Een verplichte inburgeringscursus voor arbeidsmigranten, nog meer nadruk op de kennis van het Nederlands en stappen richting een voor-wat-hoort-wat-beleid: de nieuwe Vlaamse regering verscherpt het beleid rond integratie van nieuwkomers en mensen met een migratieachtergrond. Lees hier de plannen en voornemens voor de komende vijf jaar. 

“Ons doel is duidelijk: zelfredzaamheid bij nieuwkomers in een maatschappij waar goed samenleven vooropstaat en waar iedereen zijn deel doet”, zo klinkt het bij de nieuwe Vlaamse regering met Hilde Crevits (CD&V) als minister van Integratie en Inburgering. 

Toch is het hoofdstuk rond integratie één van de kortste van het regeerakkoord: 4,5 pagina’s. Het inburgeringstraject voor nieuwkomers of migranten is tijdens de vorige regeerperiode al hervormd. Vlaanderen heeft intussen één van de meest uitgebreide inburgeringsprogramma’s, volgens de OESO. De nieuwe Vlaamse regering wil daar dan ook vooral op voortbouwen, zo blijkt uit het regeerakkoord.

Twee concrete maatregelen staan vast: er komt een verplichte inburgering voor arbeidsmigranten van buiten de Europese Unie en de eisen gaan omhoog over de kennis van het Nederlands.

Voorts is er een opvallend en wellicht controversieel plan: er komt een onderzoek “voor welke Vlaamse sociale ondersteuning we een algemene verblijfsvoorwaarde van 5 jaar kunnen invoeren.”

De overige tekst bestaat vooral uit een aantal voornemens zonder concrete doelstelling of plan van aanpak. Nochtans zijn er nog tal van werkpunten. Zo is er de moeizame integratie van laaggeschoolde vrouwen. Of de vaststelling dat in Vlaanderen nog altijd minder nieuwkomers aan het werk zijn dan gemiddeld in Europa

Verplichte inburgering voor arbeidsmigranten

Arbeid is de belangrijkste reden voor migratie naar Vlaanderen. Migranten van buiten de Europese Unie die hier op uitnodiging van werkgevers komen werken zullen voortaan verplicht een inburgeringstraject moeten volgen. Die verplichting was er tot nu toe enkel voor gezinsherenigers en erkende vluchtelingen. 

“Het is een vraag die we al langer hebben”, zo reageert Jan Knockaert van Fairwork Belgium, een organisatie die opkomt voor de rechten van arbeidsmigranten. “Arbeidsmigranten zijn vandaag niet op de hoogte van hun rechten en plichten. Sommige werkgevers maken daar misbruik van en stellen de migranten te werk in slechte omstandigheden en tegen een loon dat onwettig is.” 

Inburgeren in eigen land

De nieuwe regering wil bovendien dat kandidaat-nieuwkomers al in hun land van herkomst starten met een inburgeringstraject. Het afgelopen jaar liepen er proefprojecten, onder meer voor arbeidsmigranten en gezinsherenigers. Die worden verder uitgerold en op termijn verplicht.

“Geen goed idee”, vindt Pascal Debruyne, onderzoeker asiel en migratie aan de Odisee Hogeschool. “Op die manier houd je gezinnen langer uit elkaar, wat slecht is voor de integratie. Migranten investeren minder in hun toekomst hier, zolang ze niet weten of en wanneer hun gezin kan komen.” Met andere woorden: het vertraagt het integratieproces.

Fairwork vreest bovendien dat detachering nóg aantrekkelijker wordt zo. En dat is net wat de Vlaamse regering wil tegengaan door in te zetten op gewone arbeidsmigratie. Bij detachering komen EU-burgers hier werken, maar vallen ze wel nog onder de sociale zekerheid en arbeidsvoorwaarden van hun eigen land. Dat maakt de werknemers kwetsbaarder voor fraude en uitbuiting. Ook mensen van buiten de EU komen zo naar ons land. Het gaat dan bijvoorbeeld over Brazilianen die via Portugal komen.

