by admin | mei 1, 2026 | Varia
Bouchez verdedigt 1 mei-event op mijnsite: “Ben zelf ook kleinzoon van een mijnwerker”
MR-voorzitter Georges-Louis Bouchez heeft ongeveer 2.000 partijmilitanten toegesproken tijdens zijn 1 mei-toespraak op de mijnsite van Blegny. Die locatiekeuze schoot bij de PS in het verkeerde keelgat.
“Een politieke parade in de mijn waar mijn vader twintig jaar lang heeft gewerkt”, stelde het Brusselse kopstuk Ahmed Laaouej. “Ik heb herinneringen van moedige arbeiders, gebroken lichamen en arbeidsongevallen in Blegny. En van iets waar rechts niet mee bezig is: arbeid, in zware omstandigheden en zonder afdoende loon, tast de gezondheid aan.”
Bouchez weerlegde die kritiek in zijn speech. “Sommigen zeggen dat de geschiedenis van deze site niet de onze is. Een socialistisch parlementslid legde uit – bijna met tranen in de ogen – dat zijn grootvader mijnwerker was. Wel, dat komt goed uit, want ik ben ook de kleinzoon van een mijnwerker“, klonk het.
De partij nam haar voorzorgen, want Bouchez werd in het verleden meermaals het slachtoffer van bierdouches, middelvingers en zelfs fysiek geweld door boze activisten. De site in Blegny was enkel toegankelijk met een pas en deelnemers moesten drie politiecontroles passeren. Manifestanten waren er deze keer niet.
In zijn toespraak riep Bouchez op tot “optimisme”. “Dat ontbreekt nu in de samenleving.”
Zijn discours was vooral opgebouwd rond energie en koopkracht. De MR-voorzitter blokkeerde de afgelopen weken nog het regeringswerk omdat hij een inspanning wilde voor werkenden die getroffen worden door de hoge brandstofprijzen. “Ik begrijp het ongeduld van de mensen”, zei hij. “Maar de belofte dat wie werkt er 500 euro op vooruitgaat, zullen we waarmaken. De fiscale hervorming gaat in de loop van de komende weken naar het parlement.”
Daarnaast maakt zijn partij werk van een ‘big deal’ voor economische groei. Hiervoor zullen binnenkort teksten neergelegd worden. Meer details gaf Bouchez niet, al benadrukte hij wel dat de overheidsuitgaven naar beneden moeten.
De MR-voorzitter gaf tot slot toe dat de federale regering er op veertien maanden tijd nog niet in geslaagd is alles op te lossen. “Maar we hebben nog 36 maanden. In voetbaltermen zijn we in de dertigste minuut van de match. Er zijn er nog zestig en misschien enkele stilstaande fases.”
Magnette: “PS zal alles heropbouwen wat rechts afgebroken heeft”
“De PS komt groter en sterker terug. En ik beloof het plechtig: de PS zal alles heropbouwen wat rechts heeft afgebroken.” Dat heeft partijvoorzitter Paul Magnette gezegd in zijn 1 mei-toespraak in Charleroi.
De PS zit op Brussel na overal in de oppositie sinds ze in 2024 de verkiezingen verloor van haar rechtse concurrent MR. Maar de Franstalige socialisten hebben volgens de peilingen de wind in de zeilen. En dus kijkt Magnette al naar de toekomst.
Hij nam in zijn speech vooral de Franstalige regeringspartijen MR en Les Engagés op de korrel. “De ingenieurs bleken bedriegers en amateurs te zijn“, klonk het. “Men zet de werknemers onder druk, men onderdrukt de gepensioneerden en ondertussen worden de mensen aan de top gespaard. Dat is onhoudbaar, en het werkt niet: het tekort zal verdubbelen, de schuld zal exploderen. En ondertussen is er geen groei en worden er geen jobs gecreëerd.”
Rousseau: “De toverstaf van Hedebouw bestaat volgens mij niet”
1 mei is gevierd met een grote optocht doorheen het centrum van Sint-Niklaas. Vooruit-voorzitter Conner Rousseau was op de afspraak in zijn thuisstad.
