“Wat de minister van asiel en migratie doet, is haast tekstboek antidemocraten: uitspraken en rechterlijke bevelen negeren, rechten uithollen en kwetsbare mensen gebruiken als politiek decor.” Zo sprak Bert Engelaar, voorzitter van het ABVV, op het 1 mei feest.
Kameraden, vrienden,
1 mei, Dag van de Arbeid. Onze dag. Onze dag gaat over meer dan arbeid alleen. Onze dag gaat over de samenleving die we willen zijn. Over macht en tegenmacht. Over rechtvaardigheid en hypocrisie. Over solidariteit. Over zekerheid. Over wie betaalt, wie beschermd wordt en wie kopje onder gaat.
Er wordt ons al jaren hetzelfde riedeltje verteld. Belastingen zouden het probleem zijn. Te veel. Te zwaar. De overheid zou per definitie inefficiënt zijn. Te log. Te groot. Doe rijken eerlijker bijdragen, en ze vertrekken met hun koffers, hun aandelen en hun gekwetste gevoelens. Te gewiekst. Te snel.
Het is een handig verhaal. Alleen geen waar verhaal. Het is een fabel.
Laat ons beginnen bij het klassieke argument: de overheid zal uw geld toch niet goed besteden. Alsof we democratie zouden moeten wantrouwen en daarom ongelijkheid maar laten verdergroeien.
Wie bijdraagt, is een politieke keuze. Hoe middelen worden ingezet, is een andere politieke keuze. Beide horen thuis in het democratische debat. Burgers betalen belastingen en verwachten verantwoording. Terecht. Het verplicht regeringen om keuzes uit te leggen. Het geeft burgers de macht om hen daarop af te rekenen. Terecht.
Wantrouwen in de overheid mag nooit dienen als schild voor wie geen bijdrage wil leveren. Wantrouwen moet een reden zijn om de democratie sterker, transparanter en eerlijker te maken. Dat verdienen de mensen. Dat moeten we waarmaken.
Een rechtvaardige vermogensbelasting begint waar echte rijkdom begint. Ze treft grote vermogens. Ze behandelt gelijk.
Ze sluit achterpoortjes. Ze vraagt meer van wie meer heeft. Precies zoals een beschaafde samenleving hoort te doen. We zijn dit aan onszelf verplicht, kameraden. Niet later. Nu!
Feiten op een rij
Laten we naar de feiten kijken.
De rijkste groepen zien hun aandeel in de welvaart groeien. Jaar na jaar. Onderaan blijft men vechten om rond te komen. Jaar na jaar. Ongelijkheid. Dat is het. Ongelijkheid. Minder kansen, ongezonder leven, minder opklimmen en een brozer vertrouwen in de democratie.
Ongelijkheid schaadt. Ongelijkheid schaadt mens en economie. Een samenleving groeit niet wanneer steeds meer mensen achterblijven. Dat moeten we aanpakken, kameraden. Iedereen moet mee aan boord.
Conservatieven bedienen zich van het schrikbeeld: de rijken zullen vertrekken. Dat klinkt dramatisch, maar het is een mythe. De mythe van de fiscale exodus. Politiek nuttig, maar feitelijk mager.
Na het schrikbeeld volgt de emotie. “Er wordt al kapot belast. De rijken betalen al veel.” Sommigen betalen veel. Dat klopt. In absolute cijfers. Daar gaat het niet om. De echte vraag is verhouding. Wie leeft van arbeid betaalt zwaarder dan wie leeft van vermogen.
Een bijeengezweet loon wordt sneller en zichtbaarder belast dan een fortuin dat groeit via aandelen, vastgoed of constructies. Dat is geen natuurwet. Dat is wetgeving. En wetgeving, die schrijven we samen.
Regeltjes zijn noodzakelijk. Met selectieve, vrijwillige liefdadigheid komen we er niet. Rechtvaardige belastingen zijn sterker dan willekeurige gulheid. De echte vraag, beste vrienden, de echte vraag is niet óf het kan. De echte vraag is: wie houdt het tegen?
Er is een alternatief
Binnenkort volgt een begrotingsconclaaf. We kennen het ritueel. Eerst ballonnetjes oplaten. Dan ernstige gezichten. Daarna gelekte tabellen. Vervolgens de boodschap dat iedereen inspanningen moet leveren.
Tenslotte blijkt die “iedereen” te bestaan uit werknemers, gepensioneerden, zieken, mensen aangewezen op een uitkeringen en openbare diensten.
Maar het begint sterk te ruiken naar een ruildeal. Een ruildeal waarbij men eindelijk een stap richting fiscale rechtvaardigheid zet om tegelijk af te slaan richting verder snijden in de sociale zekerheid en openbare diensten.
Zit daar het geld? Bij mensen die ziek worden? Bij wie een pensioen verdiend heeft? Bij wie tijdelijk zonder werk valt? Bij leerkrachten, buschauffeurs, sociaal werkers? Gaan we mensen die het land dragen uit evenwicht brengen, terwijl grote vermogens dankbaar applaudisseren voor hun symbolische bijdrage? Neen!
Er is een alternatief. Dat zegt ook het ABVV, constructief. Het ligt er, een menu van concrete voorstellen. Op tafel. Behapbaar. Verteerbaar voor iedereen. Een menu dat de begroting versterkt. Zonder brute besparingen in sociale bescherming en bij overheidsdiensten. Een menu van zo’n 21 miljard euro. Geen toverkunst. Wel eerlijke ingrediënten.
