De toekomst van werk: van hiërarchie naar democratie

De toekomst van werk: van hiërarchie naar democratie

De Duitse filosofe Lisa Herzog (°1983) zet in haar boek ‘De toekomst van werk. Van Hiërarchie naar democratie’ uiteen waarom arbeid democratischer georganiseerd moet worden. “Deze analyse van Herzog snijdt hout, maar de door haar en vele andere auteurs voorgestelde veranderingen zullen pas doorgevoerd kunnen worden na een grondige systeemwijziging.”

In het voorwoord bij de Nederlandse uitgave De toekomst van werk. Van hiërarchie naar democratie benadrukt filosofe Lisa Herzog dat het onderwerp ‘democratische arbeid’ de voorbije jaren nóg belangrijker geworden is. De coronacrisis met het bijbehorende thuiswerken heeft de arbeidswereld overhoop gehaald. De jongere generatie eist een andere work-life-balans, de impact van AI op de werkvloer wordt voelbaar, enzovoorts.

De veranderingen zijn er, de vraag is hoe we die kunnen aansturen en welke risico’s er op ons afkomen. Haar overtuiging blijkt uit de oorspronkelijke Duitse titel Die Rettung der Arbeit: werk moet gered worden.

Misvattingen over werk

Het boek opent met een aantal hedendaagse visies en legt uit waarom die verkeerd zijn. Werk moet niet gezien worden als iets negatiefs dat we zoveel mogelijk moeten vermijden, maar evenmin als hét middel tot zelfrealisatie.

We hebben uit het oog verloren dat het onderdeel uitmaakt van het mens-zijn: het sociale karakter van arbeid verdient opnieuw de volle aandacht, samen met het verantwoordelijkheidsgevoel, zowel collectief als individueel.

Daarmee doorprikt Herzog de mythe van de individuele ondernemers die hun succes op eigen houtje gerealiseerd zouden hebben. In realiteit berust dat succes altijd op arbeidsdeling binnen complexe sociale systemen in combinatie met politiek gestuurde beslissingen.

Vaak genoeg komt daar misbruik en uitbuiting aan te pas. De commercialisering zorgt tegenwoordig voor monopolisering, met als gevolg dat de zogenaamde ‘vrije’ markt nog minder vrij wordt. Bovendien wordt dat zorgvuldig gecamoufleerd, vandaar Herzogs pleidooi om de figuur van de klokkenluider naast die van de ondernemer te plaatsen.

De voorbeelden die ze aanhaalt, komen merkwaardig genoeg nauwelijks uit het bedrijfsleven en handelen over individuele klokkenluiders zoals Julian Assange en Bradley Manning.

In de lijn van haar overtuiging had ze hier beter een aantal paragrafen gewijd aan de journalistenplatforms die vaak maandenlang samenwerken om een kritisch dossier naar buiten te brengen. Zo staan hun dossiers over internationaal georganiseerde belastingontduiking haaks op de nog steeds geprezen meritocratie, het ‘loon naar werken’.

Het is een illusie te denken dat de markt zichzelf spontaan reguleert. Een belangrijke opdracht voor politiek en overheid is het organiseren van de alsmaar meer digitaal wordende arbeidsmarkt. Een systeem kan een eigen dynamiek ontwikkelen, maar dergelijke dynamieken zijn een stuk complexer dan de metafoor van ‘de onzichtbare hand’ laat uitschijnen.

Zoals bekend gaat dit idee terug op Adam Smith1: vrije markten zouden ‘zelfregulerend’ zijn. Tegenwoordig zijn er heel wat handen actief aan het werk, zichtbare en onzichtbare, wat dan weer het belang van klokkenluiders aantoont.

Macht en aansprakelijkheid

Een ‘vrije’ markt kon en kan alleen maar functioneren dankzij een politiek aangestuurde regulering. Zodra je dat doorhebt, rijzen er onmiddellijk belangrijke vragen: wie wordt door de regulering bevoordeeld, waar ligt de beslissingsmacht?

Herzog legt de vinger op de wonde: de scheefgetrokken machtsverhouding tussen politiek en economie. In een democratisch bestel moet de politiek de macht bezitten om het kader voor de economie te bepalen. Maar in het huidige bestel zijn het economische machten die de politiek in hun greep hebben, met als meest recente voorbeeld Elon Musk.

De duidelijkste illustraties zijn de internationale rulings (transnationale wetgevingen om handelsgeschillen op te lossen in het voordeel van de multinationals) en de nationale fiscale regelgevingen waarbij natiestaten elkaar beconcurreren om multinationals nog hogere subsidies te geven en nog lagere belastingen aan te rekenen.

Dit gebeurt ten koste van de burgers, die zich terecht in de steek gelaten voelen, als gevolg daarvan extreem gaan stemmen en vervolgens het verwijt krijgen dat ze hun stem aan niet-democratische partijen geven.

Herzog somt de maatregelen op die politici al lang hadden moeten nemen: een Tobin-taks (belasting op financiële transacties), het aan banden leggen van aandelenspeculaties op korte termijn, het immorele bonussensysteem aanpakken, enzovoort.

Origineel is de nadruk die de auteur legt op de noodzaak aan veranderingen binnen de bedrijven zelf, waarbij ze vooral de hiërarchische organisatie op het oog heeft, samen met de interne machtsverhoudingen.

Ze legt het accent op de noodzaak om arbeid ‘van binnenuit te democratiseren’. De vele meldingen van ‘toxisch leiderschap’ getuigen van deze noodzaak.

Verantwoordelijkheid zonder macht is altijd al een ziekmakende combinatie geweest. Uw en mijn individuele verantwoordelijkheid zijn groter geworden, samen met de controle en de kans op bestraffing.

Bij arbeid heeft de verregaande complexiteit van het productieproces de verantwoordelijkheid over heel veel medewerkers verdeeld, met als gevolg een onduidelijke eindverantwoordelijkheid en eindeloos gekibbel in geval van calamiteiten.

Wanneer men een bedrijf of een multinational juridisch op het matje roept, bijvoorbeeld voor milieuverontreiniging, dan is de kans op een veroordeling uiterst klein. De schuldigen ontlopen hun verantwoordelijkheid, voornamelijk op grond van allerlei anonieme bedrijfsconstructies die dankzij politieke beslissingen het statuut van ‘rechtspersoonlijkheid’ gekregen hebben.

Zeer betekenisvol is de nooit ontbrekende toevoeging ‘met beperkte aansprakelijkheid’, waardoor individuen buiten schot blijven. Gewone werknemers en kleine middenstanders hebben dat privilege niet.

Dit is een overtuigend voorbeeld van een helaas ondemocratische politieke aansturing van de ‘vrije’ markt. Mocht die écht vrij zijn, dan zou iedereen aansprakelijk blijven voor eigen successen en mislukkingen.