Bij VTM NIEUWS reageerde hij op het voorstel van PVDA-voorzitter Raoul Hedebouw om de pensioenmalus niet mee te stemmen. “Vanaf de zijlijn alles beloven, is natuurlijk heel goedkoop. We moeten moeilijke dingen doen, maar is er iemand op aarde die beweert dat het vandaag allemaal makkelijk kan? Dit is plat populisme van een partij, of moet ik eerder sekte zeggen? Hedebouw beweert een toverstaf te hebben die pief poef paf doet, maar volgens mij bestaat die niet.”
Vandenbroucke haalt tijdens 1 mei-toespraak uit naar Trump: “Hij haat de welvaartsstaten die wij in Europa opgebouwd hebben”
Op de Dag van de Arbeid verzamelen de socialisten traditioneel op het Martelarenplein in Leuven. Minister van Volksgezondheid Frank Vandenbroucke (Vooruit) haalde uit naar de Amerikaanse president Donald Trump.
“Hij is niet gewoon een tegenstander van Europa, hij haat de welvaartsstaten die wij hier opgebouwd hebben. Trump haat de manier waarop we in Europa met elkaar samenwerken en hoe wij denken over democratie en solidariteit.”
“Het blijft niet bij straffe uitspraken. De manier waarop wij in Europa – en zeker in België – omgaan met geneesmiddelen en ziekteverzekeringen… Dat model moet voor de regering-Trump weg. “
“De regering-Trump vindt dat wij in Europa te weinig betalen aan de farma voor nieuwe geneesmiddelen. Ze vinden dat geneesmiddelen bij ons duurder moeten worden, zogezegd om ze goedkoper te kunnen maken in de Verenigde Staten. Als wij in België beslissen om een geneesmiddel terug te betalen, dan is dat voor iedereen terugbetaald. Zowel voor arme als voor rijke mensen. Daarom onderhandelen we ook keihard met de farma om hun prijzen laag te houden.”
Onder luid applaus stelde Vandenbroucke dat alles uit de kast moet worden gehaald om ons solidaire systeem in stand te houden. Tegelijk klonk het wel dat de regering “de komende weken en maanden voor moeilijke keuzes staat”.
“We kunnen vandaag niet de slechtste begroting van Europa hebben en morgen toch de beste, meest solidaire welvaartsstaat van Europa willen garanderen. Als we willen blijven investeren in solidaire gezondheidszorg, dan moet die begroting op orde worden gebracht.”
“De meerwaardebelasting is een buitengewoon belangrijke principiële overwinning, een echte voet tussen de deur. Maar dat volstaat niet. De miljonairstaks die wij voorstellen, is robuust omdat ze eenvoudig is. Als men de inspanningen eerlijk wil verdelen, dan moet dat op tafel komen. Ook de verhoogde tegemoetkoming willen wij hervormen om ze meer solidair te maken.”
Hedebouw: “Vooruit, CD&V en Les Engagés kunnen pensioenhervorming nog tegenhouden”
PVDA-voorzitter Raoul Hedebouw roept regeringspartijen Vooruit, CD&V en Les Engagés op om niet mee te stemmen met de pensioenhervorming van de federale regering. Dat deed hij in een 1 mei-boodschap vanop het Anneessensplein in Brussel.
De pensioenhervorming van minister van Pensioenen Jan Jambon (N-VA) kreeg afgelopen week al groen licht in de bevoegde Kamercommissie. De plenaire vergadering moet de tekst echter nog goedkeuren en dus is er nog tijd om de hervorming terug te draaien, zei Hedebouw. Hij verzet zich vooral tegen de pensioenmalus, waardoor mensen die voor de wettelijke leeftijd op pensioen vertrekken een lager pensioenbedrag riskeren.
“Vooruit, CD&V en Les Engagés – de linksere regeringspartijen – mogen die hervorming plenair niet goedkeuren”, vindt Hedebouw.” Als ze dat wel doen, hebben ze gelogen in hun partijprogramma’s.” Volgens de PVDA-voorzitter kan het middenveld extra druk zetten tijdens de nationale betoging op 12 mei.
PS-kopstuk Ahmed Laaouej ergert zich: “MR houdt politieke parade in mijn waar mijn vader twintig jaar lang werkte”
MR-voorzitter Georges-Louis Bouchez heeft zijn 1 mei-toespraak gehouden in Blegny-Mine, een oude koolmijnsite in de buurt van Luik. Niet gepast, vindt PS-kopstuk en Brussels minister van Sociale Actie Ahmed Laaouej.
