by admin | jan 7, 2026 | Onderwijs
Vlaams minister van Onderwijs Zuhal Demir (N-VA) heeft eind vorig jaar alsnog voor Thomas More gekozen als partner om de nieuwe minimumdoelen uit te rollen. Nochtans was die piste voordien op felle kritiek gebotst. Volgens de Inspectie van Financiën is het “geen goed beleid”, schrijft De Standaard.
De minister kende via een vertrouwelijke mededeling 8,25 miljoen euro toe aan het expertisecentrum Onderwijs en Leren, onder leiding van Tim Surma, van hogeschool Thomas More. Demir had voor de zomer al een overheidsopdracht uitgeschreven voor de oprichting van een nieuw expertisecentrum, maar nog voor de opdracht was toegekend, zette ze de procedure op pauze en finaal ook stop.
Demir had een voorkeur voor Surma, maar die had zelf niet ingetekend. Dat het geld nu via een omweg alsnog bij Thomas More belandt, komt voor velen in het hoger onderwijs hard binnen. Ook politiek komt er kritiek. “Dit dossier rammelt langs alle kanten”, zegt Groen-parlementslid Kim Buyst. “De ondoorzichtigheid en de zweem van vriendjespolitiek in dit dossier baart me enorme zorgen. De grootste slachtoffers zijn de scholen die op 1 september aan de slag moeten met de doelen.”
“Machtsmisbruik”
Forsere taal klinkt bij oppositiepartij Open VLD. “Belastinggeld is geld van de burger. Dat geef je niet zomaar aan wie jij leuk vindt. Als minister Demir wil dat leerlingen regels volgen, moet ze dat zelf ook doen. Als ze dat bewust niet gedaan heeft, bestaan daar woorden voor: machtsmisbruik, fraude of corruptie”, vindt Vlaams parlementslid Stephanie D’Hose op X. “8,2 miljoen euro subsidies toekennen aan 1 partij zonder marktraadpleging en de consultatie van meerdere spelers stopzetten omdat het niet leidt tot wat je wil. Daar zijn meerdere woorden voor, maar Inspectie Financiën vindt het alvast onbehoorlijk bestuur”, vult Egnert Lachaert aan.
“Favoritisme”
Ook coalitiepartners CD&V en Vooruit volgen het dossier knarsetandend. “De minimumdoelen zijn een grote uitdaging. Alle hens aan dek is nodig om de scholen mee te hebben. Favoritisme is daarbij echt niet op zijn plaats”, zegt Loes Vandromme (CD&V). Hannelore Goeman (Vooruit): “Thomas More krijgt nu heel veel geld om een vijftigtal zelfgekozen scholen intensief te begeleiden. Ik maak me serieuze zorgen over die andere 2.650 basisscholen. Die hebben óók recht op onderbouwde ondersteuning.”
Het kabinet-Demir benadrukt in een reactie dat de subsidie kadert binnen een totaalaanpak, waarbij scholen de keuze krijgen om met verschillende partners samen te werken. Ook Thomas More wijst erop dat ze één partner zijn, “naast begeleidingsdiensten, lerarenopleidingen, Leerpunt, de Taalunie en het Vlaams Talenplatform, Literatuur Vlaanderen, Odisee Hogeschool en wellicht nog anderen”.
Bron; HLN.be
by admin | jan 7, 2026 | Boeken
Met de boeken over wat vervreemding is, kan je de straten plaveien. Dit boek is anders. Het vertelt de verhalen over wat vervreemding met ons doet. Het is er voor iedereen die weer greep op het leven wil krijgen.
2025 – paperback / e-book, 192p.
Je staat op de dansvloer, gaat helemaal in het feestgedruis op, om dan, van het ene moment op het andere, te beseffen: eigenlijk valt er niets te vieren. Ken je dat?
Dit boek gaat over het gevoel dat steeds meer mensen ook buiten de dansvloer hebben: hier klopt iets niet. Daar is geen autisme, ADHD of burn-out voor nodig. Het gaat om het sluimerende onbehagen. Dat vormt de voedingsbodem waarop tal van complottheorieën wortel schieten en demagogen gretig inspelen. Maar een complot is het niet. In wezen is het niet eens zo moeilijk.
Ergens onderweg zijn we de connectie verloren: met onszelf, met de natuur en met elkaar.