Snel maar duurzaam aan het werk

Werk is belangrijk voor een geslaagde integratie, zo staat het in het regeerakkoord. Nieuwkomers snel aan het werk krijgen, is één ding. Nog belangrijker is dat het om duurzame jobs gaat. Daarom wil de nieuwe Vlaamse regering verschillende drempels naar de arbeidsmarkt wegwerken.

Zo duurt het vandaag maanden voor iemand een erkenning krijgt van zijn of haar buitenlands diploma. Dat moet sneller, vindt de nieuwe regering. Het is een doelstelling die ook al bij voorgaande regeringen genoemd werd. Een streeftijd voor de erkenning is er (voorlopig) niet. 

“Snellere diploma-erkenning is absoluut belangrijk, maar daar stopt het niet”, zo vertelt Dries Lens migratie-onderzoeker aan de Universiteit Antwerpen. “Buitenlandse masterdiploma’s worden hier vaak maar als bachelordiploma’s erkend. Daardoor zijn veel nieuwkomers genoodzaakt om nog een bijkomende studie te volgen in het hoger onderwijs. Maar de doorverwijzing en begeleiding van nieuwkomers naar het hoger onderwijs verloopt erg stroef.”

Daarnaast zullen kortgeschoolden die niet duurzaam aan het werk zijn verplicht kunnen worden om een beroepsopleiding of tweedekansonderwijs te volgen. “We kijken specifiek naar opleidingen in knelpuntberoepen”, aldus het regeerakkoord. 

Praktijktesten op de werkvloer per sector moeten dan weer voor minder discriminatie zorgen. Al valt het nog af te wachten of er ook effectief iets zal gedaan worden met de resultaten van die testen. Voormalig Vlaams minister van Werk Jo Brouns (CD&V) liet vorig jaar een nulmeting rond discriminatie uitvoeren per sector. Niet alle sectoren waren daar blij mee. De resultaten van de meting werden nooit bekendgemaakt, waardoor er geen verdere opvolging kon gebeuren om eventuele discriminatie aan te pakken.

Strenger op Nederlands

De kennis van het Nederlands is volgens de nieuwe regering cruciaal. Ze verhoogt daarom de eisen voor wie een inburgeringstraject volgt: nieuwkomers moeten op hun mondelinge test niveau B1 behalen. Dat is gevorderde kennis, met correcte zinsconstructies en een uitgebreide alledaagse woordenschat. Vandaag is dat niveau enkel verplicht voor wie na 2 jaar niet aan het werk is. 

Ook binnen de rest van het onderwijs komt er extra aandacht voor Nederlands. Met onder andere een taalbadklas voor anderstalige kinderen in het lager onderwijs. Ouders die zelf geen Nederlands willen leren, kunnen dan weer de schoolbonus voor hun kinderen verliezen. 

Daarnaast zal ook wie een sociale woning huurt, beter Nederlands moeten kunnen (niveau B1 in plaats van A2). 

Geen sociale steun voor nieuwkomers?

En dan is er ten slotte nog het plan dat de nieuwe Vlaams minister voor Integratie Hilde Crevits moet onderzoeken “voor welke Vlaamse sociale ondersteuning we een algemene verblijfsvoorwaarde van 5 jaar kunnen invoeren.”

Sociale ondersteuning die onder Vlaamse bevoegdheid valt, is bijvoorbeeld het groeipakket, de sociale bescherming en de studietoelage. Of het wettelijk mogelijk is om inwoners uit te sluiten, zal dus worden onderzocht. Sociale steun zou dan pas kunnen na vijf jaar wonen in Vlaanderen.

“Dit plan valt moeilijk te rijmen met de verplichting voor kortgeschoolden om een opleiding te volgen binnen hun inburgeringstraject. Het zal vaak gaan om voltijdse opleidingen, dus de vraag is hoe zij zich financieel dan nog kunnen redden”, zo legt Lens uit.

“De plannen van de nieuwe regering over integratie zijn onevenwichtig”, vindt hij. “Enerzijds klinkt er een veronderstelling door dat nieuwkomers niet willen integreren. Dat zet de regering ertoe aan om allerlei extra eisen op te leggen. Anderzijds nemen ze weinig concrete maatregelen om drempels weg te werken die het voor nieuwkomers moeilijk maken om deel te nemen aan het integratieaanbod.”

Bron: vrt.nws