En toen ging het niet meer Vooruit

De Antwerpse sociaaldemocratie grijpt terug naar een traditie van de afgelopen jaren, namelijk die van een interne crisis die in de media wordt uitgevochten. Een lijsttrekker die in een interview verklaart dat ze met één been buiten de partij blijft staan en De Wever dan nog eens omschrijft als “één van de grootste politici van zijn generatie” straalt niet bepaald vertrouwen uit. Na het vertrek van Tom Meeuws kondigde Jinnih Beels nu ook aan dat ze het lijsttrekkerschap voor de gemeenteraadsverkiezingen ter beschikking stelt.

Het conflict tussen Meeuws en Beels was niet zozeer het resultaat van grote ideologische verschillen. Ze kwamen beiden uit hetzelfde milieu van managers en topfiguren. Beels kwam van bij de politie en Meeuws was directeur bij De Lijn en voordien als directeur bij de stad Antwerpen verantwoordelijk voor het invoeren van de GAS-boetes. Ze stapten beiden zonder problemen in een coalitie met de N-VA van De Wever. Ze proberen het nu voor te stellen alsof ze sociale maatregelen bekwamen, terwijl dit bestuur vooral verdere stappen zette in het commercialiseren van onder meer de zorg, opnieuw ongeveer 500 jobs schrapte in de stadsdiensten en toezag op een verdere daling van het aantal sociale woningen.

Dat zeer pover resultaat na zes jaar machtsdeelname door de sociaaldemocratie maakt dat de interne discussies en conflicten vooral over personen en imago’s gaan. Het klopt dat Beels heel welwillend is ten aanzien van de N-VA, maar ook de rest van Vooruit slaagde er niet in om een sociale agenda op te leggen en ging uiteindelijk ver mee in het neoliberale beleid. Een beleid waarbij De Wever in grote mate verder bouwde op de erfenis van de sociaaldemocratische burgemeesters die hem voorafgingen. De verdediging van Beels? “Als wij niet in dit stadsbestuur waren gestapt, was het nog veel erger geweest.” Ook dat is niet bepaald een uiting van groot vertrouwen.

In de media wordt de interne crisis mee toegeschreven aan het vertrek van Conner Rousseau als voorzitter. Zijn autoritaire opstelling deed naar verluidt iedereen in het gelid lopen. Dat was natuurlijk ingegeven door de goede peilingen die in grote mate een populariteitsstem voor Rousseau waren. Hij zette het product ‘conner’ in de markt en trok daarmee aandacht, wat winst in de peilingen opleverde en loyaliteit van al wie zich daar al van zag profiteren. Een dergelijke methode is echter een zeepbel die eerder vroeg dan laat kan barsten. Een politiek imago in de markt zetten, is namelijk iets anders dan verandering  bekomen, zeker verandering in het belang van de meerderheid van de bevolking. De houdbaarheidsdatum van dergelijke public relations is beperkt. Daar trekt Vooruit geen lessen uit. Beels blijft benadrukken: “Van ideologie kun je niet eten.” Van asociaal beleid kan je zeker niet eten, of is ook dat een te ideologische conclusie?

In Humo zei Beels deze week dat haar “liefde voor Antwerpen het grootst is.” Op donderdag deed ze afstand van haar lijsttrekkerschap voor de gemeenteraadsverkiezingen en sloeg ze de bladzijde van de lokale politiek om. Ondertussen blijft ze lijsttrekker voor de parlementsverkiezingen. In de peilingen gaat het achteruit en Beels lijkt aangeschoten wild te zijn in Antwerpen. Bij Vooruit wordt ongetwijfeld gehoopt dat eensgezinde en positieve communicatie de crisis kan bezweren, maar het probleem zit dieper. Het aanvaarden en zelf voeren van een rechts beleid, waarbij er amper nog iets afgevijld wordt van de steeds scherpe asociale randjes, ligt aan de basis van de historische neergang van wat ooit de onbetwiste grootste partij van ’t stad was.

Tegenover dit beleid is er nood aan een links alternatief dat vertrekt van de noden van de werkende bevolking en hun gezinnen. Een alternatief dat betaalbaar wonen, de uitbouw van openbare diensten, massale investeringen in zorg en onderwijs … centraal stelt en niet de belangen van bevriende projectontwikkelaars. Dit betekent een stem voor PVDA gekoppeld aan een oproep om het verzet tegen het huidige beleid zo sterk en zo actief mogelijk te organiseren met het oog op een socialistische maatschappijverandering die voor eens en altijd een einde maakt aan het kapitalisme.  

