by admin | dec 1, 2023 | Economie
België heeft de op één na slechtste begroting van de eurozone en moet dringend maatregelen nemen om die op orde te krijgen. Dat zegt de Europese Commissie. Ze voorspelt dat het begrotingstekort nog zal toenemen en vindt dat de Belgische regeringen te weinig vooruitgang maken in het verkleinen van dat tekort. De kans is “waarschijnlijk” dat België volgend jaar ook effectief maatregelen opgelegd krijgt van Europa.
Dat de begroting van ons land er slecht voorstaat, is ondertussen algemeen bekend. Na de Nationale Bank, het Internationaal Monetair Fonds (IMF) tikt nu ook de Europese Commissie onze federale en regionale regeringen op de vingers.
Europa legt op dat het begrotingstekort van de lidstaten maximaal 3 procent van het bruto binnenlands product mag bedragen. Voor België is dat op dit moment 4,9 procent, zegt de Commissie. Volgend jaar blijft het tekort volgens de voorspellingen even groot.
Door de coronacrisis en de oorlog in Oekraïne liet Europa de begrotingsregels tijdelijk los. Die minder strenge houding loopt volgend jaar af: wie niet aan de 3 procent-regel voldoet, kan onder strenger Europees toezicht geplaatst worden.
België volgend jaar onder verstrengd toezicht? “Waarschijnlijk”
De Europese Commissie deelt België in bij de categorie van landen die er het slechtst voor staan. Samen met Kroatië, Finland en Frankrijk loopt ons land het grootste risico om niet in orde te zijn. “België heeft maar een beperkte vooruitgang geboekt om in orde te zijn met de Europese aanbevelingen. De Commissie vraagt aan de Belgische overheden om sneller vooruitgang te boeken”, klinkt het in een rapport.
Valdis Dombrovskis, de vice-voorzitter van de Commissie (zie video hieronder), schat de kans groot dat België volgend jaar ook effectief maatregelen opgelegd zal krijgen. “Ik kan niet op de feiten vooruit lopen, maar het lijkt me waarschijnlijk.”
In juni volgt de definitieve evaluatie van de begrotingen van 2023 van de lidstaten. Wie dan niet in orde is, komt terecht in de zogenoemde “procedure voor buitensporige tekorten”. Ons land staat dan officieel onder nauwlettend toezicht van de Europese Unie. Een op maat gemaakt plan moet België dan helpen om zijn tekort te verkleinen. Als vervolgens binnen de afgesproken periode nog steeds niet aan de eisen voldaan is, kan er zelfs een boete volgen.
Alleen Slovakije doet slechter
Veel beterschap valt er voorlopig niet te verwachten. De Europese Commissie ziet het begrotingstekort van alle Belgische overheden samen nog oplopen, tot 5 procent in 2025. We zijn zo een uitzondering op de regel: in de meeste Europese landen verkleint het begrotingstekort de komende jaren.
De neerwaartse spiraal maakt ons één van de slechtste landen in Europa als het op begroting aankomt. Volgend jaar doet enkel Slovakije het nog slechter, met een tekort van 6,5 procent.
Bertrand wijst naar regio’s en volgende regering
In een eerste reactie zegt federaal staatssecretaris voor Begroting Alexia Bertrand (Open VLD) dat verdere hervormingen broodnodig zijn. Ze kijkt daarvoor niet meer naar de Vivaldi-regering: “Deze regering heeft de eerste stappen in de goede richting gezet om onze overheidsfinanciën terug op het juiste pad te krijgen. De volgende regeringen, op alle beleidsniveaus, zullen moeten hervormen, en moeten daar zelfs een versnelling hoger in schakelen.”
“Het is ook van groot belang dat we na de verkiezingen zo snel mogelijk aan de slag gaan om een regering te vormen. Zo vermijden we grote uitgaven tijdens lange lopende zaken en kunnen we meteen aan de slag om deze grote werven aan te pakken.”
De Europese Commissie kijkt niet enkel naar de begroting van de federale regering. In haar berekening telt ze alle tekorten samen, dus ook die van Vlaanderen, Wallonië en Brussel. Volgens Bertrand ligt daar in de eerste plaats het probleem: “Als federale overheid houden we ons ook aan onze beloftes in het stabiliteitsprogramma, die ons tekort de komende jaren onder de 3 procent moeten brengen. Dat is niet het geval voor alle beleidsniveaus.”
Oppositiepartij N-VA vindt dat staatssecretaris Bertrand de urgentie van het probleem niet inziet. “Je zou toch verwachten dat de regering in actie schiet? Dat de staatssecretaris van begroting haar collega’s op het matje roept? Dat de premier eindelijk inziet hoe diep we in de miserie zitten? Maar neen, niet met Vivaldi. Die doet gewoon niets. Staatssecretaris Bertrand zegt zelfs letterlijk dat er van de regering De Croo niets meer verwacht moet worden”, zegt Sander Loones.
Hetzelfde geluid bij Vlaams Belang. “Met deze dramatische cijfers komt België in aanmerking voor ‘Europees strafbankje’ uitgerekend op het moment van het EU-Voorzitterschap. Wanneer de schijnwerpers op België staan, zal ook gans Europa zien dat premier De Croo feitelijk een keizer zonder kleren is”, zegt Kamerlid Wouter Vermeersch.
