Lagere eindejaarspremie voor bedienden

Lagere eindejaarspremie voor bedienden

De dagen tijdelijke werkloosheid door corona worden niet gelijk gesteld voor de werknemers van het paritair comité 200. Dat betekent een aanzienlijk verlies op de eindejaarspremie van 480.000 bedienden.
Door de coronacrisis werden veel werknemers van de ene op de andere dag tijdelijk werkloos. De vakbonden wijzen erop dat het grootste deel van de cao’s in de sectoren die ze vertegenwoordigen, niet voorzien in een gelijkstelling van de periodes van tijdelijke werkloosheid voor de toekenning van de eindejaarspremie.
“De vakorganisaties hebben op interprofessioneel en vervolgens sectoraal niveau meermaals garanties gevraagd voor de betaling van de eindejaarspremies. Onder meer in de sector van het pc 200 werden gesprekken gevoerd. De werknemersvertegenwoordigers eisten dat er een volledige eindejaarspremie zou worden betaald, ook al waren de werknemers tijdens de crisis periodiek tijdelijk of economisch werkloos geweest”, aldus ACV Puls, BBTK en ACLVB in een persbericht. “Die vraag werd door de werkgevers van tafel geveegd. We betreuren dit ten zeerste, net als het feit dat het sociaal fonds niet tussengekomen is (zoals wel het geval was in andere paritaire comités) om de kost van de gelijkstelling te verdelen.”
Concreet wil dit volgens de vakbonden zeggen dat de eindejaarspremie van de werknemers van het pc 200 een stuk lager zal liggen. Ook al kon er dan op sectorvlak geen akkoord worden bereikt, toch blijven bedrijfsakkoorden mogelijk.
Volgens de laatste informatie van de regering zou de RVA tussenkomen en een compensatie betalen. Maar het staat vast dat dit het financiële verlies van de benadeelde werknemers niet volledig zal compenseren.

Sociale verkiezingen 2020 afgerond

De voorlopige resultaten van de sociale verkiezingen 2020 werden vandaag voorgesteld in aanwezigheid van de Minister van Werk, de heer Pierre-Yves Dermagne, en van vertegenwoordigers van de sociale partners.
Voorlopige resultaten van de sociale verkiezingen 2020 (PDF, 696 KB)
Gedetailleerde presentatie van de voorlopige resultaten van de sociale verkiezingen 2020 (PDF, 866.8 KB)
Aantal opgestarte procedures in de ondernemingen met of zonder handels- en industriële finaliteit op nationaal vlak en per gewest (PDF, 406.33 KB)
Ondernemingen met of zonder handels- en industriële finaliteit (PDF, 642.9 KB)

