Filosofie voor een weergaloos leven

Filosofie voor een weergaloos leven

Voor het leven is er geen generale repetitie. Je hebt slechts één kans. Gelukkig zijn grote denkers je voorgegaan en kun je bij hen terecht voor wijze raad. Zo helpt Diogenes je om je authentieke zelf te zijn, Epicurus om niet te veel geld uit te geven tijdens de uitverkoop en Kant om op tijd te remmen voor een zebrapad. Maar ook minder gearriveerde denkers helpen je een handje: André Hazes daagt je uit om vrijer te worden en De Jeugd van Tegenwoordig steunt je in je verdriet. In Filosofie voor een weergaloos leven laat Lammert Kamphuis zien dat filosofie minder onbegrijpelijk en hoogdravend is dan we vaak denken. In achttien prikkelende stukken toont hij hoe zowel eeuwenoude als hedendaagse denkers je kunnen bijstaan in het alledaagse leven. Deze bundel biedt troost, geeft rust, verrijkt vriendschappen, creëert begrip voor andersdenkenden en leidt tot meer plezier in je werk. Laat je verrassen door deze toegankelijke manier van filosoferen, en ga zelf aan de slag!

Faillissementen zorgen voor banenverlies

In maart 2021 werden in totaal 599 bedrijven failliet verklaard in België.

Door de faillissementen die in maart werden geregistreerd, gingen er 1.445 banen verloren: 916 voltijdse banen, 296 deeltijdse banen en 233 loontrekkende werkgevers.

Dit zijn de sectoren met het grootste aantal faillissementen in maart: 223 faillissementen in de sector transport en overige diensten, 142 in de bouwnijverheid, 114 in de handel en 89 in de horeca.

Op gewestelijk niveau waren er 311 faillissementen in Vlaanderen, 182 in Wallonië en 106 in Brussel.

Bij de interpretatie van deze cijfers moet rekening worden gehouden met het feit dat er een zekere vertraging is tussen de stopzetting van de economische activiteit en de faillietverklaring door de ondernemingsrechtbank. Als gevolg daarvan is de economische impact pas met enige vertraging zichtbaar in de cijfers.

Bovendien werkten als gevolg van de Covid-19-crisis veel ondernemingsrechtbanken en griffies met verminderde capaciteit en waren hun activiteiten beperkt tot 18 mei 2020. Daarnaast was tot 17 juni 2020 een koninklijk besluit van kracht dat heeft geleid tot de bevriezing van de faillissementsprocedures voor de rechtbanken, om ondernemingen die voor 18 maart 2020 gezond waren, te beschermen tegen de gevolgen van de Covid-19-crisis.

Vervolgens heeft de regering op vrijdag 6 november 2020 een nieuw moratorium over faillissementen goedgekeurd tot 31 januari 2021 om bedrijven te beschermen die gedwongen waren hun deuren tijdelijk te sluiten op grond van het ministerieel besluit dat gepubliceerd werd op 1 november 2020 tot wijziging van het ministerieel besluit van 28 oktober 2020 houdende dringende maatregelen om de verspreiding van het coronavirus COVID-19 te beperken.

Om de stopzetting van dit tweede moratorium te compenseren, voerde de federale regering een drieledige hervorming uit om de toegang tot de procedure van gerechtelijke reorganisatie flexibeler te maken. Ten eerste werd de procedure versoepeld door ondernemingen niet langer te verplichten vanaf het begin al 11 documenten in te dienen, maar slechts 3, waarbij de overige documenten tijdens de procedure kunnen worden verstrekt. Ten tweede is het volgens de procedure niet langer verplicht om in het Belgisch Staatsblad te publiceren. Dit stelt de bemiddelaar in staat om de schuldeisers in volle discretie te ontmoeten en hen te overtuigen af te zien van een snelle terugbetaling van hun vorderingen alvorens een akkoord is bereikt. Ten derde moedigt men de procedure van gerechtelijke reorganisatie op basis van een minnelijke schikking aan met behulp van een belastingvrijstelling die tot dan toe enkel gold voor procedures van gerechtelijke reorganisatie die bij gerechtelijk vonnis werden verkregen.

