by admin | mei 11, 2026 | Sectoren
Nooit eerder waren er in ons land zoveel langdurig zieken. Vorige week raakte bekend dat het al om 576.000 Belgen gaat. In het parlement moeten de ziekenfondsen zich daar vandaag voor verantwoorden, maar voormalig topambtenaar en dokter Roger Toelen (69) doet nu al een boekje open. “Het record is géén toeval”, zegt hij stellig. Hij was bijna 30 jaar actief op hoog niveau bij de Rijksdienst voor Ziekte- en Invaliditeitsverzekering (RIZIV) en onthult nu voor het eerst bij HLN hoe een betere controle op langdurig zieken jarenlang afgeblokt werd. “Een arts zat in tranen in mijn bureau omdat hij de druk van het ziekenfonds niet meer aankon.”
Weinig mensen in België weten meer over de aanpak van langdurig zieken dan Roger Toelen. De man was zelf ooit adviserend arts bij een ziekenfonds en legde vervolgens een heel traject af binnen de overheidsdienst die de regels rond arbeidsongeschiktheid bepaalt. “Zo goed als mijn hele loopbaan is dat mijn focus geweest”, zegt hij wanneer we bij hem thuis aan tafel schuiven. “Ik begon als arts-inspecteur, maar klom op tot adviseur-generaal. Dat is de positie net onder de directie.”
Een oud-topambtenaar die openlijk praat over wat hij achter de schermen bij de overheid heeft meegemaakt, dat is zeer zeldzaam. Waarom doet u dit?
Roger Toelen: “We breken momenteel records en dat ligt voor een deel aan beslissingen die jaren geleden zijn genomen. Ik vind dat mensen mogen weten hoe dat verlopen is. Bovendien merk ik dat er veel angst heerst om te praten. Een paar weken geleden zag ik bij de VRT artsen getuigen over het feit dat ze hun job bij het ziekenfonds – het controleren van arbeidsongeschiktheid – niet goed kunnen doen. Zij durfden alleen anoniem te spreken en dat heeft mij getroffen. Ik ben sinds 2019 met pensioen en kan dus wél vrijuit praten. Ik wil dat één keer doen omdat ik weet dat er veel mensen zijn die het goed menen, maar tegengewerkt worden.”
Naar wie verwijst u?
“Ik spreek over de adviserend artsen. Dat zijn de dokters die mensen controleren op arbeidsongeschiktheid. Zij werken onder het ziekenfonds, maar een groot deel van hen wil dat niet. Ze voelen zich niet onafhankelijk genoeg om hun werk goed te doen. En dat zeggen ze al jaren.”
Hoezo?
“Heel mijn carrière heb ik gezien hoe adviserend artsen gebukt gingen onder druk van het ziekenfonds. Ik ben zelf ooit begonnen als adviserend arts en heb meegemaakt dat artsen op het matje geroepen werden omdat ze de arbeidsongeschiktheid van leden van het ziekenfonds introkken of niet erkenden.”
U spreekt nu over de jaren 80. Is die praktijk ondertussen niet voorbij?
“Ik ben zeker van niet. In mijn carrière bij het RIZIV heb ik jarenlang intens contact gehad met adviserend artsen. Ik weet wat onder hen leeft. Nog geen tien jaar geleden zat een arts in tranen in mijn bureau omdat hij het beu was. Hij vond dat hij zijn werk niet naar behoren kon doen en wou dat de artsen weggehaald werden bij het ziekenfonds. Zo heb ik er veel zien passeren. Ze waren het allemaal moe om onder de druk van een politieke zuil te moeten werken.”
Als de situatie zo erg is, waarom vragen die artsen dan niet om te mogen verhuizen naar een onafhankelijk agentschap binnen de overheid?
“Die vragen zijn er geweest. Tot drie keer toe heb ik het meegemaakt dat een delegatie van adviserend artsen aan de top van het RIZIV vroeg om hen weg te halen bij de ziekenfondsen. Dat is iedere keer afgewezen zonder enige uitleg.”
“De laatste keer was in 2018. Toen werd ik samen met mijn directeur bij de administrateur-generaal geroepen. In de gang kruiste ik de delegatie van adviserend artsen die was komen pleiten voor een verhuis. In de meeting zei de administrateur-generaal meteen: ‘Nee, dat gaan we niet doen.’ Er kwam geen enkele argumentatie. Ik had nochtans twee scenario’s voorbereid die we konden volgen om de artsen weg te halen bij de ziekenfondsen, maar die mocht ik zelfs niet presenteren. Ik was daar zo verbolgen over dat ik die dag besloot om mijn pensioen aan te vragen. Op die manier wou ik niet verder.”
Waarom werd de vraag van de artsen volgens u geweigerd?
“Dat moet u aan het toenmalig management van het RIZIV en de ziekenfondsen vragen. Zij blokten de verhuis van de artsen zeer stellig af.”
Welke gevolgen heeft dat gehad?
“De factuur van de ziekte-uitkeringen had veel lager kunnen liggen. Als we vandaag al een onafhankelijk agentschap hadden, dan zouden er geen 576.000 invaliden zijn. Let op, ik pleit er niet voor om massaal mensen hun uitkering af te nemen. Wie niet kan werken, moet geholpen worden. Ik pleit er wel voor om de inschatting van ‘kunnen werken’ beter te bepalen. Want daar schort veel aan. Jullie hebben onlangs in HLN de steekproef van 2020 naar buiten gebracht. In de studie staat dat het RIZIV bij de aanvragen voor langdurig zieken in amper 2 procent van de gevallen de aanvraag van de adviserend arts weerlegt. Terwijl in de steekproef wordt vastgesteld dat er in 59 procent van de gevallen een weerlegging mogelijk is. Dat is toch een teken dat het allemaal niet correct verloopt.”
De ziekenfondsen hebben die steekproef weggezet als “methodologisch onjuist”. Wat vindt u?
“Er zijn inderdaad opmerkingen te maken over de epidemiologische aanpak in die studie, maar het verschil tussen die 59 procent en die 2 procent is zo groot dat dit niet alleen kan zijn veroorzaakt door de aanpak. Het rapport legt wel degelijk een probleem bloot.”
Verbaast het u dat het rapport jarenlang in een lade is gestopt en pas in 2024 aan de minister is getoond?
