“Het stakingsrecht is een grondrecht dat vandaag in dit land in gevaar is”

Zo’n 20.000 betogers zakten op maandag 22 mei af naar Brussel om op te komen voor het stakingsrecht en tegen sociale dumping zoals werknemers van Delhaize te wachten staat. Voor ABVV-voorzitter Thierry Bodson was dit een historische betoging, een betoging voor democratie.

Lees hier de volledige speech van Thierry Bodson:

Beste kameraden, beste vrienden,

Het is geweldig dat we vandaag zoveel mensen hebben kunnen mobiliseren, want deze betoging is historisch, laten we niet bang zijn voor woorden.

Laten we er niet omheen draaien. Het gaat om het stakingsrecht, een grondrecht dat vandaag in dit land in gevaar is.

Het is het recht om te staken, te betogen, de openbare ruimte te bezetten, te vergaderen, piketten te organiseren, of filterblokkades op te werpen… Dit is wat er op het spel staat in de betoging van vandaag.

En in feite zitten we bij Delhaize al twee maanden in een vreselijke situatie. Zij hebben systematisch deurwaarders naar ons gestuurd. Die komen met dwangsommen van 1000 euro. 1000 euro per arbeider, 1000 euro per piket, 1000 euro per klant!

We bevinden ons in een land waar men het recht om te gaan winkelen of te consumeren inzet tegen een fundamenteel recht als het stakingsrecht. Tegen fundamentele rechten die verdedigd worden door de werknemers van Delhaize!

Wij kunnen niet aanvaarden dat het recht op handel en het recht om de belangen van de werknemers te verdedigen op gelijke voet worden geplaatst.

En als we in beroep gaan tegen deze beslissingen, tegen de komst van de deurwaarders, krijgen we vonnissen die zeggen “ja, de vrijheid van handel is belangrijker dan de vrijheid om de sociale rechten van werknemers te verdedigen”. Maar, kameraden, we mogen niet vergeten dat staken de economische belangen van bedrijven schaadt. Staken is ervoor zorgen dat bedrijven geld verliezen.

Laten we bepaalde rechters en politici eraan herinneren dat er internationale regels en verdragen zijn: de Internationale Arbeidsorganisatie en haar verdrag 87 bepalen dat het stakingsrecht een grondrecht is, en dat piketten en wegblokkades deel uitmaken van het stakingsrecht.

Het stakingsrecht is een grondrecht. Winst maken is dat niet. Het moet keer op keer worden herinnerd.

En helaas is er de realiteit van wat de werknemers van Delhaize en elders ook meemaken. Vlak naast mij staat Nadia, een afgevaardigde van Vers Baudet in Rijsel. Ze voeren al negen weken strijd. Ook zij worden in Frankrijk begroet door brandweerauto’s. Afgevaardigden worden geboeid.

Het is een fundamentele trend die we in ons land zien, maar helaas ook in buurlanden als Frankrijk. Zij krijgen al onze steun.

Alsof dat nog niet genoeg is, hebben we een vonnis dat ons verbiedt om gedurende de hele maand mei overal op Belgisch grondgebied vóór Delhaize-winkels piketten te vormen, ook al is het via een filter. Dit betekent dat we preventief verhinderd worden om de staking te organiseren. Dit alles, laten we dat niet vergeten, omdat we een baas tegenover ons hebben die niet wil discussiëren en die de Renault-wetgeving wil omzeilen om de rechten van de arbeiders te stelen.

We beleven een echte verschuiving. Andere vonnissen zullen worden uitgesproken tegen kameraden van het ACOD (CGSP), van de gevangenis van Lantin, die ook in juni het risico lopen te worden veroordeeld om redenen die verband houden met de organisatie van een piket.

Alsof dat nog niet genoeg is, komt de regering met een wetsvoorstel van Van Quickenborne. Een regering, niet een minister! Een hele regering, inclusief de roden, de groenen en de blauwen. Ze komen allemaal met een wetsvoorstel dat het juridische arsenaal en het arsenaal van repressie tegen stakers en piketten verder zal vergroten.[1]

Beste kameraden, de regering zegt ons: “Nee, wat denk je, het slaat niet op jullie, het is alleen voor relschoppers bedoeld”. Weet je, toen veertig jaar geleden het strafrecht werd gewijzigd en het begrip ‘kwaadwillige belemmering van het verkeer’ werd ingevoerd, werd ons gezegd: “dat zal nooit van toepassing zijn op een vakbondsman”.

Beste kameraden, ik kreeg op basis van dit artikel een voorwaardelijke gevangenisstraf van twee maanden, die nooit bedoeld was voor vakbondsleden. We kunnen ze niet geloven. Het zal ook ons treffen.