Bron: socialisme.be

Femma: Gelijke porties 2024

Wij stemmen voor gelijke porties! En jij? 

Dit jaar trekken we verschillende keren naar de stembus. We kiezen voor Europa, België, Vlaanderen en Brussel en onze eigen stad of gemeente. Verkiezingen zijn hét moment om als burger het beleid mee vorm te geven. Jij beslist wie er ons de komende jaren gaat vertegenwoordigen en welke richting we uitgaan in onze maatschappij. Jouw stem telt! 

Femma stemt voor gelijke porties. We gaan op zoek naar die partijen die onbetaalde zorg waarderen, die kiezen voor een betere verdeling van arbeid, zorg en vrije tijd en die oog hebben voor de kwetsbare groepen in onze samenleving. Dit alles vanuit het oogpunt van vrouwen. Het wordt hoog tijd dat zij niet meer de dupe zijn van stereotypen, vastgeroeste vooroordelen en slechte beleidskeuzes.

Download hier onze eisen. 

Bron: femma.be

Premier Alexander De Croo (Open VLD): “Ons land heeft een nieuw politiek verhaal nodig”

Premier Alexander De Croo (Open VLD): “Ons land heeft een nieuw politiek verhaal nodig”

BRUSSEL – “Ik, de laatste premier? Maar néén, gij!” De kritiek op zijn regering is vaak snoeihard, maar Alexander De Croo is niet uit zijn lood te slaan. Voor mij zit een zelfzeker man die zijn beleid vurig verdedigt, maar tegelijk wél pleit voor een nieuw verhaal na 9 juni. Tegen een staatshervorming zegt de Open VLD’er radicaal neen.

Het is Pasen en het is de Ronde van Vlaanderen vandaag. Naar welke van de twee hoogmissen zou onze premier het meeste uitkijken? Alexander De Croo moet niet lang nadenken. “Naar de Ronde van Vlaanderen. En dat zeg ik niet omdat ik vrijzinnig ben. (lacht) Ik woon in de Vlaamse Ardennen, ik woon zelfs langs het parcours, op de afdaling naar de Berendries. Dat is een prachtige streek en wij zijn fier dat we dit vandaag mogen tonen aan de rest van de wereld. Het is geen toeval dat de meeste van mijn klasgenoten hier nog altijd wonen.”

Wat wordt op zo’n dag verwacht van een premier? Dat hij de VIP-tenten afschuimt?

“Je wordt daarvoor uitgenodigd, maar ik doe eigenlijk wat ik altijd heb gedaan. Eerst een paasontbijt en daarna met vrouw en kinderen naar de Berendries. Dat is amper vijfhonderd meter wandelen. Vervolgens gaan we naar de finish in Oudenaarde. Zo’n VIP-tent is trouwens niet zo exclusief als het klinkt, hoor. Dat is vooral plezier maken en bier drinken. Typisch Belgisch dus. Wij zijn echt wereldtop op vlak van organisatie van zulke evenementen. Dat mag eens gezegd worden.”

Mag u dan ook eens doorzakken?

“Neen. Ik ga me wel ontspannen, maar je kan je als premier niet permitteren om een kater te hebben, vind ik. Omgekeerd zijn er buitenlandse collega’s die elke druppel alcohol afzweren omwille van hun ambt. Dat vind ik niet nodig. Ik drink graag een pint en ik blijf dat doen. Als wij in het buitenland een receptie organiseren, dan sta ik erop dat we Belgisch bier schenken.”

Fietst u zelf nog na uw zware val vorige zomer?

“Jawel. Vallen hoort er helaas bij. Gelukkig heeft mijn zoon kordaat gereageerd en direct de hulpdiensten gebeld. Ik ben dertig seconden buiten westen geweest, maar ik ben een halfuur kwijt in mijn geheugen. Dat was confronterend, maar het maakt me niet bang. Ik doe zaterdag (gisteren, red.) ook gewoon mee met de wielertoeristen zoals ik altijd gedaan heb. Deze streek is een beetje mijn persoonlijke zandbak.”

Was u niet liever wielrenner geworden dan premier?

“Neen. Als kind wou ik piloot worden. Ik keek wel op naar de coureurs. Peter Van Petegem was mijn grote held. Maar ik had niet de fysieke capaciteiten om zelf wielrenner te worden. (blaast) Die gasten maken zúlke opofferingen, terwijl één detail, één val, alles kan verpesten. Kijk naar Wout van Aert. Je kan daar alleen maar bewondering voor hebben. Topsport is heel ontnuchterend. Je kan verkondigen wat je wil, maar aan de eindmeet telt alleen de uitslag.”

