Hoe Optima Ethias wegkaapte voor de neus van ethische bank NewB

Hoe Optima Ethias wegkaapte voor de neus van ethische bank NewB

In de nasleep van de bankencrisis werkte Marc Bontemps samen met gelijkgezinden aan de oprichting van een duurzame, coöperatieve bank. Toen Ethias Bank in 2010 in de etalage kwam, zagen ze dat als de perfecte opstap voor hun ethische bank NewB. Maar vlak voor hun overnamebod werd Ethias Bank voor de helft van de vraagprijs verkocht aan de onlangs veroordeelde financial planner Jeroen Piqueur. Piqueur kondigde vorige week (30/4) aan in beroep te gaan tegen zijn veroordeling.

Vakbonden en ngo’s werken aan coöperatieve bank kopte De Tijd op 6 juli 2011. Een paar weken eerder hadden 24 organisaties in alle stilte de coöperatieve vennootschap NewB opgericht. “Bij de oprichters zitten zowel toplui van drie vakbonden (ABVVLBC-NVKACLVB), als van verenigingen als Greenpeace11.11.11Netwerk VlaanderenBond Beter LeefmilieuVredeseilanden”, schreef de zakenkrant. “De nieuwe bank wil bijzondere aandacht hebben voor duurzaamheid en enkel focussen op het beheer van spaargeld en het verlenen van kredieten. Het loonbeleid moet haar soberheid weerspiegelen.”

De oprichters van NewB klonken ambitieus, al werden ze in De Tijd niet bij naam, maar als ‘bron’ geciteerd. Zo zei een van hen: “We hebben de ambitie op de financiële sector te wegen. We willen niet een nichespeler zijn als pakweg Triodos.” Dezelfde bron liet ook weten dat NewB nog volop aan het onderzoeken was hoe haalbaar een nieuwe ethische bank was. “Is er een cliënteel voor? Welke producten moet ze verkopen? Moet de bank kantoren hebben?” 

Een licentie had de bank nog niet. “Een andere mogelijkheid is de overname van een bestaande instelling”, opperde de zakenkrant. “Naar De Tijd vernam keken de initiatiefnemers indertijd naar het dossier van Ethias Bank, maar kwam daar uiteindelijk niets van in huis.”

Ethias Bank was zowat een jaar eerder ‘verrassend’ in handen gekomen van het Gentse Optima Financial Planners van de graag in luxe badende ‘flamboyante zakenman’ Jeroen Piqueur. Dezelfde zakenkrant De Tijd interviewde op 5 juni 2010 de kersverse bankeigenaar Piqueur samen met de kersverse Ethias Bank-ceo Philip De Hulsters. Diezelfde De Hulsters was van 2007 tot 2009 al eens topman geweest bij Ethias Bank en had volgens De Tijd toen “de bank weer rendabel gemaakt met 3,4 miljoen euro winst in 2009.” In januari 2010 stapte Philip De Hulsters over naar Optima om een half jaar later in opdracht van Optima een rentree bij zijn oude bank te maken.

De journalist van De Tijd haalde de loftrompet boven voor Optima-ceo Jeroen Piqueur en noemde hem “de Belgische pionier in financiële planning”. “Optima ging bijna twee decennia geleden van start als financieel planner, zeg maar een specialist in het begeleiden van vermogende particulieren, door hun financiële situatie door te lichten en een actieplan op te stellen”, noteerde De Tijd. “Piqueur haalde de mosterd in de Verenigde Staten en bouwde Optima uit tot Belgisch marktleider in zijn niche. Het zakenblad Trends riep Optima eerder dit jaar uit tot Trends Gazellen Ambassadeur omdat het een van de snelstgroeiende Oost-Vlaamse ondernemingen is.” Precies zes jaar later, in juni 2016, ging Optima Bank failliet, na een ernstig conflict met de toezichthouder, de Nationale Bank van België

Op dinsdag 31 maart van dit jaar werd Jeroen Piqueur veroordeeld tot twee jaar gevangenisstraf met uitstel. Hij kreeg een boete van omgerekend 400.000 euro, tien jaar bestuurdersverbod en een voorwaardelijk verbod om te ondernemen. 4,3 miljoen euro werd verbeurdverklaard. “Het gedrag van Piqueur verzuurt het economische klimaat”, oordeelde de strafrechter. “Hij wendde aanzienlijke bedragen aan voor zijn eigen voordeel. Het staat vast dat hij graaide en voor eigen gewin ging. Daarbij verloor hij compleet het zicht op de vermogensbelangen van anderen.”

Marc Bontemps was een van de initiatiefnemers achter de ethische bank NewB. Hij studeerde af als handelsingenieur en stond jarenlang aan de top van Oxfam Wereldwinkels. Hij was ook een tijdlang managing director van Forum Ethibel, een ngo gespecialiseerd in advies over duurzame en ethische beleggingen. Vandaag is hij onder andere actief als stadsgids in Gent. De recente veroordeling van Jeroen Piqueur gooit hem terug in de tijd. Want wat De Tijd vijftien jaar geleden opperde, dat de initiatiefnemers van NewB interesse hadden in de overname van Ethias Bank, klopt als een bus. 

Een bank met fatsoen

“De droom van een ethische, coöperatieve bank dateert van 2008, als reactie op de kredietcrisis”, zegt Bontemps. “We zaten met vrienden op café en iemand zei: ‘Dat is nu toch niet te geloven dat er geen conclusies worden getrokken?’ Want het hele financiële systeem stond op instorten. ‘Binnen een paar jaar is het weer business as usual.’ Wij wilden daar tegenin gaan en zo begonnen we op het plan te broeden om zelf onze bank op te richten. Een bank met fatsoen.” 