Make Bpost great again

De afgelopen jaren werd Bpost meermaals afgeschreven: het internet zou een einde maken aan briefwisseling. Het aantal brieven daalde effectief fors. De Post, ondertussen omgevormd tot het ‘autonoom overheidsbedrijf’ Bpost dat deels in private handen is en dus volledig onder de private winstlogica valt, werd eveneens fors afgebouwd. Op 20 jaar tijd verdwenen de helft van de postkantoren. Op 30 jaar tijd verminderde het personeelsbestand met 40%. Dat is één van de grootste sociale bloedbaden in ons land de afgelopen decennia. Het overgebleven personeel werkt aan lage lonen. Het gaat om uurlonen die bij de laagste van het land behoren: amper meer dan 10 euro per uur. Bij vacatures voor postbodes op dit ogenblik is er sprake van een uurloon van ongeveer 11,5 euro. Dat levert bij voltijdse tewerkstelling een maandloon op van net boven de 1500 euro. Het werk zelf is bijzonder zwaar: na jaren van berekenen en aanpassen van bezorgroutes, is er geen tijd meer voor een praatje aan de deur. Starters slagen er niet in om de ronde binnen de vooropgestelde tijd af te werken. Bij de bezorging van pakjes is het al niet beter. De ‘markt’ van de pakjes wordt niet alleen door Bpost bediend. Er zijn tal van andere bedrijven actief, waar de lonen vaak nog slechter zijn. Bij PostNL in Nederland begint een postbezorger aan 10,17 euro per uur. Ook andere functies starten zelden aan een loon dat nog maar in de buurt komt van 14 euro (bruto!) per uur. Het liberaliseren van de pakjesmarkt maakt dat er een neerwaartse druk op de lonen is, terwijl de bezorging niet efficiënt wordt gepland: auto’s  van elk bedrijf trekken elk afzonderlijk door onze straten. Er zijn winnaars bij de pakjestoename. Die vinden we niet bij het personeel, dat hard moet werken voor een laag loon. Binnenkort komt daar bovendien zondagwerk bovenop. De vakbondsleiders stemmen daarmee in, onder meer omdat er vanwege de lage lonen wel wat interesse is in beter betaald zondagswerk. De winnaars moeten niet bij de gebruikers gezocht worden: zij moeten vanaf 1 januari opnieuw fors meer betalen voor verzendingen: een non-priorzegel wordt 10% duurder. Wie wint wel? De grote aandeelhouders van Bpost. De afgelopen jaren realiseerde de voormalige aandeelhouder CVC op 8 jaar tijd een rendement van 300%. Er is reeds bijna een miljard euro uit het bedrijf verdwenen als opbrengst voor de private aandeelhouders. De toevloed van pakjes op dit ogenblik leidt tot een grotere omzet: in het derde kwartaal ging het om 973 miljoen euro, of 10% meer dan een jaar voordien. De winst steeg met 81% tot 65,1 miljoen euro, terwijl ‘slechts’ 18,4% winstgroei werd verwacht. Voor heel het jaar wordt een winst van “minstens 270 miljoen euro” verwacht, aldus CEO Van Avermaet. Wie denkt dat een liberalisering leidt tot lagere prijzen, moet zijn energiefactuur maar eens vergelijken met die van 20 jaar geleden. Of eens de trein nemen in Groot-Brittannië… Neen, liberaliseren en privatiseren zorgt voor hogere prijzen en minder dienstverlening, waarbij bovendien het personeel wordt uitgemolken als moderne slaven. De gezondheidscrisis bevestigt het belang van een postdienst, zowel voor brieven als pakjes. De daling van het briefvolume is minder groot dan verwacht. De aanhoudende prijsstijgingen kunnen daar uiteraard wel verandering in brengen. Er is meer personeel nodig om de pieken in de pakjesbezorging te kunnen opvangen: een dienst die op zijn tandvlees zit, kan geen extra inspanning doen. Dit personeel moet bovendien aan betere voorwaarden werken: haalbare werkdruk en betere lonen, te beginnen met een algemene verhoging van alle laagste lonen tot 14 euro per uur. Het wordt tijd om Bpost opnieuw in publieke handen te brengen. Een ‘gemengde’ structuur is een illusie: zodra de private sector een voet tussen de deur heeft, gelden enkel nog de private winstprincipes. In plaats van honderden miljoenen aan private aandeelhouders cadeau te doen, moeten deze middelen geïnvesteerd worden in betere dienstverlening en betere lonen. Waarop wachten de vakbonden bij Bpost om de brede solidariteit die er nu is met het hardwerkende postpersoneel aan te grijpen om een offensieve campagne op te starten om Bpost in publieke handen te nemen met opnieuw een uitbouw van het netwerk van kantoren, een forse aanwervingscampagne en degelijke arbeidsvoorwaarden (te beginnen met een minimumloon van 14 euro per uur).  
Bron: LSP

