Leerlingen zitten slapend in de les terwijl hun ouders zich amper op hun werk kunnen concentreren uit angst te laat aan de schoolpoort te staan. ‘Hoog tijd voor een menselijkere organisatie’ schrijft Knack-redactrice Ann Peuteman in haar column De zoetzure dinsdag.

Arthur, die op 1 september in de kleuterklas startte, wordt elke ochtend om halfacht naar school gebracht. Dan heeft zijn moeder nog de tijd om naar het station te fietsen en de trein naar Antwerpen te halen. Pas tegen halfzeven kan ze hem weer ophalen. Het jongetje is dan meestal zo uitgeput dat hij in het fietszitje in slaap valt. Soms zit er niets anders op dan hem thuis meteen in bed te leggen.

Arthurs moeder overweegt om deeltijds te gaan werken. Hoe kan ze haar zoon anders die ellenlange schooldagen besparen? Haar man vertrekt ’s ochtends nog vroeger van huis en is meestal veel later terug. Haar ouders en schoonouders wonen niet in de buurt en hebben zelf nog een drukke baan.

Het is net omdat moeders en vaders zelf op tijd op kantoor, in het lab of in de fabriek moeten zijn dat scholen zo ontiegelijk vroeg beginnen. Aangezien heel wat mensen al om acht uur (of zelfs vroeger) aan de slag gaan en nooit een thuiswerkdag kunnen inlassen, organiseren heel wat scholen zelfs voorschoolse opvang. Soms al vanaf zeven uur ‘s ochtends. En aangezien de meeste ouders nog aan het werk zijn als de school uit is, kunnen leerlingen in de studie blijven en achteraf ook nog in de avondopvang. Soms wel tot zeven uur ‘s avonds. Het gevolg is dat er kinderen zijn die twaalf uur per dag op school doorbrengen.

Dat ze zo vroeg op school worden verwacht en er vaak heel lang blijven, is niet zozeer in hun eigen belang, maar wel in dat van (de werkgever) van hun ouders. Onlangs bleek uit een grote bevraging van de Vlaams Scholierenkoepel dat drie op de vijf leerlingen zich verschillende keren per week te moe voelen om de les echt goed te volgen. Dat zou onder meer komen doordat ze te vroeg moeten opstaan. Niet zo gek natuurlijk: het bioritme van tieners staat haaks op het schoolritme. 61 procent van de scholieren zou dan ook graag hebben dat de school ’s ochtends een beetje later start.

Hoog tijd dus dat we de indeling van de traditionele schoolweken met een open blik bekijken. Niet alleen omdat de motivatie van Vlaamse leerlingen wel een boost kan gebruiken, maar ook omdat het huidige systeem op springen staat. Met dank aan de Vlaamse regering. Door de grote hervorming van de buitenschoolse kinderopvang zal die op heel wat plaatsen worden afgebouwd of veel meer kosten. Doordat De Lijn afgelopen zomer weer eens een heleboel buslijnen moest schrappen, zijn sommige scholieren (en ook ouders die hun kinderen op school moeten ophalen) veel langer onderweg. En dan heb ik het nog niet over leerlingen uit het buitengewoon onderwijs die uren per dag op een bus moeten doorbrengen.

Dat heeft niet alleen impact op het welzijn en de motivatie van die kinderen en jongeren, maar ook op hun ouders. Van leerkrachten van de Leraarskamer van Knack die lesgeven in het buitengewoon onderwijs hoor ik al jaren verhalen van ouders die deeltijds zijn gaan werken of hun baan zelfs helemaal hebben opgegeven om hun kind elke dag naar school te kunnen brengen. Kleuterleerkrachten zien dan weer geregeld ouders die tegen een burn-out aanlopen omdat ze zich elke dag verschrikkelijk moeten haasten om hun kind op tijd op te halen. Sommigen zien op den duur geen andere uitweg meer dan minder te gaan werken. Vooral moeders dan. Daar gaat het plannetje van Jan Jambon (N-VA) om vrouwen zover te krijgen dat ze zich ‘aan de spelregels houden’ zodat ze later een pensioen krijgen dat even hoog is als dat van mannen.

Moeten we onze werkuren dan volledig aan de schooluren aanpassen? Of omgekeerd? Dat nu ook weer niet. Wel moeten we minstens durven na te denken hoe het anders kan. Waarom moeten lesdagen in het basisonderwijs even lang duren als in het secundair? Is het echt nodig om pubers zo vroeg te laten opstaan? En hoe gek is het eigenlijk dat je als jonge ouder net hetzelfde werkritme hebt als wanneer de kinderen het huis uit zijn. Hoe we dat allemaal moeten organiseren? Dat is voer voor onderzoek en heel veel discussie. Wat ik wel weet, is dat we er heel veel bij te winnen hebben: ijverigere leerlingen, beter gefocuste werknemers én meer vrouwen met een deftig pensioen.

En de moeder van Arthur? Die heeft besloten om nog even voltijds te blijven werken. Niet om minister Jambon een plezier te doen, maar omdat ze met een paar vriendinnen een beurtrol heeft opgezet om de kinderen na school op te halen. Op hoop van zegen.

Bron: Knack.be