Een straf idee, noemt hij dat nu. “We gingen praten met heel wat bankiers. Sommigen van de oudere generatie waren pissed off door wat er allemaal gebeurde bij de Fortis Bank en de gedwongen overname door het Franse BNP Paribas. Zij vonden ons initiatief sympathiek en we voerden lange gesprekken. Het leek alsof we de tijdsgeest mee hadden en we besloten de sprong te wagen.” 

Bontemps & co. zamelden 50.000 euro in en rekruteerden hun eerste werknemer. “Die man had ervaring met het oprichten van gelijkaardige nieuwe banken in Europa en stelde een businessplan op. In het voorjaar van 2010 liet de ‘verantwoordelijke buitenlandse projecten’ van het Franse Crédit Coopératif ons weten dat hij interesse had in ons project. Op dat moment was er in België geen enkele coöperatieve bank en hij wilde ons initiatief helpen lanceren. Hij had een miljoenenbudget om buitenlandse coöperatieve banken te ondersteunen. Hij reisde graag naar Brussel en we spraken regelmatig met hem af. In februari 2010 werden we ontvangen op de hoofdzetel van Crédit Coopératif in Parijs.”

Wie waren ‘we’?

“Onder anderen Bernard Bayot en Yves Mathieu. Bayot is van in het prille begin voorzitter van NewB. Hij is directeur van Financité, een pluralistisch onderzoeksnetwerk voor ethisch beleggen. Financité is het FairFin van Franstalig België. Mathieu is een ervaren ex-bankier die jaren eerder in het directiecomité van Ethias Bank had gezeten. Ongeveer rond die tijd hoorden we waaien dat Ethias Bank te koop gesteld ging worden. De verzekeraar Ethias had tijdens de kredietcrisis 1,5 miljard euro staatssteun gekregen en de Europese Commissie was daar niet mee akkoord. Ethias moest zich daarom terugplooien op zijn kernactiviteiten, het verzekeren van lokale besturen. Een van de gevolgen was dat de bank in de etalage moest.”

Marketeer Stevaert

De overname van een bestaande bank zou het nog prille NewB een stevige boost kunnen opleveren. “Ethias Bank leek ons daarom een onderzoek waard. We hadden goede contacten bij de vakbonden en Yves Mathieu kende nog mensen bij de directie van Ethias. We legden ons oor bij hen te luisteren en kregen zo zicht op de toestand bij de bank. Via de vakbonden hoorden we dat er geen andere overnamekandidaten waren. Wijlen Steve Stevaert was toen voorzitter van de verzekeringspoot van Ethias en van Vitrufin, de moederholding boven Ethias. We wilden hem graag over onze plannen spreken. Ik heb hem toen twee keer ontmoet: de eerste keer in een chique hotel in Brussel waar hij vaak logeerde en de tweede keer bij hem thuis in Hasselt. Ik werd vergezeld door een ex-bankier van Algemene Spaar- en Lijfrentekas (ASLK) die mee aan de NewB-kar trok.” 

Van een voormalig socialistisch politicus zou je mogen verwachten dat hij het idee van een ethische coöperatieve bank zeer genegen was?

“Hij liet ook uitschijnen dat hij ons initiatief tof en sympathiek vond. Een mogelijke overname van Ethias Bank door NewB vond hij geen slecht idee. We vroegen hem of hij wist of er lijken in de kast zaten. Tijdens dat gesprek zei hij langs zijn neus weg: ‘Je moet Vitrufin erbij betrekken.’ Hij tekende meteen een hele constructie uit. Dat gebeurde spontaan, tijdens het brainstormen. Hij vroeg: ‘Hoe gaan jullie de marketing organiseren? Hoe willen jullie klanten winnen?’ Op dat moment zag ik de marketeer in hem wakker worden. (lacht) Bij het afscheid beloofden we contact te houden.”

“Geen windmolenparken!”

Een maand later zag Marc Bontemps het nummer van Steve Stevaert op het scherm van zijn telefoon oplichten. “Steve vroeg: ‘Hoe is het met de plannen?’ Hij voegde eraan toe: ‘Ik heb er zelf nog veel over nagedacht. Aan wie gaan jullie kredieten verschaffen?’ Ik antwoordde: ‘Het zal onder andere over hypothecaire kredieten gaan.’ Toen zei hij zeer nadrukkelijk: ‘Geen windmolenparken, hé.’ Windmolens waren volgens hem géén goede business. Hij zag er totaal geen toekomst voor banken in: ‘Houd je handen daarvan af!’” (lacht

“Rond die tijd knoopten we formele gesprekken aan met Hans Verstraete, toenmalig vicevoorzitter van het directiecomité van Ethias. Onze eerste afspraak was op het hoofdkwartier van Ethias. Verstraete bevestigde: ‘Jawel, we zoeken een koper voor de bank.’”

Werd er een overnameprijs uitgesproken?

“Nog niet. Wij tekenden een non-disclosure agreement (NDA) en kregen toegang tot de dataroom. Niet veel later viel dan het bedrag dat ze bij Ethias in gedachten hadden: 80 miljoen euro, voor een bank met veertig personeelsleden.”

“Ze stelden ook een deadline voorop: 30 mei 2010. Wij bleven enthousiast, want de portefeuille van Ethias Bank paste perfect bij ons en de risico’s leken minimaal. Dus reisden we in april 2010 opnieuw naar Parijs, naar Crédit Coopératif, voor een gesprek met de voorzitter en de directeur-generaal. Wij hoopten dat zij ons enthousiasme zouden delen en mee die overname zouden financieren. Maar ik voelde dat die twee leidinggevenden niet op dezelfde lijn zaten. Onze go-between, verantwoordelijk voor buitenlandse projecten, zei dat we ons geen zorgen moesten maken. Ze gingen ons dossier bestuderen en snel iets laten weten.”

Maar u hoorde niets?