Volgend jaar in juni evalueert de Europese Commissie de begrotingen van de lidstaten opnieuw. Met de verkiezingen in aantocht, is de kans onbestaande dat de federale of regionale regeringen nog grote hervormingen doorvoeren die het begrotingstekort op korte termijn fundamenteel zullen doen afnemen.
by admin | dec 1, 2023 | Varia
In Vlaanderen doen slechts vijf langdurig werklozen verplichte gemeenschapsdienst. De Vlaamse regering voerde het omstreden systeem afgelopen zomer in, maar dat blijkt voorlopig geen succes.
In Vlaanderen wonen ongeveer 37. 000 mensen die al langer dan twee jaar zonder werk zitten en een uitkering krijgen. De Vlaamse regering besloot in 2021 om hen te verplichten om gemeenschapsdienst te doen. Het gaat bijvoorbeeld om ondersteuning bij evenementen, de groendienst of in scholen.
Van die grote groep zijn er vandaag maar vijf mensen die effectief gemeenschapsdienst doen. “Dat zijn er veel en veel te weinig”, zegt Vlaams minister van Werk Jo Brouns (CD&V).
“Een handvol”
Brouns had nochtans moeite om het cijfer toe te geven. Eerst zei hij dat het om 80 mensen ging, maar toen Open VLD-parlementslid Maurits Vande Reyde doorvroeg had hij het nog over “een handvol”.
“Ik weet niet of het er drie, vier of vijf zijn”, moest hij het precieze aantal schuldig blijven. Navraag bij zijn woordvoerder leert dat het effectief om vijf mensen gaat.
De Vlaamse regering zette de gemeenschapsdienst nochtans in de markt als een van de belangrijke pijlers om werklozen opnieuw aan het werk te krijgen. Partijen gebruiken het zelfs om aan te tonen dat ze goed beleid voeren.
“In Vlaanderen proberen we de brokken van Vivaldi te lijmen met de jobbonus en de verplichte gemeenschapsdienst”, zegt voorzitter Bart De Wever in een filmpje waarmee hij enkele weken geleden de campagne lanceerde. In de praktijk draaide de invoering van het systeem voorlopig dus op niets uit.
VDAB geen fan van verplichte gemeenschapsdienst
Volgens Vande Reyde ligt dat lage aantal aan de VDAB. “De VDAB doet te weinig moeite om langdurig werklozen naar de gemeenschapsdienst te leiden. Dat is schuldig verzuim”, vindt de liberaal.
“We mogen als samenleving iets in de plaats vragen aan wie 2 jaar lang geen job heeft, een uitkering ontvangt en kan werken. Gemeenschapsdienst is daarvoor het ideale middel.”
VDAB mag uitzonderingen op de verplichte gemeenschapsdienst toestaan. Daar erkennen ze dat ze het niet de beste manier vinden om mensen naar werk te leiden. “Voor ons is het belangrijk dat de langdurig werklozen de stap naar werk zetten.”
“De gemeenschapsdienst heeft strikte voorwaarden, mensen mogen bijvoorbeeld maximaal 64 uur per maand werken. Wij bekijken altijd wat de beste optie is. Er gebeuren bijvoorbeeld veel stages die gelijkaardig zijn aan de gemeenschapsdienst, maar die meer uren omvatten.” legt woordvoerder Joke Van Bommel uit.
Ook Brouns benadrukt dat andere manieren om langdurig werklozen te begeleiden succesvoller zijn: “Er zijn bijvoorbeeld 300 mensen die stage doen bij de lokale besturen”. Hij erkent wel dat de regering moet uitzoeken waarom de gemeenschapsdienst geen succes is: “De evaluatie is voorzien na anderhalf jaar.”
Omstreden systeem
De verplichte gemeenschapsdienst is al jaren onderwerp van discussie. Het idee dateert van de vorige regering. In 2021 kondigde toenmalig minister van Werk Hilde Crevits (CD&V) het systeem uiteindelijk aan, afgelopen juli werd de gemeenschapsdienst effectief ingevoerd.
Een derde van de lokale besturen maakte gemeenschapsdienst tot nu mogelijk in hun gemeente, in totaal zijn zo’n 800 plaatsen voorzien. Werklozen behouden hun uitkering en krijgen een vergoeding van 1,3 euro per uur.
Experts en vakbonden waren al bij aanvang kritisch. “Ik heb het al zo vaak zien gebeuren: men wil meer mensen activeren op de arbeidsmarkt, men zoekt een makkelijke oplossing die op bijval van het electoraat kan rekenen en daarmee is de kous af”, zei professor sociaal beleid Ive Marx (Universiteit Antwerpen) al in 2019.
“De verplichte gemeenschapsdienst legt de nadruk weer op bestraffing. Mensen worden gekoeioneerd omdat ze niet werken. Er is nochtans voldoende wetenschappelijk bewijs dat een puur bestraffende aanpak niet werkt.”
Bron: VRT.nws
by admin | dec 1, 2023 | Antipestteam
Zorgtraiteur Claessens André levert maaltijden aan ouderen die nog thuis wonen. Het familiebedrijf draagt inclusief ondernemen hoog in het vaandel en stelde al twaalf mensen met een arbeidsbeperking tewerk. “Klanten, medewerkers, leveranciers: iedereen staat erachter.”
Van bezorger naar planningsverantwoordelijke
Jens (28) vond na zijn schooltijd moeilijk werk. Hij heeft autisme en zat anderhalf jaar thuis. Tot hij bij Zorgtraiteur Claessens André in Zaventem aanklopte. Hij deed er stage als chauffeur. “Binnen de kortste keren kende hij al de leverrondes als zijn broekzak,” vertelt zaakvoerder André (43). “Het is een erg slimme kerel. Beter dan wie ook zag hij hoe we nieuwe klanten optimaal aan onze rondes konden toevoegen.”
