Kun je vakantiedagen overzetten naar volgend jaar?

Het is bijna vakantie en de  collega’s maken afspraken over de vakantie . Sommige collega’s dromen intussen al van hun bestemming voor de zomervakantie in 2025, maar sommige collega’s  hebben geen tijd om hun vakantie op te nemen… De hoogste tijd dus om enkele veel gestelde vragen rond vakantie te beantwoorden.

Vakantiedagen opbouwen en opnemen. Hoe zit het nu weer?

Volgens de Belgische vakantiewetgeving bouwt een werknemer vakantierechten op basis van zijn prestaties in het voorgaande kalenderjaar. Het kalenderjaar waarin de werknemer zijn vakantie opneemt wordt het vakantiejaar genoemd. Het voorafgaande kalenderjaar, waarin de vakantierechten worden opgebouwd, is het vakantiedienstjaar.

Diezelfde wetgeving bepaalt dat een werknemer zijn wettelijke vakantiedagen dient op te nemen voor het einde van het vakantiejaar. Met andere woorden: de werknemer heeft de verplichting om tegen 31 december 2025 alle wettelijke vakantie op te nemen die hij in 2024 heeft opgebouwd.

 Mijn werknemer vraagt of hij vakantiedagen kan overdragen naar volgend jaar. Mag dat?

Vakantiedagen overdragen is volgens de letter van de wet niet toegestaan en een werknemer die niet al zijn vakantiedagen opneemt is deze bijgevolg kwijt. Een bediende kan zijn werkgever dus niet vragen om de niet-opgenomen vakantiedagen uit te betalen.

Voor arbeiders liggen de zaken anders: zij ontvangen hun vakantiegeld van de Rijksdienst voor Jaarlijkse Vakantie en dit vakantiegeld blijft verworven, ook als ze niet al hun vakantiedagen opnemen.

In de praktijk wordt er in veel Belgische ondernemingen toegestaan dat op vraag van de werknemer, een beperkt aantal wettelijke vakantiedagen kan worden overgedragen, die dan binnen een bepaalde termijn opgenomen moeten worden.

Vanaf vakantiejaar 2024 kunnen wettelijke vakantiedagen in een beperkt aantal gevallen wél overgedragen worden.

Hoe werkt het nieuw systeem van overdracht van vakantie in geval van langdurige schorsing en onmogelijkheid om de wettelijke vakantiedagen op te nemen?

Wanneer een werknemer vakantiedagen niet kan opnemen tegen 31 december 2025 omwille van een langdurige afwezigheid te wijten aan een (arbeids)ongeval of beroepsziekte, arbeidsongeschiktheid, moederschapsrust, geboorteverlof, profylactisch verlof, adoptieverlof, pleegzorgverlof of een pleegouderverlof, moet de werknemer deze dagen kunnen overdragen.  

  • ! Het moet wel degelijk gaan om overmacht, waarbij de werknemer onmogelijk nog zijn vakantiedagen kan opnemen in 2025. Het gaat bijvoorbeeld niet om het geval waarin de werkgever tegen het einde van de jaar een werknemer, die in de loop van het jaar zes maanden ziek was, weigert om zijn vakantiedagen nog te laten opnemen. Echter, wanneer een werknemer bijvoorbeeld arbeidsongeschikt was van bijvoorbeeld 3 november 2024 tot en met 17 januari 2025, was hij in de onmogelijkheid om zijn wettelijke vakantiedagen nog op te nemen in 2024.

De niet-opgenomen vakantie moet in deze gevallen van schorsing worden toegekend binnen de 24 maanden die op het einde van het vakantiejaar volgen.

Het vakantiegeld voor de niet-opgenomen dagen wordt uiterlijk op 31 december van het betrokken vakantiejaar uitbetaald aan bedienden. Arbeiders behouden hun vakantiegeld via de vakantiekas.

Wat zijn de mogelijke gevolgen voor mij als werkgever indien niet alle vakantiedagen werden opgenomen?

Als werkgever heb je de plicht om ervoor te zorgen dat je werknemers hun vakantie opnemen. Het niet nakomen van deze verplichting kan gesanctioneerd worden met administratieve en zelfs strafrechtelijke geldboetes.

In de praktijk dien je ervoor te zorgen dat je je werknemers voldoende informeert over het feit dat ze tijdig hun openstaande vakantiedagen dienen op te nemen. Indien je werknemer, ondanks jouw waarschuwingen, toch beslist om niet al zijn dagen op te nemen, dan loop je geen risico op de hierboven vermelde sancties.