Dat doet denken aan de politiek. U wou met uw regering bewijzen dat België wel nog werkt. We staan aan de eindmeet. Bent u daarin geslaagd?

“Als je samenwerkt, is er veel mogelijk in dit land. Dat hebben wij met deze regering bewezen. Dus het antwoord is ja.”

Waar bent u het meeste fier op?

(denkt na) Ik wil drie dingen noemen. Eén: onze vaccinatiecampagne was de beste van de hele wereld. Eerst de zwakkeren, daarna alle anderen. Dat was heel straf. Twee: er is geen land in Europa dat de koopkracht beter beschermd heeft dan wij. Je zou de lezers eens de vraag moeten stellen: wiens bankrekening is vandaag slechter dan voor de crisis? De mensen zijn rijker geworden, en dat is dankzij het beleid. We zijn bijvoorbeeld heel effectief geweest met onze tijdelijke werkloosheid en met de energiesteun. En drie: we gaan twee kerncentrales langer open houden.”

“De blinde obsessie van Vlaams Belang om dit land kapot te maken, maakt van hen de ideale bondgenoot van Poetin”

U wou aanvankelijk het omgekeerde doen.

“Maar de wereld is veranderd. Vandaag willen we volledig af van Russisch gas. Al is dat voor mij zelfs niet het belangrijkste. We hebben kernenergie nodig om onze CO2-uitstoot naar beneden te krijgen. Toen we hieraan begonnen, zei iedereen dat dat nooit zou lukken met de groenen. Maar zie: we hebben het gedaan!”

In de wet staat nog altijd dat er geen nieuwe centrales gebouwd mogen worden. Had u dat dan ook niet moeten aanpassen?

“Dat gaan we doen van zodra er een concreet project op tafel ligt. Dat is de manier waarop we in België altijd gewerkt hebben.”

Waar bent u het meeste ontgoocheld over?

“Over de profileringsdrang van sommige partijen. Ik begrijp niet waarom niet iedereen het beleid voluit verdedigt. Wellicht is zeven partijen te veel van het goede. (denkt na) En als ik naar het beleid kijk: ik had graag een fiscale hervorming gerealiseerd die het verschil tussen werken en niet-werken groter maakt. Helaas zou het voorstel dat op tafel lag, een te diep gat in de begroting geslagen hebben.”

CD&V wijst naar u voor het mislukken daarvan. U zou het bevoegd minister Vincent Van Peteghem niet gegund hebben omdat hij een streekgenoot is.

“Dat is kleintjes van hen en het is vooral een leugen. Vincent en ik hebben samen getrokken aan dit dossier. Dit stond niet eens in het regeerakkoord.”

De grootste kritiek komt op de ontspoorde begroting. ‘De toestand is desastreus’, zegt econoom Geert Noels in Het Laatste Nieuws. Akkoord?

(geprikkeld) Neen. Laat me duidelijk zijn: de begroting moet beter. Maar de kritiek vind ik totaal overdreven. Altijd dat pessimisme. Ik ga daar niet aan meedoen. Wij hebben helemaal niet de slechtste begroting van Europa. Frankrijk, Italië, Slovakije, Malta: dat zijn allemaal landen die slechter doen. Deze regering heeft in crisistijden de economie willen beschermen. Dat is ons ook gelukt.”

Die eenmalige uitgaven zijn het probleem niet, zeggen de meeste economen. Het probleem zit dieperliggend: in de sociale zekerheid.

“Dat is waar en daarom komen de verkiezingen op een goed moment. Deze regering heeft ook hervormd, hoor, maar we hebben vooral beschermd. Nu is het tijd om de focus te verleggen. Hoe krijgen we onze begroting op orde? Hoe krijgen we dus meer mensen aan het werk? Hoe investeren we meer in defensie en veiligheid? Dat zijn de uitdagingen van de toekomst. Daarom heeft ons land nu een nieuwe dynamiek nodig, een nieuw politiek verhaal en een nieuw regeerakkoord. En dus is het goed dat er nu verkiezingen komen. Mijn partij heeft een helder begrotingspad voor de komende vijf jaar op tafel gelegd. Ik hoop dat alle partijen dat doen.”

Kan u dat nieuwe verhaal schrijven met dezelfde zeven regeringspartijen?

(blaast) Mijn ervaring is dat het makkelijker gaat met minder partijen. Ik hoop dus dat de volgende regering minder partijen telt. Maar dat zijn van die vragen … Laat de kiezer zich eerst uitspreken en daarna zien we wel. Ik wil wel dit zeggen: de volgende regering moet een sociaaleconomische focus hebben. Meer mensen aan het werk krijgen: dat wordt de prioriteit. Het verschil tussen werken en niet-werken moet daarom minstens 500 euro bedragen.”

