by admin | mei 3, 2023 | Sectoren
Voor de wereld van de arbeid zijn de krachtsverhoudingen vandaag gunstiger dan ooit en dat kan niet anders dan zich vertalen in betere arbeidsvoorwaarden en hogere lonen. Uitgerekend op dat moment komt Conner Rousseau af met een plan die die sterke onderhandelingspositie verzwakt. Onbegrijpelijk en geen toeval dat de hele linkerzijde zijn plannen afschiet terwijl de rechterzijde applaudisseert.
Om te begrijpen waarom het plan voor basisbanen van Conner Rousseau fout zit is het nuttig om de conjunctuur van vandaag te bekijken. En die conjunctuur is heel tegenstrijdig. Aan de ene kant maken de werkgevers recordwinsten, terwijl ze geen ruimte laten voor loonsopslag. Aan de andere kant hebben de werknemers potentieel nog nooit zo sterk gestaan als vandaag.
Gezien de gunstige krachtsverhoudingen is de kans groot dat we voor een nieuw tijdperk staan waarin de wereld van de arbeid een eerlijker deel van de koek zal kunnen verwerven.
Het is dan ook volledig onbegrijpelijk dat CR een plan lanceert dat die sterke onderhandelingspositie van de arbeidersbeweging verzwakt. Het is geen toeval dat hij lik op stuk krijgt van de linkerzijde en applaus van de rechterzijde.
In het defensief …
In wezen heeft de sociale strijd altijd gedraaid rond de verdeling van de rijkdom, of nauwkeuriger, rond de strijd over de meerwaarde of winst. De logica is eigenlijk heel eenvoudig: hoe lager de lonen en hoe slechter de werkomstandigheden (langer of harder werken voor hetzelfde loon) hoe hoger de meerwaarde of de winst.[1]
De laatste veertig jaar waren op dat vlak heel voordelig voor het kapitaal en nadelig voor de wereld van de arbeid. In 1980 ontving de werkende bevolking 64 procent van de door hen geproduceerde rijkdom in België. In 2020 was dat gezakt tot 59 procent. Omgekeerd steeg het kapitaalaandeel van 35 procent naar 45 procent.
Dat is een transfer van arbeid naar kapitaal van iets meer dan 40 miljard euro per jaar. Terwijl de lonen en uitkeringen, in verhouding met de levensduurte, de laatste jaren nauwelijks gestegen zijn, boeken onze bedrijven recordwinsten en versassen de superrijken en grote bedrijven jaarlijks voor meer dan 200 miljard euro naar belastingparadijzen.
Het bedrijfsleven stelt zich ook alsmaar agressiever op. Het huidig conflict in Delhaize is daar een goede illustratie van. Om de winsten te verhogen doet deze warenhuisketen aan sociale dumping en stuurt het deurwaarders af op de vakbonden die zich daartegen verzetten.
… maar potentieel sterker dan ooit
Deze situatie staat in schril contrast met de huidige conjunctuur. De verdeling van de meerwaarde wordt namelijk bepaald door de krachtsverhoudingen tussen arbeid en kapitaal en die worden op hun beurt voor een groot deel bepaald door vraag en aanbod op de arbeidsmarkt.[2]
Die verhoudingen zijn nu de laatste jaren zeer gunstig geëvolueerd voor de wereld van de arbeid. Als gevolg van vergrijzing en lagere immigratie wordt de poel met beschikbare arbeidskrachten almaar kleiner en is de arbeidsmarkt nog nooit zo krap geweest als vandaag. Dat verstevigt de onderhandelingspositie van de werknemers.
Normaal gesproken moet zich dat onvermijdelijk vertalen in betere arbeidsomstandigheden en hogere lonen. Dat is nu eenmaal de wet van vraag en aanbod op de arbeidsmarkt.