“De volgende twee weken bleef het inderdaad muisstil, dus belde ik zelf. ‘Ja, we hebben het bekeken’, zei onze man. ‘Maar weet je hoeveel Ethias Bank volgens mij waard is? Nul euro.’ Ik stond als aan de grond genageld. ‘We willen ze zelfs niet gratis.’ Wat echt regelrechte onzin was. Ik vermoed dat bij Crédit Coopératif níemand naar ons dossier had gekeken. Ze hadden geen zin in gekrakeel met hun hoge bazen en stuurden ons met een kluitje in het riet.”

“De vakbonden bij Ethias lieten ons weten dat wij de enige geïnteresseerden waren. Zij begonnen zenuwachtig te worden, want de deadline om te bieden kwam in zicht. Ze drongen aan en zagen NewB helemaal zitten. Wij moesten tijd winnen, op zoek gaan naar extra sponsors en toch ook verder overleggen met de mensen van Crédit Coopératif. Daarom begon ik een brief naar Hans Verstraete van Ethias te tikken, waarin ik vroeg om de deadline met twee maanden op te schuiven.”

“Toen kreeg ik opnieuw telefoon van Steve Stevaert. Ik weet nog precies waar ik stond in mijn bureau toen ik opnam en hem hoorde zeggen: ‘Hey Marc, hoe gaat het met je?’ Het werd een gesprek over koetjes en kalfjes, gemoedelijk, kabbelend. Nadat ik had ingehaakt, dacht ik: leuke babbel, maar waarom belde hij nu eigenlijk? Ik tikte nog een paar zinnen van de brief naar Verstraete en was van plan die ’s anderendaags te versturen. De volgende ochtend opende ik de krant en las ik dat Optima een bod had gedaan op Ethias Bank.”

Het telefoontje van Stevaert was bedoeld om te checken hoe het met het bod van NewB stond?

“Steve’s ‘goede vriend’ Luc Van den Bossche was toen nog voorzitter van Brussels Airport. In september 2011 zou Van den Bossche overstappen naar Optima, om voorzitter te worden van het directiecomité van de nieuwe ‘Optima Bank’, de vroegere Ethias Bank. Misschien heeft Steve Stevaert toen Luc Van den Bossche op de hoogte gehouden van de stand van zaken? Hij wist dat wij nog niet klaar waren voor de overname. Het is best mogelijk dat hij die informatie heeft doorgespeeld.”

Dat kan natuurlijk ook allemaal toeval zijn.

“Dat kan, maar toch is ons vermoeden groot, al komen we het allicht nooit écht te weten. Stevaert stapte in 2015 uit het leven en Luc Van den Bossche blijft na het Optima-proces in de luwte. Waar we intussen wél zeker van zijn, is dat de Nationale Bank erg verveeld zat met het feit dat Ethias eerst geen verkoper voor de bank vond. Ze zat ook zeer verveeld met de financial planners van Optima.”

De Nationale Bank wist niet dat NewB interesse had in Ethias Bank? 

“Wij hadden dat niet laten weten, want dat was eigenlijk de taak van Ethias. In 2016 verklaarde wijlen Luc Coene, op dat moment eregouverneur van de Nationale Bank, in het parlement onder ede dat ze geen andere keuze hadden dan Ethias aan Optima overlaten, ‘omdat er geen andere belangstellenden waren’. Dat was een halve waarheid. Akkoord, wij hadden nog niet geboden, maar we hadden wél die NDA getekend.”

“Optima had 49 miljoen euro geboden, wat heel wat minder was dan de vraagprijs van 80 miljoen van Ethias. Achteraf vingen we het gerucht op dat Luc Coene zich grote zorgen gemaakt had over dat bod en over de reputatie van Jeroen Piqueur. Heeft Coene toen aan Van den Bossche gevraagd om voorzitter van Optima Bank te worden om Piqueur in de hand te houden? En hoe toevallig is het dat toen ook wijlen Geert Versnick als bestuurder bij Optima werd betrokken? Want zo trokken ze de liberalen mee in het bad.”

De FSMA, de Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten, hield de deal tegen.

“Inderdaad. Waarna de overnameprijs tot 26,7 miljoen euro zakte en Jan Smets, Coenes opvolger als gouverneur van de Nationale Bank, eind 2011 zijn definitieve zege gaf. Toen ik dat las, werd ik misselijk. Want voor dat bedrag hadden wij die bank wellicht zelf kunnen kopen en was NewB als coöperatieve bank gelanceerd. Vergeet niet dat onze eerste crowdfunding om de bank op de sporen te zetten 35 miljoen euro opbracht.”

De Ghelamco-arena

Achter de schermen speelde volgens Marc Bontemps nog iets anders mee bij het bod van Optima: de bouw van een nieuw Gents voetbalstadion. “Dat stadion was de grote droom van de toenmalige socialistische burgemeester Daniël Termont. Optima ging het eerst financieren, maar dat viel helemaal in duigen.” 

Op 10 juni 2010 publiceerde De Tijd een stuk met de titel: Eindelijk akkoord over stadion Gent. “Dat was welgeteld een week na de aankondiging dat Optima de Ethias Bank overnam.” 

Twee jaar na de eerstesteenlegging stelde projectontwikkelaar Ghelamco een ‘definitief akkoord’ voor de bouw en exploitatie van de nieuwe voetbalarena voor. Het hele stadion werd begroot op 70 miljoen euro, waarvan 10 miljoen euro geleend zou worden bij Ethias Bank. “Die wellicht overgenomen wordt door Optima”, schreef De Tijd er tussen haakjes bij. Financieel planner Optima had een optie genomen op de aankoop van 10.000 vierkante meter kantoorruimte. 