André aarzelde niet om Jens vast in dienst te nemen. Vandaag, vijf jaar later, is Jens naast maaltijdbezorger ook verantwoordelijke van de planning. “Met Jens aan boord zijn we als bedrijf sterker geworden. En voor hem biedt de job ook perspectief. Hij bloeide open.”
Bovendien zorgde Jens ervoor dat de bezorgrondes autismeproof zijn, zegt André. “Al onze rondes zijn elke dag dezelfde. Een chauffeur die de ronde Leuven rijdt, weet bij welke klant hij in welke volgorde moet leveren. Die voorspelbaarheid is fijn voor elke medewerker, niet enkel voor de collega’s met autisme. En de klanten leren onze chauffeurs kennen en weten precies om hoe laat hun maaltijd er zal zijn.”
Gezicht van campagne
Jens en André zijn een van zes duo’s van de campagne ‘Pracht van een werkkracht’ die de tewerkstelling van mensen met een arbeidsbeperking een gezicht wil geven. Eerder dit jaar hervormde Vlaanderen de verschillende loon- en begeleidingspremies voor werkgevers tot een eenvormig systeem onder de noemer ‘individueel maatwerk’.
André vertelt enthousiast over dat inclusief ondernemen. “Het is niet zo belangrijk wat iemand niet kan, wel wat iemand wel kan”, zegt de traiteur. Vandaag werken er in zijn bedrijf zeven mensen met een arbeidsbeperking, op een totaal van 54 werknemers. Nog vijf andere mensen werkten een tijd bij de traiteur en stroomden door naar een opleiding of andere job.
“Mensen verklaren me soms goed zot. Alsof ik een brave ziel ben die maar uitdeelt en intussen geen bal verdient. Dat Trends ons recent uitriep tot de snelstgroeiende KMO van de provincie, bewees mijn gelijk. Inclusief ondernemen is gewoon een kwestie van goede en moderne bedrijfsvoering.”
Het argument dat je mensen met een arbeidsbeperking enkel kansen kan geven in een groot bedrijf, veegt hij meteen van tafel. “Toen we nog maar met z’n tweeën in onze garagebox met een keukentje van zestien vierkante meter aan de slag waren, hebben we al een eerste collega met een arbeidsbeperking aangeworven. ’s Middags aten we samen bij ons thuis.”
Zorgkundige wordt kok
In 2016 zag het bedrijf van André het levenslicht. Voordien werkte hij als zorgkundige. In avondschool jaagde hij zijn grote passie na en behaalde hij zijn koksdiploma, met later nog een specialisatie voor chefs in de gezondheidszorg. Na enkele jaren ervaring als verantwoordelijke voor de keukens van woonzorgcentra, besloot hij om zelfstandige te worden.
“Mijn echtgenote, die aan de slag was als hoofdverpleegkundige in de ouderenzorg, en ik vonden dat er in onze regio iets belangrijk ontbrak om thuis écht te kunnen genieten van je oude dag: lekker eten. Er zat weinig variatie in het aanbod dat aan huis geleverd werd. Vandaag is het pens met rode kool. Lust je dat niet? Pech. Dat kon veel beter, vonden wij.”
Samen met zijn oudste zoon, die net afgestudeerd was als manager en kok, waagde André de sprong. “Ik startte in bijberoep met als droom om ooit 125 ouderen te mogen bedienen. We haalden dat cijfer al na enkele weken en ik zegde ik mijn vaste job op.”
Intussen stapten zijn echtgenote en twee andere zonen ook mee in het familiebedrijf, dat zich niet gewoon als ‘traiteur’, maar als ‘zorgtraiteur’ profileert. “Onze klanten zijn hoofdzakelijk ouderen die nog thuis wonen en waar we dagelijks passeren. Maar er zitten ook actieve senioren bij die het leuk vinden om af en toe konijn te bestellen.”
Zorgdossier voor elke klant
“Vandaag willen mensen graag zo lang mogelijk thuis blijven wonen. Maar veel kinderen en kleinkinderen hebben geen tijd meer voor oma. Dan zijn wij er. Onze chauffeurs doen al eens een babbeltje. Of ze helpen een confituurpot te openen. Belandt een klant in het ziekenhuis, dan sturen we een kaartje. Dat sociale aspect is ook belangrijk.”
André heeft naast het persoonlijk voedingsdossier voor elke klant ook een zorgdossier. “Daarin staan bijvoorbeeld de telefoonnummers van de naasten. Gisteren kwam een chauffeur toe bij een vrouw die gevallen was. We konden snel de familie verwittigen. Onze chauffeur bleef bij haar tot er iemand was. Een collega sprong in en nam de ronde over.”
Bij zo’n zorgzame manier van omgaan met zijn klanten, past volgens André ook de keuze van de medewerkers. “Verschillende van onze bezorgers hebben langs de andere kant gestaan: ze hebben ooit zelf ook zorg gekregen. Ze weten dat het een wereld van verschil maakt als iemand dat tikkeltje meer voor je doet, en die pot confituur voor je opendraait.”
Heel wat chauffeurs zijn jonggepensioneerde flexijobbers. “Ook zij begrijpen de doelgroep veel beter dan een twintigjarige die al zijn vrije tijd in de fitness doorbrengt en geen benul heeft van hoe het voelt om minder mobiel te zijn.”
