Op 12 maart kwamen meer dan honderdduizend mensen in Brussel op straat. Ze beantwoordden de oproep van vakbonden en verenigingen voor de veertiende nationale mobilisatie in slechts zestien maanden tegen de sociale dumping van de regering De Wever-Rousseau. De uitzonderlijke sociale beweging lijkt niet van ophouden te willen weten.
Het aantal deelnemers aan de betoging op 12 maart mag niet worden onderschat. In totaal hebben de laatste maanden honderdduizenden werknemers uit de publieke en private sector, uit het noorden en het zuiden van het land, uit de commerciële en niet-commerciële sector deelgenomen aan algemene stakingen, betogingen en acties.
Benjamin Pestieau, adjunct-algemeen secretaris van de PVDA: “Een beweging op deze schaal, die zo lang duurt, is ongekend. De jongeren namen de kop van de grote betoging op 14 oktober 2025, waaraan 140.000 mensen deelnamen. Op 12 maart liepen de vrouwen voorop. De bevolkingsgroepen die het meest aangevallen worden door De Wever en Rousseau lopen vooraan in de strijd. Deze honderdduizenden mensen vertolken de verzuchtingen van de meerderheid van de bevolking. Die verwerpt de verhoging van de pensioenleeftijd tot 67 jaar, de bezuinigingen op de sociale zekerheid, de aanvallen op de loonindexering en de verhoging van de btw. Tegelijk eist ze een miljonairstaks.”
Sociale geschiedenis wordt geschreven in de tegenwoordige tijd
“Deze feiten en cijfers zijn niet onbelangrijk”, zegt Pestieau. “Als we midden in de actie zitten, is het soms moeilijk te zien, maar we schrijven vandaag de sociale geschiedenis van ons land. Zelden is een sociale beweging erin geslaagd zich zo lang uit te breiden, de verzuchtingen van zoveel mensen te vertegenwoordigen en zoveel op een regering te wegen.”
Karl Marx zei in 1852 niets anders: “De mensen maken hun eigen geschiedenis, maar ze maken die niet uit vrije wil, niet onder zelfgekozen, maar onder rechtstreeks aangetroffen, gegeven en overgeleverde omstandigheden. De traditie van alle dode geslachten drukt als een zware last op de hersenen van de levenden.” (Karl Marx, De 18e Brumaire van Louis Bonaparte, 1852)
“Met andere woorden, de mensen maken de geschiedenis, maar altijd op basis van omstandigheden die ze niet zelf hebben gekozen”, zegt de adjunct- algemeen secretaris van de PVDA. Deze omstandigheden omzetten, is niet vanzelfsprekend of verloopt niet automatisch. Precies daarom is optimisme een gevecht. De meest gevestigde systemen vallen uiteindelijk onder het gewicht van hun tegenstellingen en de klassenstrijd.”
In de kapitalistische maatschappij is macht gestructureerd rond twee polen: die van het kapitaal – dat de media en de instellingen bezit, de economie runt, … – en die van de massa van de werkende klasse – zelfstandigen, jongeren, landbouwers, … Die massa vormt niet spontaan een homogene groep, maar moet nauwgezet werken om zich kwantitatief en kwalitatief op te bouwen, om zo de meest talrijke en best georganiseerde groep te worden.
“De tegenstanders zijn zich hier terdege van bewust”, zegt Pestieau. “Ze proberen ons op duizend en een manieren te verdelen en te isoleren, te zorgen dat we elkaar beconcurreren. Het doel is altijd hetzelfde: een potentieel machtige en bewuste sociale meerderheid te veranderen in een aaneenschakeling van zwakke, geïsoleerde, verdeelde en soms tegen elkaar opgezette individuen. Heersen over een optelsom van individuen, dat is de ultieme droom van het kapitalisme. In de begindagen werden fabrieksarbeiders aangenomen aan zeer verschillende lonen en arbeidsomstandigheden, met systematische concurrentie tussen categorieën.”
