er een pak langer over. Vlaams Belang wil studenten die erin slagen het bachelordiploma binnen het modeltraject af te leggen een gedeeltelijke cashback van hun inschrijvingsgeld uitkeren.

Bron: vrt.nws

Doe de multimiljonairs betalen! Wij willen ons geld terug!

Dit zijn de standpunten van de partijen over gezondheidszorg en welzijn

We leven langer dan vroeger en we genezen beter wanneer we ziek zijn. Maar hoe houden we de zorg betaalbaar en werken we de wachtlijsten weg? Wat met mentaal welzijn? Lees hier wat de partijen voorstellen. 

De budgetten voor gezondheidszorg stijgen jaar na jaar, maar toch hebben burgers niet het gevoel dat de ziekenhuisfacturen goedkoper worden of dat ze makkelijker een afspraak bij een arts kunnen maken. Bijna 1 op de 5 Belgische huisartsen neemt vandaag geen nieuwe patiënten meer aan.  

Meer dan ooit staat ook mentaal welzijn centraal in het debat over gezondheidszorg. De vraag naar crisishulp bij jongeren is de afgelopen vijf jaar bijvoorbeeld met 40 procent toegenomen. Twee derde van die hulpvragen blijft onbeantwoord omdat er een tekort is aan plaatsen en personeel. De coronacrisis heeft ons mentaal welzijn bijkomend op de proef gesteld. Psychische problemen zijn ondertussen de grootste reden waarom mensen langdurig niet kunnen werken.

Wie zorg zegt, zegt vaak ook wachtlijsten. Mensen met een beperking moeten jaren wachten voor ze hun zogenoemd persoonsgebonden budget krijgen, en het wachten wordt steeds langer. De groep met de laagste prioriteit moet maar liefst 20 jaar wachten op een zorgbudget. 

Ook de zorg voor de allerkleinsten is een thema deze verkiezingen. De kinderopvang is in crisis: ouders vinden moeilijk een plaats en er zijn te weinig begeleiders. Elke partij beseft de urgentie: in alle partijprogramma’s wordt gepleit voor meer geld voor de kinderopvang. 

Groen wil meer investeren in de gezondheidszorg. Er is nood aan “meer geld en meer personeel” om de wachtlijsten weg te werken. Het personeel moet een hoger loon en meer inspraak krijgen. De partij pleit ook voor meer buurtgerichte zorg: huisartsen, apothekers en tandartsen moeten lokaal veel meer gaan samenwerken.

Net als op het federale niveau moet er in Vlaanderen een zogenoemde groeinorm komen, vindt Groen. Dat percentage wordt vastgelegd door de regering en bepaalt hoeveel geld er jaarlijks naar gezondheidszorg kan gaan. 

De 3 belangrijkste standpunten

  • Meer investeren in gezondheidszorg en zorgpersoneel. Zo werken we de wachtlijsten weg, of het nu is bij de psycholoog, de huisarts, de kinderopvang.
  • Zorg betaalbaar maken voor iedereen. Enkel remgeld bij een bezoek aan de dokter en automatisch verhoogde tegemoetkoming en gratis psychologische hulp voor jongeren op school.
  • Voldoende geld voor de zorg in plaats van er op te besparen. Een jaarlijkse Vlaamse groeinorm invoeren, zoals federaal al bestaat.

Voor de liberalen ligt de focus vandaag te veel op genezen in plaats van voorkomen. De Open VLD wil daarom volop inzetten op preventie. 

Op die manier hopen de liberalen te besparen op het totale budget voor de gezondheidszorg. In totaal voor 5,6 miljard euro. Daarvoor willen ze ook de groeinorm verlagen en een gerichtere toekenning van het statuut van de verhoogde tegemoetkoming.