Het laatste mondiale voorbeeld betreft de financiële crisis van 2008 waarbij veel burgers zware verliezen leden, terwijl de instellingen en de roekeloze speculanten die de crisis veroorzaakt hadden, vaak nóg rijker werden.

Deliberatieve mini publics

Naast haar terechte kritische bedenkingen houdt Herzog ook een sterk en positief pleidooi om de arbeidswereld te hervormen naar een open, participatieve gemeenschap waarin democratische besluitvormingsprocessen een belangrijke rol spelen. Ze is ervan overtuigd dat de digitale transformatie hiervoor de nodige kansen biedt.

Argumenten voor de noodzakelijkheid van deze hervorming vindt ze onder meer in de nadelen van hiërarchische structuren (waarbij ze tegelijk aangeeft dat ook arbeidsorganisaties niet helemaal zonder hiërarchie kunnen).

Een eerste nadeel is het verlies aan motivatie vanwege het autonomieverlies en de voortdurende controles. Andere zwaktes van dergelijke organisaties zijn het corrumperende effect van macht en de bijbehorende onwil of zelfs onmogelijkheid voor ‘hogeren’ om te luisteren naar het advies van ‘lageren’.

Daarbij komt dat de hogere echelons nauwelijks een idee hebben wat er daadwerkelijk op de werkvloer gebeurt, waardoor hun beslissingen vaak naast de kwestie zijn.

In de visie van Herzog kunnen beslissingen veel beter op een andere manier genomen worden. Wie ietwat op de hoogte is van hedendaagse politiek-filosofische denkbeelden over democratie zal haar voorstel onmiddellijk herkennen.

Ze houdt een pleidooi voor ‘deliberatieve mini publics’, waarvoor ze de mosterd haalt bij wat in de politieke filosofie benoemd wordt als deliberatieve democratie of burgerberaden. Als we de democratie nieuw bloed willen geven, dan zal dit mijns inziens langs deze weg moeten gebeuren. Het verwondert mij niet dat Herzog dezelfde methode aanprijst voor een hervorming in het bedrijfsleven zelf.

De methode zelf legt ze in haar boek nauwelijks uit, enige toelichting had wel geholpen. Op politiek vlak houdt dit in dat een groep representatieve burgers (representatief op grond van loting) zich buigt over een aantal concrete problemen, nadat ze voorafgaand grondig en objectief geïnformeerd werden.

In onderling overleg kunnen ze bijkomende informatie opvragen tot het punt waarop ze zichzelf voldoende onderlegd achten en dus besluiten kunnen formuleren die nadien ook uitgevoerd worden. De ervaring wijst uit dat hun adviezen meestal heel concreet zijn en altijd gericht op het algemeen belang op langere termijn.

Er is ondertussen meer dan voldoende empirisch bewijs dat de meerwaarde van dit model aantoont, net zoals er voldoende bewijs voor is dat wij al geruime tijd in een particratie leven waar de stem van de burgers er nog nauwelijks toe doet.

Wat ondertussen ook duidelijk blijkt, is dat mislukkingen van burgerberaden altijd te maken hebben met het niet correct doorvoeren ervan – lees Eva Rovers’ boek Nu is het aan ons. Oproep tot echte democratie voor een bruikbare toelichting.

De weerspiegeling van dit model in het bedrijfsleven is eenvoudig: problemen die iedereen aangaan worden voorgelegd aan een kleinere, representatieve groep werknemers, die grondig geïnformeerd worden. Voor de organisatie van dergelijke deliberatieve mini publics zijn er ondertussen bruikbare digitale hulpmiddelen ontwikkeld.

Na overleg en eventuele bijkomende informatie komt de groep tot een voorstel van aanpak. Ook hier blijken dergelijke voorstellingen rekening te houden met het algemeen belang op lange termijn. Een pluspunt is dat dergelijke voorstellen, ook als ze pijnlijk zijn, makkelijker aanvaard en uitgevoerd worden, simpelweg omdat ze een grotere draagkracht hebben.

Een belangrijk argument voor deze democratisering is dat daarmee de nadelige effecten van een hiërarchie ondervangen worden en de positieve behouden blijven (denk aan snelheid en efficiëntie). De vergelijking met de klassieke coöperaties ligt voor de hand, zij het dat dit model toepasbaar is bij grotere en complexere bedrijven.

Herzog stelt zich wel de vraag hoe je dit kunt doorvoeren in beursgenoteerde bedrijven waar anonieme aandeelhouders het laatste woord hebben. Een quasi terloops gemaakte opmerking slaat de nagel op de kop: “Aan de andere kant is het simpelweg een kwestie van macht: de elites die op dit moment aan de top van de economische hiërarchieën staan, zullen hun positie niet zonder slag of stoot opgeven”. Juist.

Verandering komt er pas na een crisis

Het slothoofdstuk van De toekomst van werk sluit regelrecht aan bij denkbeelden die ik zelf al jarenlang uitwerk: het probleem zit hem in het mensbeeld dat de gevestigde macht ons al vier decennia lang oplegt, zodat we het zelf zijn gaan geloven.

“In verschillende mensbeelden gaan verschillende antwoorden schuil op de vraag wat een goed leven uitmaakt en wie daar recht op heeft.” Tegenwoordig is dat de ‘homo economicus’, de mens die enkel uit is op het eigen voordeel, in voortdurende concurrentie met anderen die alleen al daarom niet te vertrouwen zijn.

De oplossingen die Herzog voorstelt, gaan voorbij aan de vaststelling die ze nochtans zelf doet. Ja, democratisch verkozen vertegenwoordigers kunnen de randvoorwaarden scheppen om te experimenteren met nieuwe organisatievormen. Ja, politieke sturing kan arbeid en kapitaal op een rechtvaardige manier belasten en het belastinggeld gebruiken in functie van het algemeen belang. Ja, de nieuwe digitale mogelijkheden zijn daarbij bruikbaar. Maar: die oplossingen worden pas mogelijk na een ingrijpende verschuiving in de macht.

Hierbij vergeet Herzog wat de geschiedenis leert: historisch gezien leidt langdurige ongelijkheid tot sociale opstand, met in het ideale scenario democratische aanpassingen als gevolg. De veranderingen die zij bepleit, zullen er niet zonder weerstand komen.

Ik zie de aanpassingen niet gebeuren op grond van democratische beslissingen, en wel om twee redenen. Enerzijds omdat de huidige politiek aangestuurd wordt door een beursgenoteerde economie en dus door het kapitaal. Anderzijds omdat de maatschappij uit een verzameling individuen bestaat die er niet in slagen zich te verenigen, daarbij ‘geholpen’ door politici die de verdeel-en-heersstrategie toepassen en bovendien de nodige bliksemafleiders en zondebokken aanleveren.