“Nee. In dat rapport worden heel wat zaken blootgelegd die ook tijdens mijn carrière het daglicht niet mochten zien. Het feit dat de adviserend artsen niet de mogelijkheid hebben om hun werk goed te doen en de rol van de ziekenfondsen daarin. Maar ook de noodzaak om de definitie van arbeidsongeschiktheid te herzien, bijvoorbeeld. Die definitie is zo vaag dat er te veel ruimte is voor interpretatie. Daardoor worden langdurig zieken onterecht geweigerd of aanvaard.”
De ziekenfondsen spreken tegen dat zij adviserend artsen beïnvloeden. Er staat volgens hen een ‘Chinese Muur’ tussen hen en de rest van het ziekenfonds.
“Dat klopt niet. De medische directeurs van de ziekenfondsen zijn lid van álle belangrijke organen binnen het RIZIV. Daar beslissen ze mee over welke adviserend arts wordt aangeworven en hoe die moet werken. Ze kunnen de adviserend artsen ook sanctioneren en zelfs hun erkenning intrekken. Die medische directeurs van de ziekenfondsen hebben dus een grote macht over de artsen en over de manier waarop zij moeten werken. Het gebrek aan onafhankelijkheid zit bovendien ook in veel subtielere vormen. Zo stel ik mij zeer de vraag of adviserend artsen door hun directeurs correct geïnformeerd worden over de regels van het RIZIV rond arbeidsongeschiktheid.”
“Mensen onderschatten hoe dominant de positie van de ziekenfondsen binnen het RIZIV is. Ik heb het in mijn carrière altijd meegemaakt dat belangrijke beslissingen eerst bij hen getoetst werden. Als iemand van een ziekenfonds zijn fiat niet gaf, dan bewoog er weinig.”
“De topmensen binnen het RIZIV hebben ook allemaal een politieke kleur. Toen ik er werkte, kwam de administrateur-generaal uit de christelijke zuil. De baas van de controledienst van het RIZIV ook. De socialisten hadden de baas van de dienst die verantwoordelijk is voor de erkenning van invaliditeit. Zoals overal worden die hoge posten verdeeld tussen de politieke partijen. Dat is niets nieuws, maar in het RIZIV zijn die partijen ook gekoppeld aan de zuilen, zoals de ziekenfondsen. Met andere woorden: het RIZIV bepaalt wat de ziekenfondsen moeten doen, maar die ziekenfondsen zijn zélf erg dominant in het RIZIV.”
Waarom klampen ziekenfondsen zich zo vast aan de controle op langdurig zieken?
“Dat is een vraag voor hen. Er zijn zeker voordelen aan verbonden, want anders zouden ze zo hard niet strijden. Ik kan me voorstellen dat je liever zelf de baas bent over de artsen die jouw klanten moeten controleren. Je kan ook zwaarder wegen op het beleid en op de uitvoering ervan als je hun werkgever bent. Het gaat bovendien om een groter plaatje. We spreken hier over zuilen waarin ook vakbonden en politieke partijen zitten. Die hebben leden en kiezers die ze willen bedienen. En financieel worden de ziekenfondsen ook een stukje beloond voor het organiseren van die controle.”
Zijn er rationele argumenten om adviserend artsen toch bij de ziekenfondsen te houden?
“Ik kan er alvast geen bedenken. Je hebt nu iets meer dan driehonderd artsen verspreid over vijf ziekenfondsen die allemaal hetzelfde werk doen, maar voor andere werkgevers. Het zou efficiënter en goedkoper zijn om die bij één werkgever onder te brengen. Bovendien kan je dan ook bij het RIZIV efficiënter werken. Want nu zijn er tientallen artsen en ambtenaren nodig om het werk van de ziekenfondsen te controleren. Je organiseert dus een controle op de controle.”
“Ik sta trouwens niet alleen met mijn mening. In 2018 heeft toenmalig minister van Sociale Zaken Maggie De Block (Anders) het ‘Nationaal College voor sociale verzekeringsgeneeskunde’ opgericht. Dat college heeft in december 2020 een jaarverslag geschreven met de boodschap dat adviserend artsen ondergebracht moeten worden in een onafhankelijk agentschap. In dat college zaten professoren, oud-ambtenaren én medewerkers van de ziekenfondsen.”
Dat advies ligt al jaren op het ministerie.
Waarom heeft minister van Sociale Zaken Frank Vandenbroucke (Vooruit) er nog niks mee gedaan, denkt u?
“Dat moet u aan hem vragen. Het valt wel op dat het bewuste advies zit weggestopt in één van de bijlagen van het jaarverslag. Dat lijkt mij geen toeval.”
Het zou minstens vijf jaar duren om een nieuw agentschap op te richten, zegt Vandenbroucke. Heeft hij gelijk?
“Nee. Ik heb het Fonds voor de Medische Ongevallen opgericht op twee jaar tijd. En ook het FANC (nucleaire waakhond, red.) is destijds op twee jaar tijd opgericht. In dit geval is het zelfs nog simpeler. Bij het Fonds voor de Medische Ongevallen en het FANC moest eerst nog het juiste personeel worden gezocht. Terwijl het hier gewoon gaat over het verplaatsen van artsen naar een andere werkgever. Uiteraard zal je mensen hebben die liever niet mee verhuizen, maar dat is geen ramp. Je hebt waarschijnlijk geen driehonderd artsen meer nodig als je alles onderbrengt in één agentschap. De rest kan trouwens blijven zoals het vandaag is. De ziekenfondsen zouden hun rol als uitbetalingsorgaan en verdediger van hun klanten dus kunnen blijven spelen.”
De minister zei in een interview dat hij niet gelooft dat artsen langdurig zieken beter zouden evalueren als ze in een onafhankelijk agentschap zitten.
“Hij vergist zich. Van de driehonderd artsen die er nu zijn, kan je een selectie maken om de beste eruit te halen. Die artsen kunnen vervolgens beter worden aangestuurd om de richtlijnen van het RIZIV op te volgen. Dat zal veel sneller effect hebben op de cijfers dan alle andere maatregelen die hij zelf naar voren schuift.”
In de Kamer vindt vandaag een hoorzitting plaats met de top van het RIZIV en de ziekenfondsen. Verwacht u daar veel van?
