We leven langer dan vroeger en we genezen beter wanneer we ziek zijn. Maar hoe houden we de zorg betaalbaar en werken we de wachtlijsten weg? Wat met mentaal welzijn? Lees hier wat de partijen voorstellen. 

De budgetten voor gezondheidszorg stijgen jaar na jaar, maar toch hebben burgers niet het gevoel dat de ziekenhuisfacturen goedkoper worden of dat ze makkelijker een afspraak bij een arts kunnen maken. Bijna 1 op de 5 Belgische huisartsen neemt vandaag geen nieuwe patiënten meer aan.  

Meer dan ooit staat ook mentaal welzijn centraal in het debat over gezondheidszorg. De vraag naar crisishulp bij jongeren is de afgelopen vijf jaar bijvoorbeeld met 40 procent toegenomen. Twee derde van die hulpvragen blijft onbeantwoord omdat er een tekort is aan plaatsen en personeel. De coronacrisis heeft ons mentaal welzijn bijkomend op de proef gesteld. Psychische problemen zijn ondertussen de grootste reden waarom mensen langdurig niet kunnen werken.

Wie zorg zegt, zegt vaak ook wachtlijsten. Mensen met een beperking moeten jaren wachten voor ze hun zogenoemd persoonsgebonden budget krijgen, en het wachten wordt steeds langer. De groep met de laagste prioriteit moet maar liefst 20 jaar wachten op een zorgbudget. 

Ook de zorg voor de allerkleinsten is een thema deze verkiezingen. De kinderopvang is in crisis: ouders vinden moeilijk een plaats en er zijn te weinig begeleiders. Elke partij beseft de urgentie: in alle partijprogramma’s wordt gepleit voor meer geld voor de kinderopvang. 

Groen wil meer investeren in de gezondheidszorg. Er is nood aan “meer geld en meer personeel” om de wachtlijsten weg te werken. Het personeel moet een hoger loon en meer inspraak krijgen. De partij pleit ook voor meer buurtgerichte zorg: huisartsen, apothekers en tandartsen moeten lokaal veel meer gaan samenwerken.

Net als op het federale niveau moet er in Vlaanderen een zogenoemde groeinorm komen, vindt Groen. Dat percentage wordt vastgelegd door de regering en bepaalt hoeveel geld er jaarlijks naar gezondheidszorg kan gaan. 

De 3 belangrijkste standpunten

  • Meer investeren in gezondheidszorg en zorgpersoneel. Zo werken we de wachtlijsten weg, of het nu is bij de psycholoog, de huisarts, de kinderopvang.
  • Zorg betaalbaar maken voor iedereen. Enkel remgeld bij een bezoek aan de dokter en automatisch verhoogde tegemoetkoming en gratis psychologische hulp voor jongeren op school.
  • Voldoende geld voor de zorg in plaats van er op te besparen. Een jaarlijkse Vlaamse groeinorm invoeren, zoals federaal al bestaat.

Voor de liberalen ligt de focus vandaag te veel op genezen in plaats van voorkomen. De Open VLD wil daarom volop inzetten op preventie. 

Op die manier hopen de liberalen te besparen op het totale budget voor de gezondheidszorg. In totaal voor 5,6 miljard euro. Daarvoor willen ze ook de groeinorm verlagen en een gerichtere toekenning van het statuut van de verhoogde tegemoetkoming.

De 3 belangrijkste standpunten

  • Preventie en vroegdetectie, bijvoorbeeld door de vaccinatiegraad ook bij volwassenen op te krikken, meer genetische screening en bredere bevolkingsonderzoeken te doen.
  • We vergroten en versnellen de toegang tot innovatieve geneesmiddelen en behandelingen. Bijvoorbeeld door de procedure voor een vroege, snelle en tijdelijke terugbetaling van veelbelovende geneesmiddelen in afwachting van de klassieke terugbetaling te evalueren en nog bij sturen.
  • Persoonsvolgend budget voor minderjarigen met een handicap. Op die manier krijgen kinderen met een handicap meer kansen op te groeien in de maatschappij.