Rond die tijd had Bontemps op het Gentse stadhuis een afspraak bij burgemeester Termont. “Dat gesprek ging over mogelijke investeerders in NewB. Bij het afscheid vertrouwde een trotse burgemeester me toe dat Piqueur hem verzekerd had: ‘Het hoofdkwartier van de nieuwe Optima Bank zal niet naar Brussel verhuizen. Optima blijft in Gent!’ Ik denk dat Termont zich dat vandaag nog altijd beklaagt.”

Crowdfunding

In 2020 kreeg NewB ook zonder Ethias Bank een bankvergunning; twee jaar later raakte de coöperatieve bank die alweer kwijt omdat ze er niet in was geslaagd om voldoende kapitaal te verzamelen voor de verdere uitbouw. In april 2023 volgde een samenwerking met de Gentse duurzame bank vdk die 25.000 klanten van NewB overnam. Er werd een partnerschap met vdk afgesloten voor het aanbieden van bancaire diensten. In september 2025 werd dat vervroegd stopgezet omdat het structureel verlieslatend was. 

Vandaag is NewB actief in ethische verzekeringen en hoopt de organisatie in de toekomst sociale, ecologische en democratische projecten te steunen via crowdfunding. NewB telt 115.030 burgercoöperanten, naast 344 middenveldorganisaties en 8 institutionele investeerders.

Bron: Apache.be

AI wordt wurggreep rond de nek van bedrijven en overheden

AI wordt wurggreep rond de nek van bedrijven en overheden

Artificiële Intelligentie (AI) zorgt voor schokgolven in de maatschappij. Niet in het minst bij bedrijven. Wat zijn de gevolgen voor tewerkstelling? En hoe verstandig is het volledig meegaan in de marketinghype rond AI?

Het beroemde – of beruchte – bedrijf voor kunstmatige intelligentie ‘Anthropic’, stelde zopas dat AI in de eerste plaats beter betaalde banen voor bedienden vervangt.

Uit een nieuw onderzoek op basis van echte gebruiksgegevens van Claude Enterprise blijkt dat de werknemers die het meest kwetsbaar zijn 47 procent meer verdienen dan het gemiddelde en veel vaker een universitaire opleiding hebben genoten.

Wie loopt het grootste risico?

  • Programmeurs: 74,5 procent
  • Klantenservice: 70,1 procent
  • Gegevensinvoer: 67,1 procent
  • Medische dossiers: 66,7 procent
  • Marketinganalisten: 64,8 procent

Vooral jonge werknemers

Ze beweren dat jonge werknemers het hardst worden getroffen. De kans op het vinden van een baan voor 22 tot 25-jarigen in sectoren die blootstaan aan AI is met 14 procent gedaald sinds de lancering van ChatGPT, volgens Anthropic.

Microsoft rangschikte 40 beroepen op basis van ‘AI-applicabiliteit’, waarbij taken zoals data-analyse en contentcreatie snel door AI overgenomen kunnen worden. De top 10 van de risicovolle jobs zijn: tolken en vertalers, historici, passagiersbegeleiders, sales-personeel, schrijvers en auteurs, klantenservicemedewerkers, CNC-programmeurs, telefonisten, reisagenten en omroepers of radio-DJ’s.

In opdracht van Google voorspelde Implement Consulting Group dat 370.000 Belgische jobs volledig of deels vervangen zal worden door generatieve AI. Het gaat dan vooral over administratieve medewerkers (210.000) en werk in contactcenters.

Tegelijk zouden nieuwe jobs ontstaan door productiviteitswinst, met een bbp-boost van 45-50 miljard euro over 10 jaar. Dat laatste is pure speculatie natuurlijk. Vrouwen worden disproportioneel geraakt (9 procent), versus 6 procent bij mannen.

Verkooppraatjes

Al die studies zijn natuurlijk bedoeld om AI te verkopen. Aandacht trekken of bedrijven en overheden een wortel voor de neus houden. Iedereen ziet blijkbaar over het hoofd dat in verband met artificial intelligence of kunstmatige intelligentie er ook andere visies kunnen bestaan.

Neem nu de studie (als je het zo kan noemen) van Anthropic. Die waarschuwden over welke mensen hun banen gaan verliezen door AI. Dat is de klassieke verkooptruc van consultancybedrijf McKinsey.

Die gaan naar een klant en zeggen: “We snoeien 15 procent van de banen als wij een doorlichting doen van uw bedrijf. U betaalt ons en met ons rapport hebt u een excuus naar de media en de vakbonden.” De klassieke buitenstaander die slecht nieuws brengt om de leiding uit de wind te zetten. Een beetje zoals de regeringen doen als ze iets doorduwen en zeggen dat het “moest van “Europa”.

Besparen op dure, oudere werknemers

Na deze uitleg verrast het u allicht al een pak minder dat de boodschap is dat vooral de oudere en de duurdere werknemers zullen verdwijnen bij bedrijven. Dat had u aanvankelijk natuurlijk niet verwacht, maar dat is de bedoeling natuurlijk. Om die angst enigszins weg te nemen zeggen ze dan dat het voornamelijk jongeren zijn die getroffen worden.

De slotsom is dat AI net als vroeger de rage van de business proces reengineering (BPR) – waar ERP-bedrijven zoals SAP, Baan en PeopleSoft rijk mee werden – manieren zijn om de efficiëntie van de bedrijven te verbeteren met informatisering. Vrij vertaald: om in de kosten te snijden.

Het is gewoon een andere vorm van industrialisering of informatisering. Hoe dat je het ook wil noemen het gaat over de werkprocessen.

Is goedkoop duurkoop?

Daar zijn een aantal kanttekeningen bij te maken. De eerste kanttekening is de volgende: zodra die dure werknemers eruit zijn, heb je dus AI in je bedrijf en goedkope werknemers met weinig ervaring en eigenlijk minder toegevoegde waarde.