Lees: geen staatshervorming.

“Absoluut niet, neen. (op dreef) Kijk naar wat er gebeurt in de wereld. Poetin die de westerse democratieën wil destabiliseren. China dat hier parlementsleden omkoopt. Waarom zouden wij ons dan bezighouden met staatshervormingen? Je kan je vandaag geen stilstand permitteren. Na de verkiezingen moeten we zo snel mogelijk een nieuwe regering vormen. Ik ga meer zeggen: de fundamenten moeten klaarliggen als de mensen met vakantie vertrekken.”

Bent u verrast door de Russische en Chinese banden van Vlaams Belang-kopstukken zoals Filip Dewinter?

“Vijf jaar geleden zou ik verrast zijn. Nu niet meer. De Staatsveiligheid waarschuwt mij bijna elke maand voor dergelijke gevaren. Het is tijd dat Vlaams Belang met antwoorden komt. (windt zich op) Wiens belang dient zij? Het Chinees belang? Het Russisch? Of wat is het? Hun blinde obsessie om dit land kapot te maken, maakt van hen de ideale bondgenoot van Poetin. Ik begin te begrijpen waarom zij de Russische invasie amper wilden veroordelen.”

Uw regeerakkoord bevatte een ambitieus luik politieke vernieuwing. Kan u stellen dat het land politiek vernieuwd is in vergelijking met vier jaar geleden?

“Op vlak van wetten en instellingen niet, neen. Maar politiek is mensenwerk. Dat is de grootste les die ik geleerd heb. Als je aan tafel mensen hebt die niet willen samenwerken, dan krijg je niets voor elkaar. Geen enkele staatshervorming kan daar iets aan veranderen. De grootste politieke vernieuwing ligt in handen van de kiezer. Kies je voor politici die willen samenwerken of voor politici die de boel willen blokkeren? Wil je te grabbel gooien wat we hier hebben? Als je straks stemt voor Vlaams Belang, dan weet je wat je gaat krijgen. (benadrukt) Trouwens: dat extreemrechts klaagt dat niemand met hen wil samenwerken, is de wereld op zijn kop. Zou jij samenwerken met iemand die jou uitscheldt voor onnozelaar en zakkenvuller?”

In het regeerakkoord staat dat u de regeringsvorming vlotter wou maken. Dat is niet gebeurd. Zal u zich dat binnen enkele maanden niet beklagen?

(geprikkeld) Je kan daar nu vragen over blijven stellen, ik zeg toch dat dat luik niet uitgevoerd is. Ik kan gerust toegeven dat we niet alles gerealiseerd hebben. Door de opeenvolgende crisissen lagen onze prioriteiten elders. De oorlog was niet te voorzien.”

Wordt u nooit badend in het zweet wakker dat u de laatste premier van dit land bent?

“Maar neen, gij. (lacht) Die kans is onbestaande. Vraag eens aan de burgers of we dit land moeten splitsen. Misschien zal één op tien zeggen van wel. De anderen willen vooral dat het land beter werkt. En daar hebben ze gelijk in. Ik geloof in de meerwaarde van België, maar het kan nog beter dan vandaag.”

Uw partij doet het niet goed in de peilingen. Om in de sfeer van Pasen te blijven: gelooft u nog in een verrijzenis tegen 9 juni?

“Die link ga ik niet maken. (glimlacht) Kijk: wij kunnen met een goed rapport naar de kiezer stappen en we hebben een toekomstplan op tafel gelegd. Meer kan je als partij niet doen. Nu is het aan de kiezer. De peilingen zijn niet wat ze moeten zijn, maar als je de Belgen vraagt wie ze willen als premier, dan sta ik wel bovenaan.”

U blijft overeind. Dat moet deugd doen na alle kritiek?

“Je doet niet aan politiek voor de bloemen, maar ja, natuurlijk doet dat deugd. Maar wie wil dat ik nog een rol speel, moet voor mijn partij stemmen.”

Was u nu de dweil van de Wetstraat, zoals u ooit zelf had voorspeld?

“Maar neen. Ik kan me ook vergissen, hè. (lacht) Ik heb een lange lijst met realisaties waarop ik als liberaal regeringsleider echt fier kan zijn. Ik heb de rol gespeeld die ik wou. Dat wij maar de zevende grootste partij waren, heeft nooit meegespeeld.”