“Iedereen moet toegang krijgen tot de beste verzorging”, klinkt het in het programma voor de PVDA. Daarvoor moet er fors meer geïnvesteerd worden. Dat geld moet onder meer dienen voor een hoger loon voor verpleegkundigen om de job aantrekkelijker te maken. Tegen 2030 wil de partij 15.000 extra verpleegkundigen. 

Patiënten moeten “zonder geld naar de huisarts kunnen”, vindt de PVDA. In ziekenhuizen moeten specialisten een vast loon krijgen en niet per prestatie betaald worden. Dat leidt tot “overbodige onderzoeken en geldverspilling.”

De 3 belangrijkste standpunten

  • Iedereen moet zonder geld naar de huisarts kunnen. Daarvoor veralgemenen we het derdebetalerssysteem en schaffen we het remgeld af voor de hele eerste lijn, inclusief tandarts en kinesist.
  • We verlagen de prijzen van alle geneesmiddelen door middel van het Kiwimodel, een systeem van openbare aanbesteding dat zijn diensten heeft bewezen in Nieuw-Zeeland. Verder onderhandelt de overheid met de farma-industrie om de prijzen van medicatie terug te brengen naar het niveau van de ‘fair price calculator’ van de internationale vereniging van mutualiteiten.
  • We verviervoudigen het Zorgpersoneelfonds om tegen 2030 15.000 extra verpleegkundigen aan te werven. Betere lonen en arbeidsvoorwaarden maken het beroep aantrekkelijker.

De N-VA ziet net als De Open VLD gezondheidszorg als een domein waar geld te halen valt om de begroting op orde te krijgen. Hun voorstel om de groeinorm aan te passen zou volgens het Planbureau 4,5 miljard euro aan besparingen opleveren. 

De N-VA noemt het zelf geen besparing, wel “gezond­heids­be­leid met gezond verstand”. Het geld zal volgens de partij vooral komen van efficiëntiewinsten. “We moeten inzetten op preventie, onzinzorg en onzinstructuren aanpakken en de vrijgekomen middelen investeren waar het nodig is, namelijk in de zorg voor de patiënt”, staat in het programma te lezen.

De 3 belangrijkste standpunten

  • Iedereen die een arts of specialist nodig heeft, moet die vlot kunnen vinden. Via verschillende ingrepen zorgen we voor een voldoende groot aanbod aan basiszorg. We denken daarbij aan aangepaste artsenquota, terugdringen van administratie, eenvoudiger hulppersoneel aantrekken en het behoud van de prestatiefinanciering mits een actualisering van de tarieven.
  • We zetten in op de mentale weerbaarheid en veerkracht van onze bevolking door raadplegingen bij mentale zorgverleners voor jongeren voor het grootste deel terug te betalen en door heel het systeem geïntegreerd te maken. Hierdoor wordt er meer ambulant gewerkt en blijven de residentiële bedden vrij voor zij die er echt nood aan hebben.
  • In de kinderopvang behouden we de voorrang voor werkende ouders en zorgen we voor een uitbreiding van het aantal plaatsen door een gelijkwaardig speelveld te creëren voor alle soorten kinderopvang.

Vlaams Belang wil ook op het gebied van gezondheidszorg het land splitsen. Ze pleiten ook voor één ontzuilde Vlaamse zorgkas en daarnaast een aparte zorgkas voor alle niet-Europese vreemdelingen.

De partij wil meer inzetten op preventie en het beroep van zorgkundige aantrekkelijker maken door betere arbeidsvoorwaarden. Ook in het programma: “Het wegwerken van de wachtlijsten is een topprioriteit voor het Vlaams Belang om de betrokkenen te helpen, maar ook om onze centen beter te benutten.”