“Een politieke parade in de mijn waar mijn vader twintig jaar lang heeft gewerkt”, reageerde hij in zijn eigen 1 mei-toespraak in Brussel. “Ik heb herinneringen van moedige arbeiders, gebroken lichamen en arbeidsongevallen in Blegny. En van iets waar rechts niet mee bezig is: arbeid, in zware omstandigheden en zonder afdoende loon, tast de gezondheid aan.”
De Brusselse PS-baas haalde ook uit naar de Arizona-regering. “Een machine die mensen verplettert“, noemde hij die. “Alles stijgt: de prijs van water en gas, kinderdagverblijven, schoolmaaltijden en inschrijvingsgeld, maar niet de lonen.”
“Met Arizona zal het niet 500 euro netto meer zijn, maar net 500 euro minder. Nochtans is er ruimte om de lonen te verhogen met de 163 miljard euro winst die de bedrijven in 2024 hebben geboekt.” De pensioenhervorming die de federale regering doorvoert, noemde Laaouej “brutaal”.
Rousseau gaat op 1 mei vol voor miljonairstaks: “Sommigen van dat selecte clubje vragen er zelf om”
Vooruit-voorzitter Conner Rousseau gaat in zijn toespraak aan de vooravond van 1 mei opnieuw vol voor een miljonairstaks. Wie het echt meent met de begroting, zal niet anders kunnen, zei hij aan de Koninklijke Bibliotheek. MR liet deze week echter al verstaan dat het regeerakkoord weinig ruimte laat voor extra belastingen. Opvallende afwezige in de speech: de energiemaatregelen die Vlaams minister Hans Bonte al twee keer tevergeefs door de ministerraad trachtte te loodsen.
De Vlaamse socialisten blazen net als vorig jaar verzamelen in het centrum van Brussel, voor speeches van de Vooruit-voorzitter, de topman van ABVV en de algemeen secretaris van Solidaris.
Rousseau klopt zich tegenover enkele honderden leden op de borst met de bescherming van de automatische index. “Honderd jaar geleden gebouwd door socialisten en honderd jaar later gered door socialisten.” De huidige federale regering waar Vooruit in zetelt, behield wel degelijk de index maar wil hem wel afvlakken voor de hogere lonen. “De tijden veranderen, maar één ding zal nooit veranderen. Ik zal niet toestaan dat ze die index afpakken. Niet vandaag, niet morgen, nooit”, aldus Rousseau.
Om de begroting te redden, ziet de voorzitter op de Dag van de Arbeid enkele andere oplossingen. Om te beginnen moet de verhoogde tegemoetkoming opnieuw terechtkomen bij wie ze nodig heeft. Vooruit ijvert al enkele dagen opnieuw voor een uitgebreide vermogenstoets, iets dat onder meer N-VA niet ziet zitten.
Daarnaast wil Rousseau een miljonairstaks. “Een bijdrage van een klein select clubje. Een bijdrage waar sommigen van die club zelf om vragen.” Anders komt het volgens hem niet meer goed met de federale begroting. “Gewone mensen betalen vandaag te veel omdat een kleine groep te weinig betaalt. Dat kan je alleen oplossen met een miljonairstaks. Alleen zo betalen gewone werkmensen minder, houden ze netto meer over en krijgen we ons land op orde.”
Rousseau houdt ook een pleidooi voor meer Europa, dat zijn eigen lot in handen moet nemen. De socialisten stelden eerder dit jaar al voor om enkel nog bedrijfswagens van Europese makelij fiscaal aftrekbaar te maken. Nu pleit de voorzitter voor “één Europese toekomst”. “Met eigen energie, eigen industrie en eigen technologie.”
Morgen neemt Rousseau deel aan de optocht in thuisstad Sint-Niklaas en geeft hij een speech in Zelzate.
Bron: HLN.be
by admin | mei 1, 2026 | Verkiezingen 2024
Het lijkt Georges-Louis Bouchez menens om bij de volgende Kamerverkiezingen MR-lijsten in te dienen in Vlaanderen. Alvast in West-Vlaanderen heeft hij mogelijk al een prominente kandidaat: mijn neef Wout Maddens. Hij is eerste schepen in Kortrijk en stapte vorig jaar over naar de MR, uit onvrede over de te makke ideologische koers van Open VLD. Maar waar zal Bouchez de andere kandidaten halen?