De betoging van vandaag is historisch, zoals ik al zei. We sturen een laatste boodschap naar de politici. Die luidt als volgt: jullie die de leiding hebben, jullie die niet begrepen hebben dat er een belangrijke strijd wordt gevoerd door de arbeiders van Delhaize, jullie moeten één ding begrijpen. In een democratie is er macht en tegenmacht. En als ze ons kapot maken, zoals ze proberen te doen, is het de democratie die aangevallen wordt.

Dit is een betoging voor democratie en voor het recht om te staken.

Note:

[1] Het gaat om de zogenaamde ‘anti-relschopperswet’ die is aangevraagd door de burgemeesters van Brussel en Luik. Daarbij kan een demonstratieverbod van drie jaar worden uitgevaardigd tegen zogenaamde ‘relschoppers’. Door de ruime en vage definitie van de wet zal hij ook kunnen ingezet worden tegen vakbondsleden en actievoerders bij stakingen en betogingen, of milieuactivisten die op verboden terrein komen (nvdr.).

Bron: De Wereld Morgen

Maak energie betaalbaar. Steun de energiewet.

Onze energieprijzen zijn nog steeds veel te hoog. Het is toch absurd dat onze regering daar nog een belasting van 264 euro per jaar aan heeft toegevoegd? Genoeg is genoeg.

Tijd voor actie. Om de mensen en de economie te beschermen. Daarvoor hebben we een wetsvoorstel klaar.

Steun de energiewet:

1️⃣ Geen nieuwe belastingen of accijnzen op onze factuur

2️⃣ Verlaag en blokkeer de prijzen

3️⃣ Doe Engie betalen

In Frankrijk liggen de energieprijzen veel lager dankzij een blokkering van de prijzen. Dat is ook hier perfect mogelijk: waar wacht onze regering op?

We willen 100.000 handtekeningen verzamelen om druk te zetten. Samen maken we energie betaalbaar!

Teken hier het voorstel

Bron: PVDA

De fiscale kloof tussen alleenwonende en koppel met kinderen blijft diep

De afschaffing van het huwelijksquotiënt, een fiscale gunstmaatregel voor gehuwden en wettelijk samenwonenden, staat op de agenda van de fiscale hervorming van minister van Financiën Vincent Van Peteghem (cd&v) tegen 2024. Volgens Michel Maus, professor fiscaal recht (VUB), is dat een goed vertrekpunt, maar onvoldoende om de diepe fiscale kloof tussen alleenstaanden en koppels te verkleinen.

“Ik heb er niet voor gekozen. Als je niemand tegenkomt die bij je past, dan kom je niemand tegen”, zegt Martine* (53), die al 28 jaar alleenstaande is. Ze werkt in de informaticasector. Ook Jan* (44) woont al meer dan twintig jaar alleen. Hij is ambtenaar bij het ministerie van Financiën. “Ik haal ruimschoots het einde van de maand, maar er moet niet veel extra gebeuren”, zegt hij. “Bovendien zijn de kosten best pittig, zeker de afgelopen jaren met de stijgende prijzen.”

Gezin als hoeksteen

De fiscus maakt niet alleen bij het indienen van de belastingaangifte een onderscheid tussen alleenstaanden en gehuwden. Het huwelijksquotiënt verlicht bovendien de fiscale druk voor koppels waarvan één van de partners geen of een zeer klein inkomen heeft. De echtgenoot met een hoger inkomen kan een deel van zijn inkomen toekennen aan de partner met geen of een laag inkomen. De ene echtgenoot heeft dan een fictief lager inkomen en komt in een lagere belastingschuif terecht.

“Men heeft dat systeem jaren geleden weer ingevoerd en fiscaal gekozen voor het gezin als hoeksteen van de maatschappij”, aldus Michel Maus, VUB-professor fiscaal recht en advocaat.

Ook het statuut van de meewerkende echtgenoot is volgens Maus een illustratie van het voorrecht van gehuwden. Maus: “De bakkersvrouw die in de winkel staat en haar man, de bakker, helpt, krijgt 30 procent van de winst van de bakkerij. De winst wordt fictief overgeheveld naar de vrouw, wat de algemene belastingdruk verlaagt. Het is een gelijkaardig systeem als het huwelijksquotiënt, dat ook ter discussie gesteld kan worden.”

Nog nooit zoveel alleenwonenden

Er liggen plannen op tafel om het huwelijksquotiënt af te schaffen. Dat heeft minister van Financiën Vincent Van Peteghem (cd&v) voor ogen in zijn fiscale hervorming, die vanaf 2024 zou moeten ingaan.