Opleiding werknemers privésector

Aan het begin van het school- en academiejaar 2020-2021 hebben opnieuw verschillende werknemers het initiatief genomen om te starten met een opleiding. Mogelijk dienden zij hiervoor reeds een aanvraag tot betaald educatief verlof (“BEV”) of Vlaams opleidingsverlof (“VOV”) in bij hun werkgever of zullen zij dit nog doen. Het BEV en VOV geven werknemers het recht om van het werk afwezig te zijn met behoud van hun normale loon, waardoor deze verlofstelsels veruit de meest voordelige optie zijn voor werknemers om een opleiding te volgen. Gelet op het relatief beperkt aantal uren BEV en VOV waarop werknemers jaarlijks recht hebben, zullen deze verlofstelsels wellicht niet volstaan voor werknemers die een doorgedreven opleiding wensen te volgen. Het tijdskrediet met motief ‘erkende opleiding’ en de loopbaanvermindering kunnen daarentegen voor een langere periode worden opgenomen, waardoor deze stelsels zich – al dan niet in combinatie met BEV of VOV – beter lenen voor opleidingen die meer uren afwezigheid vereisen. Niet enkel werknemers, maar ook werkgevers dienen stil te staan bij het nemen van opleidingsinitiatieven. Op basis van de wet werkbaar en wendbaar werk zijn werkgevers immers verplicht om een bepaald aantal opleidingsuren aan hun werknemers aan te bieden. Zowel werknemers als werkgevers kunnen onder bepaalde voorwaarden financiële steun genieten indien opleidingsinitiatieven worden genomen. Voor de werknemers zijn de Vlaamse aanmoedigingspremie en de opleidings- en loopbaancheques relevant. Voor werkgevers vestigen we de aandacht op de kmo-portefeuille. Een werkgever die zijn werknemer een opleiding aanbiedt, zal ten slotte moeten onderzoeken in welke mate een scholingsbeding in de arbeidsovereenkomst kan worden opgenomen. In deze bijdrage in Oriëntatie wordt hierop dieper ingegaan.  Bron en meer info Inhoud Vlaams opleidingsverlof en betaald educatief verlof: gemeenschappelijk
kader Vlaams opleidingsverlof: bijzondere modaliteiten Betaald educatief verlof (Brussel en Wallonië): bijzondere  modaliteiten Tijdskrediet en loopbaanvermindering om een opleiding  te volgen Verplichte opleidingsinspanning door de werkgever Aandachtspunten inzake de opleidingskost

Begroting 2021 goedgekeurd

De Kamercommissie Begroting heeft,  meerderheid tegen oppositie,  het budget voor 2021  goedgekeurd. De tekst moet nu nog langs de plenaire vergadering passeren, zodat er vanaf januari opnieuw een volwaardige federale begroting op tafel zal liggen, en dat voor het eerst sinds de val van de regering-Michel eind 2018. De Vivaldi-regering kwam overeen om de begroting volgend jaar met 0,2 procent van het bbp te saneren. De tabellen voorzien een inspanning van 950 miljoen euro – bijvoorbeeld via de fraudebestrijding. Daar staat voor 1,9 miljard euro nieuw beleid tegenover, zoals de verhoging van de minimumpensioenen, de verhoogde investeringsaftrek en in de gezinsfiscaliteit. In maart staat al een begrotingscontrole geprogrammeerd. De kans is groot dat er dan bijsturingen zullen moeten gebeuren. Toen de regering de budgettaire oefening klaar was, moesten de nieuwe lockdownmaatregelen in de strijd tegen het coronavirus immers nog ingaan. Die zullen wellicht een negatieve invloed hebben op de economische activiteit, en dus ook op de openbare financiën. Het is ook afwachten in welke mate de economie zal heropleven. Ook het Rekenhof plaatste vraagtekens bij een aantal posten in de begroting. Zo mikt de regering op bijna 400 miljoen euro uit de effectentaks, maar het Rekenhof uitte in zijn doorlichting daarover twijfels. De regering reageerde dat de taks sneller dan verwacht is gerealiseerd. Ook merkt het Rekenhof bijvoorbeeld op dat het niet zeker is dat de uitbreiding van de 6 procent btw voor afbraak en wederopbouw strookt met de Europese regels. Daarnaast kan het Rekenhof niet inschatten of de geraamde 200 miljoen euro uit fraudebestrijding realistisch is. Het Rekenhof wijst wel op een aantal zaken die de begroting extra marge geven. Zo zou de spilindex een maand later worden overschreden dan verwacht, wat resulteert in 40 miljoen minder uitgaven. Er is ook nog geen rekening gehouden met de inkomsten uit de veiling van de C02-emissierechten. In 2019 bedroeg het federale aandeel zo’n 32 miljoen. Indien de begroting binnenkort ook groen licht krijgt in de plenaire Kamer, dan kan België vanaf volgend jaar opnieuw met een volwaardige begroting draaien. Dat is al geleden sinds 2018. Door de val van de regering eind 2018 moest de federale regering sindsdien werken met voorlopige twaalfden. Dat maakte het sindsdien onmogelijk grote bijsturingen door te voeren. 
Bron: Knack