Creatief zijn
Om zorgzaamheid en betaalbaarheid te combineren, moet je creatief zijn, zegt André. “We automatiseerden een groot stuk van onze bereidingen. Als alle bestellingen binnen zijn, drukken we op een knop en rollen al onze recepten en portioneringen uit de computer.”
Ook brengt André de maaltijden koud rond, waardoor de chauffeurs veel langer onderweg mogen zijn en meer klanten kunnen bedienen in één rit. “Veel van mijn collega’s leveren wel warm. Maar de overgrote meerderheid van de mensen is perfect in staat om een maaltijd op te warmen. Lukt opwarmen niet, dan voorzien we uiteraard wel een warme maaltijd.”
Ondersteuning
Om bedrijven te stimuleren om mensen met een arbeidsbeperking aan te werven, voorziet de overheid met individueel maatwerk premies die extra kosten of eventuele verminderde productiviteit compenseren. “Een goed systeem”, vindt André. “Een voordeel van de vernieuwde regeling is dat er meer begeleiding op langere termijn mogelijk is dan vroeger. Want voor sommige medewerkers blijft dat nodig.”
“Iemand die bijvoorbeeld herstelt van kanker, kan in de eerste periode extra begeleiding nodig hebben. En we moeten misschien investeren in aangepast bureaumateriaal. Maar na verloop van tijd is er eigenlijk geen ondersteuning meer nodig. Dan is het normaal dat de premies eindigen. Maar sommige mensen hebben blijvend nood aan intensieve coaching op de werkvloer, regelmatige gesprekken met een begeleider en zullen ook na enkele jaren nog altijd wat trager werken.”
Maar die premies zijn niet het belangrijkste, benadrukt André. “Als wij warm lopen van een medewerker, zullen we hem niet aan de deur zetten als die premie na een tijd vervalt. Andere bedrijven denken helaas wel zo. Maar ik vind dat je dat niet doet met mensen die een hele weg hebben afgelegd en eindelijk hun plek hebben gevonden.”
Om dit te kunnen waarmaken in je bedrijf moet je volgens André ‘voldoende spons creëren’: de mensen die wat meer zorg nodig hebben omringen door mensen die heel goed zijn in het ontzorgen, coachen en begeleiden van collega’s. “Er werkt hier bijvoorbeeld een jonge gast die geen hoger diploma heeft, maar wel vanaf dag één gemotiveerd zijn job doet. En hij is heel goed in die spons zijn voor andere medewerkers. Zo’n medewerker moet je kansen geven om door te groeien tot leidinggevende.”
Spontane sollicitaties
Zijn aanpak loont, zegt André. “Ik ben ervan overtuigd dat hoe meer je geeft, hoe meer je ook terugkrijgt. In onze sector is het moeilijk om werkkrachten te vinden. Toch komen er hier spontaan mensen solliciteren. Echte kleppers. Chefs die een succesvol restaurant hadden, maar graag iets met maatschappelijke meerwaarde willen doen. Of gepensioneerde CEO’s die nu als flexijobber voor ons willen bezorgen omdat ze geloven in ons verhaal.”
Niet alleen in je organisatie, maar ook daarbuiten moet je vrijgevig zijn, vindt de traiteur. Zo zet hij sinds enkele maanden mee de schouders onder vzw Beter, een organisatie die gratis gevulde brooddozen aanbiedt aan kinderen die er nood aan hebben. “Voor mij zijn zo’n zaken belangrijker dan een dure auto. Gulzigheid is nergens voor nodig.”
De taal van ondernemers
Dat het verhaal van André aanslaat, merk je aan de vele lokale en nationale persaandacht voor de traiteur uit Zaventem. En zijn inmiddels de goed gevulde prijzenkast.
André wordt regelmatig uitgenodigd om voor andere bedrijfsleiders te komen vertellen over inclusief ondernemen. “Ze zijn meestal wel mee met het verhaal maar ze vragen zich af hoe ze moeten beginnen. Die premies van de overheid zijn mooi meegenomen, maar niet voldoende om bedrijven te overtuigen. Het voelt alsof ze voor een klif staan. Ze hebben te weinig tijd en mankracht om het helemaal uit te zoeken. Soms contacteren ze een sociale organisatie, maar die kan dan binnen vier weken eens langskomen voor een gesprek. Dat is natuurlijk niet het tempo van die bedrijfsleiders.”
Enkele bedrijven die André wist te motiveren om mensen met een arbeidsbeperking aan te werven, zijn er vrij snel mee gestopt. “Eigenlijk door domme dingen. Omdat de contactpersoon van de sociale organisatie bijvoorbeeld drie weken op verlof was net toen er een probleem opdook. En een werkgever die net zijn eerste stappen aan het zetten is en een vraag heeft, wil daar meteen antwoord op, niet pas binnen drie weken. Want wat moet je in die tussentijd doen met die werknemer?”
Eigenlijk spreken die sociale partners een andere taal dan ondernemers, zegt André. “Je kan wel het idee hebben dat je de bedrijfsleider begrijpt, maar het is toch een kunst net die juiste snaar te raken. Misschien is het wel een idee om per sector met voorbeeldbedrijven te werken die andere bedrijven kunnen inspireren.”
Samen aan de kar trekken
André wil de bedrijven die niet mee op de inclusieve kar springen niet helemaal uit de wind zetten. “Ik hoor ook veel excuses: ik kan niet doen wat jij doet om die of die reden. Vaak is het flauwekul. Het is ook niet slim, want veel bedrijven kampen met een enorm personeelstekort.”