“Nee. Er zal gezegd worden dat de controle op arbeidsongeschiktheid al veel verbeterd is. De waarheid is echter dat geen enkele nieuwe maatregel écht zal helpen als die uitgevoerd moet worden door artsen die onder de vlag van de ziekenfondsen werken. Ik hoop dat meer ex-collega’s en adviserend artsen de moed vinden om dat hardop te zeggen.”
—-
Witteboordcriminaliteit en geïnstitutionaliseerd gangsterisme van de ergste soort.
Of hoe bepaalde partijen schaamteloos via hun eigen zuilen het collectief plunderen om aan cliëntelisme te doen binnen de eigen achterban.
Het RIZIV moet grondig worden uitgemest, en niet alleen moeten alle directeurs eruit die een link hebben met vakbonden of ziekenfondsen, het zou ook goed zijn mochten er geen politieke benoemingen meer plaatsvinden aan de top ervan.
De idee alleen al dat zo’n Pedro Facon omhooggepistonneerd kon worden tot topman als dank voor bewezen Covid-diensten, is alleszeggend.
Bron: HLN
by admin | mei 4, 2026 | Varia
Vorige week heeft het IPCC (Intergovernmental Panel on Climate Change) een nieuwe generatie klimaatmodellen gepubliceerd. Daarin zat een grote verrassing. Alle extreme scenario’s, met een zeer grote opwarming tegen het einde van deze eeuw, zijn geschrapt omdat ze niet langer realistisch worden geacht.
Wanneer vanuit de klimaatwetenschap berichten opduiken dat de klimaatverandering nog zwaardere gevolgen zal hebben dan eerder aangenomen – liefst met Vlaanderen dat half onder water verdwijnt of zo –, is dat voorpaginanieuws. Nu we eens goed nieuws krijgen, merken we echter opvallend weinig interesse bij de media.
Bij mijn weten heeft alleen De Morgen het nieuws gebracht. Die krant deed dat opvallend feitelijk. Ze erkent dat “talloze onheilspellende mediaberichten over de toekomst van het klimaat te somber blijken”. De krant meldt ook dat dit nieuws in de klimaatwereld is ingeslagen als een bom. Zeke Hausfather, een klimaatwetenschapper die al langer pleitte voor het schrappen van de zuiver theoretische nachtmerriescenario’s, reageert opgelucht.
Hij was niet de enige. Eigenlijk weten veel wetenschappers dit al langer. De echte vraag is waarom er zo lang verzet bestond aan de top van het IPCC tegen het schrappen van de volstrekt onrealistische hellevuurvoorspellingen. Deze scenario’s “zijn onwaarschijnlijk geworden”, schrijft het IPCC nu. Dat waren ze eigenlijk altijd al.
Het was typisch voor de politiek en de media om telkens de meest extreme variant te kiezen – meer bepaald het beruchte scenario RCP 8.5 – uit de theoretische mogelijkheden die het IPCC aanreikte, ook al werd daar toen al voorzichtigheidshalve bij vermeld dat dit scenario niet waarschijnlijk was. RCP 8.5 is nu helemaal geschrapt.
Tropische nachten in Vlaanderen
Een paar maanden geleden kreeg ik daar nog een staaltje van. “Aantal tropische nachten schiet ook in Edegem de lucht in”, las ik over mijn eigen gemeente in het streeknieuws. HLN had blijkbaar voor elke Vlaamse gemeente exact hetzelfde bericht gemaakt, met telkens alleen de naam van de gemeente aangepast.
Ook Erpe-Mere en Dilbeek zullen dus, volgens HLN, vanaf 2050 niet langer één, maar 27 tropische nachten per jaar moeten doorstaan. De krant vermeldde wel dat die voorspelling gebaseerd was op – het meest extreme en nu dus ook geschrapte – scenario RCP 8.5, maar verzekerde haar lezers tegelijk: “Onze weervrouw Jill Peeters zei daar eerder al over dat dat nog steeds het meest realistische scenario is.”
Vreemde stilte
Prietpraat in het streeknieuws is één ding. RCP 8.5 is echter ook jarenlang een basis geweest voor officieel klimaatbeleid, en is dat nog steeds. Zowel in Vlaamse, Belgische als Europese beleidsdocumenten wordt dit scenario expliciet vermeld als een realistische mogelijkheid en gebruikt als uitgangspunt voor klimaatbeleid. Op de webpagina’s van de Belgische en Vlaamse overheid wemelt het nog van verwijzingen naar RCP 8.5.
Een van de meest vooraanstaande – en moedigste – wetenschappers die de angstporno rond het klimaat al langer aanklaagt, is Roger Pielke jr. Hij reageert uiteraard tevreden op de terugtocht van het IPCC, maar wijst erop dat niet alleen journalisten en politici zich op RCP 8.5 hebben gebaseerd. Ook tienduizenden wetenschappelijke studies namen dat scenario als uitgangspunt, merkt hij op. Als de klimaatwetenschap ernstig genomen wil blijven worden, zal ze zichzelf toch de vraag moeten stellen waarom het zo aantrekkelijk is geworden om doemvoorspellingen te produceren op basis van schaars bewijs.
“De toekomst is niet meer wat ze geweest is”, schreef Pielke vorige week. Inderdaad: ze is beter geworden. Je zou denken dat daar in de pers en de politiek gejuich over zou opgaan. Ik hoor echter alleen het getjirp van krekels. Volgens sommige studies zouden die diertjes door klimaatverandering steeds vaker voorkomen in onze contreien. Dat zal het zijn.
Bron: PAL.be
by admin | mei 4, 2026 | Economie
In de nasleep van de bankencrisis werkte Marc Bontemps samen met gelijkgezinden aan de oprichting van een duurzame, coöperatieve bank. Toen Ethias Bank in 2010 in de etalage kwam, zagen ze dat als de perfecte opstap voor hun ethische bank NewB. Maar vlak voor hun overnamebod werd Ethias Bank voor de helft van de vraagprijs verkocht aan de onlangs veroordeelde financial planner Jeroen Piqueur. Piqueur kondigde vorige week (30/4) aan in beroep te gaan tegen zijn veroordeling.