Op grond van mijn klinische ervaring weet ik dat mensen pas echt veranderen na een ernstige crisis. Ondertussen ben ik ervan overtuigd dat dit ook voor maatschappijen geldt. De analyse van Herzog snijdt hout, maar de door haar en vele andere auteurs voorgestelde veranderingen zullen pas doorgevoerd kunnen worden na een grondige systeemwijziging.

Lisa Herzog. De toekomst van werk – Van hiërarchie naar democratie. ISVW Uitgevers, Leusden, 206 pp. ISBN 978 9083 3829 13

Deze recensie werd overgenomen van Paul Verhaeghe’s Boekenblog.

Tip: bestel je boeken bij De Groene Waterman.

Harde aanvallen van Arizona – Hard verzet nodig!

Harde aanvallen van Arizona – Hard verzet nodig!

De opeenvolgende versies van de ‘supernota’ zijn allemaal brutaal en onaanvaardbaar. Aanvallen op onze lonen, pensioenen, arbeidsvoorwaarden, sociale bescherming, waarbij vrouwen in het bijzonder hard geraakt worden … De zondebokpolitiek tegen mensen met een migratie-achtergrond, werklozen en zieken dient als rookgordijn om ons allemaal hard te raken.

Deze ongeziene aanvallen zijn zogezegd ‘noodzakelijk’ omwille van de begroting en de staatsschulden die zo sterk opgelopen zijn omdat de regeringen steevast cadeaus aan de rijksten uitdeelden. Dit is niet onze crisis, wij gaan er niet voor betalen!

Het patronaat wacht niet op de vorming van de regering om in het offensief te gaan. Werkenden worden aan de lopende band afgedankt, niet enkel in de hard getroffen industrie. Goed beschermde en betaalde jobs maken plaats voor onzekere jobs. De herstructureringen en besparingen volgen elkaar in snel tempo op. Niemand is nog veilig. Sectoren waarin dringend publieke investeringen nodig zijn, zoals zorg, openbaar vervoer en onderwijs, zien de besparingsbuien al hangen. Strijd is nodig, anders speelt extreemrechts in op de frustraties en het ongenoegen om verdeeldheid en haat te zaaien. Het resultaat daarvan is nog meer ellende en een nog brutalere verdediging van de belangen van de grote bazen, kijk maar naar de VS met Trump en zijn ‘first buddy’ Elon Musk.

Actieplan nodig! De aanvallen zijn niet symbolisch, ons antwoord mag dat evenmin zijn

De mobilisatie van de werkenden en hun vakbonden is essentieel om Arizona te stoppen. Eenmalige actiedagen zoals gepland op 13 januari en 13 februari kunnen sensibiliseren rond een bepaald thema, maar er is veel meer nodig. Het ontbreekt aan een strategie om onze strijd echt te organiseren. De huidige aanpak van de vakbondsleidingen is niet aangepast aan de inzet!

Om een bredere beweging van langere duur te bouwen, is er nood aan een actieplan. Dat betekent een plan met acties die voldoende tijd op voorhand bekend zijn en telkens opbouwen naar de volgende actie, waarbij ook de actiemethode wordt opgevoerd tot ons centrale wapen van de algemene staking waarmee we alles platleggen en dit desnoods herhalen voor een langere tijd. Een dergelijk actieplan kan alle vormen van verzet en strijd, ook bijvoorbeeld het massaprotest tegen de genocide in Gaza, bijeenbrengen in een krachtige beweging. Zo komen we tot acties die gedragen worden door heel de maatschappij.

We zagen in 2014 hoe een actieplan met een militantenconcentratie, grote betoging, provinciale stakingsdagen en uiteindelijk een nationale algemene staking de rechtse regering van Michel en De Wever deed wankelen. Deze beweging trok jongeren, kunstenaars, zelfstandigen, boeren en anderen mee. Ze versterkte de vakbonden, onze positie in de publieke opinie en droeg bij aan de doorbraak van de PVDA waardoor er vandaag collega-syndicalisten en activisten in alle parlementen verkozen zijn.

Er was toen nood aan een tweede actieplan dat harder en breder was, maar de vakbondsleidingen schrokken van onze kracht en krabbelden terug naar de onderhandelingstafels waar uiteindelijk niets werd bekomen. Democratische zeggenschap over onze strijd is essentieel om dat te vermijden, zeker op een moment dat de aanvallen straffer zijn dan in 2014 en ons verzet dat dus ook moet zijn.

Personeelsvergaderingen, netwerken van strijdbare syndicalisten, opbouw van actieve solidariteit in andere protestbewegingen zijn hiervoor cruciaal. In Brussel nam ‘Commune colère’ het initiatief voor een ‘Strijdbijeenkomst’ met syndicalisten van verschillende vakbonden en sectoren, feministen, antiracisten, klimaatactivisten … om de komende strijd samen voor te bereiden. Dit is een uitstekend initiatief dat navolging verdient in heel het land!

-> Volgende Strijdbijeenkomst in Brussel:  7 januari, 18u30 in de DK, Denemarkenstraat 70

Het potentieel voor strijd is er. De betoging van de zorg- en welzijnssectoren op 7 november was drie keer zo groot als op voorhand verwacht. De staking in het Franstalig onderwijs op 26 november werd heel goed opgevolgd. Zelfs de betoging tegen de sluiting van Audi in september was groot, ook al was er geen strategie. Ondertussen zijn er de enorm grote betogingen tegen de genocide in Gaza die tienduizenden op de been brachten. We kunnen onze solidariteit versterken door met collega’s samen te betogen tegen genocide, of door gerichte acties op onze werkplaats te houden, zoals het zorgpersoneel van het St Pietersziekenhuis dat in de middagpauze een solidariteitsactie voor Palestina hield.

Kortom, we moeten ons nu in ‘strijdmodus’ zetten. Niet voor louter symbolische acties of wandelingen, maar voor een strijd die existentieel is voor onze toekomst!

Arizona moet weg, sociaal urgentieplan nodig!

De plannen van Arizona komen bovenop jarenlange tekorten en neoliberaal beleid. We kunnen geen verdere besparingen aan, maar hebben integendeel nood aan drastische publieke investeringen in openbare diensten en infrastructuur. De investeringen in zorg, onderwijs en openbaar vervoer moeten vertrekken van de noden. Om de uitval van zieken tegen te gaan, moet de werkdruk naar beneden en is er nood aan een beter evenwicht tussen werk en ontspanning. Een collectieve arbeidsduurvermindering tot maximaal 32 uur per week, met behoud van loon en bijkomende aanwervingen, is daarvoor belangrijk.  Arizona wil het omgekeerde doen door SWT af te schaffen, landingsbanen en andere vormen van minder werken onaantrekkelijk te maken en met een malussysteem voor pensioenen. Wij zeggen: pensioen terug naar maximum 65! Behoud van SWT, landingsbanen en tijdskrediet!