Hier zit natuurlijk het addertje onder het gras. Du moment dat al die bedrijven afhankelijk zijn van die AI, denkt u dan echt dat die voornamelijk grote Amerikaanse multinationals het daar bij laten? In de meeste gevallen zullen zij de prijs van die AI willen opdrijven. De bedrijven kunnen op dat moment niet meer terug, want ze missen de flexibiliteit van mensen op de werkvloer. Ze weten ook niet wat de AI doet en hoe. Bovendien weten ze allicht evenmin waar die AI ergens op servers draait. Dat noemen ze een locked-in situatie.

Veranderen zal even moeilijk zijn dan uw contract opzeggen met de leverancier van drinkwater of aardgas. U kan de kraan dichtdraaien, maar wat dan?

Prijspolitiek

Er zijn trouwens goede redenen om die te verwachten prijspolitiek te voorspellen. Het produceren van AI is niet goedkoop. Je hebt gigantische datacenters nodig met de duurste rekencentra vol met de zwaarste processoren of blades. Tel daar stroom voor de computers en stroom voor de koeling bij. Dan zwijgen we nog over water voor de koeling. Energie speelt in de prijs van AI misschien wel een even grote rol als bij de zware industrie.

Nu financieren de investeerders en beleggers nog die kosten om van AI een succes te maken, maar vroeg of laat willen die een return on investment. Willen ze dus winst zien. Liefst een constante stroom van winst.

Stijgende kosten

De AI-bedrijven moeten continu investeren in informatica-apparatuur en software om de concurrentie te verslaan. Voor de bedrijven of de corporate-klanten zoals dat heet zal de kost van AI enkel stijgen.

De kosten van AI bij corporate bedrijven zullen de komende jaren sterk blijven stijgen door toenemende investeringen in infrastructuur en adoptie, maar met een verschuiving naar hogere efficiëntie en netto kostenbesparingen op lange termijn zegt men er dan bij. De fameuze wortel die voorgehouden werd.

Wereldwijd stijgen AI-uitgaven explosief. Volgens studies plannen bedrijven 1,7 procent van hun omzet aan AI in 2026, meer dan dubbel zoveel als 0,8 procent in 2025. De uitleg is dan dat in Europa al 56 procent van de organisaties positieve kosteneffecten ervaart door AI. Ze schermen dan met gemiddelde besparingen van 6,24 miljoen euro per bedrijf. Dat moeten dan wel al heel grote bedrijven zijn natuurlijk. In België gebruikt 1 op de 3 ondernemingen met meer dan 10 werknemers AI, een stijging van 40 procent in een jaar.

Vakblad Data News schreef dat AI-investeringen blijven groeien. De zogenaamde Big Tech geeft in 2026 665 miljard dollar uit. Een stijging van 74 procent ten opzichte van 2025. De IT-journalist voegt eraan toe dat rekenkracht goedkoper wordt en agentic AI tegen 2027 de kloof tussen kosten en waarde met 50 procent zal verkleinen. De return-on-investment duurt vaak 2 tot 4 jaar. Die laatste twee bewering zijn toekomstmuziek of wishful thinking.

Goedkopere (maar meer) rekenkracht

De Big Tech wil natuurlijk die investeringen terugverdienen en rekenkracht wordt dan wel goedkoper, maar er zal veel meer rekenkracht nodig zijn als het aantal gebruikers fors toeneemt. Dus is er geen enkele reden om aan te nemen dat goedkopere rekenkracht ook goedkopere AI betekent.

De vraag is natuurlijk of bedrijven die volledig overstappen op AI? uiteindelijk niet duurder af zullen zijn dan gewoon met mensen te werken. Erger wordt het als de overheid dit doet. Gaat de overheid besparen of juist hoger kostenstructuren hebben één keer ze in de greep zijn van AI-bedrijven?

AI gaat alle prettige taken doen zodat u de rotklussen kan doen

Je kan natuurlijk ook nog de vraag stellen: hoe intelligent is het eigenlijk om met AI te werken? Ik heb AI niet nodig om mijn teksten te schrijven. Collega’s bij de mainstream-media doen dat, die steken er veel geld in en die zijn er nog trots op ook.

Voor mijn creatieve activiteiten naast mijn werk heb ik evenmin AI nodig. Niet om foto’s te maken, niet om te tekenen of te schilderen. Misschien dat AI leuk is om tegen te schaken, maar eerlijk gezegd dat doe ik toch veel liever tegen mijn neef. Desnoods via een app op een tablet.

Huishoudtaken

Waar ik wel AI voor zou willen, is voor huishoudelijke klusjes. Een slimme droogkast bijvoorbeeld die de was sorteert en opvouwt. Indien mogelijk zelfs de strijk van mijn overhemden doet. Een slimme koelkast die mijn boodschappenlijstje of vervaldatums bijhoudt. Helaas daar zal ik op moeten blijven wachten.

Als consument willen ze me dus AI verkopen om alles te doen wat ik graag zelf doe zodat ik me bezig kan houden met waar ik een hekel aan heb. Als dat geen fijne deal is?

Van koper naar huurder

De evolutie is trouwens goed zichtbaar. Van een persoonlijke computer met programmatuur die u kocht en ook bezat, gingen ze naar de cloud. Voortaan had u een abonnement (dat snel duurder bleek dan de dure software-aankoop) en waar u ook betaalt als u het niet gebruikt. Even ter herinnering. De PC veroverde de universiteiten juist omdat ze bij mainframes betaalden voor software alsof het kraantjeswater was. Zelfs als niemand het gebruikte bleef de maandelijkse of jaarlijkse factuur komen. Met de client-server-omgeving met genetwerkte pc’s was dat verdienmodel – waar bijvoorbeeld IBM ontzettende winsten mee maakte – afgelopen.