Een onderneming kent de werknemers bovenop hun wettelijke vakantie ook extralegale vakantiedagen toe. Wat zegt de wetgeving dáárover?

De wetgeving voorziet niet in een wettelijk kader voor extralegale vakantiedagen. Dat betekent concreet dat de  werkgever zelf de spelregels hierover bepaalt en bijgevolg kan vastleggen dat bovenwettelijke vakantiedagen overgedragen kunnen worden. Deze spelregels worden best in het arbeidsreglement vastgelegd.

Nieuw sinds 2024: eindverrekening aftrek vakantieattest in december voor nieuwe bedienden

Zoals uitgelegd in onze newsletter is de procedure voor de aftrek van enkel vakantiegeld voor nieuwe bedienden gewijzigd in 2024. Sinds 2024 gebeurt die aftrek in twee fasen:

  1. Gedurende het jaar: telkens wanneer een bediende een vakantiedag opgebouwd bij zijn vorige werkgever, opneemt bij zijn nieuwe werkgever, zal de bediende zijn normaal vast loon ontvangen, maar met een aftrek van 90% van het vast loon voor de opgenomen vakantiedagen gedurende die maand.
  2. December: eindverrekening van het enkel vakantiegeld, rekening houdend met de bedragen van het enkel vakantiegeld vermeld op het vakantieattest, verminderd met de bedragen die al in mindering werden gebracht gedurende het jaar.

Het resultaat van deze eindverrekening kan een teruggave of een bijkomende aftrek zijn. Dit zal duidelijk zijn in de loonbrief van de maand december. Zie ook.

Hoe kan ik het overzicht bewaren over de resterende vakantiedagen van mijn werknemers?

Indien je HR-afdeling geen eigen kalender heeft om de vakantierechten van werknemers bij te houden, dan kan Pro-Pay je helpen met een handige tool. Your Easy Absence Planner (YEAP) kan je helpen bij het beheer van alle afwezigheden, inclusief alle soorten vakantie. Het is immers belangrijk om ook andere afwezigheden correct te rapporteren met het oog op jouw wettelijke verplichtingen als werkgever en het recht van de werknemer op bepaalde uitkeringen. Met YEAP wordt het overzicht krijgen of houden op de vakantietellers van je werknemers heel eenvoudig.

Sociale onrust bij Lidl

Sociale onrust bij Lidl

Donderdagochtend 5 juni  hebben werknemers van supermarktketen Lidl de vijf Belgische distributiecentra van het bedrijf geblokkeerd. Het protest richt zich tegen de als “ondraaglijk” omschreven werkdruk en een aanhoudende stroom onopgeloste klachten vanuit de winkels.

Vakbonden eisen dat Lidl uiterlijk 10 juni met een verbeterplan komt, anders volgt een algemene staking.  Lidl betreurt het gebrek aan overleg, blijft openstaan voor dialoog en zegt dat de bevoorrading voorlopig niet in gevaar is. De blokkades begonnen rond 3 uur ’s ochtends aan de depots in Genk, Sint-Niklaas, Gullegem, La Louvière en Marche-en-Famenne. Door de actie worden de winkels vandaag niet bevoorraad, al zou dat voorlopig geen problemen opleveren.

Lijst aan klachten

De werknemers willen met hun actie een krachtig signaal geven aan de directie. De lijst met klachten is lang. Structurele onderbezetting in de winkels, studenten die als volwaardige krachten worden meegeteld, wekelijks veranderende winkelinrichtingen, en een overvloed aan administratie – zoals een wekelijkse ‘briefing’ van vijftig A4-pagina’s, zo klinkt het in een persbericht. Daarnaast klagen medewerkers over onzekere uurroosters, veel overuren, een hoog ziekteverzuim en een stijgend aantal gevallen van agressie in de winkels. Ook de werkdruk zou enorm zijn. “Al meer dan twee jaar kaart het personeel de problemen aan, zoals de torenhoge werkdruk en de verkooptargets (het aantal artikelen dat medewerkers moeten verwerken, red.)”.

Lidl betreurt de actie

De vakbonden eisen dat Lidl uiterlijk dinsdag 10 juni een concreet verbeterplan op tafel legt. Op die dag vindt een nationale overlegvergadering plaats. Gebeurt dat niet, dan volgt een algemene stakingsaanzegging – samen met de Franstalige vakbond CNE – die ook de winkels zal treffen. 