De 3 belangrijkste standpunten

  • Preventie en vroegdetectie, bijvoorbeeld door de vaccinatiegraad ook bij volwassenen op te krikken, meer genetische screening en bredere bevolkingsonderzoeken te doen.
  • We vergroten en versnellen de toegang tot innovatieve geneesmiddelen en behandelingen. Bijvoorbeeld door de procedure voor een vroege, snelle en tijdelijke terugbetaling van veelbelovende geneesmiddelen in afwachting van de klassieke terugbetaling te evalueren en nog bij sturen.
  • Persoonsvolgend budget voor minderjarigen met een handicap. Op die manier krijgen kinderen met een handicap meer kansen op te groeien in de maatschappij.

“Iedereen moet toegang krijgen tot de beste verzorging”, klinkt het in het programma voor de PVDA. Daarvoor moet er fors meer geïnvesteerd worden. Dat geld moet onder meer dienen voor een hoger loon voor verpleegkundigen om de job aantrekkelijker te maken. Tegen 2030 wil de partij 15.000 extra verpleegkundigen. 

Patiënten moeten “zonder geld naar de huisarts kunnen”, vindt de PVDA. In ziekenhuizen moeten specialisten een vast loon krijgen en niet per prestatie betaald worden. Dat leidt tot “overbodige onderzoeken en geldverspilling.”

De 3 belangrijkste standpunten

  • Iedereen moet zonder geld naar de huisarts kunnen. Daarvoor veralgemenen we het derdebetalerssysteem en schaffen we het remgeld af voor de hele eerste lijn, inclusief tandarts en kinesist.
  • We verlagen de prijzen van alle geneesmiddelen door middel van het Kiwimodel, een systeem van openbare aanbesteding dat zijn diensten heeft bewezen in Nieuw-Zeeland. Verder onderhandelt de overheid met de farma-industrie om de prijzen van medicatie terug te brengen naar het niveau van de ‘fair price calculator’ van de internationale vereniging van mutualiteiten.
  • We verviervoudigen het Zorgpersoneelfonds om tegen 2030 15.000 extra verpleegkundigen aan te werven. Betere lonen en arbeidsvoorwaarden maken het beroep aantrekkelijker.

De N-VA ziet net als De Open VLD gezondheidszorg als een domein waar geld te halen valt om de begroting op orde te krijgen. Hun voorstel om de groeinorm aan te passen zou volgens het Planbureau 4,5 miljard euro aan besparingen opleveren. 

De N-VA noemt het zelf geen besparing, wel “gezond­heids­be­leid met gezond verstand”. Het geld zal volgens de partij vooral komen van efficiëntiewinsten. “We moeten inzetten op preventie, onzinzorg en onzinstructuren aanpakken en de vrijgekomen middelen investeren waar het nodig is, namelijk in de zorg voor de patiënt”, staat in het programma te lezen.

De 3 belangrijkste standpunten

  • Iedereen die een arts of specialist nodig heeft, moet die vlot kunnen vinden. Via verschillende ingrepen zorgen we voor een voldoende groot aanbod aan basiszorg. We denken daarbij aan aangepaste artsenquota, terugdringen van administratie, eenvoudiger hulppersoneel aantrekken en het behoud van de prestatiefinanciering mits een actualisering van de tarieven.
  • We zetten in op de mentale weerbaarheid en veerkracht van onze bevolking door raadplegingen bij mentale zorgverleners voor jongeren voor het grootste deel terug te betalen en door heel het systeem geïntegreerd te maken. Hierdoor wordt er meer ambulant gewerkt en blijven de residentiële bedden vrij voor zij die er echt nood aan hebben.
  • In de kinderopvang behouden we de voorrang voor werkende ouders en zorgen we voor een uitbreiding van het aantal plaatsen door een gelijkwaardig speelveld te creëren voor alle soorten kinderopvang.

Vlaams Belang wil ook op het gebied van gezondheidszorg het land splitsen. Ze pleiten ook voor één ontzuilde Vlaamse zorgkas en daarnaast een aparte zorgkas voor alle niet-Europese vreemdelingen.

De partij wil meer inzetten op preventie en het beroep van zorgkundige aantrekkelijker maken door betere arbeidsvoorwaarden. Ook in het programma: “Het wegwerken van de wachtlijsten is een topprioriteit voor het Vlaams Belang om de betrokkenen te helpen, maar ook om onze centen beter te benutten.”

