Het idee dat de zogenaamde nieuwe wereldorde die autoritaire leiders willen vormgeven een realiteit is waaraan we ons moeten aanpassen, is verkeerd. Het is een bedreiging waartegen we ons moeten verzetten. De vraag is dus niet hoe Europa kan openbloeien in deze nieuwe wereldorde. De vraag is hoe we vanuit Europa mee vorm kunnen geven aan een andere, meer rechtvaardige wereldorde.
‘Eerst gaan we Griekenland onderwerpen’, zei koning Pyrrhus van Epirus op een dag tegen zijn raadgever Cineas.
‘En daarna?’ vroeg Cineas.
‘Daarna zullen we Afrika veroveren.’
‘En na Afrika?’
‘We trekken verder naar Azië, we zullen Klein-Azië en Arabië veroveren.’
‘En daarna?’
‘We zullen doorgaan tot in India.’
‘En na India?’
‘Ah!’ zei Pyrrhus, ‘dan zal ik rusten.’
Het is me opgevallen dat wanneer hooggeplaatste figuren spreken of schrijven over de veranderende geopolitieke situatie in de wereld, ze daarbij graag verwijzen naar beroemde filosofen of verhalen uit de oudheid. Of het nu de woorden van Antonio Gramsci of die van Thoukydides zijn die geciteerd worden: correctheid of de context waarin de woorden van de auteurs begrepen moeten worden, lijken daarbij van ondergeschikt belang.
Omdat ik me net zo belezen wil tonen en omdat ik mezelf de vrijheid wil gunnen om me daarbij net zo weinig aan te trekken van context of correctheid, begon ik dit artikel met een citaat uit de geschiedschrijving van de Griekse schrijver Plutarchus. Het gaat me daarbij niet om historische accuraatheid of wat de auteur eigenlijk wilde zeggen. Geheel de tijdgeest volgend ben ik vooral geïnteresseerd in een goed verhaal.
Patriarch in paniek
Het fragment is een goed verhaal, een verhaal dat me bovendien doet denken aan een belangrijk personage in het hedendaagse politieke theater: Donald Trump. Terwijl nog onduidelijk is hoe het zogenaamde proces tegen de ontvoerde president van Venezuela moet verlopen en zijn oorlog tegen Iran vooral chaos blijkt te oogsten, heeft Donald Trump zijn oog alweer laten vallen op Cuba.
“Weet je, mijn hele leven hoor ik al verhalen over de Verenigde Staten en Cuba. Wanneer gaan de Verenigde Staten het doen? Ik geloof echt dat ik de eer zal hebben om Cuba in te nemen. Dat zou een grote eer zijn”, zo vertelt hij. Wanneer een journalist verduidelijking vraagt bij het woord ‘innemen’, reageert Trump: “Of ik het nu bevrijd of verover; ik denk dat ik er alles mee kan doen dat ik wil.”
Ik moet meteen denken aan de andere keer dat ik diezelfde stem heb horen zeggen dat hij ergens alles mee kan doen wat hij wil. “You can do anything. Grab them by the pussy.” Het lijkt de kern van Trumps wereldbeeld: alles grijpen wat er te grijpen valt, totale dominantie, ofwel het herleiden van de ander tot een object waar je mee kan doen wat je wil.
Het presidentschap van Trump heeft vooral nadelen voor de wereld, maar het heeft wel het voordeel van de duidelijkheid. Trump toont ons waar de logica van dominantie die altijd eigen is geweest aan het imperialisme uiteindelijk toe leidt. Zoals een bloem sterft wanneer je ze plukt, zo vernietigt de imperialistische machtslogica alles wat het in bezit tracht te nemen.
Mensen zijn geen objecten. Of ze nu in Groenland, Iran, Palestina, Libanon, Venezuela of Cuba wonen, mensen hebben hun vrijheid, hun waardigheid, hun menselijkheid. Je kan er niet zomaar mee doen wat je wil en als je dat probeert, zullen ze zich daartegen verzetten. Het is precies die drang naar vrijheid, waardigheid, menselijkheid die Trump de Cubanen verwijt.
Trumps brutaliteit moet daarom vooral gezien worden als een teken van zwakte. Hij gedraagt zich als een patriarch die in paniek is omdat hij beseft dat zijn vrouw hem gaat verlaten. Let op: zo’n patriarch in paniek is heel gevaarlijk, tegelijkertijd is hij ook heel zielig. Hij mag nog zo veel het tegenovergestelde brullen: Trump kan met Cuba niet doen wat hij wil. En de oorlog die hij in Iran is gestart, heeft hij ook allesbehalve onder controle. Zijn macht is tanende.
De Verenigde Staten van Amerika slagen er steeds minder in om de wereld te domineren. De opkomst van de BRICS-landen (Brazilië, Rusland, India, China en Zuid-Afrika) is niet te stuiten. In 1990 was het nominale BBP van de VS nog ongeveer 3 keer groter dan dat van de BRICS-landen samen; vandaag hebben de BRICS-landen die achterstand zo goed als volledig dichtgereden.
Trump zal er zich met alle macht van de wereld tegen verzetten en daarbij afgrijselijk veel leed aanrichten. Het is ook niet gegarandeerd dat wat erna komt beter is, maar wel dat hij uiteindelijk zal moeten berusten in de zekerheid dat elk imperium uiteindelijk ineenstort.