Als je software niet meer gebruikte kocht je gewoon geen nieuwe update. En met de versie die u kocht kon u zolang werken als u wou. Af en toe een versie overslaan bijvoorbeeld. Dat kan zelfs met op uw computer geïnstalleerde programmatuur niet meer omdat het online checkt of uw Microsoft Office of Adobe abonnement betaald is.

De cloud computing maakte van eigenaars terug huurders. Huurders waar de verhuurder met een vingerknip kon besluiten dat het afgelopen was tenzij men opnieuw betaalde. De gebruiker zit gevangen. AI zou zo wel eens de grootste gevangenis voor consumenten en bedrijven kunnen worden.

Bron: PAL.be

Helft middelbare scholieren gebruikt wekelijks AI voor schoolwerk en wil het correct leren te gebruiken

Helft middelbare scholieren gebruikt wekelijks AI voor schoolwerk en wil het correct leren te gebruiken

De Vlaamse Scholierenkoepel vraagt scholen om duidelijke afspraken te maken over artificiële intelligentie (AI). Heel wat scholieren gebruiken AI voor schoolwerk, vaak als hulpmiddel om leerstof beter te begrijpen of als inspiratie bij een opdracht. Uit een bevraging blijkt dat scholieren zelf vragen hebben over hoe ze AI goed kunnen gebruiken. 

De helft van de middelbare scholieren gebruikt meerdere keren per week of vaker AI om hen te helpen bij schoolwerk. Dat blijkt uit de eerste resultaten van de Grote Scholierenbevraging van 2026, die in het voorjaar afgenomen werd door de Vlaamse Scholierenkoepel.

Dertig procent van de studenten op de middelbare school gebruikt meerdere keren per week AI-tools, en 20 procent zelfs dagelijks of vaker. Slechts 7 procent onder hen gebruikt helemaal geen AI voor schoolopdrachten.

In de 1e graad (1e en 2e middelbaar) worden AI-tools nog iets minder gebruikt (38 procent minstens meerdere keren per week), in de 2e en 3e graad meer (respectievelijk 55 en 60 procent).

AI wordt niet altijd gecheckt

De meeste scholieren, 72 procent, gebruiken AI om uitleg te vragen. 54 procent gebruikt AI voor inspiratie, en zo’n 40 procent om eigen kennis te testen of een samenvatting te maken.

14 procent van de scholieren geeft toe hun schoolwerk volledig aan AI uit te besteden. Bijna 1 op de 5 jongens gebruikt AI-tools op die manier, maar slechts 1 op de 10 meisjes. 

Zorgwekkender is het relatief grote aantal scholieren dat AI-informatie weinig controleert: 35 procent gaf aan dat slechts zelden te doen, 52 procent kijkt de resultaten van AI wel na.

“Dit vertelt ons vooral dat er meer lestijd moet gaan naar hoe leerlingen de technologie correct inzetten”, zegt Wouters. Dat blijkt ook uit het grote aantal scholieren (42 procent) dat zich zorgen maakt over hoe medestudenten AI-tools gebruiken.

Versnipperde schoolafspraken

AI is dus alomtegenwoordig op middelbare scholen, en daar zijn onderwijsinstellingen zich van bewust. Slechts 8 procent van de studenten gaf aan dat er nog helemaal geen afspraken rond AI gemaakt werden op school.

Wel is dat AI-beleid vaak versnipperd: 62 procent gaf aan dat regels rond AI verschillen tussen leerkrachten. Wouters pleit daarom voor “een goed kader met duidelijke afspraken”, en dat via overleg “met scholieren, niet over scholieren”. 

“Zelfs als er een AI-bubbel zou barsten, gaat die technologie niet meer weg. Verantwoord AI-gebruik leert studenten de nodige vaardigheden voor de werkvloer van morgen”, besluit Wouters. 

Bron: VRT.nws

Kinderen die niet naar school kunnen door mentale problemen: “Probleem van departementen Onderwijs én Welzijn”

Kinderen die niet naar school kunnen door mentale problemen: “Probleem van departementen Onderwijs én Welzijn”

“Het is de verantwoordelijkheid van Welzijn én Onderwijs, en dus moeten die 2 departementen veel sterker samenwerken.” Dat zegt Bruno Vanobbergen, directeur-generaal van Katholiek Onderwijs Vlaanderen, na de reportage van Pano waaruit blijkt dat steeds meer jongeren thuisblijven door mentale problemen. Een mogelijke oplossing volgens hem: multidisciplinaire teams met orthopedagogen, criminologen en sociaal werkers op school.

Als steeds meer kinderen niet naar school kunnen omdat ze kampen met emotionele onrust, angst of psychische problemen, wie is daar dan verantwoordelijk voor? 

Scholen en ouders voelen zich machteloos, werd duidelijk in de laatste uitzending van Pano. We contacteren minister van Onderwijs Zuhal Demir (N-VA), maar worden al snel doorverwezen naar collega van Welzijn Caroline Gennez (Vooruit). Zij wijst op haar beurt opnieuw naar minister Demir, enzovoort.

Net daar knelt het schoentje, zegt Bruno Vanobbergen in De Ochtend op Radio 1. Hij is momenteel directeur-generaal van Katholiek Onderwijs Vlaanderen en was in het verleden ook Vlaams kinderrechtencommissaris. 

Het gaat hier volgens Vanobbergen over beide beleidsdomeinen. Naar elkaar wijzen heeft dus geen zin, er moet vooral worden samengewerkt over de domeinen heen. 

“Ik zeg het al lang: als het gaat over die 2 beleidsdomeinen, Onderwijs en Welzijn, dan moeten we die veel sterker met elkaar laten samenwerken en echt werk maken van een ondersteuning van scholen. Het gaat vooral over: hoe kan je ervoor zorgen dat je de draagkracht van scholen vergroot?”