“Neem een kennis met een groot bedrijf in verwarming en sanitair. Hij klaagt dat hij geen gediplomeerde loodgieters vindt. Logisch: de vijftig loodgieters die hij in dienst heeft, stuurt hij telkens met twee de baan op, want dat is hoe hij het altijd al gedaan heeft. Bijna zoals in een film van Laurel en Hardy houdt één collega de ladder vast voor de andere.”
“Splits die taken toch op! Het heeft geen zin om een gediplomeerde loodgieter een rol van assistent te laten vervullen, als een persoon met een arbeidsbeperking dat even goed kan en het misschien met meer enthousiasme zal doen.”
“Niet mee evolueren met de omstandigheden en met de tijd is jezelf de duvel aandoen. Misschien niet op korte termijn, maar zeker op lange termijn”, vindt André. “Ik blijf het zeggen: inclusief ondernemen is gewoon een kwestie van moderne bedrijfsvoering. Klanten, medewerkers, leveranciers: iedereen staat erachter. Wij staan al verder dan mijn vrouw en ik ooit hadden durven dromen. In plaats van alleen aan die kar van onze ondernemersdroom te trekken, helpt iedereen mee.”
Bron: Sociaal.net
by admin | dec 1, 2023 | Verkiezingen 2024
De overwinning van Wilders is het gevolg van 13 jaar Mark Rutte als premier, waarin de betrouwbaarheid van de overheid ondergeschikt stond aan het voortduren van zijn politieke leven.
Op 22 november ging Nederland naar de stembus voor vervroegde Tweede Kamerverkiezingen met een uitslag die u vast niet is ontgaan: de extreemrechtse PVV van Geert Wilders werd de grootste met 24% van de stemmen. Bijna een op vier Nederlanders stemde op deze partij wiens leider riep dat hij zal zorgen voor ‘minder Marokkanen’, de islam het liefst kwijt is, het klimaatbeleid wil schrappen en vluchtelingen de schuld geeft van alle problemen in het land. De conservatief-liberale VVD verloor na 13 jaar haar titel als grootste partij van het land. De nieuwe partij van de ‘messias’ Pieter Omtzigt scoorde lager dan verwacht. Het rood-groene kartel van GroenLinks-PvdA kon kiezers onvoldoende verenigen en werd – ondanks 8 zetels winst – met afstand tweede.
Op het eerste oog lijkt dit resultaat verrassend. De campagne lang werd gedomineerd door drie andere partijen aan de top. Maar wie even uitzoomt en terugkijkt naar de afgelopen paar jaren in de Nederlandse politiek, moet allerminst verbaasd zijn. Er is een grote groep kiezers ontstaan, een boze rechtse wolk, die jarenlang op zoek was naar een thuis en dat op het allerlaatste moment vond bij Wilders. Deze wolk is ontstaan uit ongenoegen over 13 jaar Mark Rutte als premier, waarin de betrouwbaarheid van de overheid ondergeschikt stond aan het voortduren van zijn politieke leven. Deze wolk is verworden tot een storm door een idiote strategie van andere partijen. En de grote vraag is voor hoelang Wilders overeind zal staan als zegevierder in deze storm of dat complete politieke instabiliteit binnenkort als triomfant resteert.
DE BOZE RECHTSE WOLK
Laten we de tijd terugdraaien naar 2020. De wereld had te kampen met de coronapandemie en zo ging Nederland herhaaldelijk van ‘slimme’ lockdown tot bijna complete lockdown naar ‘lichte’ lockdown om de cirkel weer opnieuw te beginnen. Dit jojobeleid leidde tot sociale onvrede en toen er een avondklok werd afgekondigd, ontstonden er rellen. Deze onrust ging gepaard met het ‘Toeslagenschandaal’. Maar liefst 26.000 huishoudens waren ten onrechte verdacht van fraude met sociale toeslagen. Ze moesten grote boetes betalen met schulden, huisuitzettingen, scheidingen en in soms zelfs zelfmoord ten gevolg. De overheid wist hiervan, maar liet onschuldige mensen bewust creperen onder het mom van ‘streng fraudebeleid’.
De regering-Rutte III kwam door dit schandaal in januari 2021 ten val. Toenmalig christendemocratisch CDA-Kamerlid Pieter Omtzigt speelde hierin een cruciale rol. Omtzigt onderzocht het ‘Toeslagenschandaal’ en weigerde de regering-Rutte III waartoe zijn partij behoorde te steunen als er een motie van wantrouwen zou komen. Rutte deed een vlucht vooruit en bood zelf het ontslag van zijn derde regering aan. Toch koos Rutte ervoor om zich weinig aan te trekken van het schandaal en bleef aan als VVD-leider voor de Tweede Kamerverkiezingen die later datzelfde jaar volgden.
Hoewel Ruttes VVD de grootste bleef, was toen al te zien in opinieonderzoeken hoe het vertrouwen in de politiek daalde. Dit verergerde door een nieuw schandaal vlak na de verkiezingen van 2021. In een gelekt document uit gesprekken met Rutte stond dat Omtzigt een ‘functie elders’ moest krijgen. Een grote politieke controverse ontstond waarin Rutte ervan werd beschuldigd Omtzigt te willen ‘wegpromoveren’ zodat hij geen bedreiging was voor de stabiliteit van een nieuwe regering. Een motie van wantrouwen volgde die Rutte in de holst van de nacht ternauwernood overleefde.