Vakbonden en ngo’s werken aan coöperatieve bank kopte De Tijd op 6 juli 2011. Een paar weken eerder hadden 24 organisaties in alle stilte de coöperatieve vennootschap NewB opgericht. “Bij de oprichters zitten zowel toplui van drie vakbonden (ABVV, LBC-NVK, ACLVB), als van verenigingen als Greenpeace, 11.11.11, Netwerk Vlaanderen, Bond Beter Leefmilieu, Vredeseilanden”, schreef de zakenkrant. “De nieuwe bank wil bijzondere aandacht hebben voor duurzaamheid en enkel focussen op het beheer van spaargeld en het verlenen van kredieten. Het loonbeleid moet haar soberheid weerspiegelen.”
De oprichters van NewB klonken ambitieus, al werden ze in De Tijd niet bij naam, maar als ‘bron’ geciteerd. Zo zei een van hen: “We hebben de ambitie op de financiële sector te wegen. We willen niet een nichespeler zijn als pakweg Triodos.” Dezelfde bron liet ook weten dat NewB nog volop aan het onderzoeken was hoe haalbaar een nieuwe ethische bank was. “Is er een cliënteel voor? Welke producten moet ze verkopen? Moet de bank kantoren hebben?”
Een licentie had de bank nog niet. “Een andere mogelijkheid is de overname van een bestaande instelling”, opperde de zakenkrant. “Naar De Tijd vernam keken de initiatiefnemers indertijd naar het dossier van Ethias Bank, maar kwam daar uiteindelijk niets van in huis.”
Ethias Bank was zowat een jaar eerder ‘verrassend’ in handen gekomen van het Gentse Optima Financial Planners van de graag in luxe badende ‘flamboyante zakenman’ Jeroen Piqueur. Dezelfde zakenkrant De Tijd interviewde op 5 juni 2010 de kersverse bankeigenaar Piqueur samen met de kersverse Ethias Bank-ceo Philip De Hulsters. Diezelfde De Hulsters was van 2007 tot 2009 al eens topman geweest bij Ethias Bank en had volgens De Tijd toen “de bank weer rendabel gemaakt met 3,4 miljoen euro winst in 2009.” In januari 2010 stapte Philip De Hulsters over naar Optima om een half jaar later in opdracht van Optima een rentree bij zijn oude bank te maken.
De journalist van De Tijd haalde de loftrompet boven voor Optima-ceo Jeroen Piqueur en noemde hem “de Belgische pionier in financiële planning”. “Optima ging bijna twee decennia geleden van start als financieel planner, zeg maar een specialist in het begeleiden van vermogende particulieren, door hun financiële situatie door te lichten en een actieplan op te stellen”, noteerde De Tijd. “Piqueur haalde de mosterd in de Verenigde Staten en bouwde Optima uit tot Belgisch marktleider in zijn niche. Het zakenblad Trends riep Optima eerder dit jaar uit tot Trends Gazellen Ambassadeur omdat het een van de snelstgroeiende Oost-Vlaamse ondernemingen is.” Precies zes jaar later, in juni 2016, ging Optima Bank failliet, na een ernstig conflict met de toezichthouder, de Nationale Bank van België.
Op dinsdag 31 maart van dit jaar werd Jeroen Piqueur veroordeeld tot twee jaar gevangenisstraf met uitstel. Hij kreeg een boete van omgerekend 400.000 euro, tien jaar bestuurdersverbod en een voorwaardelijk verbod om te ondernemen. 4,3 miljoen euro werd verbeurdverklaard. “Het gedrag van Piqueur verzuurt het economische klimaat”, oordeelde de strafrechter. “Hij wendde aanzienlijke bedragen aan voor zijn eigen voordeel. Het staat vast dat hij graaide en voor eigen gewin ging. Daarbij verloor hij compleet het zicht op de vermogensbelangen van anderen.”
Marc Bontemps was een van de initiatiefnemers achter de ethische bank NewB. Hij studeerde af als handelsingenieur en stond jarenlang aan de top van Oxfam Wereldwinkels. Hij was ook een tijdlang managing director van Forum Ethibel, een ngo gespecialiseerd in advies over duurzame en ethische beleggingen. Vandaag is hij onder andere actief als stadsgids in Gent. De recente veroordeling van Jeroen Piqueur gooit hem terug in de tijd. Want wat De Tijd vijftien jaar geleden opperde, dat de initiatiefnemers van NewB interesse hadden in de overname van Ethias Bank, klopt als een bus.
Een bank met fatsoen
“De droom van een ethische, coöperatieve bank dateert van 2008, als reactie op de kredietcrisis”, zegt Bontemps. “We zaten met vrienden op café en iemand zei: ‘Dat is nu toch niet te geloven dat er geen conclusies worden getrokken?’ Want het hele financiële systeem stond op instorten. ‘Binnen een paar jaar is het weer business as usual.’ Wij wilden daar tegenin gaan en zo begonnen we op het plan te broeden om zelf onze bank op te richten. Een bank met fatsoen.”
Een straf idee, noemt hij dat nu. “We gingen praten met heel wat bankiers. Sommigen van de oudere generatie waren pissed off door wat er allemaal gebeurde bij de Fortis Bank en de gedwongen overname door het Franse BNP Paribas. Zij vonden ons initiatief sympathiek en we voerden lange gesprekken. Het leek alsof we de tijdsgeest mee hadden en we besloten de sprong te wagen.”
Bontemps & co. zamelden 50.000 euro in en rekruteerden hun eerste werknemer. “Die man had ervaring met het oprichten van gelijkaardige nieuwe banken in Europa en stelde een businessplan op. In het voorjaar van 2010 liet de ‘verantwoordelijke buitenlandse projecten’ van het Franse Crédit Coopératif ons weten dat hij interesse had in ons project. Op dat moment was er in België geen enkele coöperatieve bank en hij wilde ons initiatief helpen lanceren. Hij had een miljoenenbudget om buitenlandse coöperatieve banken te ondersteunen. Hij reisde graag naar Brussel en we spraken regelmatig met hem af. In februari 2010 werden we ontvangen op de hoofdzetel van Crédit Coopératif in Parijs.”
Wie waren ‘we’?