Lidl reageert ontgoocheld op de actie. Zeker omdat er op 10 juni net een dialoog gepland staat. “We betreuren dat er geen voorafgaand overleg heeft plaatsgevonden met de actievoerders”, zegt Isabelle Colbrandt, hoofd bedrijfszaken bij Lidl. “Wij zetten net sterk in op dialoog en blijven ook nu bereid om met de vakbonden rond de tafel te zitten.”

Bron: GVA

Foto: Jérémy-Günther-Heinz Jähnick

Neutr-On steunt de actie voor betere werkomstandigheden.

Nieuwe paus komt uit VS

Nieuwe paus komt uit VS

Kardinaal Robert Prevost is  gekozen tot nieuwe paus en leider van de Rooms-Katholieke Kerk. De Amerikaan heeft de naam paus Leo XIV aangenomen.

Dat kondigde de Franse kardinaal Dominique Mamberti aan met de Latijnse woorden ‘Habemus Papam‘ (We hebben een paus) voor een menigte van tienduizenden mensen op het Sint-Pietersplein.

Paus Leo verscheen op het centrale balkon van de Sint-Pietersbasiliek, ongeveer zeventig minuten nadat witte rook uit een schoorsteen boven de Sixtijnse Kapel was opgestegen. Dit betekende dat de 133 kardinalen die daartoe bevoegd waren een nieuwe leider hadden gekozen voor de 1,4 miljard leden tellende kerk. Leo riep op tot „vrede voor alle volkeren”.

De 69-jarige Prevost, afkomstig uit Chicago, heeft het grootste deel van zijn carrière als missionaris in Peru doorgebracht en werd pas in 2023 kardinaal. Hij heeft weinig media-interviews gegeven en spreekt zelden in het openbaar. Voorafgaand aan het conclaaf riepen sommige kardinalen op tot continuïteit met Franciscus’ visie van meer openheid en hervorming. Andere kardinalen zeiden dat ze de klok wilden terugdraaien en oude tradities wilden omarmen.
Leo XIV wordt de 267e katholieke paus na het overlijden vorige maand van paus Franciscus, die de eerste Latijns-Amerikaanse paus was en de kerk twaalf jaar had geleid. Franciscus voerde een reeks hervormingen door en maakte debat mogelijk over verdeeldheid zaaiende kwesties zoals de wijding van vrouwen en een betere inclusie van lhbti-katholieken.

Rerum Novarum

Het is niet echt duidelijk of het toevallig is dat de nieuwe paus zichzelf Leo XIV noemt naar zijn illustere voorganger Leo XIII die de encycliek Rerum Novarum uitvaardigde.

Rerum Novarum is een pauselijke encycliek die werd uitgevaardigd door paus Leo XIII op 15 mei 1891. De naam betekent letterlijk “Over de Nieuwe Dingen” en de tekst richtte zich op de sociale en economische situatie van arbeiders in de 19e eeuw.

De encycliek legde de basis voor de sociale leer van de Katholieke Kerk en behandelde thema’s zoals:

  • Rechtvaardig loon voor arbeiders.
  • Vakbonden als middel om arbeiders te beschermen.
  • Solidariteit met de zwakkeren.
  • Kritiek op zowel ongebreideld kapitalisme als marxistisch socialisme.

Rerum Novarum had een grote invloed op de katholieke arbeidersbeweging en inspireerde later sociale hervormingen en vakbonden wereldwijd.  Je kunt de volledige tekst van Rerum Novarum vinden op RK Documenten en Wikipedia.

Er zijn nog  meerdere sociale encyclieken die voortbouwen op de principes van Rerum Novarum. Voor de geïnteresseerden geven we hier  enkele belangrijke:

  • Quadragesimo Anno (1931) – Paus Pius XI, over de economische crisis en sociale rechtvaardigheid.
  • Mater et Magistra (1961) – Paus Johannes XXIII, over sociale vooruitgang en de rol van de staat.
  • Populorum Progressio (1967) – Paus Paulus VI, over economische ontwikkeling en armoedebestrijding.
  • Laborem Exercens (1981) – Paus Johannes Paulus II, over de waarde van arbeid.
  • Sollicitudo Rei Socialis (1987) – Paus Johannes Paulus II, over solidariteit en ongelijkheid.
  • Centesimus Annus (1991) – Paus Johannes Paulus II, ter herdenking van 100 jaar Rerum Novarum.
  • Caritas in Veritate (2009) – Paus Benedictus XVI, over ethiek en economie.

