De Vlaamse regering kondigde forse besparingen aan. An Haekens (ouderenpsychiater) en Bert Lambeir (algemeen directeur) van Alexianen Zorggroep Tienen vinden het onbegrijpelijk dat geknipt wordt in de ouderenzorg: “Bedrijfswinsten beschermen is blijkbaar belangrijker dan investeren in waardige ouderenzorg.”

Misplaatste prioriteiten

Dat de Vlaamse regering moet besparen in tijden van budgettaire krapte is begrijpelijk, allicht zelfs noodzakelijk.

Wat echter onbegrijpelijk is, is de keuze om juist de ouderenzorg – een sector die al jaren op haar tandvlees zit – met een besparing van 30 miljoen verder uit te kleden, terwijl grote bedrijven grotendeels gespaard blijven. Deze prioriteitsstelling onthult een pijnlijke waarheid over hoe we als samenleving naar onze oudsten kijken.

Sector in ademnood

De woonzorgcentra balanceren vandaag al op de rand van de afgrond. Ze worstelen met rode cijfers, kampen met chronische personeelstekorten en vechten tegen een imagoprobleem dat jonge verpleegkundigen doet wegvluchten naar ‘meer sexy’ werkomgevingen. In deze context komen besparingen neer op het ontnemen van zuurstof aan iemand die al naar adem hapt.

Wanneer een socialistisch minister spreekt over efficiëntiewinst in de ouderenzorg, klinkt dat als een wrange grap. Hoe kan een sector die al jaren met minimale middelen maximale zorg probeert te leveren, nóg efficiënter worden? Moeten bewoners nog sneller gewassen worden? Moet er nog minder tijd zijn voor een praatje? Moet de soep nog dunner? Het getuigt – zonder omwegen – van een totaal gebrek aan realiteitszin wanneer het over de ouderenzorg gaat. De retoriek van efficiëntiewinst, gevoed door de enkele verhalen van ontspoorde praktijken in de zorgprofit, doortrekken naar een hele sector is een regering onwaardig.

Deze retoriek maskeert bovendien de werkelijke boodschap: jullie oudsten zijn het ons niet waard. Het signaal dat we als samenleving afgeven is glashelder: we vinden het belangrijker om bedrijfswinsten te beschermen dan om te investeren in waardige ouderenzorg.

De vergeten dimensie: zingeving

Opnieuw ontnemen we de ouderenzorg wat ze werkelijk zou moeten zijn: meer dan louter fysieke verzorging. Onderzoek toont immers keer op keer aan dat zingeving – het gevoel er nog toe te doen, bij te dragen, verbonden te zijn – cruciaal is voor het welzijn van ouderen.

Zo moeten hedendaagse woonzorgcentra plekken zijn waar intergenerationele ontmoeting centraal staat, waar kinderen komen voorlezen en ouderen hun levensverhalen delen. Huizen van waaruit bewoners actief blijven participeren in de samenleving, bijvoorbeeld door vrijwilligerswerk of het delen van hun expertise. Waar hun creativiteit en leergierigheid blijvend worden gestimuleerd door kunstprojecten, muziek, en educatieve programma’s. Woonzorgcentra moeten de ruimte hebben om de gemeenschap naar binnen te halen via lokale verenigingen, culturele activiteiten en buurtinitiatieven.

Deze visie op ouderenzorg als plaats van betekenisvol leven in plaats van wachtkamer voor de dood vereist echter investeringen in personeel, in infrastructuur, in opleiding. Nieuwe besparingen maken dit definitief onmogelijk en kleden de woonzorgcentra uit tot de kale rusthuizen van weleer.

Spiegel voor onszelf

De demografische realiteit is onontkoombaar: we worden met z’n allen ouder. De babyboomers naderen massaal de pensioenleeftijd. Binnen twee decennia zal één op drie Vlamingen 65-plus zijn.

De manier waarop we vandaag met ouderenzorg omgaan, is de spiegel van hoe we zelf behandeld zullen worden. Door nu te besparen op ouderenzorg, creëren we niet alleen menselijk leed vandaag, maar hypothekeren we ook onze eigen toekomst. We normaliseren het idee dat ouder worden synoniem is met waardeverlies, dat zorg voor kwetsbaren een kostenpost is in plaats van een morele plicht. En rekenen op de volgende generatie om kosteloos voor ons te zorgen, is misschien niet de beste gok.

Geen winst zonder investeren

De werkelijke efficiëntiewinst zit er in de maatschappelijke kosten van verwaarloosde ouderenzorg ten alle prijzen te voorkomen. Die kosten dienen zich immers meteen om de hoek aan: meer ziekenhuisopnames door gebrek aan preventieve zorg, hogere zorgkosten door uitgestelde interventies, burn-out bij mantelzorgers die het systeem proberen op te vangen, verlies van waardevol menselijk kapitaal wanneer ervaren zorgverleners de sector verlaten.

De echte efficiëntiewinst ligt in investeren in ouderenzorg: in meer zorgverleners, in betere arbeidsomstandigheden, in innovatieve zorgmodellen die een betekenisvol leven centraal stellen. Dit maakt de sector aantrekkelijker voor jonge professionals, vermindert ziekteverzuim, verbetert de kwaliteit van leven én sterven.

Oproep tot moreel leiderschap

Van een regering mag verwacht worden dat ze verder kijkt dan de volgende verkiezingen. Dat ze in staat is andere dan economische kaders te hanteren en durft te investeren in wat waardevol is, niet alleen in wat winstgevend is. Dat ze de moed heeft om grote bedrijven hun faire deel te laten bijdragen aan een samenleving waarin iedereen – ook wie oud en kwetsbaar is – met waardigheid kan leven.

De keuze die vandaag op tafel ligt, is fundamenteel: accepteren we een samenleving waarin ouderdom synoniem wordt met marginalisering? Of kiezen we voor een Vlaanderen waarin ervaring gewaardeerd wordt, waarin zorg een eerbaar beroep is, waarin woonzorgcentra plekken zijn van leven en verbinding?

De besparingen op ouderenzorg zijn meer dan een budgettaire maatregel: ze zijn een morele keuze. En het is een keuze die ons allemaal aangaat. Want de manier waarop een samenleving met haar meest kwetsbaren omgaat, bepaalt uiteindelijk wie we zijn. En vooral: wie we willen zijn.

Sociaal.Net vroeg minister Caroline Gennez om reactie. Zij wenste niet te reageren.

Bron: sociaal.net