In de lagere school blijven leerlingen het vaakst zitten in het eerste leerjaar: ruim 1 kind op de 20 deed het eerste leerjaar vorig jaar opnieuw, blijkt uit cijfers van het Departement Onderwijs. Dat cijfer zou kunnen dalen nu kleuters op het einde van de derde kleuterklas verplicht kunnen worden om een jaar langer in de kleuterklas te blijven.
Ongeveer 1 op de 20 leerlingen in het eerste leerjaar blijft zitten, veel meer dan in de andere jaren van de lagere school.
Onderwijspersoneel zegt dat kinderen die te vroeg naar het eerste leerjaar gaan, vaker vastlopen, en dat de derde kleuterklas vaak een betere plaats is om zich verder te ontwikkelen.
Vanaf komend schooljaar kunnen kinderen tegengehouden worden vóór ze naar de lagere school gaan: het advies van de kleuterschool wordt bindend.
Vorig schooljaar was 5,6 procent van de leerlingen in het eerste leerjaar een ‘zittenblijver’. Dat cijfer schommelt een klein beetje, maar het is al jaren gelijkaardig. Opvallend, want van het tweede tot het zesde leerjaar ligt dat veel lager.
“In ons eerste leerjaar wordt echt de basis gelegd voor wat daarna komt, voor taal, voor rekenen”, vertelt professor Mieke Goos van UHasselt, die zittenblijven in het eerste leerjaar onderzocht. “Tellen tot 10, letters kennen, woorden vormen … Als het bij die basis fout loopt in het eerste leerjaar is dat een van de voornaamste redenen dat er voor leerlingen beslist wordt om hen niet te laten doorstromen.”
“Waar veel scholen ook rekening mee houden, zijn de mogelijkheden die ze hebben om verhoogde zorg te geven, en de mogelijkheden thuis om extra begeleiding buiten school te voorzien.” En dan kunnen ze beslissen dat een leerling niet door mag stromen.
Ook juf Selina van het eerste leerjaar in Antwerpen geeft zowat elk schooljaar 1 leerling in haar klas de boodschap dat die het jaar opnieuw moet doen. “Vaak gaat het om leerlingen die we al wilden tegenhouden op het einde van de derde kleuterklas omdat ze nog niet schoolrijp zijn.”
Niet schoolrijp, toch door
En toch gaan die kinderen vaak door, want “ouders hadden tot nu de keuze om hun kind toch in het eerste leerjaar in schrijven, ook als we anders adviseren”, verklaart juf Selina. Het advies van de klassenraad is in die derde kleuterklas nog niet bindend, in tegenstelling tot het advies in het eerste leerjaar.
Ouders hebben liever dat hun kind al ‘leert in plaats van speelt’, maar in de derde kleuterklas wordt ook al ingezet op leren
Elke Allard, schooldirecteur van kleuterschool Hoeven in Kasterlee, ziet hoe ouders hun kleuters meestal toch laten doorstromen ondanks advies om in de kleuterklas te blijven. “Vaak loopt het daarna mis. Kinderen die te vroeg naar het eerste leerjaar gaan, haken af, vooral als ze sociaal nog heel jong en speels zijn, en dan ‘op de klok’ moeten werken in de lagere school.”
Serena ziet als zorgcoördinator bij de kleuters en het eerste leerjaar in een gemeenteschool in Asse ook hoe het eerste leerjaar soms te hoog gegrepen is. “De nodige rekenvaardigheden, de eerste letterherkenning, … soms is het een verhaal van kennis, maar soms merken we ook dat kinderen sociaal-emotioneel nog niet klaar zijn om over te gaan naar het eerste leerjaar. Sommige kinderen hebben langer tijd nodig om daarin te groeien.”
In de derde kleuterklas is er een wisselwerking tussen spelen en leren.
En net daarvoor dient voor haar de derde kleuterklas. “Een derde kleuterklas is nog een wisselwerking tussen spelen en leren. Er wordt sterk ingezet op de werkhouding: gericht kunnen luisteren, mooi aan tafel zitten, een werkje maken … Maar er zijn ook nog momentjes om te spelen, en dat spelen is minder aan de orde in het eerste leerjaar.”
Ouders zien dat vaak zwart-wit, legt juf Selina uit. “Ze geven aan dat ze liever hebben dat hun kind toch al leert in plaats van speelt. Die perceptie is jammer, want in de derde kleuterklas wordt – op een speelse manier – al heel sterk ingezet op leren. De nieuwe minimumdoelen voor kleuters maken voor ouders nu hopelijk al duidelijker dat we ook van kleuters veel verwachten en dat ze dus ook veel kunnen leren van een extra jaar in de derde kleuterklas.”
Advies wordt bindend, maar is dat de oplossing?
Aan het eind van komend schooljaar wordt het advies van de kleuterschool bindend. In theorie zullen minder kinderen dan het eerste leerjaar moeten overdoen, omdat ze in de kleuterschool die extra ontwikkelingstijd krijgen.
Zorgcoördinator Serena vindt dat “dubbel”. “Ik ben wel erg blij met het vertrouwen dat scholen zo krijgen, maar we hebben natuurlijk geen glazen bol. Misschien dat we nu nog voorzichtiger gaan zijn als we twijfelen.”
Directeur Elke Allard, kleuterschool Hoeven
“Het is afhankelijk van kind tot kind wat de beste beslissing is. Er zijn kinderen die nog niet alle vaardigheden hebben, maar wel een sterke werkhouding. Ze willen leren, die vaardigheden zullen misschien wel volgen. Maar als die werkhouding er nog niet is, is dat een ander verhaal.”
Directeur Allard benadrukt het nut van de derde kleuterklas. “Het is beter dat ze vóór het eerste leerjaar tegengehouden worden. Het is zo belangrijk dat de basis goed ontwikkeld is. Je kan geen huis bouwen als de fundering niet stevig is en wij hebben daar wel een redelijk goed zicht op.” Al vindt ze het wel een grote verantwoordelijkheid, omdat het “ook maar een inschatting” blijft. “Soms verrassen ze ons en lukt het wél.”
Volgens professor Goos is de derde kleuterklas overdoen – gemiddeld genomen – wel het beste alternatief. “In het eerste leerjaar zijn vriendschapsgroepen al iets harder gevormd en dat is heel pijnlijk in dat bisjaar. Vriendschappen waar een knip in komt, dat weegt op het welbevinden van de kinderen.”
Ik zou pleiten om meer middelen in de zorg te investeren, zodat kinderen kunnen samenblijven
Maar die keuze tussen kleuterklas of eerste leerjaar maakt professor Goos met pijn in het hart. “Wat ik nog liever zou zien, is dat kinderen kunnen doorstromen en bij hun leeftijdsgenoten blijven, maar dan met extra ondersteuning.”
“En daar knelt het schoentje: heel veel scholen zetten met man en macht, met de allergrootste liefde, in op basiszorg en verhoogde zorg, maar die middelen zijn beperkt. Dan is het gemakkelijker om de kinderen toch een jaar tegen te houden. Ik zou pleiten om meer middelen in de zorg te investeren.”
Bron: VRT.be