“Onder anderen Bernard Bayot en Yves Mathieu. Bayot is van in het prille begin voorzitter van NewB. Hij is directeur van Financité, een pluralistisch onderzoeksnetwerk voor ethisch beleggen. Financité is het FairFin van Franstalig België. Mathieu is een ervaren ex-bankier die jaren eerder in het directiecomité van Ethias Bank had gezeten. Ongeveer rond die tijd hoorden we waaien dat Ethias Bank te koop gesteld ging worden. De verzekeraar Ethias had tijdens de kredietcrisis 1,5 miljard euro staatssteun gekregen en de Europese Commissie was daar niet mee akkoord. Ethias moest zich daarom terugplooien op zijn kernactiviteiten, het verzekeren van lokale besturen. Een van de gevolgen was dat de bank in de etalage moest.”
Marketeer Stevaert
De overname van een bestaande bank zou het nog prille NewB een stevige boost kunnen opleveren. “Ethias Bank leek ons daarom een onderzoek waard. We hadden goede contacten bij de vakbonden en Yves Mathieu kende nog mensen bij de directie van Ethias. We legden ons oor bij hen te luisteren en kregen zo zicht op de toestand bij de bank. Via de vakbonden hoorden we dat er geen andere overnamekandidaten waren. Wijlen Steve Stevaert was toen voorzitter van de verzekeringspoot van Ethias en van Vitrufin, de moederholding boven Ethias. We wilden hem graag over onze plannen spreken. Ik heb hem toen twee keer ontmoet: de eerste keer in een chique hotel in Brussel waar hij vaak logeerde en de tweede keer bij hem thuis in Hasselt. Ik werd vergezeld door een ex-bankier van Algemene Spaar- en Lijfrentekas (ASLK) die mee aan de NewB-kar trok.”
Van een voormalig socialistisch politicus zou je mogen verwachten dat hij het idee van een ethische coöperatieve bank zeer genegen was?
“Hij liet ook uitschijnen dat hij ons initiatief tof en sympathiek vond. Een mogelijke overname van Ethias Bank door NewB vond hij geen slecht idee. We vroegen hem of hij wist of er lijken in de kast zaten. Tijdens dat gesprek zei hij langs zijn neus weg: ‘Je moet Vitrufin erbij betrekken.’ Hij tekende meteen een hele constructie uit. Dat gebeurde spontaan, tijdens het brainstormen. Hij vroeg: ‘Hoe gaan jullie de marketing organiseren? Hoe willen jullie klanten winnen?’ Op dat moment zag ik de marketeer in hem wakker worden. (lacht) Bij het afscheid beloofden we contact te houden.”
“Geen windmolenparken!”
Een maand later zag Marc Bontemps het nummer van Steve Stevaert op het scherm van zijn telefoon oplichten. “Steve vroeg: ‘Hoe is het met de plannen?’ Hij voegde eraan toe: ‘Ik heb er zelf nog veel over nagedacht. Aan wie gaan jullie kredieten verschaffen?’ Ik antwoordde: ‘Het zal onder andere over hypothecaire kredieten gaan.’ Toen zei hij zeer nadrukkelijk: ‘Geen windmolenparken, hé.’ Windmolens waren volgens hem géén goede business. Hij zag er totaal geen toekomst voor banken in: ‘Houd je handen daarvan af!’” (lacht)
“Rond die tijd knoopten we formele gesprekken aan met Hans Verstraete, toenmalig vicevoorzitter van het directiecomité van Ethias. Onze eerste afspraak was op het hoofdkwartier van Ethias. Verstraete bevestigde: ‘Jawel, we zoeken een koper voor de bank.’”
Werd er een overnameprijs uitgesproken?
“Nog niet. Wij tekenden een non-disclosure agreement (NDA) en kregen toegang tot de dataroom. Niet veel later viel dan het bedrag dat ze bij Ethias in gedachten hadden: 80 miljoen euro, voor een bank met veertig personeelsleden.”
“Ze stelden ook een deadline voorop: 30 mei 2010. Wij bleven enthousiast, want de portefeuille van Ethias Bank paste perfect bij ons en de risico’s leken minimaal. Dus reisden we in april 2010 opnieuw naar Parijs, naar Crédit Coopératif, voor een gesprek met de voorzitter en de directeur-generaal. Wij hoopten dat zij ons enthousiasme zouden delen en mee die overname zouden financieren. Maar ik voelde dat die twee leidinggevenden niet op dezelfde lijn zaten. Onze go-between, verantwoordelijk voor buitenlandse projecten, zei dat we ons geen zorgen moesten maken. Ze gingen ons dossier bestuderen en snel iets laten weten.”
Maar u hoorde niets?
“De volgende twee weken bleef het inderdaad muisstil, dus belde ik zelf. ‘Ja, we hebben het bekeken’, zei onze man. ‘Maar weet je hoeveel Ethias Bank volgens mij waard is? Nul euro.’ Ik stond als aan de grond genageld. ‘We willen ze zelfs niet gratis.’ Wat echt regelrechte onzin was. Ik vermoed dat bij Crédit Coopératif níemand naar ons dossier had gekeken. Ze hadden geen zin in gekrakeel met hun hoge bazen en stuurden ons met een kluitje in het riet.”
“De vakbonden bij Ethias lieten ons weten dat wij de enige geïnteresseerden waren. Zij begonnen zenuwachtig te worden, want de deadline om te bieden kwam in zicht. Ze drongen aan en zagen NewB helemaal zitten. Wij moesten tijd winnen, op zoek gaan naar extra sponsors en toch ook verder overleggen met de mensen van Crédit Coopératif. Daarom begon ik een brief naar Hans Verstraete van Ethias te tikken, waarin ik vroeg om de deadline met twee maanden op te schuiven.”
“Toen kreeg ik opnieuw telefoon van Steve Stevaert. Ik weet nog precies waar ik stond in mijn bureau toen ik opnam en hem hoorde zeggen: ‘Hey Marc, hoe gaat het met je?’ Het werd een gesprek over koetjes en kalfjes, gemoedelijk, kabbelend. Nadat ik had ingehaakt, dacht ik: leuke babbel, maar waarom belde hij nu eigenlijk? Ik tikte nog een paar zinnen van de brief naar Verstraete en was van plan die ’s anderendaags te versturen. De volgende ochtend opende ik de krant en las ik dat Optima een bod had gedaan op Ethias Bank.”
Het telefoontje van Stevaert was bedoeld om te checken hoe het met het bod van NewB stond?