Op het eerste gezicht is het een haast onmogelijke organisatorische klus voor een partij om volledige kandidatenlijsten in te dienen aan de overkant van de taalgrens. In werkelijkheid is dat een fluitje van een cent. Dat komt omdat kandidaten niet gedomicilieerd hoeven te zijn in de kieskring waar ze opkomen. Bouchez kan zijn Vlaamse lijsten dus vullen met Waalse of Brusselse liberalen. Het volstaat ook dat de voordracht van de kandidaten wordt ondertekend door drie uittredende Kamerleden, die niet in de betrokken kieskring verkozen moeten zijn. Handtekeningen van kiezers verzamelen in Vlaanderen (normaal 400 of 500 al naargelang de grootte van de kieskring), zal Bouchez dus niet hoeven te doen.
N-VA geeft het voorbeeld
Juist omdat dit zo gemakkelijk is kon de N-VA bij de vorige verkiezingen probleemloos (bijna) volledige lijsten neerleggen in de vijf Waalse kieskringen. Van de 77 kandidaten op die lijsten waren er slechts tien gedomicilieerd in Wallonië. De rest waren allemaal Vlaamse N-VA-militanten of politici die zich hadden opgeofferd om te figureren op die Waalse lijsten. Ik vermoed dat de meesten daarvan tijdens de campagne nooit een voet aan de grond gezet hebben in ‘hun’ kieskring. In elk geval hebben ze amper geïnvesteerd in de campagne. Slechts elf kandidaten hebben verkiezingsuitgaven gedaan. In totaal gaven die 95.418 euro uit, waarvan 94.272 euro betaald door de partij.
Met die voor het overgrote deel Vlaamse kandidaten die nauwelijks campagne voerden, heeft de N-VA toch een niet onaardig resultaat neergezet. De partij haalde in heel Wallonië 1,9 procent, dit is maar iets minder dan Défi (2,4 procent). En dat terwijl alle Défi-kandidaten échte Walen waren, de partij al sinds 2014 voet aan de grond probeert te krijgen in Wallonië (vroeger als FDF) en daar ook effectief campagne voert.
Geen windeieren
Bemerk dat dit zowel voor Défi als voor de N-VA een zeer lucratieve operatie was. Ook al behaalden geen van beide zetels, de in Wallonië behaalde stemmen tellen wel mee voor het berekenen van de partijdotatie. De 40.716 Waalse N-VA stemmen leveren de partij jaarlijks 200.730 euro op, voor de hele legislatuur is dat dus 1.003.650 euro. Tegenover de investering van 94.272 euro is dat een ‘return on investment’ om u tegen te zeggen. Al zijn dit voor een partij als de N-VA natuurlijk maar kruimeltjes. De inkomsten uit de operatie Wallonië zijn goed voor slechts 1,6 procent van alle overheidsinkomsten van de partij.
Met andere woorden, niet alleen is het voor een partij zeer gemakkelijk om lijsten in te dienen aan de overkant van de taalgrens, het is ook financieel interessant. Het Vlaams Belang weet dit al lang, en diende in Wallonië zowel in 2003, 2007 als 2019 lijsten in. In 2024 was dat niet het geval, omdat de partij hoopte op een doorbraak van het Waalse Chez Nous. Nu die partij een flop is gebleken, lijkt de kans reëel dat Vlaams Belang in 2029 opnieuw lijsten neerlegt in Wallonië.
Als in 2029 zowel N-VA als Vlaams Belang lijsten indienen in Wallonië, én de MR lijsten indient in Vlaanderen, dan zullen alle Belgen kunnen stemmen voor een van de vier grootste partijen van het land (de PVDA is de vierde grootste). Dat zou alvast als voordeel hebben dat de door de belgicisten grijsgedraaide plaat van de federale kieskring mag worden opgeborgen.