Toch zouden de kerken wel meer kunnen doen om de armen te helpen.  Er zijn verschillende gevallen waarin kerken hun eigen leer niet volledig naleven. Dit kan gaan om sociale kwesties, financiële praktijken of machtsstructuren die niet overeenkomen met hun oorspronkelijke principes. Hier zijn enkele voorbeelden:

  1. Sociale rechtvaardigheid en armoedebestrijding – Sommige kerken prediken solidariteit met de armen, maar bezitten enorme rijkdommen en vastgoed.
  2. Machtsmisbruik en schandalen – Er zijn gevallen waarin religieuze instellingen betrokken zijn geweest bij misbruikschandalen, terwijl ze juist bescherming en ethiek zouden moeten bevorderen. Denk aan het kindermisbruik door bisschoppen en priesters.

Politieke inmenging – Sommige kerken nemen politieke standpunten in die haaks staan op hun leer van neutraliteit en vrede. Dit kan leiden tot controverses en spanningen binnen gemeenschappen.    Hier vind je een artikel over corruptie binnen de kerk.

Leerkrachten halen eindtermen niet!

Leerkrachten halen eindtermen niet!

Veel toekomstige leerkrachten halen eindtermen lager onderwijs zelf niet: “Dit toont hoe slecht de kwaliteit van het secundair onderwijs is”

Studenten die aan de lerarenopleiding voor de lagere school beginnen, slagen vaak niet voor de starttoetsen wiskunde en Frans. Het niveau daarvan ligt nochtans niet hoog: de tests zijn opgesteld op het niveau van 12-jarigen. Ook leerlingen uit het aso scoren vrij zwak.

Als het van minister van Onderwijs Zuhal Demir (N-VA) afhangt, geven leerkrachten in het lager onderwijs over twee schooljaren les over het Gilgamesj-epos, het meewerkend voorwerp, rekenen met breuken of Garcia II van Kongo. Alleen zal dat de komende jaren heel wat druk op de lerarenopleidingen zetten. Veel jongeren die aan de opleiding beginnen, bezitten weinig parate kennis, blijkt uit de resultaten van de starttoets, die De Standaard kon inkijken.

Studenten die aan de lerarenopleiding beginnen, moeten sinds enkele jaren een test afleggen voor de start van het eerste jaar. De toets Nederlands is verplicht voor alle studenten – van het kleuteronderwijs tot het secundair. Wie in het lager onderwijs wil lesgeven, wordt ook op wiskunde en Frans getest. Afhankelijk van het resultaat, wordt remediëring verplicht of aangeraden.

Vooral op wiskunde en Frans scoren de leerkrachten in spe slecht. Voor wiskunde haalt een op de drie studenten niet de helft op de toets. Zij zijn verplicht remediëring te volgen. Nog een derde scoort net boven de helft en krijgt het advies om zich te laten remediëren. Voor Frans is de situatie nog ernstiger: 43 procent haalt minder dan 50 procent, nog eens 27 procent kreeg het advies om extra lessen te volgen. Voor Franse grammatica lag het gemiddelde onder de helft.

Het niveau van de toetsen ligt niet hoog. De starttoetsen voor wiskunde en Frans testen de minimumdoelen of eindtermen van het lager onderwijs: wat kinderen kennen en kunnen op het einde van het zesde leerjaar. Voor Nederlands is de test gebaseerd op de minimumdoelen voor het secundair onderwijs voor de dubbele finaliteit, het vroegere tso. Er wordt de studenten aangeraden niet voor de test te studeren, zo krijgen ze een eerlijk beeld van hun actuele kennis.

Voor Nederlands zijn de resultaten beter. Al komt hier een pijnpunt naar boven dat ook in internationale toetsen als Pisa terugkeert. Er zijn amper toppresteerders. Slechts 2,91 procent van de bijna 7.000 deelnemers scoort tussen 85 en 100 procent. Bovendien liggen de scores bij leerlingen uit doorstroomrichtingen – het vroegere aso – niet veel hoger dan bij leerlingen uit het tso of kso. “Niemand scoort spectaculair”, zegt iemand die bij de analyse betrokken was.