Onze industrie laten we best niet over aan de aandeelhouders en ceo’s die vandaag het personeel bij het grofvuil zetten en de technische knowhow liquideren. Een uitdaging zoals een rechtvaardige ecologische transitie met behoud van jobs (zonder inleveringen op loon- en arbeidsvoorwaarden), is duidelijk te hoog gegrepen voor de bazen en hun winsthonger. Er is nood aan een nationaal publiek plan voor het onderhoud en de ontwikkeling van industriële productie met bijhorende jobs. De werkenden uit die sectoren en de  bevolking in het algemeen zijn het best geplaatst om te bepalen wat de noden zijn, inclusief een leefomgeving die niet van overstroming naar orkaan en bosbrand gaat, en weten ook het best hoe alles kan gemaakt worden.

Kortom, er is nood aan een sociaal urgentieplan. We zullen dat niet krijgen door het vriendelijk te vragen, enkel door onze strijd ernstig te organiseren! Personeelsvergaderingen, algemene vergaderingen en netwerken van activisten kunnen de invulling van dat urgentieplan concretiseren en koppelen aan eisen in onze strijd.

Revolutionaire strijd tegen het systeem van onderdrukking en uitbuiting

Strijden tegen de aanvallen op onze levensstandaard, werkomstandigheden en sociale bescherming betekent ons ook uitspreken voor de strijd van klimaatactivisten, boeren, mensen-zonder-papieren en al wie ingaat tegen onderdrukking (seksisme, racisme, LGBTQIA+fobie …). Er is coördinatie nodig tussen de vakbonden en andere sociale bewegingen om samen sterker te staan.

Onderdrukking is inherent verbonden aan de kapitalistische logica die verdeeldheid nodig heeft om economische en sociale ongelijkheid in stand te houden. Er is nood aan een gemeenschappelijk project om de werkende klasse in al haar diversiteit solidair te verenigen en zo de strijd tegen alle vormen van uitbuiting en onderdrukking te kunnen winnen.

Deze strijd stopt niet aan de grenzen, er is nood aan internationale solidariteit. De strijd van de Palestijnse en Libanese bevolking tegen het koloniaal, imperialistisch en kapitalistisch geweld waar ze slachtoffer van zijn, is ook de onze.

Het kapitalisme is een doodlopend straatje van ellende. Hun systeem is kapot en valt niet te repareren. In het belang van de meerderheid van de bevolking en van de planeet is er nood aan een ander systeem. Een socialistische samenleving waarin we onze toekomst zelf in handen nemen! Werk hieraan mee, sluit aan bij LSP!

Bron: socialisme.be

Dikke Freddy aan Georges-Louis Bouchez, de man die de kaas niet van zijn brood laat halen

Geachte heer Bouchez, beste Georges-Louis,

Ik ben u dankbaar omdat u, de onbetwistbare leider aan de andere kant van het land, samen met uw goede vriend Bart De Wever, de onbetwistbare leider aan onze kant het land, er onverzettelijk voor blijft zorgen dat er geen nieuwe regering komt. In café De Nieuwe Nachtegael loopt een weddenschap. Ik win 50 euro indien u samen op 13 januari (verloren maandag!) voor de poort van het koninklijk paleis zal verklaren dat ons land officieel en bij koninklijk besluit onbestuurbaar is geworden. Heel België zal dan vreugdevol appelbollen en worstenbroden eten omdat het onheil afgewend werd.

Elke Belg beseft immers dat het land onleefbaar wordt van zodra er een regering is. Onze welvaart en ons welzijn zijn alleen gegarandeerd wanneer de dingen zonder overheidstussenkomst verder kabbelen. U zei het al toen u pas politieker werd maar er waren toen, vooral aan onze kant van het land, helaas te weinig mensen die u geloofden.

De bewijzen werden nochtans geleverd. Jarenlang zaten we met een regering opgescheept en België werd een land in verval. De bruggen van de Boudewijnsnelweg dreigen in te storten. Om de reizigers beter te bedienen, moesten duizenden bushaltes worden afgeschaft. Onze schoolkinderen kennen niet langer de tafels van vermenigvuldiging of, aan onze kant van het land, de dt-regels en, aan uw kant van het land, de passé composé.

De roltrappen van de Antwerpse metro staan al van voor de corona-uitbraak stil en wetende dat Antwerpen altijd voorop loopt kunnen we verwachten dat zeer binnenkort ook die in het Atomium en in het station van Luik het zullen begeven. De wachtlijsten om bij een huisdokter of specialist te geraken zijn zo lang geworden dat een mens zich, liefst per ambulance, bij een spoedafdeling moet aanmelden om nog bediend te worden. Burgers worden het ganse jaar door, en niet langer alleen op oudjaarsnacht, opgeschrikt door vuurwerkbommen en loeiende sirenes. Onze gevangenissen zijn dermate overbevolkt dat ze wereldattracties dreigen te worden. En zo kunnen we nog wel even doorgaan.

We zitten nu een dik half jaar zonder regering en er zijn langs alle kanten duidelijke signalen dat het land opleeft. Vanuit Zaventem vertrekken tijdens de kerstvakantie meer dan een miljoen reizigers naar zonnige oorden, een nieuw record dat bovendien aantoont dat de grote meerderheid van de Belgen over de klimaatopwarming hetzelfde denkt als u: ‘Het zal mijn tijd wel duren.’ België is het enige land ter wereld waar BMW het best verkochte automerk is, het is duidelijk dat het uitblijven van een nieuw belastingsysteem ervoor zorgt dat onze economie draait als een tierelier. De boeren betogen niet langer, zoek maar eens een ander beschaafd land waar dat het geval is!

In uw eigen Bergen, waar soms wel meer dan tien treinen per uur passeren, werd een station van 480 miljoen geopend. Het schijnt dat het zelfs voorzien is van een loket waar klanten met een levende mens kunnen spreken, een gedurfde innovatie die gegarandeerd voor een gigantische volkstoeloop zal zorgen. In Mechelen en in Gent worden momenteel uit jaloezie eveneens honderden miljoenen over de balk gesmeten om er nieuwe stations op te trekken; een bewijs dat het met onze staatsschuld toch zo erg niet is.