Handtekeningen ronselen
Of flaminganten gelukkig kunnen zijn met die situatie, is een andere vraag. Duidelijk is in elk geval dat de taalgrens voor wat betreft de Kamerverkiezingen heel poreus is. Het kiessysteem voor de Kamer kent eigenlijk geen taalgrens. Dat is op zich niet onlogisch omdat het tenslotte de verkiezing betreft van een ‘nationaal’ parlement. Volgens de Grondwet vertegenwoordigen alle Kamerleden ‘de natie’, dus even goed de burgers aan de overkant van de taalgrens. Anderzijds zou men het taalgrens-hoppen van de partijen wel kunnen bemoeilijken, door te bepalen dat een lijstvoordracht door uittredende Kamerleden enkel kan gebeuren door Kamerleden van de betrokken kieskring. In dat geval zou de MR wél handtekeningen moeten ronselen in Vlaanderen en de N-VA en het Vlaams Belang in Wallonië.
De kans dat de wet in die zin wordt gewijzigd, lijkt me echter klein. Dit wordt niet als een groot probleem gezien door de partijen. Tot nu toe had het indienen van lijsten aan de overkant van de taalgrens inderdaad iets weg van electorale folklore. Het was een stunt zonder politieke gevolgen.
Maar het is niet gezegd dat dit altijd zo zal zijn. Stel dat Georges-Louis Bouchez effectief zetels haalt in Vlaanderen. Dan zou er een heel vreemde situatie ontstaan. Dan krijg je Kamerleden die onder het gezag staan van een Franstalige partijvoorzitter maar anderzijds wel tot de Nederlandse taalgroep behoren. Of er in die taalgroep al dan niet een meerderheid is voor een staatshervorming, zal dan mee worden bepaald door een Franstalige partij. Bouchez zou de meer Belgischgezinde partijen in Vlaanderen (Open VLD, Groen, PVDA, Vooruit) bijvoorbeeld aan een meerderheid kunnen helpen voor een unitaristische hervorming.
Zo een Franstalige ‘inbraak’ is veel moeilijker in het Vlaams Parlement. Daarvoor zou de MR wel kandidaten moeten vinden die in Vlaanderen gedomicilieerd zijn. De partij zou ook handtekeningen moeten ronselen. Anders gezegd, het Vlaamse gehalte van de volksvertegenwoordiging in het Vlaams Parlement is beter beschermd dan dat van de Nederlandse taalgroep in de Kamer.
Vetorecht verdwijnt
Dit werpt een interessant licht op de discussie over de afschaffing van de Senaat. Die bestaat momenteel voor het overgrote deel uit parlementsleden van de deelstaten. Dankzij de Senaat hebben de deelstaten een vetorecht over institutionele hervormingen. Als Bouchez zijn Vlaamse zetels in de Kamer zou gebruiken om een belgicistische hervorming door te duwen, dan zou dit allicht op het verzet stuiten van een meerderheid in het Vlaams Parlement, en dus ook van een meerderheid van Nederlandstalige Senatoren. Tenzij de Senaat niet meer bestaat.
Ook meer in het algemeen moet men er rekening mee houden dat de samenstelling van het Vlaams Parlement en de Nederlandse taalgroep van de Kamer kan divergeren in de toekomst. Dat zou bijvoorbeeld kunnen als de Kamerverkiezing moet worden vervroegd door een regeringscrisis en niet meer samenvalt met de regionale verkiezingen. In andere federale landen zien we dat regionalisten of separatisten doorgaans sterker staan in de deelstaatparlementen dan in het federale parlement. De Vlaams-nationalisten zullen in de toekomst allicht meer kans hebben om een meerderheid te halen in het Vlaams Parlement dan in de Nederlandse taalgroep van de Kamer.
Tussen haakjes: vandaag is het al zo dat de sterke positie van de Vlaams-nationalisten in het Vlaams Parlement (met precies de helft van de zetels) zich vertaalt in een absolute meerderheid in de Nederlandse taalgroep van de Senaat (18 van de 35 zetels). Met andere woorden, de Vlaams-nationalisten kunnen een herziening van de bijzondere wetten blokkeren. In de Kamer is die blokkeringsmeerderheid er momenteel niet. De Vlaams-nationalisten (Jean-Marie Dedecker inbegrepen) hebben slechts 44 van de 90 zetels in de Nederlandse taalgroep.
Anders gezegd, met de Senaat hebben de Vlaams-nationalisten een vetorecht over een staatshervorming, zonder de Senaat niet. De afschaffing van de Senaat is symbolisch misschien een mooie trofee voor de N-VA, in werkelijkheid is het een domme en kortzichtige maatregel.