“Ik was een beetje geschrokken van het voorstel van Van Peteghem”, geeft professor Maus toe. “Cd&v, dé gezinspartij, zou raken aan een fiscaal voordeel dat gekoppeld is aan een familiaal gebeuren. Als cd&v al klaar is om er minstens over na te denken, dan is het moment om te schakelen aangebroken.”

Uit de statistieken blijkt ook dat de tijd rijp is om het fiscaal beleid meer af te stemmen op alleenwonenden. Er zijn nog nooit zoveel éénpersoonshuishoudens geweest als de laatste jaren. De groep alleenwonenden groeit aanzienlijk in vergelijking met het aantal koppels.

Flourish logoA Flourish chart

Ondanks de spectaculaire stijging van het aantal singles blijft die groep het zwaarst belast in België. Dat blijkt uit het rapport van OESO van vorige maand.

“Al sinds 2000 maakt de OESO jaarlijks een rapport over de belastingdruk op arbeid”, aldus Maus. “Al sinds 2000 staat de Belgische alleenstaande zonder kinderen op de eerste plaats.”

In 2022 bedroeg de belastingdruk voor singles zonder kinderen 53 procent, te vergelijken met singles met twee kinderen (37,8%) en een koppel met kinderen (45,5%).

Hoe meer kinderen, hoe lager de belastingdruk

Afgezien van de systemen van het huwelijksquotiënt en de meewerkende echtgenoot, is er weinig fiscaal onderscheid tussen twee alleenstaanden of een koppel zonder kinderen. Dat merkte Mark Delanote onlangs op in een gesprek met Trends. Hij is lid van de Hoge Raad van Financiën en werkte mee aan het hervormingsplan van Van Peteghem.

Belastingplichtigen met kinderen ten laste genieten wel van aanzienlijke fiscale voordelen. Naarmate de persoon of het gezin meer kinderen heeft, wordt het belastingvrije inkomen sterk opgedreven. Kortom, hoe meer kinderen, hoe lager de belastingdruk. 

Bron: Trends

Ambtenaren kunnen na een burn-out andere functies uitproberen

Ambtenaren kunnen na een burn-out andere functies uitproberen: als het niet lukt, mogen ze terug naar hun oude job.

Opnieuw aan de slag als belastingcontroleur of liever een nieuwe uitdaging bij Fedasil? Ambtenaren die na een burn-out weer aan het werk gaan, kunnen vanaf nu kiezen of ze dat bij hun huidige dienst of elders binnen de federale overheid doen.

Het aantal federale ambtenaren dat langer dan een jaar thuis zit door ziekte, stijgt heel licht: van 1,69 procent in 2021 naar 1,81 vorig jaar”, zegt minister van Ambtenarenzaken Petra De Sutter (Groen). “Hoe langer iemand afwezig is van het werk, hoe moeilijker het is om opnieuw van start te gaan. Daarom veranderen we de filosofie. In plaats van ons blind te staren op wat iemand misschien niet meer kan, kijken we naar wat mensen wel nog kunnen en willen.”

In de praktijk betekent dit dat elke federale ambtenaar vanaf drie maanden afwezigheid door ziekte de mogelijkheid krijgt bij een andere federale overheidsdienst terug aan de slag te gaan. Ook ambtenaren die van job veranderendoor de digitalisering of een reorganisatie, krijgen de kans verschillende functies uit te proberen. Op basis van de beschikbare plaatsen en de interesses, kan de betrokken ambtenaar zo tot drie verschillende diensten uitproberen, voor een totale periode van maximaal achttien maanden.

LOOPBAANCOACH

Tijdens dit traject worden de ambtenaren begeleid door een loopbaancoach en kunnen ze opleidingen volgen. Aan het einde van deze betaalde ‘stages’ krijgt de ambtenaar dan de keuze: keer ik terug naar mijn oude job – in het geval van langdurig zieken – of is het gras toch echt groener aan de overkant?

Voor 32 op de 47ambtenaren bleek het antwoord op die tweede vraag ‘ja’ te zijn. Sinds het proefproject startte in 2021, kozen bijna zeven op de tien voor de nieuwe functie. Andere deelnemers gingen met pensioen, vielen opnieuw ziek uit of keerden terug naar de oorspronkelijke job. Nu de federale regering het ‘heroriënteringstraject’, zoals het initiatief heet, vorige week ook officieel groen licht gegeven heeft, wordt het over alle diensten uitgerold. Let op: deelnemen is niet verplicht. Ambtenaren die na afwezigheid toch graag gewoon terugkeren naar hun oude job, hoeven niet te vrezen voor hun plaats.