Rutte bleef en na maandenlang gesteggel vormden dezelfde vier partijen uit de regering-Rutte III de nieuwe regering-Rutte IV. Om zich als premier te rehabiliteren accepteerde Rutte grote concessies aan de sociaal-liberale D66. De populariteit van Rutte stortte in naar 20%. Mensen konden niet begrijpen hoe een premier met zoveel schandalen alsnog aan kon blijven. Intussen dook in de peilingen D66 naar beneden omdat ze er niet in slaagden het beloofde ‘nieuw leiderschap’ waar te maken. Omtzigt voelde zich verraden, verliet het CDA en liet de partij gebroken achter. En het vertrouwen in de politiek smolt als sneeuw voor de zon.
Een boze wolk van rechtse kiezers groeide, die klaar was met dit soort cynische politiek. In maart 2023 vertaalde deze woede zich tot een overwinning voor de Boer Burger Beweging (BBB) bij de provinciale verkiezingen met maar liefst 19% van de stemmen. Deze partij zakte weg naarmate stikstof – waarop BBB zich profileert – minder belangrijk werd en er een nieuw alternatief voor de boze wolk opkwam: de in augustus opgerichte partij Nieuw Sociaal Contract (NSC) van Omtzigt. Hoewel NSC aanvankelijk aan kop ging in de peilingen zakte deze partij ook weer in naargelang Omtzigt onduidelijk bleef of hij premier wilde worden en over zijn voorkeur voor regeringscoalities.
Intussen had VVD de regering-Rutte IV laten vallen over migratie. 5.000 vluchtelingenkinderen laten herenigen met familie in Nederland was de partij te veel. VVD prefereerde nieuwe verkiezingen met migratie als boventoon. Met minister van Justitie, Dilan Yesilgöz, als nieuwe partijleider werden immigranten de zondebok voor alles wat er onder Rutte is misgegaan, van het tekort aan woningen tot onveiligheid. Yesilgöz opende zelfs de deur naar PVV om met hen een volgende regering te vormen, terwijl Rutte deze een decennialang dicht had gehouden.
Terugkijkend is het onmogelijk nog verbaasd te zijn over de groei van PVV. De campagne ging constant over immigratie. Doordat VVD openstond voor regeren met PVV, kon Wilders zich voordoen als ‘milder’ dan hij voorheen was. Een stem op Wilders was niet langer een weggegooide stem. De goede debatoptredens van Wilders en de zwakte van BBB en NSC, duwden de grote boze rechtse wolk naar PVV. Voeg daarbij de draai van VVD vlak voor de verkiezingen dat de partij toch niet met PVV wil besturen indien die de grootste zou worden. En je hebt het recept om PVV met maar liefst 24% van de stemmen de grootste partij van Nederland te maken, zoals gebeurde op 22 november.
CENTRUMRECHTS ONDER DRUK
Het is weinig mensen opgevallen. Maar de verkiezingen van vorige week zijn de allereerste ooit in de Nederlandse geschiedenis zonder een centrumrechtse partij in de top twee. VVD staat op drie, CDA is geïmplodeerd naar een handvol zetels en NSC is het bij lange na niet gelukt om de ‘renaissance van het politieke midden’ – zoals in bepaalde Vlaamse media te lezen was – voldoende in te lassen. Nu PVV zo groot is geworden en moeilijk te negeren valt, zit het Nederlandse centrumrechtse blok met een groot dilemma: wel of niet regeren met Wilders? En zo ja, hoe?
PVV is geen normale partij. Er is geen partijstructuur. Er zijn geen congressen. Er zijn zelfs geen partijleden, behalve één: Geert Wilders zelf. Hij beslist alles en het is aan de gekozen PVV-politici om zich naar zijn wil te schikken. Oneens? Dan heeft men slechts één optie en dat is de partij verlaten. Dit kalenderjaar alleen hebben twee PVV-Kamerleden bekendgemaakt niet langer bij Wilders’ eenmanszaak te willen blijven en splitste de in maart verkozen provinciale PVV-fractie in Utrecht zich af. Nu de partij onverwachts 37 zetels binnen gehengeld heeft, is de vraag in hoeverre Wilders zonder enige partijstructuur en tegenspraak al die mensen, onder wie velen zonder politieke ervaring, bij elkaar kan houden.
Veel NSC’ers hebben een verleden in CDA, een partij getraumatiseerd door de minderheidsregering-Rutte I (2010-12) dat gedoogd werd door Wilders PVV. Het was deze samenwerking die CDA uit elkaar speelde en grotendeels de partij de nek omdraaide. Om die reden klonk Omtzigt uiterst sceptisch tegenover een mogelijke coalitie met PVV. Grondreden is de ‘ongrondwettelijkheid’ van de partij. Wilders wil Korans verbieden, moskeeën sluiten, hoofddoeken weren uit overheidsgebouwen. Ook hoe hij geen tegenspraak duldt binnen zijn partij stoot veel NSC’ers tegen het zere been. Een bijkomend probleem is dat maar liefst vier op de tien NSC-kiezers afkomstig zijn van linkse partijen. Enthousiast met PVV in zee gaan kan niet alleen de nieuwe NSC-fractie van 20 Kamerleden, net zoals het CDA een decennium geleden, uiteen laten vallen, maar ook diens electoraat.