“Er zijn buitenlandse collega’s die elke druppel alcohol afzweren omwille van hun ambt. Dat vind ik niet nodig. Ik drink graag een pint”

U wou ook de groenste regering ooit zijn. Hoe rijmt u dat met uw verzet tegen de Europese natuurherstelwet?

“Interessante vraag. (wikt zijn woorden) De natuurherstelwet klinkt misschien goed, maar het is een slechte wet. Het zal méér onzekerheid creëren. Zullen mensen nog kunnen bouwen en ondernemen? Wat gaat u zeggen als u straks niet meer kan bouwen op uw bouwgrond?”

Daar gaat de wet niet over. De wet gaat over herstel en bescherming van bestaande natuur.

(onverstoord) Maar het kan tot gevolg hebben dat je nauwelijks nog kan bouwen en dat grond die vandaag voor landbouw gebruikt wordt, afgenomen wordt. Daar ben ik het niet mee eens.”

Uw partijgenoot Guy Verhofstadt heeft de wet wel goedgekeurd.

“Dat mag hij doen. Onze Europese lijsttrekker Hilde Vautmans heeft tegen gestemd. Ik ben niet tegen een wet die onze natuur beschermt, integendeel. Ik ben wel tegen slechte wetgeving. Wij gaan ons daarom als land onthouden. We zijn trouwens lang niet het enige land dat bezwaren heeft. Dit moet opnieuw naar de tekentafel. Laat ons in de volgende legislatuur eens goed uitzoeken hoe we dit moeten aanpakken.”

Zegt u dat niet gewoon om de boeren te paaien?

(windt zich op) Neen. Eén jaar geleden zei ik al dat we beter op de pauzeknop zouden duwen en toen waren er nog geen boerenprotesten. Ik heb trouwens van niemand lessen te krijgen als het gaat over natuurbescherming. De streek waar ik woon, is een toonvoorbeeld van hoe landbouw, industrie en natuur kunnen samengaan. Wij wonen en werken middenin de natuur. Laat dat toch zo.”

Laatste vraag: wie wint de Ronde van Vlaanderen?

(blaast) Er zijn deze week veel kanshebbers afgevallen. Er zou wel eens een verrassende naam kunnen opduiken. (denkt na) Ik ga voor Tim Wellens. Iedereen zal kijken naar Van der Poel. Wellens kan daarvan profiteren.”

Bron: dezondag.be

Verkiezingen 2024

In zijn essay Democratie zonder politiek, een uitgewerkte versie van de Paul Verbraekenlezing die hij begin maart gaf, betoogt socioloog Rudi Laermans dat de democratie mede ten onder gaat aan te weinig politieke strijd.

Daardoor haken grote groepen kiezers af. Hoezo te weinig politieke strijd? Je krijgt toch vaak de indruk dat juist over alles politiek wordt gekissebist?

Rudi Laermans: Over sociaal-economische kwesties wordt veel te weinig politieke strijd gevoerd. Terwijl de sociale zekerheid en de verzorgingsstaat onder grote druk staan. Maar je kunt niet zeggen dat een partij als Vooruit, bijvoorbeeld, zich kapot vecht voor de verzorgingsstaat. En wat helemáál buiten schot blijft in de politieke arena, zijn de economische machtsverhoudingen. Hoe krijgen werknemers meer inspraak in economische beslissingen, zeker binnen grote bedrijven, die sterk wegen op de politieke besluitvorming? Meer economische democratie kan ook de politieke democratie versterken.

Op welke manier?

Laermans: Andere economische verhoudingen, met meer macht voor de werknemers, kunnen de nationale politiek meer armslag geven. Tegenover bedrijven die vandaag, op grond van wat ik marktsoevereiniteit noem, landen tegen elkaar uitspelen, om bijvoorbeeld fiscale of ecologische regelgeving aan hun laars te lappen.

Laaggeschoolde mensen haken af van de politiek omdat ze zich niet vertegenwoordigd en gerespecteerd voelen. U hebt het over een diplomademocratie: democratie door en voor hoogopgeleiden.

Laermans: Je ziet dat met name bij ecologische maatregelen. Pas in tweede instantie en na felle reacties komen er soms sociale correcties. Het meest prangende voorbeeld zijn de nieuwe EPC-normen om woningen tegen 2030 energiezuinig te maken. Eigenlijk moet je meteen bij het uitrollen daarvan ook een flankerend sociaal plan hebben, om in achtergestelde wijken op een collectieve manier die normen te halen. Het is toch van de gekke dat mensen zonder spaarcenten en met vaak precaire en slecht betaalde banen op eigen houtje hun woning zouden moeten renoveren. Ik begrijp dat die mensen zich door de politiek in de steek gelaten voelen. Het zijn de vakbonden die nog het hardst de stem van deze mensen verdedigen en proberen hun belangen op de politieke agenda te krijgen.