Met de boeken over wat vervreemding is, kan je de straten plaveien. Waarom alles zo leeg voelt is anders. Het vertelt de verhalen over wat vervreemding met ons doet. Het is er voor iedereen die weer greep op het leven wil krijgen. Het stelt vragen over honden die Rilatine slikken, over tot slaaf van hun apparaten gemaakte mensen en schrijvende robots. Maar ook over onze verhouding tot de wereld, werk, bezit, liefde, tijd en geld.
Seppe De Meulder is filosoof. Hij werkt als journalist bij DeWereldMorgen.be.
‘Wat kan Seppe De Meulder schrijven! In het rijtje boeken geproduceerd door academici die diepgang verwarren met onleesbaarheid is dit werk een plezier om te lezen.’ – Paul Verhaeghe, psycholoog en auteur.
‘Een helder en overtuigend politiek pleidooi voor echte vrijheid!’ – Dominique Willaert, auteur en activist, over Waarom alles zo leeg voelt
Seppe De Meulder
€ 20,00
Te koop via EPO
by admin | jan 7, 2026 | Economie
Hoeveel miljoenen belastinggeld moeten we nog over de balk gooien vooraleer een IT-tsaar de verantwoordelijkheid krijgt om grote IT-projecten voor de overheid te doen lukken?
De wakkere burger vernam op tweede kerstdag dat het digitaliseringsproject van de politie is mislukt. Het kostte ons 75,8 miljoen euro en werd al betaald aan de Franse leverancier, zonder tastbare resultaten. Om dat belastinggeld op te hoesten, moesten Belgische bedrijven 303,2 miljoen euro winst maken of een omzet van 3 à 6 miljard euro draaien. Geen peulschil.
Mislukking is een weeskind, dus niemand is verantwoordelijk. Vier jaar eerder mislukte het project om justitie te digitaliseren, wat ons 28 miljoen euro kostte. Ook daarvoor was niemand verantwoordelijk. Je vraagt je misschien af: wie is de ezel die zich andermaal aan dezelfde steen stootte?
Dat in België niemand de verantwoordelijkheid neemt, of zelfs gevraagd wordt die te nemen, voor het verkwisten van meer dan 100 miljoen euro belastinggeld, is wraakroepend. Het betekent ook dat niemand zich verantwoordelijk voelt voor het succes van die grote IT-projecten. Een derde faalt doorgaans, een derde overschrijdt het budget of de tijdslijn en slechts een derde slaagt. Als niemand tot het uiterste gaat, mislukt het project gegarandeerd.
IT-projecten zijn staaltjes van ingewikkelde engineering. Wie zou aan een ingenieursbureau vragen om, van een wit blad papier, een auto te ontwerpen zonder bestaande componenten te kopen? Niemand. Je zou een autoconstructeur zelfs niet durven te vragen om het stuur van een bestaande auto in het midden in plaats van links vooraan te monteren. Toch is dat precies wat we van de meeste IT-projecten verwachten. Het project voor de politie moet leiden tot een uniform informatieplatform dat tachtig bestaande toepassingen en databanken zou vervangen. Daarvoor moeten ingenieurs iets totaal nieuws uitvinden, ontwerpen en bouwen.
Bovendien is de overheid verplicht openbare aanbestedingen te doen. Daarin is de prijs vaak doorslaggevend, met een gunningscriterium tot zelfs 60 procent. Een leverancier moet al bar slecht scoren op kwaliteit om met de laagste prijs niet te winnen. En zo gebeurt het dat reusachtige, buitenlandse, anonieme IT-dienstenbedrijven als wit product uit de overheidsselectie komen om moeilijke opdrachten uit te voeren. Daarvoor kiezen is meestal verliezen. Een IT-project is geen tastbaar product, zoals een vliegtuig of een tank, maar een zogenoemd ervaringsproduct. Je weet pas wat je gekocht hebt op het moment dat je door een ervaring met de leverancier bent gegaan.
Het doet me denken aan SAP-projecten, een notoire software die alle kernprocessen van een organisatie beheert. Weet je waarom SAP-projecten in Duitsland lukken en in Frankrijk mislukken? In Duitsland krijgen ingenieurs op de universiteit industriële bedrijfsmodellen als dogma gedoceerd. Net zoals een Duitse ingenieur een wiskundig axioma moet kennen, moet hij weten wat de processen van een autoconstructeur, een staal- of een chemisch bedrijf zijn. En SAP is de exacte automatisatie van die bedrijfsprocessen. Geen haar op het hoofd van een Duitse ingenieur dat eraan denkt SAP te veranderen. Maar Franse ingenieurs kennen geen dogmatische industriemodellen en leren de bedrijfswerkelijkheid zo goed mogelijk te modelleren. Als zij SAP moeten implementeren in een Frans bedrijf, zetten ze de software op zijn kop om die aan te passen aan hun manier van werken.