Voorlopig worden hogere lonen in ons land tegengehouden door de loonnormwet. De rechterzijde probeert de gunstige krachtsverhoudingen op de arbeidsmarkt ook te verminderen door enerzijds mensen langer te laten werken (hogere pensioenleeftijd) en anderzijds meer mensen aan het werk te krijgen. Dat laatste gebeurt door de jacht op werklozen en langdurig zieken.
Een andere poging om de arbeidsmarkt ‘af te koelen’ is de verhoging van de rentevoeten. Dat gebeurt onder het mom van de strijd tegen de inflatie.[3] Hogere rentevoeten vertalen zich in minder investeringen, waardoor de tewerkstelling daalt en de arbeidsmarkt minder krap wordt. Cru gezegd, om de krachtsverhoudingen gunstig te houden voor het kapitaal neemt men zijn toevlucht tot (een beetje) recessie, ook al gaat dat mogelijk ten koste van heel wat sociale ellende.
De verkeerde kant
Met de huidige arbeidskrapte zijn de omstandigheden dus gunstiger dan ooit voor de arbeidersbeweging. We staan voor een tijdperk waarin de wereld van de arbeid in het offensief kan gaan en een verloren deel van de koek terug kan opeisen en verwerven.
Dat Conner Rousseau net op dit moment een pleidooi houdt om langdurig werklozen te verplichten om een – laag betaalde – job te aanvaarden is onbegrijpelijk. Los van het feit dat het onfatsoenlijk is om langdurig werklozen op te jagen en zeker voor een partij die zegt op te komen voor de zwakkeren, verzwakt hij met dat voorstel de gunstige krachtsverhoudingen van de arbeidersbeweging.
Het activeringsbeleid is uitgerekend de hefboom voor de rechterzijde om de ongunstige krachtsverhoudingen op de arbeidsmarkt zoveel mogelijk te doen keren.
Het was dan ook te verwachten dat hij op applaus zou krijgen van zowat de hele rechterzijde, inclusief het Vlaams Belang. Omgekeerd wordt het voorstel afgeschoten door het ABVV, zijn zusterpartij de PS en de PVDA.
De voorzitter van de MR, George-Louis Bouchez doet daar bijzonder schamper over: “Ik zie alleszins dat Vooruit steeds meer op de lijn van MR zit. Alvast wat de sociale zekerheid betreft. Soms ook over migratie. Soms zijn ze rechtser dan ik. (…) Ik word langs rechts ingehaald.”
Offensieve eisen
De arbeidersbeweging is zich er misschien nog niet voldoende van bewust, maar gezien de gunstige krachtsverhoudingen is de tijd rijp voor offensieve eisen. Gelukkig werden er een aantal van die eisen op dit 1-mei feest geformuleerd.
Vooreerst moet de loonnormwet op de schop, een eis die o.a. door Miranda Ulens van ABVV, Vooruit en PVDA naar voor werd geschoven.
De sociale dumping en de aanval tegen de vakbonden moet ophouden. BBTK en ABVV pleiten voor meer sociaal overleg en er is ook een nieuwe wet nodig om toestanden à la Delhaize in de toekomst te vermijden.
Een taks op de superrijken is nodig om de grondige ongelijkheid te verminderen en de sociale zekerheid voldoende te kunnen financieren, een eis van PVDA.
De pensioenleeftijd moet terug naar beneden, een eis van ABVV en PVDA.
Nergens gehoord, maar misschien toch nuttig om de oude eis van werktijdverkorting met loonbehoud opnieuw te formuleren. Te veel mensen kreunen onder de combinatie van gezin en werk. Gezien het onevenredig groot aandeel van het kapitaal in de geproduceerde rijkdom is er zeker ruimte voor deze maatregel.
Waar wachten we op?
Bron: De Wereld Morgen
by admin | mei 3, 2023 | Onderwijs
Maar liefst 599 van de 1.015 kinderen die zich voor volgend schooljaar hebben aangemeld voor een plaats in het buitengewoon basisonderwijs in de stad Antwerpen hebben geen plaats toegewezen gekregen. Daarmee is het tekort nog dramatischer dan vorig jaar. “We hebben gevraagd om toch eens te onderzoeken vanwaar die grote toestroom komt van kinderen met een verstandelijke beperking.”