Of, zoals Marx het zegt: “Het kapitaal is een geconcentreerde maatschappelijke kracht, terwijl de arbeider slechts beschikt over zijn eigen werkkracht. De sociale kracht van de arbeiders berust alleen in hun aantal. Maar de kracht van hun aantal wordt teniet gedaan door hun versnippering.” (Karl Marx, Instructies voor de afgevaardigden van de Voorlopige Centrale Raad van de IAA, augustus 1866). Het huidige verzet bewijst dat we deze verdeeldheid door collectieve actie overwinnen.
De plannen voor onze pensioenen ontmaskerd
De kern van de huidige confrontatie? De pensioenhervorming. Minister Jan Jambon (N-VA) doet een reeks provocerende uitspraken en zegt dat vrouwen zich “zullen moeten aanpassen” en langer zullen moeten werken, waarbij hij minachtend vergeet dat ze nu al het grootste deel van het huishoudelijk werk en de zorg op zich nemen.
De cijfers zijn onmiskenbaar, merkt Benjamin Pestieau op: “De malus alleen al kost gepensioneerden, vooral vrouwen, tussen nu en 2030 1,5 miljard euro. Dit bestraffende systeem kan ertoe leiden dat veel vrouwen 25% van hun pensioen verliezen, waardoor loopbaankeuzes die ze twee decennia geleden hebben gemaakt (deeltijds werk, zorgonderbreking) met terugwerkende kracht worden bestraft. Dat verklaart waarom de regering koortsachtig een snelle stemming wil. Hoe meer hierover wordt gediscussieerd, hoe meer de woede toeneemt en hoe groter de kans is dat ze moet terugkrabbelen.”
Wat de strijd al heeft opgeleverd
In tegenstelling tot de fatalistische retoriek spelen de krachtsverhoudingen wel degelijk een rol. Het sociale verzet heeft de regering al tot een aantal toegevingen gedwongen:
• Uitstel van de pensioenmalus. Onder druk van onder meer de 140.000 betogers op 14 oktober 2025 werd de hervorming uitgesteld van 2026 naar 1 januari 2027. Door dit eenvoudige uitstel kunnen 20.000 werknemers dit jaar ontsnappen aan de pensioenmalus.
• Gelijkstelling van niet-gewerkte periodes. Aanvankelijk wilde Arizona voor de berekening van de malus vrijwel geen gelijkgestelde perioden erkennen. Dankzij de mobilisaties in maart, april en juni 2025 werd de regering gedwongen terug te krabbelen. De volgende periodes zijn nu gelijkgesteld: tijdelijke werkloosheid, legerdienst, korte periodes van ziekte en langdurige ziekte. Zonder deze strijd zou 30% van de vervroegd gepensioneerden de malus hebben gekregen. Dankzij deze toegevingen is dat cijfer gedaald tot 23%.
• Bescherming van vrouwen en zware beroepen. Na de protesten in september werd moederschapsverlof opnieuw opgenomen in het systeem van vervroegd pensioen. Bovendien blijven landingsbanen (tijdskrediet) vanaf 55 jaar beschikbaar voor zware jobs of bedrijven in herstructurering, terwijl de regering ze wilde afschaffen voor wie jonger is dan 60 jaar.
• Een stap terug op nachtwerk en vrijheden. Het plan om nachtpremies te beperken van middernacht tot 5 uur is opgegeven. Nachtwerk geldt nu van 23 tot 6 uur
• Tot slot werd de “wet Quintin”, die tot doel had organisaties die als “radicaal” werden beschouwd via een eenvoudig ministerieel besluit te verbieden, gewijzigd. De regering moest afzien van de bevoegdheid tot definitieve ontbinding zonder dat er een rechter aan te pas komt, hoewel de tekst problematisch blijft met betrekking tot tijdelijke opschortingen.