Je hebt toch ook de PVDA/PTB, die op winst staat, ook in Vlaanderen?

Laermans: Klopt. Ik hoorde onlangs iemand zeggen: de PVDA is eigenlijk de vakbondspartij – de partij die vakbondseisen tamelijk ongefilterd de politieke arena binnenloodst. Een wat overtrokken maar niet geheel onjuiste observatie. In Brussel en Wallonië heeft de PTB ook echt invloed. Dat iemand als PS-voorzitter Paul Magnette nu pleit voor een 32-urige werkweek, komt doordat hij de hete adem van de PTB in de nek voelt.

Wat helemáál buiten schot blijft in de politieke arena, zijn de economische machtsverhoudingen.

Het vertrouwen in de democratie staat in Vlaanderen op een laag pitje blijkt uit elke enquête. Om dat vertrouwen te herstellen, pleiten mensen als auteur David Van Reybrouck ervoor om gelote burgerpanels een stevige vinger in de besluitvorming te geven. U bent daar een koele minnaar van?

Laermans: Op lokaal niveau kan een burgerpanel werken. Maar dan nog blijft de achilleshiel van zo’n loting overeind, namelijk dat die gebeurt onder mensen die zich aandienen, en bereid zijn er tijd en energie in te stoppen. De niet-geïnteresseerden sluit je per definitie uit. We weten waar die zitten: onderaan de sociale ladder. Aan het wijdverspreide democratische wantrouwen in die groepen verandert een burgerpanel dus helemaal niets. Zelfs als je de samenstelling van het panel corrigeert op gender, diploma of kleur, wat soms gebeurt. Er zit dan misschien wel een gekleurde schoonmaakster mee te delibereren. Maar die is niet representatief voor de bredere groep die gewoon is afgehaakt. Een slogan als ‘laat de burgers zelf beslissen’ vind ik daarom ontzettend kort door de bocht. Bovendien onderga je als burger een hele transformatie als je lid wordt van een burgerpanel. Je wordt immers in de materie ingewerkt door experts. Die mensen zijn heel probleemgericht. Ideologische standpunten verdwijnen daarbij naar de achtergrond. Burgers gaan vervolgens samen met die experts op zoek naar een oplossing, los van de politieke strijd over waarden en belangen. Daarom worden die besluitvormingsprocessen ook altijd intens gecoacht, precies om te voorkomen dat het te hard gaat knetteren.

In de politiek knettert het vaak, en uiteindelijk beslist de meerderheid. Een burgerpanel streeft juist naar een consensuele beslissing, het liefst zonder dat er een stemming aan te pas komt.

Laermans: Precies. Het burgerpanel dat vastgeklikt zit aan het Brusselse parlement bijvoorbeeld. Daar probeert men stemmingen zo veel mogelijk te vermijden en als het toch zover komt, kan een besluit alleen met vier vijfde van de stemmen worden aangenomen. Daarmee zeg je eigenlijk: ongeveer iedereen moet het ermee eens zijn. De gedachte van een burgerpanel is dat je moet blijven argumenteren totdat het beste argument wint, en daarop stoel je dan een besluit. Maar het gaat hier niet over wetenschappelijke feiten, het gaat over politieke kwesties. Of een argument voor jou aanvaardbaar is, hangt dus mee af van je politieke overtuigingen. 

Burgerpanels zijn dus geen goede techniek om het vertrouwen in de democratie te herstellen?

Laermans: Ik vind burgerpanels eigenlijk een schoolvoorbeeld van schijndemocratie. Waarom zou een uitgelote burger het recht hebben om namens jou te spreken? Burgers die mee beleid maken, zonder dat ze ooit een programma aan de kiezers hebben voorgelegd? Ik vind dat niet bepaald democratisch. Het is niet omdat de oude Grieken in Athene met een kleine groep burgers een lotingmechanisme bruikbaar vonden, dat dit ook kan werken in onze superdiverse samenleving, met zo veel uiteenlopende belangen.

Burgers die mee beleid maken, zonder dat ze ooit een programma aan de kiezers hebben voorgelegd? Ik vind dat niet bepaald democratisch.

Hoogopgeleiden zweren vaak bij burgerpanels of zogenaamde deliberatieve democratie, ter versterking van de democratie. Volkse protestbewegingen, zoals de gele hesjes in Frankrijk, vragen juist meer directe democratie en referenda. Gelooft u daarin?