Tussen deze twee moratoria in, beslisten zowel de FOD Financiën als de RSZ om een feitelijk moratorium in te stellen, door bedrijven niet failliet te laten gaan als gevolg van schulden bij de belastingdiensten of de sociale zekerheid. Deze regeling blijft volgens de minister van Justitie ook na 1 februari van kracht.

Daarnaast vond in de maanden juli en augustus het gerechtelijk zomerreces plaats. De rechtbanken bleven gedurende deze periode open, maar er waren minder hoorzittingen. Daarom liggen onze faillissementscijfers in deze periode lager.

Ten slotte gelden momenteel verschillende maatregelen – zowel op federaal, op gewestelijk als op lokaal niveau – om de ondernemingen te ondersteunen tijdens deze crisisperiode. De RSZ kent bijvoorbeeld minnelijke afbetalingsplannen toe met een maximale duur van 24 maanden voor de afbetaling van alle bijdragen en bedragen voor het jaar 2020. Wat de FOD Financiën betreft, zullen de steunmaatregelen, zoals de vermindering met 15% van de bedrijfsvoorheffing bij tijdelijke werkloosheid en de belastingvrijstelling voor overuren in essentiële sectoren, van toepassing zijn tot 30.06.2021.

Alle hierboven beschreven overheidsmaatregelen hadden een matigend effect op het aantal faillissementen dat uitgesproken werd sinds maart 2020.

Maandelijkse faillissementen | Statbel (fgov.be)

Samen tegen schooluitval

11,9 % van de Vlaamse jongeren verliet de school vroegtijdig in het schooljaar 2017-2018. In Antwerpen, het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en Genk wonen de meeste vroegtijdige schoolverlaters. In de meeste centrumsteden ligt het percentage hoger dan het Vlaamse gemiddelde. 
Vroegtijdige schoolverlaters betreden de arbeidsmarkt in een zeer kwetsbare startpositie. Zowel voor de jongere, zijn omgeving als de maatschappij is het heel belangrijk om de schoolbanken te verlaten met een diploma of andere kwalificatie.
Vroegtijdige schoolverlaters komen in een zeer kwetsbare positie op de arbeidsmarkt. Een kwalificatie daarentegen leidt tot meer mogelijkheden om een job te kiezen waarbij de jongere zich betrokken voelt. Het zorgt voor een beter loon en leidt zo tot een hogere levensstandaard, zowel financieel als sociaal en mentaal. Een hogere levensstandaard is dan weer goed voor de samenleving en de economische groei.  Lees verder via:
Samen tegen schooluitval – Vlaams Ministerie van Onderwijs en Vorming (vlaanderen.be)

De crisis vergroot het verschil tussen arm en rijk

Er is een wijdverbreid idee dat grote schokken in de samenleving sociale ongelijkheid verkleint. Maar dat klopt niet, nu dus ook niet, zeggen twee vooraanstaande wetenschappers.

De coronacrisis zal de sociaal-economische ongelijkheid in de samenleving vergroten, zoals de financiële crisis van 2008 heeft gedaan. De voorspelling komt van een bijzonder koppel wetenschappers: historicus Bas van Bavel en ecoloog Marten Scheffer.
Ze publiceren binnenkort een analyse van grote historische schokken (crises en oorlogen) en hun gevolgen voor de verdeling van de welvaart. Er is een wijdverbreid idee dat grote schokken in de menselijke samenleving nivellerend werken, dat ze de ongelijkheid verkleinen. Dat is na de beide wereldoorlogen in de vorige eeuw gebeurd. Maar er zijn ook tal van historische voorbeelden waarin de ongelijkheid na een schok niet kleiner werd, maar juist groter. Het meeste recente voorbeeld is de financiële crisis van 2008.