Voor VVD is de verkiezingsuitslag een horrorscenario. De partij moet kiezen tussen pest en cholera. Leden zijn het niet eens wat te doen. Voor het eerst in jaren zien we VVD’ers die aan de lopende band de partijleiding bekritiseren. Aan de ene kant is de keuze om Frans Timmermans van GroenLinks-PvdA premier te maken samen met D66 en NSC in een meerderheid. Dit zou echter de VVD om zeep kunnen helpen, die juist de afgelopen tijd heeft geprobeerd haar rechtse imago bij te schroeven na een reeks regeringen in het midden. Aan de andere kant is de keuze om wel over rechts met PVV, NSC en BBB een meerderheid te vormen. VVD kan dan weliswaar haar belofte inlassen van een streng migratiebeleid. Maar het risico is dat de partij als junior partner het onderspit zal delven in een politiek debat dat zal worden gedomineerd tussen PVV en een oppositie van GroenLinks-PvdA en D66. Dit zien we ook in Italië en Zweden waar centrumrechts nauwelijks meer uit de verf komt. Een ander risico is dat VVD mede slachtoffer wordt van eventuele bestuurlijke chaos als Wilders en Omtzigt hun fracties niet bij elkaar kunnen houden.
Belangrijk is om te onthouden dat er naast de Tweede Kamer ook een Senaat is waar de meerderheid anders ligt. PVV, VVD, NSC en BBB hebben in de Tweede Kamer een comfortabele meerderheid. In de Senaat hebben de partijen echter CDA nodig, die tot nu toe strikt elke vorm van samenwerking met de PVV uitsluit. Dus als een rechtse coalitie zich laat vormen, is het uiterst onzeker of de Senaat haar beleid goed zal keuren.
QUO VADIS LINKS?
Het linkse deel van de Nederlandse politiek is nu kleiner dan het decennialang geweest is. Alleen het kartel GroenLinks-PvdA heeft wat zetels kunnen winnen en is nu de tweede partij, al kwam dat door een last-minute strategische stem om een heel rechts kabinet met PVV te voorkomen. Maar dit compenseert bijlange na niet de verliezen van D66, Partij voor de Dieren, Volt, SP, ChristenUnie en BIJ1. Exit polls laten zien dat linkse kiezers zijn overgelopen naar Omtzigt, die sinds het ‘Toeslagenschandaal’ als een betere beschermheer van de sociale zekerheid wordt gezien, of zijn thuisgebleven.
GroenLinks-PvdA als enige grote linkse partij heeft nu een grote verantwoordelijkheid om krachtig oppositie te voeren tegen mogelijk het meest rechtse kabinet in Nederland sinds de Tweede Wereldoorlog. Hier ligt tevens de ironie. Als GroenLinks-PvdA de grootste was geworden en een regering mochten vormen met pijnlijke compromissen, had de samenwerking tussen de partijen ernstig onder druk kunnen staan. Nu het rood-groene kartel de tweede partij is met extreemrechts als grote tegenstander wordt het verdiepen van deze samenwerking (wellicht een volledige fusie) als existentieel belang gezien en wordt de interne sociale cohesie versterkt.
Waarover GroenLinks-PvdA de komende tijd moet nadenken, is of Timmermans dit kartel in de toekomst nog kan leiden. Voor kiezers in het midden en rechts is Timmermans afstotend. Maandenlang sudderden controverses rondom zijn rijkdom en wachtgeld van Europa door. Timmermans wordt gezien door veel kiezers als een elitaire man die het gewone volk niet kent en alleen de Europese Commissie verliet om premier te worden. Tevens heeft Timmermans na vele jaren in Brussel een slechte binding met zijn eigen linkse achterban. Tijdens de campagne kreeg Timmermans veel kritiek van binnenuit omdat hij zich te snel uitsprak in steun van Israël na de aanslagen van 7 oktober, zonder oog te hebben voor het Palestijnse leed. Ook werd hem verweten dat hij te veel probeerde linkse standpunten te matigen, om tijdens de campagne al Omtzigt proberen over te halen met linkse partijen te regeren.
PERIODE VAN POLITIEKE INSTABILITEIT
Wat de weg vooruit is voor de Nederlandse politiek, is ongewis. De verkiezingen van 22 november waren geen eindpunt, maar een katalysator van politieke instabiliteit. Met onstabiele partijen in de leiding, een VVD onder zware druk, een innigere linkse blokvorming en ingewikkelde verhoudingen in de Senaat is het allerminst zeker of er uiteindelijk een regering gevormd kan worden. En als dat toch gebeurt, is de kans groot dat het een uitermate fragiele regering is die snel kan vallen. Het zal dus waarschijnlijk niet lang duren voor u weer iets zal lezen over nieuwe verkiezingen in Nederland.
Bron: Sampol
by admin | dec 1, 2023 | Verkiezingen 2024
PVV van Geert Wilders wint de verkiezingen in Nederland. Staat dit ons ook te wachten in 2024?
Nederland sluit zich aan bij een groeiende lijst landen waar extreemrechts de traditionele rechtse partijen overvleugelt. PVV behaalt 37 zetels in de Tweede Kamer en is daarmee de onbetwiste winnaar van de Nederlandse verkiezingen. De partij draait al lang mee, zoals Vlaams Belang bij ons. In 2010 was PVV al eens de grootste, in 2004 gold dat voor Vlaams Belang. Laat ons hopen dat dit scenario zich hier niet herhaalt. Daarom enkele lessen.
1. VLAAMS BELANG EN N-VA
Ten eerste horen kiezers juist geïnformeerd te worden. Vlaams Belang? Geloof ze niet! Vlaams Belang heeft overduidelijk géén sociale agenda. Ze doen wel graag alsof, maar geloof ze alsjeblieft niet. Kijk naar hun Europees stemgedrag rond het minimumloon. Of het beleid van extreemrechts in Italië en Finland. Het is aan opiniemakers en academici om hier non-stop op te wijzen.
