| Volgens cijfers van de Europese Commissie is de Belgische economische groei de laagste in heel Europa. De economie in ons land groeide 0,5 procent op jaarbasis. Dat is de helft van de groei in de eurozone (1 procent) en blijft ook ver onder het gemiddelde van de Europese Unie (1,2 procent). Het contrast met de buurlanden valt op. Duitsland groeide op jaarbasis met 0,9 procent, Frankrijk met 0,7 procent en Nederland zelfs met 1,3 procent. Peter Vanden Houte, hoofdeconoom van ING België, ziet twee belangrijke verklaringen voor waarom de groei in België zwakker is. “Je hebt een schaareffect door de hoge inflatie in de voorbije jaren. Door de automatische indexering stijgen de lonen en de koopkracht in België sneller dan in de buurlanden in tijden van hoge inflatie. Daardoor groeit de Belgische economie doorgaans sneller in de kwartalen na een inflatieschok en trager in de jaren daarna.” Structurele zwakte In de andere Europese landen, die geen automatische indexering kennen, werd de inflatieopstoot na de uitbraak van de oorlog in Oekraïne in 2022 eerst opgevangen door de gezinnen, die minder te besteden hadden. Pas met vertraging trokken de andere Europese landen de lonen en dus de koopkracht van de gezinnen op, waardoor dat gunstige effect op de economie later dan in België voelbaar werd. Ook andere ‘stabilisatoren’ in België zijn volgens Vanden Houte uitgewerkt. De overheid ondersteunde gezinnen in 2022 royaal, onder meer met stookoliecheques, om de eerste inflatieschok op te vangen. Ook dat effect is uitgewerkt, zeker omdat er geen budgettaire ruimte meer is voor dat soort steun. Toch ziet Vanden Houte nog een andere verklaring: een structurele zwakte van de Belgische economie die zich steeds meer laat voelen. De detailcijfers over de groei in het tweede kwartaal verraden het een en ander. De dienstensector groeide met 0,2 procent, terwijl de bouwnijverheid met 0,5 procent kromp en de industrie met maar liefst 0,8 procent. De voornaamste reden daarvoor is dat België veel energie-intensieve industrie kent. Die krijgt het hard te verduren door de hoge energieprijzen als gevolg van de oorlog in Iran. Toch is dat niet de enige verklaring. In landen als Nederland en Duitsland kon de energie-intensieve industrie in het tweede kwartaal net profiteren van die oorlog. Dat kwam doordat de vraag naar chemische producten gemaakt in Europa steeg – zoals kerosine in de haven van Rotterdam – en doordat de aanvoer vanuit het Midden-Oosten en China stokte. AI-investeringen “Nederland en Frankrijk kunnen ook beter inspelen op enkele industriële tendensen. Frankrijk staat sterk in luchtvaart (via Airbus) en defensie, twee sectoren die het goed doen. Nederland kan dan weer meer profiteren van de AI-investeringen, doordat ze veel chipbedrijven hebben”, zegt de ING-econoom. Vanden Houte merkt op dat de dynamiek in de privésector in België sinds de coronacrisis weg is. “De jobcreatie vond bijna volledig plaats bij de overheid of in sectoren die gefinancierd worden vanuit de overheid, zoals de zorg.” Ook Geert Langenus, macro-econoom bij de Nationale Bank van België, denkt dat het zwakke investeringsklimaat in België zich nu steeds meer laat vertalen in zwakke economische prestaties. “De vele stroeve regels maken investeren moeilijk. Onze concurrentiepositie staat onder druk.” Voor de regering zijn die zwakke groeicijfers geen goed nieuws. Hoe lager de groei, hoe lager de belastinginkomsten en hoe moeilijker het wordt om het begrotingstekort tot aanvaardbare niveaus te brengen. Bovendien dreigen besparingen de al zwakke groei verder af te remmen. Volgens Vanden Houte en Langenus moet de regering het begrotingstekort daarom terugdringen met maatregelen die de groei zo weinig mogelijk schaden. Met de laagste groei, het grootste begrotingstekort en de op drie na hoogste overheidsschuld in de eurozone, dreigt België een wel heel slechte leerling in de economische klas te worden. Bron: DS |