“Dit is geen blamage voor de lerarenopleidingen. Het toont alleen hoe slecht de kwaliteit van het secundair onderwijs vandaag is. En welke grote achterstand de opleidingen moeten goedmaken”, zegt een directeur van een hogeschool.

De toetsen zijn een uiterst delicaat thema. De Vlaamse Hogescholenraad heeft de lerarenopleidingen nadrukkelijk gevraagd om niet te communiceren over de resultaten. Ook de organisatie zelf communiceert niet. Ze schoof de hete aardappel door naar minister Demir. Maar ook haar kabinet wenste de resultaten niet te delen. Het ontkende aanvankelijk zelfs dat Demir de resultaten had.

Storm op komst

Achter dat stilzwijgen zitten meerdere redenen. De hogescholen vrezen om in een rondje zwartepieten te belanden met het secundair onderwijs. Tegelijk leeft de angst bij de lerarenopleidingen – die vaak al in een slecht daglicht gesteld worden – om opnieuw negatief in beeld te komen. Door het lerarentekort is elke leraar nodig. “En eigenlijk heeft deze test weinig voorspellende waarde voor het afleveren van goede leerkrachten”, zegt de persoon die bij de analyse betrokken was. “Het hangt vooral af van wat er in de lerarenopleiding zelf gebeurt.” Verschillende hogescholen maken een beweging naar meer focus op vakinhoud.

De komende jaren wacht de opleidingen wellicht ook een storm. Zoals aangekondigd in het regeerakkoord, plant Demir een hervorming van de lerarenopleiding. Geen enkele opleiding wil nu al iets aankaarten, uit vrees haar stuk van de taart te zien verdwijnen.

De hogescholen benadrukken zelf dat ze veel doen om de leerlingen bij te spijkeren. Ze bieden niet alleen verplichte pakketten van dertig uur aan, maar ook individuele remediëring. Zo organiseert Thomas More vakantiecursussen Nederlands, Frans en wiskunde. Andere hogescholen, zoals Artevelde, bieden trajecten van veertig uur wiskunde of tachtig uur Frans aan via een samenwerking met het volwassenenonderwijs.

Bron: GVA

Arbeidsrecht op de schop?

Voor de twaalfde keer al publiceerde ITUC, de Mondiale Confederatie van vakbonden, haar ‘Rechtenindex’.

Goed nieuws valt er dit jaar niet in te lezen. Zowat overal ter wereld gaan de arbeidsrechten achteruit. Het is beslist geen probleem van arme landen, wel integendeel. De snelste achteruitgang wordt in Europa vastgesteld, daarna op het Amerikaanse continent.

Tien jaar geleden waren er nog 18 van de 151 opgevolgde landen waar een topscore van 1 kon worden gegeven. Dit jaar zijn het er niet meer dan zeven: Oostenrijk, Denemarken, Duitsland, IJsland, Ierland, Noorwegen en Zweden.

Slechts drie landen verbeterden hun score: Australië, Mexico en Oman.

Niet minder dan 51 landen haalden de slechtste score, met name 5 en 5+

De landen die  het  slechtst zijn gesteld met de arbeidsrechten zijn Bangladesh, Belarus, Ecuador, Egypte, Eswatini, Myanmar, Nigeria, Filippijnen, Tunesië en Turkije.

In Kameroen, Colombia, Guatemala, Peru en Zuid-Afrika werden vakbondsmensen gedood.

In 87 % van de landen worden vakbondsrechten geschonden, en in 80 % van de landen  wordt het recht op collectieve onderhandelingen geschonden. Zelfs in Frankrijk zijn 4 op de 10 CAO’s unilateraal door de werkgever opgelegd.

In Zweden werden in de Tesla-fabriek stakende arbeiders vervangen om Cao-onderhandelingen te vermijden.

De Belgische secretaris-generaal van ITUC, Luc Triangle, slaat alarm. Als het zo verder gaat haalt over 10 jaar geen enkel land nog een topscore, zo stelt hij.

Door in te stemmen met een neoliberaal beleid van dereguleringen hebben de regeringen het pad geëffend voor autoritarisme en extremisme. Met de hulp van de miljardairs is dat ook tégen de democratie. Zo komt een eind aan de naoorlogse periode waarin het arbeidsrecht werd geconsolideerd.

Het kan anders, aldus nog Triangle. Het roer moet nú worden omgegooid. Het volledig rapport leest u hier: Global Rights Index – International Trade Union Confederation