Vlaams Belang is geen partij als alle andere. We zien hoe Geert Wilders een mildere toon aanslaat (‘Milders’). Maar Wilders blijft Wilders, daar doen zijn gematigde electorale verkooppraatjes niets aan af. Het cordon sanitaire blijft nodig ter bescherming van onze democratie en rechtsstaat. Publiekelijk verklaren dat een samenwerking met deze partijen mogelijk zou kunnen zijn, is uit den boze.
Voorheen bestond er een soort cordon sanitaire rond PVV, waarbij VVD onder geen beding met Wilders wilde samenwerken. En toen ging het fout met VVD. Kersvers VVD-leider, Dilan Yesilgöz, gaf aan dat samenwerking bespreekbaar is. Die koerswijziging gaf Wilders electorale vleugels. In België spreekt minister-president Jan Jambon (N-VA) over ‘verschuivingen in de goede richting’ bij Vlaams Belang en zet daarmee de deur op een kier voor samenwerking in 2024.
Door Vlaams Belang verder salonfähig te maken, draagt men bij aan de perceptie bij kiezers dat het een legitieme politieke optie is. De recente uitlatingen van Jan Jambon in De Zevende Dag kunnen dan ook worden beschouwd als een strategische blunder. Lichten ze net een tipje van de sluier over de ware intenties van N-VA? Hopelijk houdt de zogenaamde Chinese muur tegen een potentiële ‘samen een meerderheid’-coalitie stand. We vragen alle democratische partijen om dat te (her)bevestigen. Het cordon sanitaire blijft nodig.
2. SOCIALE AGENDA
Ten tweede, de sociale agenda moet op het voorplan. De zorgen van de mensen om het einde van de maand te halen. De bezorgdheid voor een duurzame toekomst. De focus moet liggen op sociaaleconomische thema’s. Diverse onderzoeken tonen aan dat extreemrechts kapitaliseert op economische onzekerheid.
Afkalvende koopkracht leidt tot frustratie bij de bevolking. Te lage pensioenen, ontoereikende sociale bescherming en gezondheidszorg, falende onderwijs- en kinderopvangsystemen, lonen die niet in verhouding staan tot de stijgende levenskosten, enzovoort. Dit alles versterkt de lokroep van de proteststem.
Gelukkig beschikt ons land over een systeem van automatische indexering van lonen en uitkeringen dat de bevolking enigszins beschermt in economisch turbulente tijden, zoals tijdens de energiecrisis, de oorlog in Oekraïne en de coronacrisis. De lonen moeten opnieuw kunnen stijgen en het minimumloon moet omhoog.
3. VERTROUWEN EN BELEID
Ten derde is het cruciaal om een degelijk beleid te voeren en vertrouwen binnen de regering te waarborgen. Luisteren, leren en proactief reageren op de behoeften en zorgen van de gemeenschap is essentieel. Open dialoog, duurzame oplossingen voor sociaaleconomische problemen en dienstbaarheid op lokaal niveau kunnen de opkomst van extremisme tegengaan. Ze kunnen een meer inclusieve en veerkrachtige samenleving opbouwen.
Daarom is het zo belangrijk dat links sterker uit de verkiezingen komt en dat progressieve partijen (en het middenveld) de krachten bundelen. Ook dat kan een les zijn uit Nederland: socialisten en groenen samen zijn er wél op vooruitgegaan: 1+1=3.
De Vivaldi-coalitie kende momenten van moeizame samenwerking. Dit leidt tot gemor bij de bevolking. De spektakeldemocratie draagt bij aan de groei van de rechterzijde. In dezelfde lijn is het belangrijk om te voorkomen dat een regering valt door een twistpunt zoals migratie.
Dit zagen we in 2018 met de regering-Michel en de controverse rond het Marrakeshpact, en ook bij de regering-Rutte IV, waar onenigheid over het asielbeleid instabiliteit bracht. Het is essentieel om extreemrechts niet na te apen, noch in woorden, noch in waarden, noch in ideeën. Het origineel is altijd aantrekkelijker dan de kopie.
4. BEGROTING
En last but not least, ten vierde: we staan voor een immense herverdelingsopdracht. De klimaatuitdaging zal massieve investeringen vergen. Daarom is een terugkeer naar de soberheidspolitiekuit den boze en moet het Europese begrotingskader worden herzien. Een voluntaristisch beleid is nodig om de grote vervuilers te doen betalen en de grote vermogens aan te spreken.
Recent ontsnapte België nog nipt aan Europese sancties vanwege onze zorgwekkende begrotingscijfers. Die rekening mag niet worden betaald door de gewone burger. Blindelings besparen en privatiseren, zal de maatschappelijke ontreddering alleen maar doen toenemen. De discussie moet gaan over meer zuurstof voor pensioenen, gezondheidszorg, sociale zekerheid en de budgetten van regionale en lokale overheden. Het is cruciaal om te onderzoeken of er alternatieve financieringsbronnen zijn.
De lessen uit Nederland tonen de urgentie van een sterk front dat vasthoudt aan het cordon sanitaire tegen extreemrechts en zich focust op een sociale agenda, gericht op de economische zorgen van de bevolking. Samenwerken is essentieel, net als vertrouwen opbouwen door effectief beleid, en politici die hun verantwoordelijkheid opnemen zonder de lasten op de gewone burger af te wentelen. Eenheid en daadkracht zijn het beste medicijn tegen de extreemrechtse dreiging.
Bron: Sampol