FLEXIBILISERING

“Het is goed dat er eindelijk aandacht komt voor flexibilisering”, zegt professor arbeidsgeneeskunde Lode Godderis (KU Leuven). “Een succesvolle terugkeer naar het werk hoeft immers niet noodzakelijk hetzelfde werk te betekenen, maar wel het beste werk voor deze persoon.” Volgens Godderis is een belangrijke reden waarom mensen uitvallen immers een “mismatch” tussen wat mensen graag doen en goed kunnen en wat er van hen gevraagd wordt in hun job.

Toch waarschuwt hij voor een one-size-fits-all-aanpak: “Je moet vermijden dat men ‘moeilijke dossiers’ zo gewoon doorschuift naar een andere afdeling”, aldus Godderis. “Het probleem ligt vaak ook bij hoe het werk georganiseerd is. Daarom is het zo belangrijk eerst een grondige analyse te doen: wat waren nu de oorzaken voor de burn-out op de werkplek en welke aanpassingen kunnen daarvoor gebeuren?”

Ook benadrukt Godderis het belang van intensieve begeleiding: “Als je met een burn-out kampt, is je energieniveau lager. Terwijl je om een nieuwe omgeving te leren kennen en andere competenties te verwerven juist extra energie nodig hebt. Als medewerkers daar niet voldoende in begeleid worden, keren ze eerder terug naar hun huidige job. Want daar weet je tenminste wat je kan verwachten.”

Voorlopig blijft het project beperkt tot federale overheidsdiensten. In de privésector experimenteert onder meer hr-dienstenbedrijf Acerta wel met het concept onder de naam ‘Bridge’. Eerder dit jaar lanceerde de VDAB bovendien vier ‘werkschakelpunten’, met de bedoeling transities binnen en tussen bedrijven te vergemakkelijken.

Bron: De Morgen

‘Rijke Belg, arme overheid: een gevaarlijke cocktail’

We worden geteisterd door negatieve berichten over overheidstekorten. Zonder structurele hervormingen gaan we richting 180 procent van het bruto binnenlands product (bbp), stelde de OESO. Griekse toestanden dus. Dat staat in schril contrast met de rijkdom van de Belgen, schrijft Rudy Aernoudt.

Arme en verkwistende overheden

De overheden vertegenwoordigen liefst 56 procent van het bbp. Om dat overdreven interventionisme te financieren, gaan de gezinnen gebukt onder de grootste fiscale druk van Europa. De fiscale hervorming om die last enigszins te verlichten, is mislukt. Over de arbeidsmarkthervorming en de inefficiëntie van de overheden wordt in alle talen gezwegen. En de pensioenhervorming is weer een voorbeeld van hoe een olifant een muis baarde. Een echte hervorming kunnen we dat niet noemen. Maar kunnen we meer verwachten van een coalitie van zeven dwergen?

Jammer genoeg zijn we zo aanbeland in het doemscenario van de OESO (Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling), die stelt dat België zonder fiscale hervorming, pensioenhervorming en hervorming van de arbeidsmarkt afstevent op een tekort van 180 procent van het bruto binnenlands product.

Dat was het niveau dat Griekenland had bereikt toen het onder curatele van de trojka (ECB, IMF en Europese Commissie) werd geplaatst en verplicht werd te knippen in de pensioenen (van 500 naar 400 euro per maand) en zijn parels te verkopen. Denk maar aan de haven van Piraeus, die het land verkocht aan de Chinezen, en nota bene (sic) gefinancierd via de Europese Investeringsbank.

Gaan we naar dergelijke toestanden? Zien de politici van dit land de ernst van de situatie (the sense of urgency) en de noodzaak van structurele hervormingen nu nog niet in?

Een gevaarlijke cocktail

Maar wie is die overheid? Wel, dat zijn wij allemaal. De hoge overheidsschuld vertaald naar capita bedraagt 49.000 euro. Daarmee zijn wij in Europa het land met de hoogste schuld per inwoner. Als we ons baseren op de hogervermelde studie, zouden we kunnen zeggen dat het nettovermogen van de Belg, na aftrek van de staatsschuld, nog 72.000 euro bedraagt. Samengevat, we zijn het land in Europa met de hoogste overheidsschuld per capita, en ook met bijna het hoogste privévermogen per capita. Een uiterst gevaarlijke cocktail voor politici die menen dat de sparende Belg het gelag moet betalen voor de verkwistende overheid. Denken we maar aan het, toch vrij succesvolle, herstelrecept van Griekenland. 

Bron:   Trends