In de stad Antwerpen moeten ouders die een lagere school zoeken voor hun kinderen zich online aanmelden, waarna het systeem kinderen aan een school toewijst. Dat lukt lang niet met alle kinderen, want zeker in het buitengewoon basisonderwijs – kleuter- en lagere school dus – zijn al jaren grote plaatstekorten.
Maar de nieuwste cijfers voor het komende schooljaar zijn nog dramatischer dan anders, zo leren cijfers van het Lokaal Overlegplatform (LOP). Maar liefst 599 van de 1.015 aangemelde kinderen in het buitengewoon onderwijs – bijna 2 op de 3 dus – hebben geen plaats toegewezen gekregen. Zij staan dus op de wachtlijst.
“En zeker in het kleuteronderwijs type 2 – kinderen met een verstandelijke beperking – is het tekort enorm”, zegt LOP-voorzitter Ilse De Volder. “Daar zitten we aan 226 kinderen die geen plaats hebben. We hebben maar 19 kinderen een plaats kunnen geven. En de perspectieven zijn jammer genoeg niet goed.”
“Idem voor kleuters type 9, kinderen met een normale intelligentie maar met een autismespectrumstoornis: daar zien we nog altijd 31 kleuters die geen plaats hebben. Die zitten nu nog altijd in een gewone kleuterschool, maar als die vraag er komt, weten we dat dat ernstige problemen zijn.”
Strenge eisen voor schoolgebouwen
In het lager onderwijs zet die trend zich voort voor kinderen met een verstandelijke beperking (type 2): 144 kinderen hebben daar geen plaats. Voor type 9 telt het LOP 119 kinderen zonder plaats op een geschikte school. Voor type 3 – kinderen met een emotionele of gedragsstoornis maar zonder verstandelijke beperking – hebben 33 kinderen geen plaats, meer dan de helft van de aanmeldingen.
“Vorig jaar hebben verschillende koepels nog extra capaciteit gecreëerd”, zegt De Volder. “Maar al die scholen zitten nu echt vol. Het grote probleem in Antwerpen is vooral een aangepaste locatie te vinden. Die gebouwen moeten echt wel afgestemd worden op de noden van die kinderen met een beperking. De overheid heeft daar strenge eisen over, maar ook in Antwerpen zelf vraagt de bureaucratie heel veel van schoolbesturen. Ook zij zeggen daarom soms: ‘Hier stopt het, dit lukt niet meer voor ons’.”
Schepen van Onderwijs Jinnih Beels (Vooruit) heeft vanuit het stadsbestuur wel initiatieven mee ondersteund en middelen aangereikt om de tekorten te helpen oplossen. Maar dat volstaat amper, ziet De Volder. “Voor type 2 zouden we misschien nog een aantal plaatsen kunnen creëren, maar nooit voor al die 226 kleuters en de 144 lagere schoolleerlingen op de wachtlijst. Dat zijn bijna 3 scholen die we zouden moeten bijcreëren.”
Woede bij ouders
Ouders van kinderen die geen plaats hebben, reageren uiteraard erg boos. “En terecht. Daar zitten kinderen tussen die zich al voor het derde jaar aanmelden. Die zaten de vorige jaren dus ofwel gewoon thuis, ofwel niet in de school van hun keuze, ofwel in een gewone school, ofwel in een ander type. Dus soms hebben die wel een school, maar hebben ze geen aangepast onderwijs. Nochtans hebben zij daar wel recht op. En eerlijk gezegd: we hebben ook geen perspectieven. We kunnen hen dus ook niet zeggen: wacht nog even.”
Bij het LOP vragen ze zich luidop af wat er aan de hand is. “We hebben gevraagd aan de minister van Onderwijs (Ben Weyts (N-VA)) om toch eens te onderzoeken vanwaar die grote toestroom komt van kinderen met een verstandelijke beperking. Het is een tendens in heel Vlaanderen, maar in een stad als Antwerpen zie je dat nog veel sterker. Daar gaat het over enorm grote aantallen. En het blijft groeien: de cijfers stijgen nu al voor het vierde jaar op rij.”
