Waar Vlaanderen zich twintig jaar geleden op de borst kon kloppen als internationale wiskundetopper, is onze voorsprong nu helemaal verdampt. Voor wiskunde én taal zet de vrije val zich door, zelfs bij de meest kansrijke 15-jarigen. In het BSO kan driekwart van de leerlingen zelfs geen folder lezen en begrijpen. Dat blijkt uit de nieuwe PISA-resultaten. “De cijfers zijn niet goed, we gaan ze niet mooier maken”, aldus onderwijsminister Zuhal Demir (N-VA). Toch bevatte dit nieuwe PISA-onderzoek een opsteker die een enorm potentieel verraadt.

Het nieuwe internationale PISA-onderzoek van de organisatie van rijke landen OESO, dat om de drie jaar de kennis en vaardigheden van 15-jarigen meet en internationaal vergelijkt, brengt een zoveelste slecht rapport voor ons onderwijs. “Ook voor volgende PISA-metingen moeten we geen mirakels verwachten”, kondigde onderwijsminister Zuhal Demir (N-VA) alvast aan.

De onderzoekers schetsen een ontluisterend beeld van wat onze scholieren opsteken op de schoolbanken. De scores voor wiskunde zijn ronduit in vrije val. Waar in 2003 nog ruim een derde van de Vlaamse jongeren (34,3%) tot de absolute uitblinkers behoorde, is dat nu nog amper één op de negen (11,8%). Tegelijkertijd steeg het aandeel leerlingen dat de absolute basisgrens voor wiskunde niet haalt – en dus moeite heeft met eenvoudige berekeningen of het omzetten van eenheden – van 11% naar meer dan 27%.

Ook voor Nederlands is de verhouding tussen de top en de bodem op twintig jaar tijd compleet gekanteld. Vandaag mist bijna 30% van alle 15-jarigen het basisniveau voor lezen. In het BSO gaat het zelfs om drie op de vier leerlingen die het niveau niet halen om een eenvoudige folder te begrijpen. Ook bij kinderen met een andere thuistaal, een migratieachtergrond of een kansarme thuis haalt de helft die basis niet.

Onderwijsminister Demir slaat de ogen neer bij deze resultaten: “Ik ben beschaamd dat ik dit moet presenteren. De ongelijkheid is bijzonder groot. Dit kunnen we niet aanvaarden in deze complexe wereld. Kinderen missen cognitieve vaardigheden die essentieel zijn om later een job uit te oefenen. Dat is niet alleen economisch belangrijk, maar heeft ook een directe impact op hun persoonlijk geluk en gezondheid. We verliezen onze top en laten steeds meer jongeren achter.”

Ook kansrijke top brokkelt af

De daling blijkt bovendien niet enkel toe te schrijven aan een gewijzigde leerlingenpopulatie. Zelfs onder 15-jarigen van wie de wieg stond bij hoogopgeleide, goedverdienende ouders die thuis Nederlands spreken, zakte het aandeel wiskundetoppers spectaculair van 72% naar 42%. Voor taal halveerde dat cijfer van 42% naar 23%.

Voor wetenschappen dalen de Vlaamse scores minder sterk en blijven ze stabiel ten opzichte van 2022. Maar er is meer: voor één specifieke discipline haalt Vlaanderen op Estland na de beste score van heel Europa. Het gaat om ‘computationeel probleemoplossen’, oftewel het oplossen van complexe digitale problemen. “Dat relativeert de slechte cijfers voor lezen en wiskunde niet, maar het toont wel hoeveel potentieel er in onze jongeren zit”, aldus Demir.

Weg naar verbetering

In geen enkel EU-land stegen de gemiddelde scores voor lezen of wiskunde in de afgelopen tien jaar. “Maar er zijn landen die wél standhouden, zoals Engeland, Estland en Ierland”, zegt Demir. “De weg naar verbetering is er. Het Engelse onderwijs koos tien jaar geleden nadrukkelijk voor meer kennis. Vanaf dit schooljaar zetten wij in het basisonderwijs opnieuw sterk in op Nederlands, kennisrijke minimumdoelen en hoge verwachtingen voor ieder kind.”

Die hervormingen mogen volgens de minister niet stoppen aan het einde van het lager onderwijs. “De minimumdoelen van de eerste graad secundair moeten beter aansluiten bij die van het basisonderwijs. Er is bijzondere aandacht nodig voor de B-stroom, waar nu soms kinderen terechtkomen die amper het niveau van het vierde leerjaar halen.”

Bron: HLN.be