Ook Lotte Meulewaeter, directeur van de CLB’s van het gemeenschapsonderwijs, pleit voor een betere samenwerking. Ze zou graag willen dat de CLB’s meer op school aanwezig zijn om het recht op onderwijs voor deze leerlingen mogelijk te maken. Maar andere taken staan dat nu in de weg: “We steken veel tijd in de overbruggingshulp van de wachtlijsten in welzijn. Daarnaast spenderen we veel tijd aan verslagen voor leersteun of ondersteuning in het gewoon onderwijs. We zijn vragende partij om die tijd in de toekomst maximaal door te brengen op school.”

Multidisciplinaire teams als oplossing?

In de reportage wordt gepleit voor multidisciplinaire teams op school, een mogelijke oplossing die Vanobbergen vanmorgen ook op tafel legt.

“Dat betekent dat je ruimte creëert zodat scholen mensen kunnen inzetten: orthopedagogen, soms criminologen en sociaal werkers die samen een team vormen”, licht de onderwijstopman verder toe. 

Zo’n team zou leerkrachten van dichtbij kunnen ondersteunen. En dat werkt, ziet Vanobbergen vandaag al op het terrein. “Er zijn al een aantal scholen die daar op eigen initiatief werk van maken.”

“We zien dat die scholen echt een wereld van verschil maken, voor leerlingen, hun ouders en de leerkrachten. Het is daarom cruciaal dat scholen de nodige rugdekking en ruimte krijgen om mensen in te zetten die snel en nabij hulp en ondersteuning kunnen bieden.”

Want onder meer met het lerarentekort, kan het niet de bedoeling zijn dat deze problematiek op de schouders van leerkrachten terechtkomt, benadrukt Vanobbergen. “Dit is zeker niet de opdracht van de school alleen, maar het is wel de school als plek waar je die ondersteuning kan geven.”

Rust, leerkansen en inclusie

De centrale vraag daarbij volgens Vanobbergen: hoe zorgen we ervoor dat we scholen tot plaatsen maken waar er rust is, waar kansen zijn tot leren, en waar tegelijkertijd inclusie is? “Op die 3 dingen moeten we volop inzetten.”

Maar alleen met multidisciplinaire teams ga je er niet komen, gaat hij verder. Daarom lopen er momenteel gesprekken tussen Katholiek Onderwijs, minister Demir én minister Gennez.

“Je merkt steeds meer dat het besef groeit dat we het samen zullen moeten doen. We mogen niet toelaten dat kinderen en jongeren tussen de mazen van het net vallen, tussen onderwijs en welzijn. We moeten hen samen opvangen.”

Bron: VRT.nws

Almaar meer leerlingen blijven thuis door mentale problemen: Pano ziet hoe scholen zich machteloos voelen

Almaar meer leerlingen blijven thuis door mentale problemen: Pano ziet hoe scholen zich machteloos voelen

Wat als het leerlingen niet meer lukt om naar school te gaan door emotionele onrust of angsten? Cijfers ontbreken en dus probeert Pano met een eigen bevraging deze complexe en groeiende problematiek in kaart te brengen. Daaruit blijkt dat scholen zich vaak machteloos voelen bij een gebrek aan alternatieve onderwijsvormen en wachtlijsten in de zorg.

Joppe (10), Elle (13) en Nikolas (14) zijn verstandige kinderen. Ze getuigen in Pano dat ze niet naar school gaan. Niet omdat ze dat niet willen, maar omdat het niet meer lukt. Door emotionele onrust, door angst of door psychische problemen. En ze zijn niet alleen.

Het Kinderrechtencommissariaat signaleerde afgelopen najaar dat steeds meer leerlingen die met een ziekteattest wegblijven van school, kampen met psychische problemen  zoals schoolangst, faalangst, depressie en burn-out.

Om hoeveel leerlingen het exact gaat, weten we niet. We weten wel dat er sinds de coronacrisis een duidelijke stijging is van leerlingen die meer dan 30 halve dagen per schooljaar ziek thuiszitten.

Bednet ziet al 2 jaar op rij dat mentale klachten de belangrijkste reden zijn voor leerlingen in het secundair onderwijs om hen te ondersteunen met afstandsonderwijs.

Vele honderden thuiszitters door emotionele onrust of angst

Om beter zicht te krijgen op de problematiek, stuurde Pano in januari daarom naar zowat alle basis- en secundaire scholen in het regulier onderwijs een bevraging uit. 509 scholen hebben die ingevuld. Dat is geen representatief onderzoek, maar de bevraging geeft wel aan dat het fenomeen breed bekend is.

329 van deze scholen hebben dit schooljaar te maken met leerlingen die een aangepast traject volgen of – al dan niet voltijds – uitvallen door emotionele onrust of angst. In deze bevraagde scholen gaat het in totaal om 1.066 leerlingen in het secundair onderwijs en 389 in het basisonderwijs. Zowat de helft van de scholen zag de problematiek de afgelopen 5 jaar stijgen. 

In het buitengewoon onderwijs is het probleem nog veel groter. Een school voor buitengewoon secundair onderwijs licht in een aparte bevraging toe.

“Een kleine 60 procent van onze 90 leerlingen zit momenteel voltijds op school. Vier leerlingen zitten thuis zonder alternatief programma. Acht leerlingen volgen geen enkel uur les op school, maar krijgen wel een apart traject. En dan hebben we nog heel wat deeltijdse leerlingen die vaak veel nood hebben aan rust.”

De meeste scholen wijzen psychische problemen aan als oorzaak. Ook een vermoeden van autisme, ADHD of hoogbegaafdheid komt naar voren. Daarnaast geven scholen vaak een moeilijke thuissituatie als oorzaak aan voor de uitval. 