Directeur Antwerpse school getuigt: “Voor heel veel ouders is dit een vreselijke dag”
“Op de wachtlijst van onze school – waar alles samen plaats is voor 102 kinderen – staan 194 kleuters en dan nog eens 113 lagere schoolkinderen. Dat is echt verschrikkelijk”, dat vertelt Saskia Vandereyken, directeur in Katrinahof Antwerpen, een school voor buitengewoon basisonderwijs voor kinderen met een verstandelijke beperking (type 2).
“Voor heel veel ouders is dit een vreselijke dag: zij weten niet wat ze volgend schooljaar met hun kind moeten doen. Veel van hen hebben dit al meermaals meegemaakt. Want je kunt wel een heel jaar op een gunstige plek op de wachtlijst staan: op het einde van het schooljaar vervalt die plaats.”
“Wij krijgen nu heel wat telefoontjes van mensen die de wanhoop nabij zijn. Zij hopen dat er toch nog ergens een achterpoortje is. Dat gaat niet over 5 mensen, wel over meer dan 300 mensen voor de hele school. Ik kan daar jammer genoeg totaal niks aan doen.”
Sommige verhalen zijn schrijnend, zegt Vandereyken. “Zo hoor je soms dat een van beide ouders moet stoppen met werken om voor het kind te zorgen, wat dan weer voor problemen zorgt voor de rest van het gezin. Want plots komen al die zorgnoden terecht op 1 loon.”
Veel perspectief is er niet, want ondanks alle inspanningen gaat het traag met de uitbreidingen in het Antwerpse onderwijs. “Ook wij willen uitbreiden. We hebben zelfs een locatie op het oog. Maar dat gaat maar over 30 plaatsen, voor kleuter- en lagere school samen, dus dat is een druppel op een hete plaat.”
Bron: VRTnws
by admin | mei 3, 2023 | Onderwijs
Leerkrachten zullen niet langer moeten bewijzen dat de beslissing om een B- of een C-attest te geven terecht is. De bewijslast komt volledig bij de leerlingen en de ouders te liggen als ze het resultaat willen aanvechten. Dat is het gevolg van een decreetswijziging die Vlaams Onderwijsminister Ben Weyts (N-VA) aankondigt. Daarmee kiest Vlaanderen de kant van de leerkracht, zegt Weyts.
De klassenraad moet niet langer bewijzen dat de beslissing terecht is, leerlingen of ouders moeten bewijzen dat de beslissing onterecht is. Komt er toch een juridisch geschil, dan zal de overheid de kosten dragen in plaats van de scholen. Daarvoor wordt een juridisch fonds opgericht, dat ook kan worden ingezet als bijvoorbeeld een leerkracht slachtoffer werd van geweld of pesterijen.
De decreetswijziging voert een vermoeden van deskundigheid in voor de leerkracht, zoals dat nu al bestaat voor onder meer agenten en treinconducteurs. “Het betekent dat de partij die het proces aanspant, het bewijs moet leveren”, zegt minister Weyts.
“De strijd tegen het lerarentekort begint bij meer waardering voor de leerkracht, meer respect en dus ook meer respect voor het oordeel van de leerkrachten. Het is dan ook logisch dat we aan hun kant staan. En dat we hen verdedigen als hun oordeel, of zijzelf, worden aangevallen.”
Jaarlijks trekken gemiddeld tien tot twintig leerlingen naar de Raad van State tegen een B- of C-attest. Daardoor voelen veel scholen zich genoodzaakt om elke beslissing uitvoerig te verantwoorden, stelt de minister.
“Veel leerkrachten hebben nu de reflex om bij alle toetsen en evaluaties goed bij te houden waarom ze een bepaald cijfer geven. Door deze maatregel zullen ze zich minder goed moeten indekken tegen eventuele juridische procedures en zal er meer tijd overblijven voor het lesgeven zelf.”