Ook onze sportvedetten trekken zich op aan een land zonder overheidsbemoeienis; zo zullen onze Belgische voetbalploegen voor het eerst sinds mensenheugenis ook na Nieuwjaar op het hoogste Europese niveau meespelen. En dan is er, als klap op de vuurpijl, sprake van dat de paus onze koning Boudewijn zalig zal verklaren, zulke eer wordt zelfs niet verleend aan wereldleiders als bijvoorbeeld Elon Musk of Silvio Berlusconi. België floreert als nooit tevoren. Er valt dus geen reden te verzinnen om ons met een regering op te zadelen.

Nu ik u toch aanschrijf, wil ik van de gelegenheid gebruik maken om u om raad te vragen. Het betreft een vertrouwenskwestie, maar ik ga ervan uit dat u in dossiers als het mijne een van de meest betrouwbare landgenoten bent. Het toeval wil namelijk dat ik een bepaalde hoeveelheid zogenaamd zwart geld bezit. In mijn geval gaat het over middelen waar mijn schuldbemiddelaar geen weet van heeft.

De fiscus kan ik niet bedriegen met zwart geld want vanwege straatarm ben ik vrijgesteld van belastingen. Het is goed dat in ons land zowel de straatarmen als de superrijken van dezelfde voordelen kunnen genieten. U zal zich uiteraard direct afvragen: ‘Freddy, waar valt er zwart geld te vinden?’ Wel, uit dankbaarheid zal ik u inzage geven in mijn winstmodel: ik bezoek kerstmarkten en verzamel daar wisselbekers (vroeger bestond zoiets alleen in het voetbal) die door onachtzame of dronken feestvierders achteloos worden weggeworpen. Zo’n torentje bekers levert al gauw 20 euro op. Ik kan het u echt aanraden om ook op deze manier een centje bij te verdienen! Het tikt zeer snel aan.

Enfin, om dat zwart geld kwijt te geraken en ten einde mijn kapitaal te verhogen heb ik me al enkele weken lottoproducten aangeschaft. Helaas, ben ik daardoor zo goed als mijn hele investering kwijtgespeeld. Kunt u mij eens uitleggen hoe uw ondergeschikte, de heer Didier Reynders, het klaarspeelt om met elk lotje dat hij koopt prijs te hebben? Of heeft het ermee te maken dat hij jarenlang in het bestuur van de Nationale Loterij heeft gezeten en hij op die manier weet met welke combinaties hij kan scoren? Is het mogelijk om met betrekking tot dit vraagstuk een tipje van de sluier te lichten?

Tot slot wil ik er nogmaals op aandringen om te blijven dwarsliggen (zonder dwarsliggers rijden er geen treinen!), om te allen prijze te voorkomen dat we een regering krijgen. Ook aan onze kant van het land is dat de wens van de bevolking, bovendien zou in Antwerpen wel eens een Gentse volksopstand kunnen losbarsten indien er een Hollandse dame burgemeester wordt.

Uitkijkend naar uw antwoord wens ik u een schoon jaareinde en een nieuw jaar zonder regering,

Frederik De Meester,

Aan onze kant van het land ook gekend als Dikke Freddy.

Bron: sociaal.net

‘Kinderen grootbrengen is een maatschappelijke taak’

‘Kinderen grootbrengen is een maatschappelijke taak’

Ze springt op de barricades. Voor de mama’s, de kinderopvang, het gedeelde ouderschap … Historica, blogster, illustratrice én mama van twee – Noëmi Willemen – trekt al langer aan de alarmbel. “Als de crisis aanhoudt, zal dat de samenleving duur te staan komen.”

Spiegel van onze maatschappij

“Tegenwoordig moet je moederen alsof je geen werk hebt en werken alsof je geen kind hebt”, is een uitspraak die de Gentse Noëmi Willemen (41) graag gebruikt. “Ons ouderschapsdiscours is een spiegel van onze maatschappij én de problemen waar we vandaag mee worstelen, ook als je geen kinderen hebt.”

“Ouderschap wordt voorgesteld als iets universeels, iets waarvoor we gemaakt zijn. De nadruk verschuift meer en meer van de samenleving naar de ouders, van het collectieve naar het individuele. Maar binnen het gezin wordt de druk te hoog en door de combinatie met de rat race zien we de ene burn-out na de andere, ook parentale burn-outs.”

Daarom is het vandaag zo’n boeiende periode om onderzoek te doen, meent ze. Als historica is Noëmi Willemen gespecialiseerd in de geschiedenis van het moeder- en ouderschap in de twintigste eeuw. Ze schrijft er een doctoraat over. Daarnaast blogt en tekent ze over moederen op haar Instagramaccount @lecoeuramareebasse en illustreert ze kinderboeken.

Mindblowing ervaring

Willemens fascinatie voor het moeder- en ouderschap kreeg ze toen ze zelf mama werd. “Toen dacht ik: wat is dit? Het was een mindblowing ervaring: het zette mijn volledige denken over mezelf en de samenleving op zijn kop. Het moederschap heeft mij ook geconfronteerd met de verschillen tussen mama’s en papa’s.”

“Ik zag dat er in de geschiedenis nog best veel over het moederschap te onderzoeken viel. Het kostwinnersmodel, waarin de vrouw de zorg voor de kinderen op zich nam en de man ging werken, is verschoven naar een samenleving waarin zowel mannen als vrouwen gaan werken.”

“Vrouwen streefden naar gelijkwaardigheid: ze wilden zich ook kunnen ontplooien in het bedrijfs- en politieke leven. Dat was een vorm van emancipatie, maar door de economische crisis van de jaren zeventig waren twee inkomens ook een pure noodzaak om als gezin rond te kunnen komen.”

Maar dat heeft een keerzijde: het zorgwerk van de vrouw blijft hetzelfde als bij de vroegere generaties, zegt Noëmi Willemen. “Bij die vorm van emancipatie kunnen dus wel wat kritische vraagtekens gezet worden. Vanaf dan moeten vrouwen alles tegelijk kunnen: moederen, werken én het huishouden.”

En nog een opvallende vaststelling: vooral vrouwen krijgen de eindverantwoordelijkheid van de opvoeding. “Wanneer een kind zijn jas niet aan heeft, is dat een vergetelheid van de moeder. Vaders worden minder aangesproken over de opvoeding van hun kinderen.”

Complexer leven

Hoe verklaart u dat? “Het vaderschap is niet de levensbepalende identiteit, bij moeders is dat nog wel het geval. Al vanaf de conceptie wordt er naar de taak van de mama gekeken, terwijl de vader vooral een ondersteunende rol heeft. Zijn werk blijft de prioriteit.”

“Bovendien is de taak van de ouder of specifiek de moeder almaar groter geworden. Ze moet over zoveel nadenken: past de ideologie van de school wel bij mijn kind? Heeft mijn kind geen leerstoornis? Moet ik het naar de kine sturen voor mobilisatieoefeningen? Ze moet zich voor elke beslissing verantwoorden.”