Waarom niet meteen rusten, Donald?
Een oude dame
Terwijl de Verenigde Staten zich gedraagt als een kind dat weigert te erkennen dat het bedtijd is, lijkt de Europese Unie meer op een oude dame die niet goed meer uit bed raakt.
Decennialang heeft de EU meegeprofiteerd van de zogenaamde op regels gebaseerde orde, goed wetende dat die orde deels een leugen was, omdat de sterksten zichzelf vrijstelling gunden wanneer het hen uitkwam. Het was misschien niet helemaal eerlijk, maar het was wel een goed verhaal, vooral omdat de Europese Unie als bondgenoot mee kon profiteren van de dominantie van de Verenigde Staten.
Nu blijkt echter dat, wanneer het erop aankomt, de Verenigde Staten geen bondgenoten hebben, enkel belangen. Meer nog: de zittende regering in de VS heeft zich tot doel gesteld om regime change te bewerkstelligen in Europa. Het is de bedoeling, zo staat het zwart op wit in de nationale veiligheidsstrategie van de VS, om “verzet te cultiveren binnen de Europese landen tegen Europa’s huidige traject”.
In hun reactie hierop gedragen de Europese leiders zich als een groep hulpjes van de grote pestkop, die het probleem met pesten pas begrijpen wanneer zij er zelf het slachtoffer van dreigen te worden. Het bericht dat de Franse president Emmanuel Macron naar Donald Trump stuurde en dat Trump op zijn sociale media deelde, is op dat vlak veelzeggend. “Mijn vriend, we zijn het helemaal akkoord over Syrië. We kunnen grote dingen doen in Iran. Ik begrijp niet wat je wil doen in Groenland.”
Wanneer er een genocide plaatsvindt in Palestina, de president van Venezuela ontvoerd wordt of Iran wordt gebombardeerd, slaagt de Europese Unie er niet in om het internationaal recht te verdedigen. Wat de Europese leiders daarbij maar niet lijken te beseffen, is dat in een wereld waarin enkel het recht van de sterkste nog van tel is op een bepaald moment ook Europa getroffen zal worden.
Geen Europees imperialisme
Dat Europa zich los moet maken van de Verenigde Staten is een inzicht dat langzaam maar zeker het publieke debat binnen is aan het sluipen. Wanneer dat inzicht echter niet gepaard gaat met het inzicht dat Europa zich tegelijkertijd los moet maken van de in de Verenigde Staten dominante ideologie waarin het recht van de sterkste centraal staat, blijft het Europese ontwaken halfslachtig.
Heel vaak gaat de oproep om zich los te maken van Washington gepaard met een oproep tot militarisering van Europa. “In een geopolitiek speelveld waar geen andere wet nog geldt dan het recht van de sterkste, zal Europa om te overleven de sterkste moeten worden”, zo schrijft bijvoorbeeld ook Ilja Leonard Pfeijffer in zijn boek Absolute democratie.
Wat Pfeijffer – en velen met hem – lijkt te ontgaan, is dat er een contradictie gelegen is in het idee dat je de democratie met militaire middelen kan verdedigen. Historisch gezien zijn de militarisering van de samenleving en de afbraak van de democratie fenomenen die niet geheel toevallig samen voorkomen. Ook vandaag is het opmerkelijk dat, hoe harder onze politici roepen dat we ons moeten verdedigen tegen Trump en Poetin, hoe harder ze op Trump en Poetin beginnen te lijken. Europees imperialisme is niet het juiste antwoord op de brutaliteit van het Amerikaans imperialisme.
Binnen de Europese Unie wonen zo’n 450 miljoen mensen, op het Europese continent zo’n 750 miljoen mensen. Op het Afrikaanse continent leven meer dan dubbel zoveel mensen als in Europa en in Azië nog eens drie keer zo veel mensen. Als iedereen die in India en China woont samen omhoog zou springen, leggen ze bij wijze van spreken genoeg gewicht in de schaal om de wereld te doen kantelen.
Daar kan Europa met democratische middelen nu eenmaal niets tegen beginnen. Zolang we vasthouden aan het idee dat een minderheid moet floreren door een meerderheid onder de knoet te houden, zullen we telkens weer het verhaal van koning Pyrrhus herhalen. De namen van de personages zullen veranderen, maar het scenario zal hetzelfde blijven.
De vergissing die tot deze herhaling van de geschiedenis als tragische farce leidt, is het idee dat de zogenaamde nieuwe wereldorde die autoritaire leiders willen vormgeven een realiteit is waaraan we ons moeten aanpassen, terwijl het een bedreiging is waartegen we ons moeten verzetten. De vraag is dus niet hoe Europa kan openbloeien in deze nieuwe wereldorde. De vraag is hoe we vanuit Europa mee vorm kunnen geven aan een andere, meer rechtvaardige wereldorde. De vraag is hoe we de belofte van de op regels gebaseerde orde waar kunnen maken. Want het was misschien al die tijd een leugen, het is wel een goed verhaal.
Een goed begin zou zijn om alvast alle economische, diplomatieke en militaire banden met Israël te verbreken.
Bron: DeWereldMorgen.be