Het effect van de belangrijkste maatregelen (de pensioenmalus en de strengere loopbaanvoorwaarde voor vervroegd pensioen) is dankzij de druk van onderuit met ongeveer een kwart ingeperkt.
Wij betalen niet de prijs voor hun oorlogen
De strijd gaat ook over koopkracht en vrede. Nu de energieprijzen de pan uit rijzen, is de Arizona-regering van plan om de accijnzen op gas en brandstof te verhogen. Tegelijkertijd pleiten minister Theo Francken en Georges-Louis Bouchez voor steun aan de oorlogspolitiek van Trump tegen Iran, die de economie verder zal destabiliseren en de militaire uitgaven verhogen (34 miljard euro voor bewapening).
“Het sociaal verzet verwerpt deze logica”, zegt Benjamin Pestieau. “De meerderheid van de Belgen wil deze oorlog niet. De werkende mensen willen geen bloedbaden of torenhoge prijzen aan de pomp. Het is niet onvermijdelijk dat onze regering zich aansluit bij de oorlogen van de VS. Spanje kiest om daarmee te breken, veroordeelt de illegale oorlogen en staat niet toe dat zijn infrastructuur wordt gebruikt voor militaire transporten van de VS. Laten we de belasting op energie verlagen in plaats van imperialistische conflicten te financieren.”
Optimisme is een strijd
Tegen deze achtergrond van grote spanningen is het moreel van de troepen belangrijk, aldus de adjunct-algemeen secretaris van de PVDA. “Sommige mensen zeggen: ik ben geen optimist, ik ben een realist. Maar wat betekent dat woord precies? En waar leidt het eigenlijk toe, met betrekking tot actie en ambitie?
Heel vaak is dit zogenaamde realisme geen kille beschrijving van de wereld maar een vluchtplaats. Het is een uitleg voor passiviteit, een rechtvaardiging voor fatalisme en machteloosheid – het idee dat wat we ook doen, er niets wezenlijks zal veranderen, het gevoel veroordeeld te zijn tot het verdragen van een systeem dat zowel mensen als natuur uitbuit, onderdrukt en vernietigt.
Dit fatalisme komt niet zomaar uit de lucht vallen: het wordt binnengebracht in de maatschappij en in de hoofden van de mensen omdat het belangen dient. Het doet mensen terugplooien, zich afzonderen en terugtrekken. Het vernauwt de blik en maakt hen ongevaarlijk: ‘Ik ga proberen te veranderen wat mij omringt.’ De grote vraagstukken veranderen in dingen die onmogelijk zijn: ‘De hele maatschappij veranderen? Onmogelijk’, zeggen de ‘realisten’. En wat zij realisme noemen, wordt vooral pessimisme, een manier om vrede te sluiten met de bestaande orde door haar onaantastbaar te verklaren. Optimisme en pessimisme zijn dus geen neutrale gevoelens. Het ene voedt de bevrijdende beweging, het andere dient objectief de belangen van wie overheerst, omdat het leidt tot passiviteit.”
We kunnen winnen
De krachtsverhouding is een concrete realiteit. Bart De Wever heeft zelf toegegeven dat dit een moeilijk jaar wordt voor zijn hervormingen. “Laten we hem helpen”, lacht Pestieau. “Laten we het hem dit jaar zo moeilijk mogelijk maken. De kracht van de beweging ligt in haar vermogen om duurzaam te zijn en het bewustzijn te verhogen.” In deze strijd is organisatie de sleutel. Bovenal vreest de regering een groeiend bewustzijn en collectieve organisatie.
Conclusie? “Een actor zijn, vrij en machtig zijn, deel uitmaken van een gemeenschap en op de gebeurtenissen wegen: dat is het mooiste wat je in je leven kunt doen. Lid worden van een vakbond en je politiek organiseren, vooral in de PVDA, zijn de noodzakelijke stappen om verzet om te zetten in overwinning. We kunnen winnen.”
Bron: solidair.org