“We ervaren veel vrijheid, maar die creëert tegelijk keuzestress. Het leven was voor onze grootmoeders niet makkelijker, maar het leven vandaag is complexer. We hebben extra lagen zoals sociale media en internet die vol met tips staan. Daarnaast gaan we fulltime werken én proberen we een sociaal leven vol te houden. Dat is veel.”

Onbestaande work-lifebalance

Als compensatie is er de work-lifebalance, maar ook die bestaat niet, reageert de onderzoekster. “De work-lifebalance gaat ervanuit dat we ons werk doen en daarna genieten van onze ‘life’ die vaak wordt voorgesteld als naar de yoga gaan, sporten …”

“Zo zijn we ook zelfs na het werk aan onszelf aan het werken. Alles gaat over zelfzorg. Waarom eigenlijk? Het concept work-lifebalance gaat al veertig jaar mee en wordt vooral toegeschreven aan vrouwen. Als het een werkbaar concept was, zouden we het toch niet hoeven te gebruiken?”

Volgens Willemen wordt de work-lifebalance vooral verkocht als een positief verhaal, waar we zelf iets aan kunnen doen. “Een goede balans zoeken tussen productief werk – arbeid die geld oplevert – en zorg, wordt voorgesteld als een individueel probleem. Terwijl het in wezen afhankelijk is van zaken die we zelf niet in de hand hebben, zoals goede kinderopvang of poetshulp.”

Bovendien is die me-time vaak enkel voorbehouden voor de hogere (midden)klasse. “Wanneer we een betere work-lifebalance hebben, is dat dankzij de poetshulp of een babysit die we inschakelen. Over de work-lifebalance van de poetshulp wordt niet gesproken. Die kan die keuzes zelfs niet maken.”

Eenzaam moederschap

Zelf ervaarde Noëmi Willemen haar zwangerschap en de eerste jaren als moeder als een heftige, eenzame periode. “De eerste maanden zit je in de zetel, je af te vragen of je al borstvoeding hebt gegeven of niet. Terwijl je partner na amper tien dagen al gaat werken.”

Wanneer ze mensen hoort zeggen dat mama’s er toch zelf voor gekozen hebben, komt de stoom bijna uit haar oren. “Uiteraard zijn kinderen een eigen keuze. Daarmee bedoel ik zeker niet dat iedereen kinderen moet krijgen. Wel zie ik kinderen grootbrengen als een maatschappelijke taak”, zegt ze.

“Kinderen krijgen is een individuele verantwoordelijkheid geworden, terwijl het een gedeeld ouderschap zou moeten zijn. ‘It takes a village to raise a child’, horen we vaak. Maar bestaat die ‘village’ nog in onze maatschappij? Ouders of grootouders zijn er niet altijd en zonder de poetshulp of crèche zouden we niet slagen in ons ouderschap.”

Collectieve kinderwens

Willemen: “Wanneer je naar de geschiedenis kijkt, is het een historisch unicum dat we onze kinderen opvoeden in zo’n kleine bubbel als vandaag. In de hele geschiedenis van de mensheid is dat nooit eerder zo geweest. We romantiseren het ideaal van het kerngezin met twee ouders te veel.”

De historica meent dat de maatschappij een collectieve kinderwens heeft. “De volgende generaties moeten ervoor zorgen dat onze pensioenen betaald worden, dat er verpleegsters in het rusthuis aanwezig zijn, dat zelfs de planeet gered wordt … De kinderen van nu zijn de arbeidskrachten van morgen.”

“Wanneer het over auto’s gaat, is alles mogelijk. Wanneer het over onze kinderen gaat, blokkeert het systeem en zijn investeringen moeilijk. Hoe kan je zo’n wezenlijk onderdeel van onze economie verwaarlozen?”

Alleenstaande mama
Zelf groeide de historica op als kind van een alleenstaande mama, nadat haar vader bij een auto-ongeval om het leven kwam. “Later kwam mijn stiefvader erbij, die ook weduwnaar was. Daardoor beschouw ik het kerngezin niet als de evidente standaard om in op te groeien.”

Waar vroeger grootouders of buren meehielpen en er een sociaal vangnet bestond, krimpt dat almaar sinds de jaren tachtig. “De welvaartsstaat verkleint. De overheid zoekt sindsdien naar een manier om het sociaal beleid te verzoenen met de markt. Onze samenleving is er niet op gericht om alle groepen voldoende te ondersteunen, maar vooral om de werkenden te ondersteunen.”

“In Groot-Brittannië spreekt men over de evolutie van een ‘welfare state’ naar een ‘workfare state’: werken wordt een voorwaarde om te kunnen genieten van een sociaal vangnet. Ook bij ons zien we die trend.”

“De nieuwe voorrangsregels in de gesubsidieerde kinderopvang zijn daar een voorbeeld van: de regering geeft voorrang aan mensen die minstens vier vijfde werken of mensen die diezelfde tijd aan een opleiding spenderen. Mensen die nog niet aan het werk zijn of alleenstaande ouders die niet fulltime werken, worden zo benadeeld.”

‘Turn to parenting’

Bovendien is de nadruk verschoven van structurele maatregelen zoals de beperking van de armoede of woningnood naar wat onderzoekers ‘turn to parenting’ noemen. “De overheid kijkt niet meer naar maatschappelijke en structurele oplossingen, maar naar de ouders zelf.”

“Voeden ouders hun kinderen wel goed op? Leren ze de taal voldoende? Dat zie ik als een besparingsmaatregel: jouw kind is jouw succes, het is niet het gevolg van de situatie of context. Het is de taak van de ouder om goede burgers groot te brengen.”

De vraag is wie de verantwoordelijkheid daadwerkelijk heeft, zegt de historica. “Is het de taak van de overheid, van de werkgever of van de ouders? Moet de zorg geprivatiseerd worden? Ook dat lijkt me niet de ideale weg.”

10.000 extra plaatsen

In de kinderopvang is er een tekort aan plaatsen. Hoe groot dat tekort is, weet men niet exact. In vergelijking met andere landen heeft Vlaanderen veel kinderen per begeleider. “De crisis komt voor in alle geïndustrialiseerde staten met een krakende welvaartstaat: alle zorgsectoren hebben slechte personeelstatuten en dus ook personeelstekort.”

Bijkomend: steeds meer onthaalouders geven er de brui aan of zijn met pensioen gegaan. “Zij houden vaak slechts 1.000 euro netto over. Dat is een peulschil, als het ware een betaalde hobby. Geen wonder dat het aantal onthaalouders elk jaar daalt.”

De regering-Diependaele heeft grote ambities met de kinderopvang. Ze belooft de komende jaren 10.000 plaatsen in de kinderopvang te creëren. “Plaatsen zijn nodig, maar daarvoor heb je eerst personeel nodig”, zegt Noëmi Willemen.