Hoeveel miljoenen belastinggeld moeten we nog over de balk gooien vooraleer een IT-tsaar de verantwoordelijkheid krijgt om grote IT-projecten voor de overheid te doen lukken? De schade van tientallen jaren stilstand bij de digitalisering van overheidsdiensten als justitie en politie is tenenkrommend.
Ooit woonde ik een presentatie bij van een collega met een bijzonder gevoel voor humor. Hij sprak over Bullsh-IT-projecten. Ik begreep aanvankelijk niet wat hij bedoelde, nu weet ik beter. Mijn wens voor België? Een laat kerstcadeau: IT-projecten die wél werken, met visie en verantwoordelijkheid.
Bron: trends.be
by admin | jan 6, 2026 | Onderwijs
Vlaams minister van Onderwijs Zuhal Demir (N-VA) verbiedt scholen om reclame te maken voor betalende bijlessen. Het verbod geldt voor scholen in het basis-, secundair- en deeltijds kunstonderwijs. Door die maatregel wil de minister vermijden dat leerlingen actief worden doorverwezen naar commerciële bijleskantoren.
Demir benadrukt dat extra ondersteuning via bijleggen geen verdienmodel mag worden waarbij leerlingen naar een betalend circuit worden geduwd. “Wie extra ondersteuning nodig heeft, mag niet het gevoel krijgen dat de oplossing buiten de school ligt of alleen bereikbaar is voor wie het kan betalen”, zegt ze.
Reclame via Smartschool
Uit onderzoek van de KU Leuven blijkt dat bijna een vijfde van alle scholieren die betalend bijles volgen, dat doet na advies op school. “Dat kan gebeuren in een informeel gesprek op een oudercontact, maar we hebben ook gezien dat er reclame wordt gemaakt via Smartschool”, aldus onderzoeker Willem De Cort (KU Leuven).
“Bepaalde bijleskantoren kunnen daar een link plaatsen en leerlingen worden dan via die link rechtstreeks naar dat kantoor doorverwezen. De school krijgt dan eigenlijk een korting of een soort voordeel voor elke extra leerling die ze doorverwijzen. Dat zijn maar enkele manieren waarop scholen reclame maken voor bijles.”
Zorgen rond gelijke kansen
Volgens de onderzoeker is het ook niet helemaal vreemd dat scholen deals maken met bijleskantoren. “Ten eerste kunnen ze hun leerkrachten zo deels ontlasten. Als leerkrachten leerlingen doorverwijzen naar een betaalde bijles, hebben ze zelf meer tijd om andere leerlingen te helpen.”
“Daarnaast krijgt een school na bijvoorbeeld 10 doorverwezen leerlingen een soort budget om bijles te geven aan een leerling die het niet kan betalen, via dat betalende bijleskantoor. Dus er is wel aandacht voor gelijke kansen. Maar de vraag is of we willen dat betaalde bijles op die manier genormaliseerd wordt.”
Deals niet meer toegestaan
Concreet betekent de nieuwe regel dat scholen geen links naar bijleskantoren meer mogen verspreiden. Ook het sluiten van deals of het toelaten van boodschappen die de verkoop van bijlessen promoten, is verboden. Gratis studieondersteuning of huiswerkbegeleiding voor kwetsbare gezinnen blijft wel toegestaan.
Het verbod wordt nu expliciet opgenomen in de officiële regelgeving. Dat geeft de onderwijsinspectie de macht om sneller op te treden tijdens doorlichtingen.
Scholen die zich niet aan de regels houden, kunnen direct worden aangesproken zonder dat er eerst een klacht moet binnenkomen. Welke concrete sanctie dan kan volgen, is niet duidelijk. Wel wordt de vaststelling meegenomen in de evaluatie van de school.
“Het is goed dat het debat in de lerarenkamers zo gestimuleerd wordt”, zegt De Cort. “Dat de onderwijsinspectie er nu op toeziet, zorgt ervoor dat het verder in het oog wordt gehouden. Door er nu op tijd bij te zijn, hopen we dat die praktijken niet verder groeien, zoals dat in andere landen wel al gebeurd is.”
Wat is het alternatief?
Maar is er dan een alternatief voor wie moeilijk gratis bijlessen kan vinden? “Het kan efficiënter zijn om bijlessen op grotere schaal te organiseren, bijvoorbeeld over schoolgemeenschappen heen, of door huiswerkklassen te organiseren”, vindt de onderzoeker. “We weten dat die effectief zijn en minder personeel vragen. Ze kunnen ook gegeven worden door onderwijsassistenten of oudere leerlingen — ook dat werkt.”