Hervorm de personenbelasting zodat alle inkomsten meetellen: arbeid, vermogen en vastgoed. Een euro is een euro. Pak uitzonderingsregimes en managementvennootschappen aan die vooral creatief blijken in het ontwijken van solidariteit. Herbekijk kritisch subsidies en kortingen waarvan niemand nog ernstig kan aantonen dat ze doen wat ze beloven. Dring fiscale cadeaus terug die al jaren automatisch worden verlengd alsof ze in de grondwet staan.
Ze zijn dus wel te vinden, kameraden, die vele miljarden. Daarom lanceer ik nog maar eens m’n oproep: geef ons menu een eerlijke plaats op de kaart. Bekijk onze voorstellen. Kom mee aan tafel. Het is daar aan de onderhandelingstafel, dat akkoorden worden gesloten. Evenwichtig. Weloverwogen.
Wanneer vakbonden én werkgevers, daar aan die onderhandelingstafel, voor het eerst sinds jaren op hoog niveau een akkoord sluiten, moet een regering daar ernstig mee omgaan.
Ja, het gaat om de index. De index, de enige ex die je in je leven wilt. Onze index. De beste garantie op koopkracht. Voor iedereen. Puur Belgisch vakmanschap. Dat vakmanschap moeten we niet alleen koesteren, vrienden. We moeten het in ere houden. We moeten het duurzaam verankeren.
En dat doen we. Mét een akkoord tussen vakbonden én werkgevers. Wanneer zij die elke dag op het terrein staan, over die index een akkoord sluiten, moet een regering luisteren. Wij verwachten van de regering dat ze de sociale partners respecteert. Wij verwachten van de regering dat ze haar verantwoordelijkheid opneemt.
Wij verwachten van de regering, dat ze als werkgever, net zoals de werkgevers in de privé, de indexering veiligstelt. Voor al het overheidspersoneel. Volledig. Volwaardig. De index, kameraden, is en blijft een rode lijn.
1 mei gaat ook over waarden
Ziedaar het echte debat. Niet hoe diep men nog kan snijden in bescherming. Wel hoe men eerlijk middelen kan ophalen. Niet hoeveel mensen men nog extra onzeker kan maken. Wel hoe men rijkdom correct laat bijdragen. 1 mei gaat vandaag niet alleen over eerlijke bijdragen en sterke schouders.
1 mei gaat ook over waarden. België profileert zich graag als verdediger van mensenrechten. Soms gebeurt dat ook echt, onder druk van burgers. Steun voor internationale rechtsinstellingen. Stappen om wapentransfers naar Israël stop te zetten. Maar tussen aankondiging en uitvoering gaapt vaak politieke leegte.
De beslissing om producten uit illegaal bezet gebied te weren, wacht op uitvoering. Intussen worden plannen gesmeed om regels rond wapenexport te versoepelen. Ook dat is een klassieker van onze tijd: plechtig spreken over principes, om daarna in de kleine lettertjes uitzonderingen te organiseren.
Mensenrechten zijn geen decorstuk voor buitenlandse toespraken, kameraden. Ze beginnen thuis. Daar wordt het ongemakkelijk. Wat de minister van asiel en migratie doet, is haast tekstboek antidemocraten: uitspraken en rechterlijke bevelen negeren, rechten uithollen en kwetsbare mensen gebruiken als politiek decor.
Ik ben gelukkig niet de enige die dat durft te zeggen. Een samenleving die zichzelf ernstig neemt, laat kinderen niet slapen op straat en noemt dat kordaat beleid. Een samenleving waarin de macht zelf kiest wanneer regels tellen en wanneer niet, leidt tot extreem gevaarlijke toestanden. En dat kameraden, nooit meer! Nooit meer.
Wij verwachten meer
Ik heb, vrienden, helaas nog pijnlijke voorbeelden. In onze gevangenissen blijft de toestand schrijnend. Overbevolkt. Mensen slapen op de grond. Men spreekt over een noodwet, alsof een nieuwe titel op een oud dossier plots matrassen uit het plafond tovert.
Er is meer. Vreedzame betogingen worden te vaak kwaadwillig belemmerd. Hervormingen rond abortus blijven geblokkeerd. Fossiele sectoren ontvangen nog steeds gunsten en subsidies terwijl burgers korter moeten douchen en moreel moeten consumeren.
Daarom, vrienden: wij verwachten meer. Minder stoerdoenerij. Minder volgzaamheid tegenover Donald Trump en zijn grillen. Minder schoothondengedrag. Meer diplomatieke druk. Meer initiatief. Meer ruggengraat.
Een regering toont haar waarden niet in verklaringen, maar in daden. Een samenleving die grote vermogens ontziet maar kwetsbare mensen viseert, maakt keuzes. Een regering die rijkdom spaart maar rechten relativeert, maakt keuzes. Een politiek die streng is voor beneden en soepel voor boven, maakt keuzes.
Op 1 mei moeten wij die keuzes benoemen. Wij vragen geen afgunst. Wij vragen geen strafexpeditie tegen succes.
Wij vragen rechtvaardigheid. Wij vragen dat arbeid niet langer zwaarder belast wordt dan kapitaal. Wij vragen dat mensenrechten ook gelden wanneer ze politiek ongemakkelijk worden. Wij vragen dat democratie meer is dan communicatie. Wij vragen dat solidariteit geen slogan blijft, maar beleid wordt.
De rijkdom is er. De middelen zijn er. De kennis is er. De oplossingen zijn er. Wat ontbreekt, is politieke moed. Laat ons die moed tonen. Op straat. In het parlement. In vakbonden en verenigingen. In elke buurt. Niet morgen. Niet ooit. Vandaag.
Leve 1 mei.
Leve de solidariteit.
Bron: DeWereldMorgen.be