En daar wringt volgens haar het schoentje. “Door enkel nieuwe plekken te creëren, los je het probleem niet op. Het moeten kwaliteitsvolle en duurzame plaatsen zijn. En daarvoor moet het beroep van kinderbegeleider aantrekkelijker en beter worden”, zegt ze.

Kind en gezien

Noëmi Willemen trekt al enkele jaren aan de alarmbel. Zo is ze lid van de burgerbeweging Crisiskabinet Kinderopvang. Deze groep van bezorgde mensen begon in 2022 de druk op de Vlaamse Regering op te voeren met acties en petities om de crisis in de kinderopvang aan te kaarten. Zo woonde Noëmi Willemen samen met een groep ouders en grootouders van baby’s en peuters voor de actie ‘Kind en gezien’ 27 weken lang de plenaire zitting van het Vlaams Parlement bij.

Ze verzamelde getuigenissen van ouders over het belang van kinderopvang. “Zo was er een gezin met twee kinderen, beiden hadden gestudeerd en ze hadden een goede job. Tegelijk kregen ze een burn-out. Dankzij de kinderopvang hielden zij het vol: de begeleiders kwamen de kindjes thuis ophalen en brachten ze weer terug. ‘Zonder de kinderopvang zouden onze kinderen uit huis geplaatst zijn’, klonk het.”

“De crèches dragen de lasten van vele ouders en bij uitbreiding van ons allemaal. Wanneer de kinderopvangsector in elkaar stort, is dat niet alleen een probleem van de ouders, alle werkgevers zullen dat voelen. Als de crisis in deze sector aanhoudt, zal dat de samenleving duur te staan komen.”

Marshallplan voor kinderopvang

Noëmi Willemen ondersteunt ook de Kinderopvangzaak, een coalitie van twintig organisaties, zoals de Vrouwenraad, Femma en Netwerk tegen Armoede.

“Dat is een platform met vertegenwoordigers van de kinderopvanginitiatieven, mensenrechtenorganisaties en de vakbonden”, zegt ze. “Zij eisen een Marshallplan voor de kinderopvang met structurele veranderingen en investeringen. “

Een van de laatste actiepunten is de nieuwe voorrangsregels in de kinderopvang, die voorrang geven aan ouders die werken. “Dat is dertig jaar inzet voor meer inclusieve kinderopvang in de vuilnisbak. Het maakt het bijna onmogelijk voor een gezin dat minder dan vier vijfde werkt om nog een plaats te vinden voor hun kindje.”

“Bovendien zullen kinderopvanguitbaters nog slechts maximaal 10 procent van hun plaatsen kunnen voorbehouden voor kinderen uit kwetsbare gezinnen. Tot nu toe was een verplichting van 20 procent van kracht.”

“Niet alleen deeltijds werkende ouders zullen de dupe worden van deze nieuwe voorrangsregeling. Vooral kwetsbare gezinnen, zoals alleenstaande ouders of ouders met gezondheidsproblemen, zullen hemel en aarde moeten bewegen voor een opvangplaats.”

Daarom is de Kinderopvangzaak naar het Grondwettelijk Hof getrokken, omdat de nieuwe maatregel volgens hen in strijd is met het gelijkheidsbeginsel. “Kinderopvang is een recht en een basisvoorziening, niet enkel bedoeld voor geprivilegieerde tweeverdieners. Het mag niet aan voorwaarden gekoppeld worden.”

“Wat zou er gebeuren er als we alle basisvoorzieningen zouden koppelen aan werk? Woonzorgcentra of kleuterscholen waar enkel ouders van werkende kinderen terechtkunnen? Wat is het volgende initiatief? Dat kunnen we niet laten gebeuren. Dit is een belangrijk precedent, waar we een halt aan moeten toeroepen!”

Bron: sociaal.net

Eindelijk ontmaskerd: Russisch netwerk achter nepadvertenties met BV’s levert in jaar tijd meer dan 5 miljoen dollar omzet op

Eindelijk ontmaskerd: Russisch netwerk achter nepadvertenties met BV’s levert in jaar tijd meer dan 5 miljoen dollar omzet op

Een Russische groep met een wereldwijde omzet van zo’n 110 miljoen dollar per jaar. Dat zou het netwerk zijn achter de nepadvertenties met bekende Vlamingen, blijkt uit onderzoek van een ethisch hacker. België doet het daarin niet goed: van het aantal mensen dat wereldwijd in de val trapt, staat ons land op de derde plaats. Opvallend: vooral valse foto’s van Karen Damen en Fatma Taspinar leveren de criminelen veel winst op. “Minstens elke minuut trapt iemand ter wereld in zo’n nepadvertentie.”

Karen Damen, Fatma Taspinar, Laura Tesoro of Michel Wuyts. Het zijn maar enkele voorbeelden van bekende Vlamingen van wie de naam en foto al zijn misbruikt in nepadvertenties. 

Die vorm van oplichting heeft al tot schrijnende taferelen geleid. Zo getuigde de 73-jarige Willy uit Meerhout recent nog hoe hij meer dan 300.000 euro kwijtraakte. “Ik ben blij dat we ons huis nog hebben”, vertelde zijn echtgenote daar recent nog over.

Een ethisch hacker legt nu bloot welk netwerk achter de oplichting schuilgaat. Opvallend: België is een van de slechtere leerlingen in de klas.

Hoe werkt de oplichting met nepadvertenties?

Eerst en vooral: de nepadvertenties met bekende Vlamingen (BV) in de hoofdrol lijken erg sterk op bekende krantenartikels of nieuwswebsites. Maar het zijn geen echte artikels. Ze promoten vaak een bepaalde investering, met de belofte op gigantische winsten. Klik je op zo’n advertentie, dan kom je op een website waar sprake is van een “groot geheim”. Als je daar meer over wil weten, kan je je gegevens achterlaten.

Vaak word je al na een paar minuten gebeld. Je wordt aangespoord om een bedrag te investeren in digitale munten. Doorgaans gaat het om zo’n 250 euro. En verder hoef je niets te doen, want “AI zal voor je beleggen”. Eerst denk je dat het verhaal klopt, want op de website zie je het bedrag groeien. Je wordt aangemoedigd om nog meer te investeren. Maar het is een leugen: je krijgt het geld nooit meer terug. 

Elke minuut laat iemand gegevens achter

Minstens elke minuut trapt iemand ter wereld in zo’n nepadvertentie, zegt ethisch hacker Wouter van Dongen. In opdracht van een Nederlands televisieprogramma heeft hij de systemen van de oplichters gehackt. 