Laermans: Het hangt ervan af. In specifieke lokale kwesties, zoals een mobiliteitsprobleem of de ontwikkeling van een braakliggend terrein, kan een goed voorbereid referendum, met weloverwogen keuzemogelijkheden, zeker werken.

U verwijst naar een citaat van David Van Reybrouck, die referenda afwijst omdat ze appelleren aan ‘onderbuikgevoelens.’

Laermans: Ik was geschokt toen dat ik citaat uit zijn pamflet Tegen verkiezingen nog eens onder ogen kreeg. Dat gewone mensen te dom zijn en met hun onderbuik stemmen, was ook gedurende de hele negentiende eeuw hét argument van de burgerij tegen de invoering van het algemeen enkelvoudig stemrecht.

Zelf pleit u dan weer voor radicaal reformisme om het vertrouwen in de democratie te stutten. Wat bedoelt u daarmee?

Laermans: Hervormingen die verder gaan dan een kleine hervorming en die echt structurele impact hebben. Denk aan een vermogensbelasting of op zijn minst een vermogenswinstbelasting, aan duurzame vermindering van de arbeidstijd voor met name zware beroepen in het onderwijs en de zorg, of aan een basisinkomen.

Het ziet ernaar uit dat de verkiezingscampagne vooral over migratie zal gaan. Volgens De Stemming van VRT NWS en De Standaard is migratie voor 22 procent van de Vlamingen het grootste probleem in ons land.

Laermans: Ik vind dat kranten op dat vlak eenzijdig een agenda zetten en aldus zelfversterkend werken. Hetzelfde in programma’s als De Afspraak. Je maakt een thema natuurlijk steeds belangrijker door te blijven zeggen: dit is het belangrijkste thema. Dat is echt op het randje af. Volgens diezelfde cijfers bovendien liggen zeven op de tien Vlamingen wakker van andere dingen, koopkracht bijvoorbeeld. Bovendien voelt haast iedereen zich in het migratiedebat geroepen om mee rechtsom te gaan. Er is een soort neoliberale consensus die zegt dat economische migratie van hoogopgeleiden oké is, maar migratie van onderop helemaal aan banden moet. Over de rechten van asielzoekers spreekt haast niemand nog. 

Volgens Neutr-On moeten we juist naar een kiessysteem waarbij de burgers zelf kunnen beslissen over een politiek onderwerp. Zo is het mogelijk om over de partijgrenzen heen aan politiek te doen. Partijtucht wordt op die manier omzeild en kan iedere burger voor zijn mening uitkomen. Politieke partijen kunnen dan nog wel wetsvoorstellen doen maar het is de hele bevolking die daarover mee kan stemmen. Het is dan mogelijk dat je voor een voorstel van de ene partij stemt EN ook voor een ander voorstel van een andere partij.  Stemmingen verlopen daarom voornamelijk elektronisch, bv via uw PC thuis. Een voorbeeld van dit systeem vind je bij de N-Vb,  zie   https://solidaria-democratia.org/flanders/

Lijst van mogelijke kleine politieke partijen: Belgische Unie,  BoerBurgerBelangen, L99

DierAnimal, Piratenpartij, Nieuwe Volksbeweging N-Vb, Radicaal Rechts, Vista, Volt,

Volksliga, Vrijheid, Voor U,  en misschien zijn er nog meer.

Dikke Freddy aan Bart De Wever, moneymaker

Geachte heer De Wever, beste Bart,

Ik heb begrepen dat de stad Antwerpen 21 miljoen heeft geleend om op die manier 50 miljoen subsidie te ontvangen. Alstublieft! Over subsidieslurpen gesproken…

Om die wonderbaarlijke vermenigvuldiging van geld te realiseren was het nodig dat het grote Antwerpen fuseerde met het kleine Borsbeek en zo ontstaat vanaf Nieuwjaar de wereldstad Borstwerpen.

Gemeentes die fuseren kunnen een paar trouwe soldaten belonen omdat ze na de verkiezingen twee extra schepenen mogen aanduiden en daar bovenop krijgen ze uit de bodemloze Vlaamse staatskas subsidies om hun schulden af te betalen. Antwerpen en Borsbeek blijken samen amper 29 miljoen schulden te hebben en dus moest er 21 miljoen worden bij geleend zodat de Vlaamse burgers die daar niet wonen belastingen kunnen betalen om de maximale subsidie van 50 miljoen voor Borstwerpen op te hoesten. Dat is afgerond 25 euro per Vlaams huishouden. Het is tenslotte logisch dat ze hun wereldstad steunen.