Bron: PAL.be
by admin | mei 1, 2026 | Economie
Ik wou het even hebben over de nieuwe tarieven van Telenet. 20 euro per maand erbij voor de laagste tariefformules. Daarvan zou je kunnen zeggen dat dit een bedrijf zijn goed recht is in de vrije markt. De klanten kunnen altijd naar een ander gaan. Dat zou juist zijn, tenminste als er concurrentie is. In zo’n geval hoeft de overheid zich daar niet mee te bemoeien.
Het probleem is natuurlijk dat die vrije markt verstoord is. Het is geen echte vrije markt. Het is een oligopolie van Proximus, Orange en Telenet, met nauwelijks noemenswaardige andere spelers. Telenet zit sowieso met de kabeldistributie. Ondanks het ongenoegen bij consumenten kiezen nog maar weinig mensen voor kabelknippen. De televisiedistributie is dus een manier om mensen aan Telenet te binden.
Voetbal op het internet?!
Hoe erg dit is, merk je wanneer de voetbaluitzendingen plots via internet gaan in plaats van via Proximus of Telenet. Dan ontstaat er onrust in de Wetstraat en beginnen politici te schreeuwen dat het een schande is en dat de voetbalbond de rechtmatige eigenaar van de voetbalrechten moet dwingen.
Bovendien hebben operatoren zoals Telenet contracten met een zogenaamde lock-in. Klanten gaan overeenkomsten aan voor een jaar en kunnen pas na een bepaalde tijd uitstappen. Dat is bij elke telecomoperator zo, en daar zit een logica achter. Hetzelfde bestaat bij huurcontracten van bedrijven: die moet men ook betalen tot een bepaalde termijn als men vertrekt.
Privatisering verprutst
Het probleem is dat de privatisering van de telecommunicatie in België van het begin af aan is verprutst door de politiek. Er waren heel mooie cases in het buitenland, maar men heeft daar nooit naar gekeken. Men heeft dezelfde fouten gemaakt als op veel andere plaatsen. Men had een schoonheidswedstrijd kunnen organiseren met businessplannen van ondernemers. Dat heeft men niet gedaan.
De Vlaamse politiek heeft de intercommunales en de Gewestelijke Investeringsmaatschappij voor Vlaanderen (GIMV) een cadeau gedaan. Om de boel te financieren zocht de Vlaamse regering een aantal grote marktpartijen, zoals KBC (een bank), holdings zoals Cobepa en Telindus (een Vlaamse leverancier en een groot Belgisch beursgenoteerd bedrijf). In andere gevallen, zoals bij Proximus (toen nog Belgacom), Orange (toen nog France Telecom) en Base, zocht men buitenlandse operatoren zoals France Telecom en het Nederlandse KPN. Van origine buitenlandse staatsbedrijven en ex-monopolisten. Die kregen allemaal een vet cadeau.
De Vlaamse en Belgische regeringen deden dit op een manier die eigenlijk absurd is. De overheid heeft die licenties zogezegd geveild. Dat wil zeggen dat wie op voorhand het meeste geld gaf aan de overheid een oligopolist mocht gaan uitbaten. Zogezegd een concurrent die de prijzen en de kwaliteit van de dienstverlening zou verbeteren. Het zou allemaal goedkoper worden voor de burgers.
Enkel oude krokodillen
Op die manier krijg je geen nieuwe spelers op de markt, maar alleen oude, bestaande spelers van elders. De zogenaamde incumbents, de staatsmonopolisten uit andere landen.
Die gingen natuurlijk onmiddellijk proberen om in hun tarieven die gigantische investering terug te verdienen. Dat betekent dat de tarieven van bij het begin veel te hoog waren voor wat eigenlijk geleverd wordt.
Enkel en alleen omdat de overheid eigenlijk een belasting had geheven op de toekomstige winsten met het verbruik van internet, van telefonie enzovoort. Zo werkt het altijd, denk maar aan Fluvius.
In die constellatie kan je niet over “de vrije markt” praten. Dan moet je praten over de overheid die cadeaus doet aan de gevestigde belangen. Financiële groepen, multinationals en voormalige staatsbedrijven. Tel de intercommunales voor teledistributie en de GIMV daar gerust bij. Het was dus ook een cadeautje aan het eigen netwerk van lokale politici.