“Steve’s ‘goede vriend’ Luc Van den Bossche was toen nog voorzitter van Brussels Airport. In september 2011 zou Van den Bossche overstappen naar Optima, om voorzitter te worden van het directiecomité van de nieuwe ‘Optima Bank’, de vroegere Ethias Bank. Misschien heeft Steve Stevaert toen Luc Van den Bossche op de hoogte gehouden van de stand van zaken? Hij wist dat wij nog niet klaar waren voor de overname. Het is best mogelijk dat hij die informatie heeft doorgespeeld.”
Dat kan natuurlijk ook allemaal toeval zijn.
“Dat kan, maar toch is ons vermoeden groot, al komen we het allicht nooit écht te weten. Stevaert stapte in 2015 uit het leven en Luc Van den Bossche blijft na het Optima-proces in de luwte. Waar we intussen wél zeker van zijn, is dat de Nationale Bank erg verveeld zat met het feit dat Ethias eerst geen verkoper voor de bank vond. Ze zat ook zeer verveeld met de financial planners van Optima.”
De Nationale Bank wist niet dat NewB interesse had in Ethias Bank?
“Wij hadden dat niet laten weten, want dat was eigenlijk de taak van Ethias. In 2016 verklaarde wijlen Luc Coene, op dat moment eregouverneur van de Nationale Bank, in het parlement onder ede dat ze geen andere keuze hadden dan Ethias aan Optima overlaten, ‘omdat er geen andere belangstellenden waren’. Dat was een halve waarheid. Akkoord, wij hadden nog niet geboden, maar we hadden wél die NDA getekend.”
“Optima had 49 miljoen euro geboden, wat heel wat minder was dan de vraagprijs van 80 miljoen van Ethias. Achteraf vingen we het gerucht op dat Luc Coene zich grote zorgen gemaakt had over dat bod en over de reputatie van Jeroen Piqueur. Heeft Coene toen aan Van den Bossche gevraagd om voorzitter van Optima Bank te worden om Piqueur in de hand te houden? En hoe toevallig is het dat toen ook wijlen Geert Versnick als bestuurder bij Optima werd betrokken? Want zo trokken ze de liberalen mee in het bad.”
De FSMA, de Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten, hield de deal tegen.
“Inderdaad. Waarna de overnameprijs tot 26,7 miljoen euro zakte en Jan Smets, Coenes opvolger als gouverneur van de Nationale Bank, eind 2011 zijn definitieve zege gaf. Toen ik dat las, werd ik misselijk. Want voor dat bedrag hadden wij die bank wellicht zelf kunnen kopen en was NewB als coöperatieve bank gelanceerd. Vergeet niet dat onze eerste crowdfunding om de bank op de sporen te zetten 35 miljoen euro opbracht.”
De Ghelamco-arena
Achter de schermen speelde volgens Marc Bontemps nog iets anders mee bij het bod van Optima: de bouw van een nieuw Gents voetbalstadion. “Dat stadion was de grote droom van de toenmalige socialistische burgemeester Daniël Termont. Optima ging het eerst financieren, maar dat viel helemaal in duigen.”
Op 10 juni 2010 publiceerde De Tijd een stuk met de titel: Eindelijk akkoord over stadion Gent. “Dat was welgeteld een week na de aankondiging dat Optima de Ethias Bank overnam.”
Twee jaar na de eerstesteenlegging stelde projectontwikkelaar Ghelamco een ‘definitief akkoord’ voor de bouw en exploitatie van de nieuwe voetbalarena voor. Het hele stadion werd begroot op 70 miljoen euro, waarvan 10 miljoen euro geleend zou worden bij Ethias Bank. “Die wellicht overgenomen wordt door Optima”, schreef De Tijd er tussen haakjes bij. Financieel planner Optima had een optie genomen op de aankoop van 10.000 vierkante meter kantoorruimte.
Rond die tijd had Bontemps op het Gentse stadhuis een afspraak bij burgemeester Termont. “Dat gesprek ging over mogelijke investeerders in NewB. Bij het afscheid vertrouwde een trotse burgemeester me toe dat Piqueur hem verzekerd had: ‘Het hoofdkwartier van de nieuwe Optima Bank zal niet naar Brussel verhuizen. Optima blijft in Gent!’ Ik denk dat Termont zich dat vandaag nog altijd beklaagt.”
Crowdfunding
In 2020 kreeg NewB ook zonder Ethias Bank een bankvergunning; twee jaar later raakte de coöperatieve bank die alweer kwijt omdat ze er niet in was geslaagd om voldoende kapitaal te verzamelen voor de verdere uitbouw. In april 2023 volgde een samenwerking met de Gentse duurzame bank vdk die 25.000 klanten van NewB overnam. Er werd een partnerschap met vdk afgesloten voor het aanbieden van bancaire diensten. In september 2025 werd dat vervroegd stopgezet omdat het structureel verlieslatend was.
Vandaag is NewB actief in ethische verzekeringen en hoopt de organisatie in de toekomst sociale, ecologische en democratische projecten te steunen via crowdfunding. NewB telt 115.030 burgercoöperanten, naast 344 middenveldorganisaties en 8 institutionele investeerders.
Bron: Apache.be
by admin | mei 3, 2026 | Economie
Artificiële Intelligentie (AI) zorgt voor schokgolven in de maatschappij. Niet in het minst bij bedrijven. Wat zijn de gevolgen voor tewerkstelling? En hoe verstandig is het volledig meegaan in de marketinghype rond AI?
Het beroemde – of beruchte – bedrijf voor kunstmatige intelligentie ‘Anthropic’, stelde zopas dat AI in de eerste plaats beter betaalde banen voor bedienden vervangt.
Uit een nieuw onderzoek op basis van echte gebruiksgegevens van Claude Enterprise blijkt dat de werknemers die het meest kwetsbaar zijn 47 procent meer verdienen dan het gemiddelde en veel vaker een universitaire opleiding hebben genoten.
Wie loopt het grootste risico?
- Programmeurs: 74,5 procent
- Klantenservice: 70,1 procent
- Gegevensinvoer: 67,1 procent
- Medische dossiers: 66,7 procent
- Marketinganalisten: 64,8 procent
Vooral jonge werknemers
Ze beweren dat jonge werknemers het hardst worden getroffen. De kans op het vinden van een baan voor 22 tot 25-jarigen in sectoren die blootstaan aan AI is met 14 procent gedaald sinds de lancering van ChatGPT, volgens Anthropic.
