Steeds meer leerlingen overtreden de regels op school. En er worden ook steeds meer jongeren tijdelijk of definitief aan de deur gezet. Duidelijke signalen dat het nooit zo uitdagend was als vandaag om de rust te bewaren in de klas.
“Zien we vandaag meer problemen met moeilijk gedrag in de klas? Ja, daar moeten we niet onnozel over doen.” Het blijft gevoelig liggen in het onderwijs om te benoemen dat het tumult in de klas toeneemt, maar Stefan Grielens, directeur van de vrije centra voor leerlingenbegeleiding (CLB), neemt geen blad voor de mond.

De cijfers bewijzen het: moeilijk gedrag in de klas piekt.
Eigenlijk kan hij niet anders, want alle signalen wijzen in die richting. Cijfers die de CLB’s zelf verzamelen, tonen dat er in schooljaar 2022-2023 liefst 10.009 leerlingen de schoolregels in die mate overtraden dat het CLB een speciaal dossier opende. De cijfers voor afgelopen schooljaar zijn nog niet definitief, maar die lijken minstens hetzelfde niveau te bereiken. Ook het aantal leerlingen dat extra zorg krijgt voor een ‘gedragsprobleem’ piekt als nooit tevoren.
Nog zo’n parameter is het aantal schorsingen en definitieve uitsluitingen. Opnieuw in schooljaar 2022-2023 zijn 23.458 kinderen tijdelijk of definitief geschorst van school. Een pak meer dan de bijna 18.000 van het jaar voordien, wat vooral te wijten is aan de forse stijging van het aantal tijdelijke schorsingen.
“Het probleem is dat we kinderen thuis vaak geen duidelijke grenzen opleggen. Zo krijg je natuurlijk kinderen die niet weten hoe ze zich moeten gedragen”
Het internationale TALIS-onderzoek uit 2018, dat de werkomstandigheden van leraren in kaart brengt, was in die zin de kanarie in de koolmijn. Daaruit bleek dat leerkrachten almaar meer tijd verliezen om de orde te handhaven in de klas. In 2018 was 40 procent van de leraren het eens met de stelling dat er veel tijd verloren ging aan leerlingen die de klas onderbreken, 14 procent meer dan tien jaar eerder. Leraren moeten ook vaker wachten tot het stil is in de klas en vinden dat er meer storend lawaai is. Binnenkort komen er nieuwe TALIS-resultaten, maar weinigen geloven in een kentering. Vlaanderen was een van de regio’s waar het zogenaamde “disciplinaire klimaat” het sterkst achteruitging. (Lees verder onder de foto) “Leerkrachten ervaren jaar na jaar dat het moeilijker wordt om jongeren te laten doen wat zij willen”, zegt Grielens. “Moeilijk gedrag is vandaag frustratie nummer één onder leerkrachten.” Het thema leeft in veel Europese landen. In Frankrijk bijvoorbeeld pleitte premier Gabriel Attal eerder dit jaar voor meer respect en discipline in de klas, onder meer door leerlingen te laten rechtstaan wanneer een leerkracht de klas binnenkomt.

| Ondertussen krabt het onderwijsveld zich in de haren over mogelijke oorzaken. Op vraag van het katholiek onderwijs zal een speciale, interdisciplinaire werkgroep van het KU Leuven Instituut voor Kind en Jeugd zich daarom de komende tijd buigen over de toename van het aantal uitsluitingen en de gedragsproblemen die daaraan ten gronde liggen. Iedereen is het er wel over eens dat de coronapandemie niet geholpen heeft. “Daardoor zijn kinderen de schoolse routines en regelmaat voor een stuk kwijtgeraakt”, zegt pedagoog Pedro De Bruyckere (Universiteit Utrecht). |
Volgens Grielens kunnen we de evolutie niet los zien van de algemene, mentale gezondheidscrisis bij jongeren. Onderzoek na onderzoek toont dat jongeren meer dan ooit worstelen met zichzelf. “Kinderen die zich niet goed voelen, kunnen dat internaliseren en vertonen bijvoorbeeld depressieve klachten of doen aan automutilatie”, zegt Grielens. “Of ze veruitwendigen die gevoelens door lastig gedrag te vertonen in de klas. Héél vaak zijn het kinderen die zich niet goed voelen die probleemgedrag vertonen.”
Andere experts wijzen naar de invloed van sociale media die de aandachtsspanne van jongeren beknot, naar de prestatiedruk die we hen opleggen en de afwezigheid van een positief toekomstbeeld. Ze willen zelfs onderzoeken of vervuiling een rol speelt in het verhaal. “Zo gek is dat niet, want jeugdcriminaliteit is in het verleden ook in verband gebracht met lood in het bloed, al geloof ik nu zelf niet dat het in dit geval een goede verklaring is”, zegt criminoloog Stefaan Pleysier, die in de KU Leuven-werkgroep zit.
Maar experts kijken toch vooral naar de manier waarop onze samenleving veranderd is en hoe we met jongeren omgaan. “We mogen ons niet laten wijsmaken dat er iets mis is met de kinderen van vandaag”, zegt Grielens. “Het probleem is dat we kinderen thuis vaak geen duidelijke grenzen opleggen. Zo krijg je natuurlijk kinderen die niet weten hoe ze zich moeten gedragen.”
Philippe Noens, pedagoog aan de Odisee hogeschool, spreekt in dat opzicht van de teloorgang van ‘gedeeld’ pedagogisch gezag. “Vroeger misdroegen kinderen en jongeren zich ook”, zegt hij. “Maar leerkrachten vonden wél nog de energie om zich met die kinderen bezig te houden omdat ze zich gesteund voelden door ouders. Als je vroeger een leerling op school strafte, dan zwaaide er thuis ook wat. Nu contacteren ouders de school om zo’n sanctionering te betwisten. We moeten niet terug naar vroeger en opnieuw autoritair omgaan met jongeren, maar wel moeten we op zoek naar nieuwe vormen van gezag in de opvoeding.
Bron: Nieuwsblad