Dit is gewoon van bij het begin het scenario geweest, ten koste van de consument. Wanneer men kijkt naar andere landen, ziet men dat het ook anders kon. In de VS heeft men de nationale operator voor telefonie AT&T, bijgenaamd Ma Bell, opgesplitst in stukken en die stukken verkocht. Die stukken moesten met elkaar gaan concurreren. Idem met de kabelmaatschappijen die sowieso al in privéhanden waren. In de loop van de tijd ontstond een zeer competitieve markt met wereldspelers. Die kochten hier de boel op, zoals de huidige eigenaar van Telenet. Die melken al jaren de Belgische en Nederlandse klanten als een cashkoe.
Crony Capitalism
Die Amerikaanse operatoren moesten naar de beurs. Zij moesten dus aandeelhouders zoeken. Bij ons zochten ze eerst vriendjes zoals KBC, Cobepa en Telindus. Die staken er geld in om nadien op de Brusselse beurs hun exit te krijgen en eens lekker te cashen, over de rug van de consument die in veel gevallen ook nog die aandelen kocht als belegging.
Zoiets is geen vrije markt. Dat is crony capitalism: vriendjeskapitalisme en netwerkcorruptie. Of dacht je dat Telenet tientallen politici tienduizenden euro’s gaf om in allerlei adviesraden te zitten voor niks? Crony capitalism is een vieze vorm van machtsmisbruik. Het heeft niets te maken met de vrije markt of concurrentie.
Daarom is het een goede zaak dat minister Beenders nu optreedt. Het probleem is dat dit symptoombestrijding blijft. Men moet het probleem bij de wortel aanpakken. Dat wil zeggen: de hele telecommarkt in België hervormen op een manier die eerlijke concurrentie mogelijk maakt.
Vincent Van Quickenborne riep Beenders op X trouwens op dit te doen, in plaats van wat hij communiceerde. Het hele systeem is fout opgebouwd. Ofwel grijpt men eindelijk zeer rigoureus in, ofwel legt de politiek zich erbij neer dat ze een probleem heeft gecreëerd dat, ondanks de perverse kantjes, niet meer recht te breien valt. In dat geval zal de ellende blijven voortduren.
Bron: PAL.be
by admin | mei 1, 2026 | Economie
Tijdens het vragenuurtje in de Kamer op donderdag kwamen van alle politieke partijen vragen over de intentie van de federale regering om de nucleaire activiteiten van Engie over te nemen. Het bizarre is dat, hoewel er zeer pertinente vragen kwamen, er niks over de grond van de zaken werd gevraagd of verteld. Waarom? En vooral waarom nu?
Inhoudelijk weten we zo goed als niets. We weten dat de federale regering de ontmanteling onmiddellijk stopzet en dat ze een onafhankelijke studie bestelt. Dat zei premier Bart De Wever (N-VA) als antwoord op de gebundelde vragen.
Hij gaf tevens een korte uitleg over het waarom. De regering gaat ervan uit dat Engie een beslissing heeft genomen. Ze hebben een businessmodel gekozen. Vervolgens voegde hij er fijntjes aan toe dat Engie geen betrouwbare partner is. Zoiets is natuurlijk een enorm belangrijke mededeling. Wanneer Bart De Wever zegt dat hij Engie geen betrouwbare partner vindt, dan blaast hij feitelijk de contracten op.
“Een krankzinnig contract”
Die contracten zijn de oorzaak van het zeer lastig parket waarin De Wever zich bevindt. De vorige regering, met Alexander De Croo en Tinne Van Der sloot een contract van 1000 pagina’s. Een krankzinnig contract om het met vragensteller Jean-Marie Dedecker zijn woorden te zeggen.
In een kort gesprek met PAL.be zei Dedecker dat in het contract zaken stonden zoals het verplicht afbreken van Tihange 1 en op die site zou Engie dan een gascentrale krijgen. “Daar moest de Belgische staat vervolgens 900 miljoen euro voor betalen”, aldus Dedecker. Indien het niet door zou gaan, moest de staat een schadevergoeding betalen. Met dat soort clausules stond het contract vol.
Volgens wel ingelichte kringen had Bart De Wever de totale kost voor de schatkist ongeveer beraamd op 100 miljard euro. Een ramp en dat stak in een wurgcontract. De intentieverklaring is met andere woorden de aanzet tot het vernietigen van dat wurgcontract.