Microsoft rangschikte 40 beroepen op basis van ‘AI-applicabiliteit’, waarbij taken zoals data-analyse en contentcreatie snel door AI overgenomen kunnen worden. De top 10 van de risicovolle jobs zijn: tolken en vertalers, historici, passagiersbegeleiders, sales-personeel, schrijvers en auteurs, klantenservicemedewerkers, CNC-programmeurs, telefonisten, reisagenten en omroepers of radio-DJ’s.
In opdracht van Google voorspelde Implement Consulting Group dat 370.000 Belgische jobs volledig of deels vervangen zal worden door generatieve AI. Het gaat dan vooral over administratieve medewerkers (210.000) en werk in contactcenters.
Tegelijk zouden nieuwe jobs ontstaan door productiviteitswinst, met een bbp-boost van 45-50 miljard euro over 10 jaar. Dat laatste is pure speculatie natuurlijk. Vrouwen worden disproportioneel geraakt (9 procent), versus 6 procent bij mannen.
Verkooppraatjes
Al die studies zijn natuurlijk bedoeld om AI te verkopen. Aandacht trekken of bedrijven en overheden een wortel voor de neus houden. Iedereen ziet blijkbaar over het hoofd dat in verband met artificial intelligence of kunstmatige intelligentie er ook andere visies kunnen bestaan.
Neem nu de studie (als je het zo kan noemen) van Anthropic. Die waarschuwden over welke mensen hun banen gaan verliezen door AI. Dat is de klassieke verkooptruc van consultancybedrijf McKinsey.
Die gaan naar een klant en zeggen: “We snoeien 15 procent van de banen als wij een doorlichting doen van uw bedrijf. U betaalt ons en met ons rapport hebt u een excuus naar de media en de vakbonden.” De klassieke buitenstaander die slecht nieuws brengt om de leiding uit de wind te zetten. Een beetje zoals de regeringen doen als ze iets doorduwen en zeggen dat het “moest van “Europa”.
Besparen op dure, oudere werknemers
Na deze uitleg verrast het u allicht al een pak minder dat de boodschap is dat vooral de oudere en de duurdere werknemers zullen verdwijnen bij bedrijven. Dat had u aanvankelijk natuurlijk niet verwacht, maar dat is de bedoeling natuurlijk. Om die angst enigszins weg te nemen zeggen ze dan dat het voornamelijk jongeren zijn die getroffen worden.
De slotsom is dat AI net als vroeger de rage van de business proces reengineering (BPR) – waar ERP-bedrijven zoals SAP, Baan en PeopleSoft rijk mee werden – manieren zijn om de efficiëntie van de bedrijven te verbeteren met informatisering. Vrij vertaald: om in de kosten te snijden.
Het is gewoon een andere vorm van industrialisering of informatisering. Hoe dat je het ook wil noemen het gaat over de werkprocessen.
Is goedkoop duurkoop?
Daar zijn een aantal kanttekeningen bij te maken. De eerste kanttekening is de volgende: zodra die dure werknemers eruit zijn, heb je dus AI in je bedrijf en goedkope werknemers met weinig ervaring en eigenlijk minder toegevoegde waarde.
Hier zit natuurlijk het addertje onder het gras. Du moment dat al die bedrijven afhankelijk zijn van die AI, denkt u dan echt dat die voornamelijk grote Amerikaanse multinationals het daar bij laten? In de meeste gevallen zullen zij de prijs van die AI willen opdrijven. De bedrijven kunnen op dat moment niet meer terug, want ze missen de flexibiliteit van mensen op de werkvloer. Ze weten ook niet wat de AI doet en hoe. Bovendien weten ze allicht evenmin waar die AI ergens op servers draait. Dat noemen ze een locked-in situatie.
Veranderen zal even moeilijk zijn dan uw contract opzeggen met de leverancier van drinkwater of aardgas. U kan de kraan dichtdraaien, maar wat dan?
Prijspolitiek
Er zijn trouwens goede redenen om die te verwachten prijspolitiek te voorspellen. Het produceren van AI is niet goedkoop. Je hebt gigantische datacenters nodig met de duurste rekencentra vol met de zwaarste processoren of blades. Tel daar stroom voor de computers en stroom voor de koeling bij. Dan zwijgen we nog over water voor de koeling. Energie speelt in de prijs van AI misschien wel een even grote rol als bij de zware industrie.
Nu financieren de investeerders en beleggers nog die kosten om van AI een succes te maken, maar vroeg of laat willen die een return on investment. Willen ze dus winst zien. Liefst een constante stroom van winst.
Stijgende kosten
De AI-bedrijven moeten continu investeren in informatica-apparatuur en software om de concurrentie te verslaan. Voor de bedrijven of de corporate-klanten zoals dat heet zal de kost van AI enkel stijgen.
De kosten van AI bij corporate bedrijven zullen de komende jaren sterk blijven stijgen door toenemende investeringen in infrastructuur en adoptie, maar met een verschuiving naar hogere efficiëntie en netto kostenbesparingen op lange termijn zegt men er dan bij. De fameuze wortel die voorgehouden werd.
Wereldwijd stijgen AI-uitgaven explosief. Volgens studies plannen bedrijven 1,7 procent van hun omzet aan AI in 2026, meer dan dubbel zoveel als 0,8 procent in 2025. De uitleg is dan dat in Europa al 56 procent van de organisaties positieve kosteneffecten ervaart door AI. Ze schermen dan met gemiddelde besparingen van 6,24 miljoen euro per bedrijf. Dat moeten dan wel al heel grote bedrijven zijn natuurlijk. In België gebruikt 1 op de 3 ondernemingen met meer dan 10 werknemers AI, een stijging van 40 procent in een jaar.
Vakblad Data News schreef dat AI-investeringen blijven groeien. De zogenaamde Big Tech geeft in 2026 665 miljard dollar uit. Een stijging van 74 procent ten opzichte van 2025. De IT-journalist voegt eraan toe dat rekenkracht goedkoper wordt en agentic AI tegen 2027 de kloof tussen kosten en waarde met 50 procent zal verkleinen. De return-on-investment duurt vaak 2 tot 4 jaar. Die laatste twee bewering zijn toekomstmuziek of wishful thinking.