En bij sommige scholieren is een bijles, volgens De Cort, ook helemaal geen oplossing. “Soms zit een leerling in een studierichting die niet aansluit bij zijn of haar interesses of talenten. Dan is het soms beter om te heroriënteren in plaats van bijles te blijven volgen om toch maar die richting te halen. Daar is niets mis mee.”
bron: vrt.nws
by admin | jan 6, 2026 | Economie
Premier De Wever mag dan geloven dat welvaart van de top neerdaalt, echte groei begint bij solidariteit. Laat de grootvermogens eindelijk meebetalen aan onze toekomst.
Een gezonde begroting kan alleen als de grote vermogens hun deel doen. De belastingmix in België is ongelooflijk scheef doordat vooral arbeid voor de inkomsten moet zorgen. Vermogens buiten schot laten, is een privilege voor de top dat niet te houden is. Dit inkomstenprobleem voor de overheid negeren en in plaats daarvan enkel naar uitgaven kijken is onverantwoord, niet duurzaam en niet van deze tijd. Bovendien, het is al vaker geprobeerd. Het is een mislukt recept dat voor meer ongelijkheid zorgt en daarmee een gevaarlijke voedingsbodem creëert voor sociaal ongenoegen en populisme. Alsof we daar nog niet genoeg van hadden.
Iedereen is het er over eens dat de begroting gezond moet worden. Alleen: de klassieke besparingslogica klopt mathematisch niet. De overheid heeft een inkomstentekort omdat de samenleving met de nieuwe uitdagingen van deze tijd kampt: vergijzing, defensie, klimaat. Mensen verwachten daarvoor een overheid die oplossingen biedt, dus moet je middelen vinden. Hervormingen in de sociale zekerheid en arbeidsmarkt zijn noodzakelijk, maar alleen daarmee kom je er niet. Wie kijkt naar de groepen die vooral langdurig ziek zijn – ouderen, vrouwen, mensen met een burn-out – ziet dat vooruitgang daar niet in een vingerknip wordt geboekt (en het voor de grote meerderheid alles behalve om ‘profiteurs’ gaat). En wie beseft dat ook Vlaanderen, waar het laaghangend fruit aan maatregelen allang geplukt is, nog altijd niet aan een werkzaamheidsgraad van 80% raakt, weet dat makkelijke oplossingen niet bestaan. Hoed je voor populisten die enkel naar de andere landsdelen wijzen: van hen hoef je geen oplossingen te verwachten.
SCHEEFGEGROEIDE INKOMSTEN
Omdat enkel hervormingen niet voldoende zijn en de resultaten pas op termijn zichtbaar worden, wordt besparingsretoriek van stal gehaald. Bij gebrek aan visie, herhalen rechtse politici sinds mensenheugenis het mantra there’s no alternative. Er zal koste wat kost bespaard moeten worden. Er wordt niet vastgesteld dat het noodzakelijk is omwille van scheefgegroeide uitgaven. Het is simpelweg de enige optie die in overweging wordt genomen. Rechts vergeet altijd dat een budget twee kanten telt. Scheefgegroeide inkomsten komen nooit in aanmerking voor hervorming. Die vergeetachtigheid lijkt doelbewust om belangengroepen te beschermen, of vanuit rechtse ideologische dogma’s, met weinig verdiensten voor de uitdagingen waar we nu voor staan, zoals groeiende ongelijkheid en populisme.
Naar welke besparingen kijkt rechts dan? De federale bevoegdheden, zoals justitie en politie, houden zich nu al met moeite recht. Internationale solidariteit, altijd het eerste symbolische slachtoffer voor rechts – wisselgeld voor de begroting, immens tastbare resultaten op het veld – heeft al mogen dokken. Wat uiteindelijk altijd onuitputtelijk in aanmerking komt voor rechts zijn dan de sociale uitgaven. Vanuit een verkeerd geïnformeerd mensbeeld, zal daar altijd nog wel wat te rapen vallen. Voorstellen die N-VA en MR op tafel leggen bij de onderhandelingen en in hun partijprogramma’s, verraden dat de begroting in evenwicht brengen voor hen hetzelfde is als fundamenteel in de sociale welvaartsstaat kappen. Dat zou een grote fout zijn. In plaats daarvan zou het land op orde krijgen juist als kans aangegrepen moeten worden om een scheefgegroeid systeem van overbelasting van arbeid ten opzichte van kapitaal eindelijk recht te trekken. De verdediging van ons samenlevingsmodel waar we verantwoordelijk zijn voor elkaars welzijn en gelijke kansen in welvaart: dat zou pas staatsmanschap zijn.
