De Raad van State zegt dat de pensioenhervorming van de regering-De Wever leidt tot discriminatie en een onrechtvaardige afbraak van de sociale bescherming. Minister van Pensioenen Jan Jambon (N-VA) wil het advies nu ‘grondig bestuderen’.

“Het zijn voornamelijk vrouwen, oudere werknemers, mensen met zorgtaken of gezondheidsbeperkingen die vaker deeltijds werken en de kop van jut zijn”, zegt ACV-voorzitter Ann Vermorgen. De “onrechtvaardige pensioenhervorming” van minister Jambon was de vakbond al lang een doorn in het oog. Nu volgt ook de Raad van State die redenering.

In een lijvig advies, dat onder andere VRT NWS kon inkijken, is de Raad van State bijzonder kritisch over de pensioenhervorming die de regering-De Wever wil doorvoeren. Die voert onder meer een ‘pensioenmalus’ in voor wie voor de wettelijke pensioenleeftijd op pensioen wil, houdt minder rekening met gelijkgestelde periodes zoals landingsbanen, en verstrengt de voorwaarden om in aanmerking te komen voor een vervroegd pensioen.

“Wat wij al maanden beargumenteren aan de onderhandelingstafel, wordt nu officieel bevestigd door de hoogste juridische instantie van het land”, klinkt het bij de vakbond ACV.

Discriminatie op basis van geslacht

Uit cijfers van statistiekbureau Statbel blijkt dat in 2024 meer dan een kwart van de Belgische werknemers, of 1,1 miljoen mensen, deeltijds werkten. Van die groep geeft een op de vijf aan voor deeltijds werk te kiezen om te kunnen zorgen voor kinderen of naasten. Dat mensen die deeltijds werken anders behandeld worden dan wie voltijds werkt, is discriminatie, oordeelt de Raad van State.

Dat is het gevolg van de verstrengde regel die bepaalt dat een loopbaanjaar, om mee te tellen voor een vervroegd pensioen, minstens 156 gewerkte dagen moet tellen, in plaats van de huidige 104. Als de pensioenmaatregelen van Jambon wet worden, zou het Grondwettelijk Hof daarover struikelen.

Omdat vrouwen vaker deeltijds werken dan mannen, is het volgens de raad ook een indirecte discriminatie op basis van geslacht. “Vrouwen werken vaker deeltijds en nemen meer zorgperiodes op”, zegt Nathalie Diesbecq, pensioenexpert van het ACV. “Juist daardoor zouden ze nu de grens missen van 156 gewerkte dagen.”

Het wetsontwerp van Jambon bevat dan wel een compensatie van vijf extra dagen – over de hele loopbaan weliswaar – om loopbaanjaren die net tekortkomen op te vangen. Maar dat is te licht, aldus de raad, zeker omdat alleen al de technische registratie van werkuren en -dagen de oorzaak kan zijn van het niet bereiken van de 156 dagen.

Verder hekelt de raad de harmonisering van het systeem voor werknemers en voor zelfstandigen, hoewel ze niet in een vergelijkbare situatie zitten. Zelfstandigen ‘kopen’ bijvoorbeeld een heel kwartaal aan pensioenrechten door een forfaitaire bijdrage te betalen, terwijl werknemers elke dag arbeid moeten aantonen en daarvoor afhankelijk zijn van hun werkgever. Dat ze toch allebei aan de 156-dagenregel moeten voldoen, is voor de raad eveneens onvoldoende gemotiveerd.

Te weinig overgangsmaatregelen

Daarnaast ziet de Raad van State te weinig overgangsmaatregelen voor wie jonger is dan 59 jaar. Diesbecq: “De huidige overgangsmaatregelen zijn onvoldoende. Zeker 50-plussers die structureel deeltijds moeten werken, bijvoorbeeld in de sector van huishoudhulpen, zullen niet plots een voltijds contract krijgen en hebben geen tijd meer om hun gemaakte loopbaankeuzes – die legitiem waren en rekening hielden met de spelregels die toen golden – te herstellen.”

Volgens het ACV is het dan ook noodzakelijk om de retroactiviteit van sommige maatregelen – ofwel het effect dat ze hebben op keuzes uit het verleden – af te schaffen. “Dat schendt het vertrouwensbeginsel”, zegt Diesbecq. “Werk met een cut-off date. Nieuwe regels gelden voor de toekomst, maar niet voor loopbaanjaren die lichtjaren achter ons liggen.”

Afbraak van sociale bescherming

Het standstill-principe is een algemeen beginsel in het Belgisch recht dat bepaalt dat sociale rechten – met name zoals die geformuleerd worden in artikel 23 van de grondwet, zoals het recht op sociale zekerheid – niet zomaar mogen verminderen zonder goede redenen van algemeen belang. Ook daartegen zondigt de pensioenhervorming, vindt de Raad van State. Zo is de Raad niet onder de indruk van hoe minister Jambon de vermindering van sociale bescherming bij ambtenaren verdedigt, terwijl het geen twijfel lijdt dat zowel het individuele als algemene beschermingsniveau daalt.

Toch maakt minister Jambon zich sterk dat ‘met technische aanpassingen in de tekst en een verdere uitdieping van de motivering’ zijn hervorming alsnog kan worden doorgevoerd. Al is het, na het fiasco met de btw-hervorming, een tweede keer op korte tijd dat de regering lik op stuk krijgt voor slordig werk.

Bron: dewereldmorgen.be