“Ik heb via hun Telegram-kanalen zicht gekregen op hun financiële transacties en hun communicatie”, zegt Van Dongen aan VRT NWS.

En wat blijkt? “Het gaat om een Russische, criminele organisatie die wereldwijd opereert. Zeker zo’n 500.000 mensen hebben al formulieren ingevuld en op zijn minst hun gegevens achtergelaten. En België doet het in hun ranglijsten helaas erg goed.”

Dat tonen de cijfers ook. Volgens Van Dongen heeft de organisatie in iets minder dan een jaar tijd een omzet van zo’n 110 miljoen dollar gehaald. “Zelf investeren ze ongeveer 60 miljoen dollar in advertenties; geld dat wellicht hoofdzakelijk naar Meta – het moederbedrijf van Facebook en Instagram -, of in ieder geval het advertentieplatform, gaat”, aldus Van Dongen. 

In België is de omzet in iets minder dan een jaar tijd zo’n 5,4 miljoen dollar. “Als we kijken naar het totale aantal formulieren dat wereldwijd ingevuld wordt, dan zien we België op plaats 12 staan”, zegt Van Dongen.

“Maar als we kijken naar wie vervolgens in de val trapt en daadwerkelijk geld overmaakt, staat België plots op plek 3. Deze scam is dus erg effectief in België.”

“Waardoor dat komt, weet ik niet”, zegt Van Dongen. “Misschien omdat jullie heel bekende personen hebben die overtuigend zijn?”

Van Karen Damen tot Fatma Taspinar

Daar is ook VRT NWS-nieuwsanker Fatma Taspinar bang voor. “Als nieuwsanker verwachten mensen dat wat ik zeg, betrouwbaar en geloofwaardig is. Dat maakt het allemaal nog erger.” 

Taspinars foto en naam zijn onlangs misbruikt in allerlei nepadvertenties. Dat zij betrouwbaar overkomt, merkt de ethisch hacker ook in zijn statistieken. 

“Fatma Taspinar heeft een zogenoemde hoge ‘return on investment‘. Ze scoort erg hoog wat betreft de winstgevendheid voor deze criminelen. Dat wil zeggen dat ze geloofwaardig is”, klinkt het.

Ze is niet de enige bekende Belg die hoog scoort. Helemaal bovenaan staat zangeres en actrice Karen Damen, van wie inderdaad ook al een hele poos nepadvertenties de ronde doen.

“In de lijst die de oplichters bijhouden, zie ik dat Karen Damen helemaal bovenaan staat met een omzet van ongeveer 1,2 miljoen dollar. Ik zie dat ze 820.000 dollar hebben geïnvesteerd in advertenties en zo. En de winst is ongeveer 345.000 dollar.” Dat is dus het bedrag dat mensen verliezen aan scams waarbij het gezicht van Karen Damen wordt misbruikt. 

Scoren nog hoog op de lijst: Sandrine Dans (televisiepresentator RTL, red.), weervrouw Jacotte Brokken, journalist Michel Wuyts, zangeres Laura Tesoro, en politicus Alexander De Croo (Open VLD), onder anderen.

Professionele structuur

De organisatie achter de scams is professioneel, ziet Van Dongen. “Alles wat ik heb gezien, is Russisch. Zowel de communicatie in de Telegram-kanalen als de opmerkingen in de code die ze schreven, en de identiteit van sommige ontwikkelaars: allemaal Russisch.”

Van Dongen heeft naar eigen zeggen ook de identiteit van de hoofdontwikkelaar achterhaald. “Maar ik kan er voorlopig niets over zeggen omdat de politie een onderzoek is gestart. Wat ik wel kan zeggen, is dat we via Instagram een oudere foto van hem hebben teruggevonden waarin hij in militair uniform poseert. Daarbij staat ook geschreven dat hij zijn vaderland dient en dat hij gespecialiseerd is in elektronische oorlogvoering.”

Verder ziet Van Dongen dat er ongeveer 7 ontwikkelaars op de loonlijst staan die zich hiermee zo goed als dagelijks bezighouden.

“Er zijn ook een grote groep content managers en een groep freelancers aan de slag. De eigenaars krijgen soms dividenden uitgekeerd, ter waarde van tot wel 1 miljoen euro.”

Maar hoe zijn Russische criminelen in staat om te weten te komen wie in Vlaanderen bekend is? En om bovendien de advertenties en de websites in het Nederlands te laten verschijnen?

“Het is een vrij complex verhaal”, aldus Van Dongen. “Ze maken zowel gebruik van gehackte accounts als van aangekochte Vietnamese accounts om hun advertenties te plaatsen. Bij Meta dienen de oplichters een echte advertentie in en pas als die is goedgekeurd, veranderen ze die met een speciale techniek. Dat maakt het moeilijker voor Meta om het te detecteren.”

“Voor dat alles beschikken ze over een heel team dat gespecialiseerd is in het maken van content. Ze hebben zelfs designers. Voor de eerste globale opzet en voor het maken van de afbeeldingen gebruiken ze AI. De beelden worden vervolgens in een systeem gezet vanwaar ze 3.000 tot 4.000 van dit soort sites kunnen beheren en aansturen. Erg professioneel allemaal.”

Het systeem blijft werken

Ondanks waarschuwingen ziet Van Dongen dat elke minuut iemand wel ergens ter wereld een formulier invult. “En als het drukker is, tot wel 5 mensen per minuut. Dat geeft aan hoe effectief dit systeem is.”

De verklaring daarvoor? “Mensen hebben moeite met het onderscheiden van echte en valse informatie. Ik denk dat dat de basis is. Dat gaat alleen maar erger worden met de opkomst van AI. Ik vrees dat met name oudere mensen moeite zullen krijgen om het onderscheid te blijven maken.”

Meta reageert

Op vraag van VRT NWS laat Meta weten dat “het tegen ons beleid is om advertenties te laten zien die publieke figuren op een misleidende manier gebruiken om mensen op te lichten en geld afhandig te maken. We schorsen en verwijderen accounts, pagina’s en advertenties die ons beleid schenden.”

“De mensen achter deze advertenties gebruiken verschillende methoden en kanalen om slachtoffers via het internet te bereiken, maar we investeren aanzienlijk om dit probleem aan te pakken”, voegt Meta toe. “Dit omvat het testen van nieuwe toepassingen van gezichtsherkenningstechnologie om sneller kwaadwillende actoren te detecteren en te stoppen die beelden van publieke figuren misbruiken voor misdrijven zoals fraude, oplichting of identiteitsmisbruik.”

“We moedigen gebruikers ook aan om vermoedelijke oplichtingsadvertenties bij ons te melden, zodat we dit kunnen onderzoeken en gepaste maatregelen kunnen nemen.”

Bron: vrt.nws