BELASTINGSPARADOX
Rechts schermt met de hoogste belastingdruk van Europa als reden om niets aan de inkomstenzijde te doen. Dat is maar een deel van het verhaal. De waarheid is dat in verhouding onze middenklasse het grootste deel van de belastingdruk draagt. België heeft een belastingsparadox waarbij we arbeid wurgen en kapitaal sparen. Het allermeeste vermogen is in de handen van slechts een kleine groep. De effectieve belastingvoet van die kleine groep, is aanzienlijk lager dan de modale werknemer. Dat komt doordat kapitaal op alle mogelijke voordelige belastingregimes kan rekenen. Dat is simpelweg niet te rechtvaardigen. Het is onhoudbaar dat modale werknemers op hun belastingbrief meer bijdragen aan de samenleving dan de top. Zeker juist wanneer de samenleving zulke grote financiële noden heeft. Een structureel begrotingsevenwicht is niet haalbaar zonder een hervorming van de inkomstenzijde.
Bij het openingscollege politicologie aan de UGent door premier, Bart De Wever, stond welvaart centraal. Het was een mooie glimp in het wereldbeeld van N-VA en MR. Welvaart wordt in het plaatje van rechts gemaakt door de mensen aan de top, de grote investeerders en industriëlen. Daarom is voor hen de belastingsparadox rechtvaardigbaar. De rest van de samenleving mag blij zijn dat we dankzij hun welvaartcreatie aan onderwijs, armenzorg en ouderenzorg kunnen doen. De Wever projecteerde dat in die woorden visueel als respectievelijk ‘de basis’ en ‘de zuilen’. Enkel als de top het zich kan permitteren, zijn er aalmoezen voor het volk.
Terwijl de premier zou moeten weten dat juist solidariteit en herverdeling van kansen een structurele motor voor meer welvaart en economische groei zijn. Publieke uitgaven voor scholen en ziekenhuizen leiden tot slimmere en gezondere burgers met meer economische output en hogere productiviteit. Dat beweren niet alleen linkse economen als Piketty en Zucman, ook studies van het IMF, de Wereldbank, OESO stellen het al lang: landen met lagere ongelijkheid hebben langere groeiperioden en herverdeling zelf zorgt voor reële productieve groei en investeringen. De Scandinavische landen waar we zo naar opkijken, hadden decennia hoge kapitaalbelastingen met sterke economische groei. België blijft in Europa hopeloos achter als land dat kapitaal niet om een bijdrage durft vragen.
HERVERDELINGSMACHINE
Welvaartsgroei als doel op zich – zonder na te denken naar waar en wie de groei gaat – is zonder voorwerp. Groei moet altijd gaan om de meerderheid van de samenleving. Daarom zou in de verdiensten van de sociale welvaartsstaat snijden om de begroting in evenwicht te brengen een grote fout zijn. Snijden in de welvaartsstaat zou economische groei fnuiken en welvaartcreatie tegengaan. In plaats daarvan, moet de herverdelingsmachine weer op gang worden getrokken. Ook de top moet eindelijk hun eerlijk deel doen, zodat de sociale welvaartsstaat en economische groei hand in hand gaan.
Kijk naar Spanje: een verdubbeling van de economische groei (en dus minder staatsschuld), terwijl het land ook nog eens ongelijkheid verkleint en het klimaatprobleem aanpakt. Internationale media schreven over ‘het Spaanse model’. Sánchez zelf spreekt over ‘het sociaaldemocratische model’.
Politici op rechts onderschatten gigantisch welk onrechtvaardigheidsgevoel er onder grote groepen van de bevolking leeft, als men hoort over een zoveelste ronde besparingen die hen gaat raken. De crisis van democratie die op veel plekken ervaren wordt, hangt direct samen met hoe belastingen worden geheven. Mensen zijn niet bang om te praten over belastingen, mensen willen rechtvaardigheid. In plaats van het begrotingsprobleem aan rechts te laten, moet links het begrotingsprobleem claimen en het probleem van inkomsten benoemen. Dat betekent ongegeneerd opkomen voor noodzakelijke eerlijke bijdragen door iedereen. Alleen zo beschermen we de welvaartsstaat.
Bron: sampol.be