De 3 belangrijkste standpunten

  • Onafhankelijke Vlaamse gezondheidszorg. Het Vlaams Belang wil de Belgische sociale zekerheid splitsen en werk maken van een sociale verzekering op maat van de Vlamingen. Vlaanderen zou dan de kans krijgen om zijn beleidsvisie verder gestalte te geven.
  • Preventie versterken. Door meer in preventie te investeren, kunnen we de Vlamingen meer gezonde levensjaren bezorgen. Het optrekken van het preventiebeleid is dan ook een topprioriteit. Efficiëntiewinsten kunnen bijvoorbeeld geherinvesteerd worden in meer preventie of andere domeinen van de zorg.
  • Toegankelijke, betaalbare en kwaliteitsvolle zorg zonder wachttijden. Om de zorg te verstrekken en wachtlijsten in te korten hebben we nood aan voldoende personeel, en dus zijn meer maatregelen nodig om zorgverleners aan te trekken en in de zorg te houden.

Vooruit leverde met Frank Vandenbroucke afgelopen regeerperiode de minister van Volksgezondheid. De partij zet dan ook volop in op het thema. “De investeringen mogen de volgende jaren niet stilvallen”, klinkt het. De groeinorm moet op 2,5 procent komen. Zo wordt vastgelegd dat het budget zeker zal stijgen.  

De focus ligt op meer preventie en betaalbaardere zorg. Ze moet minder kosten – voor jongeren zelfs gratis zijn – en de terugbetaling moet efficiënter. 

De 3 belangrijkste standpunten

  • Minder betalen voor zorg. Voor 4 euro naar de dokter gaan, en dus de regeling dat je enkel je eigen deel betaalt, willen we verplichten bij élke zorgverstrekker. We willen hoorapparaten, brillen en beugels nog beter terugbetalen.
  • Blijven investeren in mentaal welzijn. Vandaag kan iedereen voor 11 euro naar een geconventioneerde psycholoog (een kwart van de psychologen in België zijn geconventioneerd nvdr.). Voor kinderen en jongeren tot 24 jaar is dat zelfs gratis. Maar we zijn er nog niet. Wij willen de komende jaren vele stappen verder gaan.
  • Gratis huisarts, tandarts en psycholoog voor jongeren We maken de huisarts en de tandarts voor jongeren tot 24 gratis, net zoals we dat al voor de psycholoog deden. Op die manier zorgen we ervoor dat jongeren gratis snel zorg kunnen krijgen en voorkomen we op latere leeftijd grotere gezondheidsproblemen en hogere gezondheidskosten.

De christendemocraten – op Vlaams niveau al 20 jaar bevoegd voor Welzijn – willen “sterk blijven investeren in de zorg.” De groeinorm moet op 2 procent komen. 

Net als de andere partijen wil CD&V inzetten op preventie. Verder wil ze op een andere manier aandacht besteden aan mentaal welzijn. Dat wordt nu te vaak als een individueel probleem gezien en als iets dat verband houdt met de omgeving. “Daarom moeten we meer aandacht besteden aan gemeenschapsgerichte geestelijke gezondheidszorg”, stelt de partij voor. CD&V was in de Vlaamse regering bevoegd voor kinderopvang en wil fors investeren, het budget moet verdubbelen tegen 2030. 

De 3 belangrijkste standpunten

  • Minder wachtlijsten, meer huisartsen: iedereen kan in zijn buurt bij een huisarts terecht. Dat doen we onder meer door de federale quota af te schaffen en premies te voorzien voor artsen die zich vestigen in huisartsarme gebieden.
  • Verplichting van de derdebetalersregeling voor tandarts, logopedist en kinesist: de patiënt betaalt alleen zijn deel van de zorg.
  • Investeren in kinderopvang: 10.000 extra plaatsen in de kinderopvang tegen 2030 op basis van het inkomen van de ouders, een verdubbeling van het budget tegen 2030 naar 2 miljard euro en maximaal 5 kinderen per begeleider.

Bron: vrt.nws