Bron: VRTnws
by admin | mei 3, 2023 | Onderwijs
Er komt in elke hogeschool en universiteit een centraal register van alle meldingen rond grensoverschrijdend gedrag. Daarover heeft Vlaams minister van Onderwijs Ben Weyts (N-VA) een decreet klaar. Er komt ook een duidelijk statuut voor vertrouwenspersonen voor studenten.
Vorig jaar al raakten Vlaams minister van Onderwijs Ben Weyts, de onderwijsinstellingen en de studentenvertegenwoordigers het eens over een centraal register en de verankering van het statuut van vertrouwenspersoon. Dat kwam er toen onder andere na de “Pano”-reportage over machtsmisbruik aan de Universiteit Gent en de KU Leuven. Vandaag krijgen die maatregelen ook vorm in een decreet.
“We gaan voor een grondige en structurele aanpak, waarbij ministers Demir en Somers ook werk maken van een centraal extern meldpunt”, zegt Weyts. Daarnaast wordt in het decreet vastgelegd dat er voor elke hogeschool en universiteit een centraal register komt van alle meldingen rond grensoverschrijdend gedrag.
Over faculteiten heen, met erkend vertrouwenspersoon
Zo wil de minister van Onderwijs ervoor zorgen dat wanneer een student iets signaleert aan de ombudsdienst van één faculteit, het ook sneller zichtbaar is voor de hele onderwijsinstelling. Door de centrale registratie kunnen bepaalde patronen van grensoverschrijdend gedrag sneller achterhaald worden.
In veel hogescholen en universiteiten zijn al vertrouwenspersonen, maar er was nooit duidelijkheid over cruciale kwesties zoals bijvoorbeeld beroepsgeheim. Door dit decreet krijgt de vertrouwenspersoon een wettelijk statuut.
Centraal meldpunt, maar niet uitwisselbaar tussen universiteiten
Zo’n centraal meldpunt moet het makkelijker maken te communiceren over faculteiten heen, maar beperkt zich wel tot binnen de universiteit. Het meldpunt van KU Leuven is dus niet raadpleegbaar door dat van UGent bijvoorbeeld. Het is dus geen oplossing wanneer bijvoorbeeld een professor na klachten in de ene instelling gaat werken op een andere plek in het hoger onderwijs.
De keuze om dat register niet tussen onderwijsinstellingen te delen kan iets te maken hebben met privacy. Ook kan het meespelen dat de werknemer kans moet krijgen op een eerlijk proces en dus niet mag worden uitgemaakt voor door zijn werkgever.
Maar, een centraal meldpunt over de onderwijsinstellingen heen, kan toch zijn voordelen hebben. Dat toonde een situatie zich bij een professor pedagogie van KU Leuven. De universiteit zou al jarenlang op de hoogte geweest zijn van zijn ongepast gedrag en sinds 2018 had hij een verbod van de KU Leuven om in contact te komen met studenten. Toch kon hij in Nederland nog starten aan de universiteit van Tilburg zonder dat ze daar op de hoogte waren. De man werd ondertussen veroordeeld voor een verkrachting van een studente tijdens een reis naar een congres in Barcelona.
Bron: VRTnws
by admin | mei 3, 2023 | Onderwijs
Het aantal onbetaalde schoolfacturen stijgt in het Gemeenschapsonderwijs. Vorig schooljaar liep het GO 11 miljoen euro mis door ouders die hun factuur niet konden betalen. Het wordt voor scholen steeds moeilijker creatief om te springen met de stijgende kosten. “Het is aan de Vlaamse overheid om met een creatief beleid te komen, zodat het draaglijk blijft”, klinkt het bij het GO!.
n 2018 bedroeg het totale bedrag aan onbetaalde schoolfacturen nog zo’n 8 procent van de omzet, maar vorig jaar is dat bedrag gestegen naar 13 procent. “We zijn erg geschrokken van de serieuze stijging”, zegt topman van het gemeenschapsonderwijs (GO!) Koen Pelleriaux. “Daar komt nog eens bij dat ouders langer wachten met betalen. De gemiddelde betaaltermijn is gestegen van 30 dagen naar 50 dagen.”
