Volgens professor internationaal recht Dimitri Van Den Meerssche blijken uit de uitspraken van minister van Defensie Theo Francken twee zaken. Ten eerste: “een totaal gebrek aan inzicht in hoe internationaal recht werkt”. En ten tweede “een bereidheid om voor zijn geopolitieke allianties met extreemrechts België volledig buiten het recht te plaatsen.”

“Gerechtvaardigd? Absoluut. Zeker en vast.” Aan het woord is minister van Defensie Theo Francken. Hij heeft het op Radio 1 over de oorlog die de VS en Israël zijn gestart tegen Iran.

Wanneer de interviewer hem vraagt of die oorlog ook in lijn is met het internationaal recht antwoordt hij: “Dat is voer voor juristen.” Het probleem is echter dat alle juristen het erover eens zijn dat de aanval een manifeste schending van het VN-handvest is. Wat Francken eigenlijk wil zeggen door naar juristen te verwijzen, is dat het hem niet echt interesseert of de aanval in lijn is met het internationaal recht.

Dat blijkt ook uit zijn antwoord wanneer de interviewer even doorvraagt. “Het internationaal recht werkt niet meer”, stelt Francken droogweg. De minister van Defensie begraaft live op de openbare omroep het internationaal recht. Het lijkt er niet op dat dit ook een regeringsstandpunt is dat gedeeld wordt door Vooruit, CD&V en Les Engagés, maar zo zeker is dat ook niet, want het lijkt wel te passeren.

Op elk niveau fout

Francken legt ook uit waarom het internationaal recht volgens hem niet meer werkt. “Het internationaal recht werkt alleen als de Veiligheidsraad werkt. Nu wordt alles wat er in Iran gebeurt vergoelijkt door Rusland. Net als in Venezuela trouwens. Dan kan het internationaal recht niet op een goede manier functioneren.” 

Wat Francken zegt klinkt misschien aannemelijk, zo reageert professor internationaal recht Dimitri Van Den Meerssche, “maar het is op elk niveau fout”. Uit zijn analyse blijkt, aldus Van Den Meerssche, “een totaal gebrek aan inzicht in hoe internationaal recht werkt”.

“Franckens fixatie op de VN-Veiligheidsraad is een dwaling”, zo legt hij uit. Het grootste deel van de afdwinging van het internationaal recht verloopt namelijk helemaal niet langs die route. “Geen enkele staat heeft goedkeuring nodig van de VN-Veiligheidsraad om zich tegen agressie te verdedigen. 

Via het VN-Handvest heeft elke staat inherent recht op zelfverdediging tegen een gewapende aanval. Dat is bijvoorbeeld het recht waar Oekraïne zich op beroept en waar de EU zich op beroept voor haar steun aan Oekraïne.”

Van Den Meerssche wijst er verder op dat Francken in zijn uitleg vergeet dat de Verenigde Staten ook gebruikmaken van het vetorecht om eigen bondgenoten te beschermen. Een gewapende regimewissel zoals nu beoogd wordt is bovendien nooit door de VN-Veiligheidsraad gesteund geweest. “Het idee dat het internationaal recht vandaag niet meer zou werken wordt hier simpelweg misbruikt om een agenda te verdedigen die fundamenteel strijdig is met dat recht en dat ook altijd is geweest”, aldus Van Den Meerssche.

Ook het argument dat dit zou betekenen dat er in dat geval niets kan ondernomen worden tegen mensenrechtenschendingen in Iran is volgens Van Den Meerssche niet correct. “Het internationale recht heeft wel degelijk iets te zeggen over het enorme interne geweld in Iran. Er zijn bilaterale sancties, multilaterale sancties die het regime raken.”

“Er zijn aanhoudende diplomatieke relaties. Ik begrijp dat dat voor veel mensen misschien te traag en te vaag lijkt. Maar eerdere pogingen tot militaire regimewissel in de regio leiden tot één conclusie. Er is nog nooit een land vrede, veiligheid en vooruitgang in gebombardeerd.”

Redeneren vanuit eigenbelang

Dat het argument dat het internationaal recht niet meer zou werken een drogreden is, blijkt ook later in het interview met Francken. Enkele minuten na zijn uitleg over internationaal recht maakt hij namelijk duidelijk dat het hem in essentie daar helemaal niet om te doen is wanneer hij de inval in Iran verdedigt. “Ik vind dat we niet vanuit emotionele standpunten moeten redeneren, maar veel meer vanuit eigenbelang.”

“Een pro-Westers Iran is absoluut in ons eigenbelang”, gaat Francken verder. En hij maakt meteen duidelijk dat hij met belang vooral geld voor westerse bedrijven bedoelt. “Een land dat pro-Westers is en dat op zo’n gas- en olievoorraad zit, dat dat ook aan ons kan verkopen aan een goede prijs, dat is absoluut in ons eigenbelang. Een markt van 90 à 100 miljoen mensen die opengaat, dat zou ongelofelijk interessant zijn voor westerse bedrijven om er te investeren.”

Franckens probleem is met andere woorden niet dat het internationaal recht niet werkt. Natuurlijk is het imperfect en zou er veel kunnen verbeteren in de afdwinging van dat recht, maar dat wil Francken helemaal niet. Zijn probleem is namelijk dat het internationaal recht, wanneer het gaat over de aanval op Iran, niet de doelen dient van zijn politieke strekking. En daarom wil hij het aan de kant schuiven.

Militaire anarchie voorkomen

Van Den Meerssche waarschuwt echter voor de gevolgen van een wereld waarin iedereen enkel aan het eigenbelang denkt en het recht van de sterkste het internationaal recht vervangt. Hij herinnert ons aan de allereerste zin van het VN-Handvest die het doel van de VN beschrijft: “to save succeeding generations from the scourge of war, which twice in our lifetime has brought untold sorrow to mankind.”

Het VN-Handvest is geschreven “om de komende generaties te behoeden voor de gesel van oorlog, die tweemaal in ons leven onnoemelijk leed over de mensheid heeft gebracht.” Dat het grote delen van de wereld niet van ellende heeft gered is zonder meer waar, maar wie het volledig aan de kant wil schuiven moet goed beseffen wat dat betekent. “We willen nooit meer terug naar de chaos, naar het geweld, naar de arbitraire militaire aanvallen tussen staten”, aldus Van Den Meerssche.

Van Den Meerssche wijst er verder op dat het tragisch is om de Belgische minister van Defensie op zo’n expliciete manier afstand te zien nemen van dat rechtssysteem omdat het net kleine landen zoals België beschermt. De VS en misschien ook Rusland blijken militair machtig genoeg om het internationaal recht achter te laten. België is dat niet.

“Je kan niet én het recht dood verklaren als dat goed uitkomt, én datzelfde recht inroepen in de diplomatieke mobilisatie tegen Poetins illegale annexatie van Oekraïne”, legt Van Den Meerssche uit. De enige landen die dus winnen wanneer het internationaal recht op de schop gaat zijn militaire mogendheden die in die internationale anarchie kunnen gedijen. Daar hoort België niet bij.

Bron: Dewereldmorgen.be