Goedkopere (maar meer) rekenkracht
De Big Tech wil natuurlijk die investeringen terugverdienen en rekenkracht wordt dan wel goedkoper, maar er zal veel meer rekenkracht nodig zijn als het aantal gebruikers fors toeneemt. Dus is er geen enkele reden om aan te nemen dat goedkopere rekenkracht ook goedkopere AI betekent.
De vraag is natuurlijk of bedrijven die volledig overstappen op AI? uiteindelijk niet duurder af zullen zijn dan gewoon met mensen te werken. Erger wordt het als de overheid dit doet. Gaat de overheid besparen of juist hoger kostenstructuren hebben één keer ze in de greep zijn van AI-bedrijven?
AI gaat alle prettige taken doen zodat u de rotklussen kan doen
Je kan natuurlijk ook nog de vraag stellen: hoe intelligent is het eigenlijk om met AI te werken? Ik heb AI niet nodig om mijn teksten te schrijven. Collega’s bij de mainstream-media doen dat, die steken er veel geld in en die zijn er nog trots op ook.
Voor mijn creatieve activiteiten naast mijn werk heb ik evenmin AI nodig. Niet om foto’s te maken, niet om te tekenen of te schilderen. Misschien dat AI leuk is om tegen te schaken, maar eerlijk gezegd dat doe ik toch veel liever tegen mijn neef. Desnoods via een app op een tablet.
Huishoudtaken
Waar ik wel AI voor zou willen, is voor huishoudelijke klusjes. Een slimme droogkast bijvoorbeeld die de was sorteert en opvouwt. Indien mogelijk zelfs de strijk van mijn overhemden doet. Een slimme koelkast die mijn boodschappenlijstje of vervaldatums bijhoudt. Helaas daar zal ik op moeten blijven wachten.
Als consument willen ze me dus AI verkopen om alles te doen wat ik graag zelf doe zodat ik me bezig kan houden met waar ik een hekel aan heb. Als dat geen fijne deal is?
Van koper naar huurder
De evolutie is trouwens goed zichtbaar. Van een persoonlijke computer met programmatuur die u kocht en ook bezat, gingen ze naar de cloud. Voortaan had u een abonnement (dat snel duurder bleek dan de dure software-aankoop) en waar u ook betaalt als u het niet gebruikt. Even ter herinnering. De PC veroverde de universiteiten juist omdat ze bij mainframes betaalden voor software alsof het kraantjeswater was. Zelfs als niemand het gebruikte bleef de maandelijkse of jaarlijkse factuur komen. Met de client-server-omgeving met genetwerkte pc’s was dat verdienmodel – waar bijvoorbeeld IBM ontzettende winsten mee maakte – afgelopen.
Als je software niet meer gebruikte kocht je gewoon geen nieuwe update. En met de versie die u kocht kon u zolang werken als u wou. Af en toe een versie overslaan bijvoorbeeld. Dat kan zelfs met op uw computer geïnstalleerde programmatuur niet meer omdat het online checkt of uw Microsoft Office of Adobe abonnement betaald is.
De cloud computing maakte van eigenaars terug huurders. Huurders waar de verhuurder met een vingerknip kon besluiten dat het afgelopen was tenzij men opnieuw betaalde. De gebruiker zit gevangen. AI zou zo wel eens de grootste gevangenis voor consumenten en bedrijven kunnen worden.
Bron: PAL.be
by admin | mei 1, 2026 | Onderwijs
De Vlaamse Scholierenkoepel vraagt scholen om duidelijke afspraken te maken over artificiële intelligentie (AI). Heel wat scholieren gebruiken AI voor schoolwerk, vaak als hulpmiddel om leerstof beter te begrijpen of als inspiratie bij een opdracht. Uit een bevraging blijkt dat scholieren zelf vragen hebben over hoe ze AI goed kunnen gebruiken.
De helft van de middelbare scholieren gebruikt meerdere keren per week of vaker AI om hen te helpen bij schoolwerk. Dat blijkt uit de eerste resultaten van de Grote Scholierenbevraging van 2026, die in het voorjaar afgenomen werd door de Vlaamse Scholierenkoepel.
Dertig procent van de studenten op de middelbare school gebruikt meerdere keren per week AI-tools, en 20 procent zelfs dagelijks of vaker. Slechts 7 procent onder hen gebruikt helemaal geen AI voor schoolopdrachten.
In de 1e graad (1e en 2e middelbaar) worden AI-tools nog iets minder gebruikt (38 procent minstens meerdere keren per week), in de 2e en 3e graad meer (respectievelijk 55 en 60 procent).
AI wordt niet altijd gecheckt
De meeste scholieren, 72 procent, gebruiken AI om uitleg te vragen. 54 procent gebruikt AI voor inspiratie, en zo’n 40 procent om eigen kennis te testen of een samenvatting te maken.
14 procent van de scholieren geeft toe hun schoolwerk volledig aan AI uit te besteden. Bijna 1 op de 5 jongens gebruikt AI-tools op die manier, maar slechts 1 op de 10 meisjes.
Zorgwekkender is het relatief grote aantal scholieren dat AI-informatie weinig controleert: 35 procent gaf aan dat slechts zelden te doen, 52 procent kijkt de resultaten van AI wel na.
“Dit vertelt ons vooral dat er meer lestijd moet gaan naar hoe leerlingen de technologie correct inzetten”, zegt Wouters. Dat blijkt ook uit het grote aantal scholieren (42 procent) dat zich zorgen maakt over hoe medestudenten AI-tools gebruiken.
Versnipperde schoolafspraken
AI is dus alomtegenwoordig op middelbare scholen, en daar zijn onderwijsinstellingen zich van bewust. Slechts 8 procent van de studenten gaf aan dat er nog helemaal geen afspraken rond AI gemaakt werden op school.
Wel is dat AI-beleid vaak versnipperd: 62 procent gaf aan dat regels rond AI verschillen tussen leerkrachten. Wouters pleit daarom voor “een goed kader met duidelijke afspraken”, en dat via overleg “met scholieren, niet over scholieren”.
“Zelfs als er een AI-bubbel zou barsten, gaat die technologie niet meer weg. Verantwoord AI-gebruik leert studenten de nodige vaardigheden voor de werkvloer van morgen”, besluit Wouters.
Bron: VRT.nws