De 3 belangrijkste standpunten

  • Onafhankelijke Vlaamse gezondheidszorg. Het Vlaams Belang wil de Belgische sociale zekerheid splitsen en werk maken van een sociale verzekering op maat van de Vlamingen. Vlaanderen zou dan de kans krijgen om zijn beleidsvisie verder gestalte te geven.
  • Preventie versterken. Door meer in preventie te investeren, kunnen we de Vlamingen meer gezonde levensjaren bezorgen. Het optrekken van het preventiebeleid is dan ook een topprioriteit. Efficiëntiewinsten kunnen bijvoorbeeld geherinvesteerd worden in meer preventie of andere domeinen van de zorg.
  • Toegankelijke, betaalbare en kwaliteitsvolle zorg zonder wachttijden. Om de zorg te verstrekken en wachtlijsten in te korten hebben we nood aan voldoende personeel, en dus zijn meer maatregelen nodig om zorgverleners aan te trekken en in de zorg te houden.

Vooruit leverde met Frank Vandenbroucke afgelopen regeerperiode de minister van Volksgezondheid. De partij zet dan ook volop in op het thema. “De investeringen mogen de volgende jaren niet stilvallen”, klinkt het. De groeinorm moet op 2,5 procent komen. Zo wordt vastgelegd dat het budget zeker zal stijgen.  

De focus ligt op meer preventie en betaalbaardere zorg. Ze moet minder kosten – voor jongeren zelfs gratis zijn – en de terugbetaling moet efficiënter. 

De 3 belangrijkste standpunten

  • Minder betalen voor zorg. Voor 4 euro naar de dokter gaan, en dus de regeling dat je enkel je eigen deel betaalt, willen we verplichten bij élke zorgverstrekker. We willen hoorapparaten, brillen en beugels nog beter terugbetalen.
  • Blijven investeren in mentaal welzijn. Vandaag kan iedereen voor 11 euro naar een geconventioneerde psycholoog (een kwart van de psychologen in België zijn geconventioneerd nvdr.). Voor kinderen en jongeren tot 24 jaar is dat zelfs gratis. Maar we zijn er nog niet. Wij willen de komende jaren vele stappen verder gaan.
  • Gratis huisarts, tandarts en psycholoog voor jongeren We maken de huisarts en de tandarts voor jongeren tot 24 gratis, net zoals we dat al voor de psycholoog deden. Op die manier zorgen we ervoor dat jongeren gratis snel zorg kunnen krijgen en voorkomen we op latere leeftijd grotere gezondheidsproblemen en hogere gezondheidskosten.

De christendemocraten – op Vlaams niveau al 20 jaar bevoegd voor Welzijn – willen “sterk blijven investeren in de zorg.” De groeinorm moet op 2 procent komen. 

Net als de andere partijen wil CD&V inzetten op preventie. Verder wil ze op een andere manier aandacht besteden aan mentaal welzijn. Dat wordt nu te vaak als een individueel probleem gezien en als iets dat verband houdt met de omgeving. “Daarom moeten we meer aandacht besteden aan gemeenschapsgerichte geestelijke gezondheidszorg”, stelt de partij voor. CD&V was in de Vlaamse regering bevoegd voor kinderopvang en wil fors investeren, het budget moet verdubbelen tegen 2030. 

De 3 belangrijkste standpunten

  • Minder wachtlijsten, meer huisartsen: iedereen kan in zijn buurt bij een huisarts terecht. Dat doen we onder meer door de federale quota af te schaffen en premies te voorzien voor artsen die zich vestigen in huisartsarme gebieden.
  • Verplichting van de derdebetalersregeling voor tandarts, logopedist en kinesist: de patiënt betaalt alleen zijn deel van de zorg.
  • Investeren in kinderopvang: 10.000 extra plaatsen in de kinderopvang tegen 2030 op basis van het inkomen van de ouders, een verdubbeling van het budget tegen 2030 naar 2 miljard euro en maximaal 5 kinderen per begeleider.

Bron: vrt.nws