Borstwerpen heeft dus zijn schuldenberg vergroot om hem kleiner te maken. Omdat ik altijd wil leren van onze politieke leiders wil ik nu onderzoeken of het voor mijzelf ook zinvol is om mijn schuldenberg te vergroten om hem kleiner te maken.

Zou het een optie zijn indien ik ga samenwonen met Fabiënne Geerts, mijn onderbuurvrouw? Onze gezamenlijke schuld bedraagt ongeveer achtduizend euro. Stel dat wij nog tweeduizend extra lenen… Denkt u dat het dan mogelijk is om een subsidie van bijvoorbeeld tienduizend euro te ontvangen? Kunt u mij laten weten hoe en bij wie ik die subsidie moet aanvragen? Kan u mij eventueel rechtstreeks in contact brengen met de ministers die dergelijke zaken voor u regelen?

Ik zal u ten zeerste dankbaar zijn en ik groet u met Hoogachting,

Fr. De Meester,
U kent mij uit eerdere briefwisseling als Dikke Freddy.

Bron: sociaal.net

Onze welvaart wordt bedreigd door een blok van N-VA en Vlaams Belang

Het is mogelijk: de veiligheid én de koopkracht beschermen. Dat was zaterdag de boodschap van Vooruit-voorzitter Melissa Depraetere op het inhoudelijke congres van de partij in aanloop naar de verkiezingen. Ze haalde uit naar ‘een blok van rechts en extreemrechts, van N-VA en Vlaams Belang’.

Veiligheid en Defensie zullen de komende maanden, naast migratie, belangrijke thema’s worden in de verkiezingscampagne. Vooruit is niet bepaald de partij die zich graag op die onderwerpen profileert, maar Depraetere is er ook niet vies van. Al mag het volgens haar in geen geval wegen op de sociale uitgaven, zoals onder meer N-VA voorstelt. 

Vooruit wil de koopkracht laten toenemen, in tijden waarin de uitgaven voor Defensie gevoelig omhoog zullen moeten gaan. Dat wil de partij doen door ‘de marktmacht van de grote bedrijven te breken’. Depraetere wil een hele reeks regels opleggen aan de grote bedrijven om hen te verplichten altijd het voordeligste tarief aan te bieden. Ze kijkt daarvoor naar banken, verzekeraars, energieleveranciers en telecombedrijven. Ze wil een minimale spaarrente, een verlengde garantietermijn en strenge regels voor de notarissen, zoals ze enkele weken geleden al opperde bij de voorstelling van het partijprogramma rond huisvesting. ‘Als we er zo in slagen de marktmacht van die grote bedrijven te breken, zal 3,4 miljard euro per jaar terugvloeien naar de mensen’, zei Depraetere zaterdag bij het slot van het congres. ‘Dat is 1.200 euro per jaar, per gezin. En dat kost dus niemand iets, behalve die machtige spelers met hun megawinsten. Je ziet, het kan wel, uw veiligheid én uw koopkracht beschermen.’

Depraetere plaatste haar boodschap expliciet tegenover twee partijen: Vlaams Belang en N-VA. ‘Onze welvaart wordt bedreigd door een blok van rechts en extreemrechts, van N-VA en Vlaams Belang. Een rechts blok dat vooral bezig is met Vlaamse meerderheden, confederalisme en de splitsing van ons land.’

Het congres werd zaterdag nochtans ietwat overschaduwd door de peiling van de VRT en De Standaard, die Vooruit op 13,7 procent inschatte. ‘Dat prikt een beetje’, was te horen bij verschillende parlementsleden. Maar de echte reality check was natuurlijk de monsterscore van Vlaams Belang. ‘Dat is dramatisch’, zei Vlaams fractieleider Hannelore Goeman. ‘Het maakt ons dubbel gemotiveerd om het over de inhoud te laten gaan.’

Dat was ook de mening van Depraetere. ‘Ik snap de frustratie van de mensen die voor Vlaams Belang kiezen’, zei ze. ‘Maar de oplossingen gaan niet uit die hoek komen, dus moeten wij die aandragen.’

Met Conner Rousseau als voorzitter neigde de partij naar 17 procent van de stemmen, maar de Oost-Vlaming bleef ook zaterdag afwezig. ‘Ik denk persoonlijk dat hij beter niet opkomt als lijstduwer, maar ik besef dat we zijn procenten kunnen gebruiken’, zei een parlementslid off the record.  ‘Ik zou persoonlijk graag hebben dat hij terugkomt, maar ik denk dat we het ook zonder hem kunnen waarmaken’, zei de voorzitter. Rousseau heeft tot tot 13 april de tijd gekregen om zijn keuze te maken.

Bron: knack