De alarmbellen gaan af in het GO!. “De schoolfacturen worden normaal als eerste betaald. Bij een gezin dat de schoolfactuur niet betaalt, is er dus een onderliggend probleem”, gaat Pelleriaux verder. “De scholen doen al jaren hun best om de facturen zo laag mogelijk te houden, maar de context met de digitalisering en commercialisering is erg veranderd.”
Moeilijker voor scholen
Pelleriaux merkt geen verschillen per regio, maar wel een verschil tussen opleidingen. “We weten dat de opleidingen voor vakscholen veel duurder zijn.” Ook Christine Hannes, directeur van de GO! Spectrumschool in Deurne, een vakschool, merkt dat de prijzen stijgen. “Het is heel ironisch dat dit de dure opleidingen zijn, want hier zitten net de meest kwetsbare ouders. De prijzen van hout zijn nog nooit zo hoog geweest: zo wordt een richting onbetaalbaar. Wij proberen dat niet door te rekenen, maar dat is een enorme uitdaging.”
Het uitblijven van de betalingen zorgt ervoor dat het voor scholen minder evident is rond te komen. “Dat en de inflatie maakt dat heel wat scholen creatief moeten omspringen met de kosten. Daarom willen we onze schoolteams overtuigen geen extra kosten te maken”, zegt Pelleriaux.
Meer wafels verkopen om op uitstap te gaan?
10 jaar geleden kwam het GO! al met voorstellen over hoe scholen beter konden omspringen met de kostenbeheersing. Nu willen ze die visie actualiseren. Ze vertrekken daarvoor vanuit preventie: kosten voor ouders vermijden. Ze pleiten onder andere voor een transparantie van de schoolkosten en een garantie op schoolboeken voor iedereen bij de start van het schooljaar. Ook bij schooluitstappen vragen ze scholen creatief om te springen met de kosten.
Een koekenverkoop is vaak zo’n manier om creatief om te springen met de kosten, maar is dat de oplossing? “Nee, het is niet de job van de leerkracht om dat te organiseren. Hoe goed ze dat ook doen, dat mag niet de manier zijn om aan de middelen te komen. Er moet een duurzame oplossing komen.”
Een mogelijkheid die Pelleriaux wel ziet, is om een keuze te maken tussen schoolboeken of laptops. “Heel wat leerkrachten werken ondertussen met laptops, vaak in combinatie met schoolboeken. Misschien wordt het tijd te kiezen voor een van de twee dragers, zo moeten ouders nog maar voor een van beide betalen.”
Scholen kunnen creatief zijn, maar beleid moet volgen
Wafels verkopen, een keuze maken tussen boek of laptop: scholen kunnen creatief denken, maar ook daar staat een limiet op. “Het is aan de beleidsmakers om actie te nemen. We zijn al lang vragende partij voor een maximumfactuur. Als dat niet kan, moeten we overwegen de schooltoelage af te stemmen op de kosten van de richting. Ik denk dan aan een maximumfactuur voor de technische richtingen. Zo worden ze niet langer vermeden door het kostenplaatje.”
Vlaams minister van Onderwijs Ben Weyts (N-VA) was nooit te vinden voor de maximumfactuur, want wil de vrijheid aan de scholen geven. “Ik hoop toch dat hij er nu anders over denkt. Ik snap langs de andere kant ook wel dat zo’n beslissing gepaard gaat met kosten voor de Vlaamse regering en dat ze die middelen niet zomaar beschikbaar hebben.”
Kosteloze, gezonde maaltijden en een vijfjaarlijkse monitoring van de schoolkosten zijn nog andere voorstellen die het GO! doet aan de beleidsmakers om de kosten te drukken.