Bron: PAL.be
by admin | mei 1, 2026 | Economie
Het leek een communicatiestunt van de N-VA en de MR, om net voor een lang weekend in volle energiecrisis uitpakken met de belofte dat ze de kerncentrales gaan kopen van Engie.
Wat ze niet zeggen is dat ze die kerncentrales willen kopen omdat premier Bart De Wever (N-VA) vreest dat de deal die zijn voorganger Alexander De Croo (Anders) en Tinne Van der Straeten (Groen) sloten met Engie voor de verlenging van enkele kernreactoren, minstens 100 miljard euro dreigt te gaan kosten aan de schatkist. Daarom was het opvallend dat Groen in de Kamer interpelleerde over de (toekomstige) Engie-deal.
Aankondigingspolitiek
De onderhandelingen om de nucleaire activiteiten van Engie over te nemen worden door de regering-De Wever gepresenteerd als zijnde een belangrijke beslissing. VOKA bejubelde bij monde van haar gedelegeerd bestuurder Frank Beckx de aankondiging.
Want een aankondiging, dat is het: niets meer dan een intentieverklaring. Die aankondiging stond al jaren in de sterren geschreven. Engie plande dit al zeer lang geleden.
De timing om te verkopen is immers ideaal. Dat weten ze bij Engie. Alle kerncentrales liggen stil en brengen dus geen cent op, terwijl de kosten doorlopen. De publieke opinie, overheden en bedrijven schreeuwen om kernenergie door de energiecrisis. Dat maakt dat voor het eerst in jaren het geen buyer’s market meer is. De koper zal de beste prijs in de geschiedenis betalen in de huidige context. Ideaal dus voor verkopers die op iets zitten dat geld kost, niet rendeert en waar ze vanaf willen. Tijd om te cashen.
Minister die geen knopen doorhakt
Op zo’n moment beslist de Belgische regering om te beginnen aan onderhandelingen om de kerncentrales te kopen. Bovendien is de minister van Energie Mathieu Bihet (MR) bevoegd. Die maakte als lid van de Kamercommissie Energie niet bepaald een onvergetelijke indruk. Als kersvers minister van Energie maakte hij de ene uitschuiver na de andere en debiteerde dezelfde onzin als zijn voorgangster Tinne Van der Straeten (Groen). Hij hakte geen knopen door en deed buiten veel uitspraken over kernenergie eigenlijk niets en bleef geld stoppen in groene luchtkastelen.
De man vertelt gewoon wat de administratie of zijn kabinet hem oplepelt. Dat hij geen verstand heeft van energievraagstukken en economie, is niet onlogisch. Bihet is een jurist die nooit werkte als advocaat en als specialist publiek recht vooral een beroepspoliticus uit Luik blijkt die op mandaten en postjes jaagt. Hij staat bovendien niet bepaald bekend als een harde werker.
Straffe onderhandelaar
Die minister treedt nu dus in het strijdtoneel met Thierry Saegeman van Engie. De vroegere topman uit België en nu vicevoorzitter in Parijs. Een topper in veel opzichten. En iemand die al decennia onderhandelt met de Belgische staat en iedereen weet hoe dat telkens afgelopen is.
Saegeman is burgerlijk ingenieur met vervolgopleidingen economie. Een Vlerick-boy zoals ze zeggen. De crème de la crème van het Belgische onderwijssysteem. Gepokt en gemazeld bij Tractebel, Electrabel en Engie waar hij CEO was. En een specialist in de uitbating van kerncentrales.
Dealmaking
Dit belooft een zeer ongelijke strijd te worden. Een regering met veredelde amateurs tegen ervaren professionals. Gehaaide onderhandelaars bovendien met budgetten waar de regering slechts van kan dromen. Tegenstanders die niet naar postjes hengelen tijdens de onderhandelingen. Die geen nood hebben aan een gouden parachutes of een vriendendienst.
Het is allesbehalve het sympathiekste bedrijf, maar Engie gaat de federale regering eens een lesje in dealmaking geven. En de federale regering moet onder een wurgcontract uit waarvan premier Bart De Wever gezegd zou hebben dat de overeenkomst van Alexander De Croo en Tinne Van der Straeten met Engie minstens 100 miljard euro gaat kosten aan de Belgische staat. Dat is meer dan het volledige jaarbudget van de pensioen- of de gezondheidszorgen in België.
Bron: PAL.be