Scholen voelen zich vaak machteloos

Een woord dat vaak bij scholen terugkomt, is ‘machteloosheid’. Ze willen wel aanpassingen doen om leerlingen tegemoet te komen, maar daarmee overschrijden ze vaak de draagkracht van de school en betrokken leerkrachten. Het gaat namelijk niet enkel om de ernst van die ene problematiek, maar om de veelheid aan problematieken binnen een klas.

Er is dan ook een grens aan de flexibiliteit van een schoolorganisatie: “Er heerst frustratie bij de leraren dat de ‘gewone’ leerlingen ook stress hebben en ook baat hebben bij een dag thuis te mogen studeren. De veelheid van maatwerk is voor sommige leraren niet meer te overzien”, verzucht een school in de bevraging.

Bovendien overstijgen de problematieken van deze leerlingen de expertise van een school. Zowat de helft van de bevraagde scholen geeft ook aan weinig ondersteuning te vinden bij het CLB wegens ‘onderbemand en overbevraagd’. 

Flexibeler onderwijs nodig?

Scholen zoeken soms zelf naar oplossingen door leerlingen deeltijds onderwijs te laten volgen. Of ze laten de leerling online lessen meevolgen via Bednet.

Voor wie les volgen niet meer lukt, zijn er ook enkele time-outprojecten, of kan een TOAH-leerkracht (Tijdelijk Onderwijs Aan Huis) een tijdelijke oplossing zijn: die leerkracht komt 4 uur per week bij leerlingen met een medisch attest thuis lesgeven.

Het aantal leerlingen dat zo’n leerkracht aan huis krijgt, is sinds de coronacrisis vooral in het buitengewoon onderwijs sterk gestegen.

Een structurele oplossing is dat niet, vindt Beno Schraepen, expert inclusief onderwijs aan de AP Hogeschool: “De huidige structuur en regels van scholen laten weinig flexibiliteit toe, daar is ook het personeel niet voor. Oplossingen als Bednet of TOAH kunnen dan ondersteunend zijn, maar er wordt daarbij te weinig gezocht naar wat deze leerlingen nu echt nodig hebben om tot leren te komen.”

“Bovendien is het aantal TOAH-uren zeer beperkt. Zo creëer je vanzelf een leerachterstand en dus een ontwikkelingsachterstand op lange termijn.” 

Ook professor Orthopedagogiek Ilse Noens (KU Leuven) pleit ervoor om andere – meer flexibele – vormen van lesgeven uit te proberen: “Als die schoolse start van de dag zo moeilijk is, kan je leerlingen wat later naar school laten komen zodat ze al wat rustiger kunnen binnenkomen. Of je kan meer rustpauzes inbouwen. Leerlingen gaan beter deeltijds naar school dan helemaal niet naar school.”

Wachtlijsten in de zorg en moeizame samenwerking met zorgpartners

Als een leerling al voorbij de wachtlijsten in de zorg raakt, blijkt uit de bevraging dat het soms moeilijk is om samen te werken tussen de verschillende betrokken partners, zoals het CLB en het leersteuncentrum of een externe psycholoog.

“Er is vaak geen rechtstreeks contact tussen arts en school. Maar die artsen stellen wel vaak progressieve lesroosters voor zonder rekening te houden met de context van de school”, geeft een school als voorbeeld.

Verschillende scholen zien een mogelijke oplossing in een multidisciplinair team op school, waarbij je verschillende zorgprofielen permanent op je school hebt. Dat kan gaan van een logopedist, kinesist of ergotherapeut tot een psycholoog of sociaal werker.

Ook Beno Schraepen is voorstander: “Zo’n multidisciplinair team voorkomt dat scholen altijd een beroep moeten doen op partners buiten de school. Dan zijn er altijd obstakels en barrières om samen te werken.”

Ook ouders worstelen met de problematiek

En hoe kijken scholen naar de samenwerking met de ouders? De bevraging geeft een gemengd beeld. Soms is er thuis te weinig structuur en veiligheid en hebben kinderen nooit geleerd hoe ze emoties kunnen uiten of dat naar school gaan belangrijk is. Aan het andere uiterste zijn er ouders die hun kind met extra zorgnoden net te veel willen beschermen.

“Dat maakt dat leerlingen in een moeilijke situatie makkelijker gaan vluchten en dan thuis willen blijven. We zien het aantal ouders groeien dat hierin meegaat. Ze doen dat vaak uit angst om hun kind onrecht aan te doen of te veel druk te leggen, terwijl wij leerlingen net willen leren omgaan met moeilijke situaties zoals toetsen, leerstof en vrienden maken”, geeft een school aan. “En eens een kind langdurig thuis is geweest, is de stap om terug te komen veel groter én blijven ze makkelijker opnieuw langdurig thuis.”

“Er zullen zeker ouders zijn die hun kind te snel zeggen om thuis te blijven, maar ik zou dat niet willen veralgemenen”, nuanceert Beno Schraepen. “Ik denk dat er heel veel meer ouders zijn die niet liever willen dan dat hun kinderen naar school gaan maar die op een heleboel obstakels botsen.”

Dat het soms moeilijk kan zijn om deze leerlingen aan boord te houden, merken ook andere scholen. Van de bevraagde scholen geeft net iets meer dan de helft aan dat ze daarin slagen. Als het niet lukt, volgt vaak een doorverwijzing naar het buitengewoon onderwijs of naar een andere school. Al blijkt dat ook niet altijd een goede oplossing.

Ook zien scholen geregeld thuisblijvers die geen onderwijs meer volgen of leerlingen die proberen om hun diploma via de examencommissie te behalen.

Vooral scholen in het basisonderwijs zien dat alternatieve oplossingen ontbreken, terwijl  leerlingen die uitvallen steeds jonger worden. En zonder onderwijs én zonder opvang staat het leerrecht van die groeiende groep leerlingen onder druk.

Bron: VRT.nws