Als je niets doet, komen de rijker rijker uit de crisis en de armen armer.
Het idee dat een flinke schok op zijn tijd een gezonde correctie kan zijn van ongelijkheden die in een samenleving zijn gegroeid, klopt dus niet, zeggen Van Bavel, verbonden aan de Universiteit Utrecht, en Scheffer van de Wageningen Universiteit. Het hangt van de omstandigheden af welke gevolgen een crisis heeft voor de verdeling van rijkdom en armoede.
De uitkomst hangt af van twee factoren: de welvaartsverdeling vóór de crisis, en de politieke machtsverhoudingen tijdens en ná de crisis. Als je niets doet, komen de rijker rijker uit de crisis en de armen armer. Dat dit in enkele gevallen in het verleden, bijvoorbeeld na de wereldoorlogen in de twintigste eeuw, niet is gebeurd, komt doordat er toen sociale en politieke tegenbewegingen waren en er instituties werden opgezet om welvaart te verdelen. De nivellering kwam niet vanzelf, maar werd afgedwongen.
Kijkend naar die factoren ziet het er in deze coronacrisis niet goed uit, zeggen Scheffer en Van Bavel. Op de financiële crisis van 2008 is geen nivellerende correctie gekomen; die crisis heeft de welvaartsverschillen vergroot. En die zijn sindsdien alleen maar groter geworden, niet alleen in Nederland maar wereldwijd.
Daar komt bij dat de coronacrisis in de economie vooral fysieke arbeid raakt. De kappers zijn inmiddels weer aan het werk, maar mensen in de luchtvaart, theatermakers en festivalbouwers nog lang niet. En in de lockdown groeit onze afhankelijkheid van digitale netwerken en hun machtige eigenaren.

Geen doemscenario
Derde factor, zeggen Van Bavel en Scheffer, is dat deze crisis de wereld raakt in een periode waarin bijna overal economische en politieke macht samenvallen. In veel regeringsgebouwen zetelen leiders die nauwe banden hebben met economische machthebbers.
Die drie factoren maken de uitkomst van deze crisis voorspelbaar: ze zullen de sociaal-economische verschillen vergroten. In steen gebeiteld is dat niet, benadrukken de beide wetenschappers, het is geen doemscenario. “We hebben onderzocht welke mechanismen we konden blootleggen voor de effecten van een schok. Maar onvermijdelijk zij die effecten niet; je kunt er een antwoord op vinden.” Gewoon doorgaan in de verhoudingen van voor de crisis – eigenlijk al geen realistische optie meer – zal leiden tot nog meer ongelijkheid.

Lees ook
Een crisis kan vereffenen, maar deze waarschijnlijk juist niet
Ongelijkheid heeft de neiging te groeien, in de natuur en in de economie. Een crisis kan die kloof verder vergroten of juist verkleinen. De huidige crisis neigt voorlopig naar het eerste.

Corona? De rijken der aarde laten zien: gezondheid kun je kopen
Sinds de uitbraak van de corona-epidemie probeert de mondiale jetset zichzelf met alle mogelijke middelen gezond te houden.

Het is dringen voor de voedselbank in de Parijse banlieue. ‘Wie hiervoor zorgt, zij geprezen’
In Parijse voorsteden wordt voedsel uitgedeeld aan de armsten. ‘Met de lockdown stort voor hen alles in.’
Bron: TROUW

De toekomst van het lerarenberoep

Hoe versterken we het lerarenberoep met een blik op de toekomst? Welke antwoorden kunnen we geven op het nijpende lerarentekort? Wat heeft de leraar nodig in de klas? Hoe versterken we het imago en de maatschappelijke waardering voor het lerarenberoep? Wat loopt er goed in jouw school? Wat kunnen we daaruit leren? De Vlor verzamelt kleine en grote ideeën en voorstellen over het lerarenberoep van de toekomst. Zes weken kan je op deleraar.vlor.be al je ideeën kwijt over het lerarenberoep. Ga er in gesprek, laat je inspireren en denk er mee na over de herwaardering van het lerarenberoep. Want zonder sterke leraren, geen sterk onderwijs.